Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2019
  • Begrotingsstaat
  • Voorjaarsnota
  • 1e suppletore
  • Najaarsnota
  • 2e suppletore
  • Financieel jaarverslag
  • Verantwoordingsbrief
  • Jaarverslag
  • Slotwet
  • Download PDF

2.2 Belangrijkste mutaties

Door wijzigingen in beleid van verschillende departementen kan worden overgegaan tot het beleggen of juist weghalen van taken bij provincies. Soms gaat dit gepaard met een toevoeging aan of een uitname uit het provinciefonds. In tabel 2.1 worden de mutaties groter dan € 10 mln. weergegeven. Daarbij is onderscheid aangebracht tussen nominale mutaties enerzijds en overboekingen van/naar andere departementen anderzijds. De extrapolatie 2023 is opgenomen onder de Overige mutaties.

Tabel 2.1 Belangrijkste mutaties t.o.v. vorig jaar (uitgaven) Bedragen x € 1.000
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

2.187.740

2.166.927

2.148.141

2.074.840

2.064.840

0

               

Mutaties 1e suppletoire begroting 2018

124.836

93.194

95.423

67.691

57.518

57.518

               

Nieuwe mutaties:

1.610

147.538

128.454

128.354

128.354

2.183.194

waarvan nominale mutaties

           

1a

Accres tranche 2018

-29.739

-29.739

-29.739

-29.739

-29.739

-29.739

1b

Accres tranche 2019

 

158.093

158.093

158.093

158.093

158.093

1c

Ruimte onder plafond bcf 2018

15.150

         

waarvan overboekingen

           

2

Programma Impuls omgevingsveiligheid

 

13.684

       
               

Overige mutaties

16.199

5.500

100

0

0

2.054.840

               

Stand ontwerpbegroting 2019

2.314.186

2.407.659

2.372.018

2.270.885

2.250.712

2.240.712

Toelichting op de belangrijkste mutaties

1a en b. Accres

Het provinciefonds ontwikkelt zich evenredig met de accres-relevante uitgaven (ARU) van het Rijk. Nemen de ARU van jaar op jaar toe, dan neemt ook de algemene uitkering van het provinciefonds toe. Bij een afname van de ARU geldt het omgekeerde. De groei of krimp van het provinciefonds als gevolg van deze normeringssystematiek wordt accres genoemd. Het accres van tranche 2018 bedraagt € 147 mln. positief. Dat is een negatieve bijstelling van € 30 mln. ten opzichte van de 1e suppletoire begroting 2018 van het provinciefonds. Het accres van tranche 2019 bedraagt € 158 mln.

1c. Ruimte onder plafond bcf 2018

De ontwikkeling van het BTW-compensatiefonds en het bijbehorende plafond leiden conform het Financieel Akkoord Rijk/VNG/IPO met ingang van 2015 tot een toename of afname van de algemene uitkering van de fondsen. Voor 2018 is sprake van ruimte onder het plafond, met als gevolg een toevoeging aan de algemene uitkering van € 15 mln.

2. Programma Impuls Omgevingsveiligheid

Provincies ontvangen voor 2019 een bedrag van € 13,7 mln. vanuit het Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat voor het Programma Impuls omgevingsveiligheid. De Impuls omgevingsveiligheid bestaat uit een aantal deelprogramma’s van de gezamenlijke overheden. Het betreft de deelprogramma’s: Besluit risico’s zware ongevallen (BRZO), Publicatiereeks gevaarlijke stoffen (PGS), Informatie-Kennisinfrastructuur en Lokaal externe veiligheidsbeleid. In 2019 wordt een vijfde deelprogramma toegevoegd: Voorbereiding implementatie modernisering omgevingsveiligheid. De provincie Zuid-Holland voert het secretariaat en is er verantwoordelijk voor dat alle uitvoerende partijen de beschikbare middelen voor de deelprogramma’s ontvangen. Voor het deelprogramma Lokaal externe veiligheidsbeleid krijgen de diverse provincies middelen voor hun bijdrage aan dit deelprogramma en verzorgt de provincie Zuid-Holland daarnaast de toedeling aan de veiligheidsregio’s.