Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2018
  • Financieel jaarverslag
  • Verantwoordingsbrief
  • Jaarverslag
  • Slotwet
  • Download PDF

6. Verdieping Financieel Beeld Zorg

6.1. Verdieping in de BKZ-deelsectoren

In dit verdiepingshoofdstuk wordt een overzicht gegeven van de ontwikkeling van de uitgaven onder het BKZ. Deze verdiepingsparagraaf is opgedeeld in de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet langdurige zorg (Wlz). In dit hoofdstuk zijn de cijfers over de jaren 2016 tot en met 2022 per sector gepresenteerd. Dit geeft een gedetailleerd beeld van de budgettaire ontwikkelingen binnen de afzonderlijke sectoren. De bijstellingen zijn weergegeven ten opzichte van de ontwerpbegroting 2017. De mutaties zijn onderverdeeld in categorieën: autonoom, beleidsmatig en technisch.

In dit verdiepingshoofdstuk worden alleen de belangrijkste bijstellingen die na de 1e suppletoire begroting 2017 hebben plaatsgevonden toegelicht. Voor een meer gedetailleerde toelichting op de mutaties in de 2e suppletoire begroting 2016 (TK 34 620 XVI 1), het jaarverslag 2016 (TK 34 725 XVI 3) en de 1e suppletoire begroting 2017 (TK 34 730 XVI 1), wordt verwezen naar de betreffende publicaties.

6.1.1. Zorgverzekeringswet (Zvw)

In deze paragraaf wordt ingegaan op de financiële ontwikkelingen binnen de Zvw in het afgelopen jaar voor de jaren 2016 tot met 2022. In tabel 18 wordt de opbouw van de Zvw-uitgaven en -ontvangsten op deelsectorniveau weergegeven. De sector nominaal en onverdeeld bevat de nog niet toebedeelde maatregelen en de nog niet uitgedeelde ruimte voor groei en loon- en prijsbijstellingen. In deze paragraaf wordt na tabel 18 per sector ingegaan op de bijstellingen die hebben plaatsgevonden tussen de 1e suppletoire begroting 2017 en de ontwerpbegroting 2018 (inclusief de meerjarige doorwerking).

Tabel 18 Opbouw van de Zvw-uitgaven per sector (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Eerstelijnszorg

5.333,1

5.637,0

5.802,5

5.800,4

5.798,6

5.796,9

5.796,9

Huisartsenzorg

2.644,5

2.924,2

2.999,2

2.998,8

2.998,8

2.998,8

2.998,8

Multidisciplinaire zorgverlening

532,0

482,5

494,9

494,9

494,9

494,9

494,9

Tandheelkundige zorg

756,6

753,2

764,1

764,1

764,1

764,1

764,1

Paramedische zorg

714,5

746,6

786,2

784,5

782,7

781,0

781,0

Verloskunde

229,7

240,1

260,9

260,9

260,9

260,9

260,9

Kraamzorg

297,2

309,5

314,5

314,5

314,5

314,5

314,5

Zorg voor zintuiglijk gehandicapten

158,4

181,0

182,8

182,8

182,8

182,8

182,8

               

Tweedelijnszorg

23.425,9

23.985,7

24.197,4

24.150,9

24.137,9

24.099,5

24.096,1

Medisch-specialistische zorg

21.420,8

21.659,8

21.840,9

21.791,8

21.774,8

21.736,4

21.733,0

Geriatrische revalidatiezorg en eerstelijns verblijf

722,7

1.054,9

1.065,4

1.065,4

1.065,4

1.065,4

1.065,4

Beschikbaarheidbijdrage academische zorg

651,2

667,8

674,6

674,7

678,7

678,7

678,7

Beschikaarheidbijdrage kapitaallasten academische zorg

38,3

54,4

54,5

54,5

54,5

54,5

54,5

Beschikbaarheidbijdragen overig medisch-specialistische zorg

75,5

90,3

92,7

95,2

95,2

95,2

95,2

Garantieregeling kapitaallasten

78,2

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Overig curatieve zorg

439,3

458,5

469,4

469,4

469,4

469,4

469,4

               

Geneeskundige geestelijke gezondheidszorg

3.442,0

3.865,6

3.851,6

3.912,7

3.912,7

3.912,7

3.912,7

               

Genees- en hulpmiddelen

6.031,6

6.401,7

6.564,6

6.564,6

6.562,2

6.562,2

6.562,3

Geneesmiddelen

4.597,1

4.854,3

4.969,3

4.968,4

4.966,3

4.966,3

4.966,3

Hulpmiddelen

1.434,5

1.547,5

1.595,3

1.596,2

1.596,0

1.595,9

1.596,0

               

Wijkverpleging

3.234,7

3.525,0

3.778,0

3.781,7

3.790,0

3.787,5

3.784,0

               

Ziekenvervoer

654,1

707,3

729,7

727,9

728,4

729,9

731,4

Ambulancevervoer

542,9

592,2

611,2

609,4

609,9

611,4

612,9

Overig ziekenvervoer

111,2

115,1

118,5

118,5

118,5

118,5

118,5

               

Beschikbaarheidbijdrage opleidingen Zvw

1.274,3

1.311,3

1.285,8

1.282,9

1.272,5

1.225,3

1.247,2

               

Grensoverschrijdende zorg

633,9

678,3

676,9

676,1

675,3

674,5

674,5

               

Nominaal en onverdeeld

0,0

29,6

1.608,7

4.271,5

7.088,5

10.030,6

13.201,2

               

Bruto-Zvw-uitgaven begroting 2018

44.029,6

46.141,5

48.495,3

51.168,7

53.966,1

56.819,0

60.006,2

Eigen betalingen Zvw

3.194,8

3.187,1

3.308,4

3.492,5

3.676,8

3.863,3

4.053,4

Netto-Zvw-uitgaven begroting 2018

40.834,7

42.954,4

45.186,9

47.676,1

50.289,3

52.955,7

55.952,7

In figuur 11 is de samenstelling van de Zvw-uitgaven per sector weergegeven voor het jaar 2018.

Figuur 11 Samenstelling Zvw-uitgaven 2018

Totaal middelen geneeskundige geestelijke gezondheidszorg (ggz)

De middelen voor de geestelijke gezondheidszorg zijn in het BKZ verdeeld over de geneeskundige ggz (Zvw) en intramurale langdurige ggz (Wlz). Daarnaast zijn er per 2015 middelen overgeheveld vanuit de oude AWBZ naar Beschermd wonen onder de Wmo (gemeenten). Ook zijn middelen voor de jeugd-ggz overgeheveld vanuit de Zvw en de oude AWBZ naar de Jeugdwet (gemeenten). De middelen voor Beschermd wonen en voor de Jeugdwet vallen onder de begrotingsgefinancierde BKZ-uitgaven.

Een totaal overzicht van alle ggz-middelen is in onderstaande tabel opgenomen. Voor de geneeskundige en intramurale langdurige ggz zijn over 2016 realisatiecijfers opgenomen. Voor de geneeskundige ggz betreft dit een zeer voorlopig cijfer. Realisatiecijfers over de jeugd-ggz en Beschermd wonen zijn (nog) niet bekend. Voor de jeugd-ggz is het bij de overheveling door VWS geraamd bedrag in de tabel opgenomen en voor Beschermd wonen zijn de budgetten uit het macrobudget Wmo opgenomen.

Tabel 18A Totaal middelen ggz (bedragen x € 1 miljard)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Geneeskundige ggz (Zvw)1

3,6

4,0

4,0

4,1

4,1

4,1

4,1

Intramurale langdurige ggz (Wlz)2

0,5

0,6

0,6

0,6

0,6

0,6

0,6

Jeugd-ggz (Wmo)3

1,0

1,0

1,0

1,0

1,0

1,0

1,0

Beschermd wonen (Wmo)4

1,4

1,5

1,6

1,6

1,6

1,6

1,6

Stand ontwerpbegroting 2018

6,6

7,1

7,2

7,3

7,3

7,3

7,3

Noot 1: Ggz Zvw inclusief poh-ggz (Bron poh-ggz: 2016, Zorgprisma/Vektis. Vanaf 2017 raming o.b.v. 2016)

Noot 2: Met ingang van 2018 betreft dit beleidsinformatie op basis van declaratiegegevens.

Noot 3: Geraamd beschikbaar budget op basis van overgeheveld bedrag in 2015. Dit geeft geen goed beeld van wat er werkelijk door gemeenten wordt besteed aan de jeugd-ggz.

Noot 4: Budgetten volgens septembercirculaire (2016) en meicirculaire Wmo (2017 en verder).

Figuur 12 Samenstelling totale middelen ggz 2018
Huisartsen (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

2.781,0

2.857,8

2.859,7

2.859,7

2.859,7

2.859,7

2.859,7

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 137,5

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

66,4

66,4

66,4

66,4

66,4

66,4

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

1,0

0,0

73,1

72,7

72,7

72,7

72,7

Stand ontwerpbegroting 2018

2.644,5

2.924,2

2.999,2

2.998,8

2.998,8

2.998,8

2.998,8

               

Deze sector bevat de huisartsenzorg. De uitgaven bestaan uit vergoedingen voor inschrijftarieven, consulttarieven, avond- nacht en weekenddiensten, overige tarieven, bijzondere betalingen, resultaatbeloning & zorgvernieuwing huisartsen, verloskundige hulp door huisartsen en het deel van de kwaliteitsgelden dat betrekking heeft op ondersteuning van de eerstelijnszorg.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

1,0

           

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd. Vanwege het Hoofdlijnenakkoord eerstelijnszorg wordt de mutatie 2016 niet meerjarig doorgetrokken.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

73,1

73,1

73,1

73,1

73,1

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018 conform de afspraken daarover in het bestuurlijk akkoord huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Fysio-/oefentherapie bij artrose van knie en heup

     

– 0,4

– 0,4

– 0,4

– 0,4

Vanaf 2018 wordt de behandeling van knie- en heupartrose door fysiotherapeuten vanaf de eerste behandeling in het pakket vergoed. Hierdoor zullen de uitgaven voor paramedische zorg toenemen. Door deze substitutie vinden er tegelijkertijd besparingen plaats bij andere sectoren, waaronder de huisartsenzorg.

             
Multidisciplinaire zorgverlening (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

460,4

471,6

471,9

471,9

471,9

471,9

471,9

Bijstellingen jaarverslag 2016

70,4

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

10,9

11,0

11,0

11,0

11,0

11,0

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

1,2

0,0

12,1

12,1

12,1

12,1

12,1

Stand ontwerpbegroting 2018

532,0

482,5

494,9

494,9

494,9

494,9

494,9

               

De multidisciplinaire zorgverlening (MDZ) betreft ketenzorg en geïntegreerde eerstelijnszorg. Binnen de ketens wordt zorg verleend waarbij zorgaanbieders van diverse disciplines de zorgonderdelen in samenhang en in samenwerking met de betreffende patiënt leveren.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

1,2

           

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd. Vanwege het Hoofdlijnenakkoord eerstelijnszorg wordt de overschrijding 2016 niet meerjarig doorgetrokken.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

12,1

12,1

12,1

12,1

12,1

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018, conform de afspraken daarover in het bestuurlijk akkoord huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2018.

             
               
Tandheelkundige zorg Zvw (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

739,6

727,5

727,5

727,5

727,5

727,5

727,5

Bijstellingen jaarverslag 2016

16,7

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

25,3

25,3

25,3

25,3

25,3

25,3

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,4

0,4

11,2

11,2

11,2

11,2

11,2

Stand ontwerpbegroting 2018

756,6

753,2

764,1

764,1

764,1

764,1

764,1

               

Deze deelsector bevat de eerstelijns tandheelkundige zorg.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

0,4

0,4

0,4

0,4

0,4

0,4

0,4

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd. De overschrijding 2016 wordt structureel verondersteld.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

10,9

10,9

10,9

10,9

10,9

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
Paramedische zorg (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

702,5

723,8

733,8

733,8

733,8

733,8

733,8

Bijstellingen jaarverslag 2016

12,7

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

23,5

23,6

23,6

23,6

23,6

23,6

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 0,7

– 0,7

28,8

27,1

25,3

23,6

23,6

Stand ontwerpbegroting 2018

714,5

746,6

786,2

784,5

782,7

781,0

781,0

waarvan fysiotherapie

488,0

512,5

548,6

546,9

545,1

543,4

543,4

waarvan oefentherapie

21,2

21,8

22,4

22,5

22,4

22,4

22,4

waarvan logopedie

127,8

132,5

134,3

134,3

134,3

134,3

134,3

waarvan ergotherapie

40,1

40,9

41,5

41,5

41,5

41,5

41,5

waarvan dieetadvisering

37,5

38,8

39,4

39,4

39,4

39,4

39,4

               

De paramedische zorg omvat fysiotherapie, oefentherapie Caesar, oefentherapie Mensendieck, logopedie, ergotherapie en dieetadvisering.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 0,7

– 0,7

– 0,7

– 0,7

– 0,7

– 0,7

– 0,7

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd. De onderschrijding 2016 wordt structureel verondersteld.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

10,8

10,8

10,8

10,8

10,8

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Fysio-/oefentherapie bij artrose van knie en heup

   

18,7

17,0

15,2

13,5

13,5

Vanaf 2018 wordt de behandeling van knie- en heupartrose door fysiotherapeuten vanaf de eerste behandeling in het pakket vergoed. Hierdoor zullen de uitgaven voor paramedische zorg toenemen. Door deze substitutie vinden er tegelijkertijd besparingen plaats bij andere sectoren. De besparing treedt ondermeer op bij de MSZ, huisartsen en wijkverpleging.

             
Verloskunde (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

221,1

226,0

226,0

226,0

226,0

226,0

226,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

10,1

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

15,5

15,5

15,5

15,5

15,5

15,5

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 1,5

– 1,5

19,4

19,4

19,4

19,4

19,4

Stand ontwerpbegroting 2018

229,7

240,1

260,9

260,9

260,9

260,9

260,9

               

Deze deelsector bevat de extramuraal verstrekte verloskundige zorg. De verloskundige zorg verricht door huisartsen is bij de deelsector huisartsenzorg opgenomen.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 1,5

– 1,5

– 1,5

– 1,5

– 1,5

– 1,5

– 1,5

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd. De onderschrijding 2016 wordt structureel verondersteld.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

3,6

3,6

3,6

3,6

3,6

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Bijstelling tarieven verloskunde

   

19,2

19,2

19,2

19,2

19,2

De NZa heeft de maximumtarieven voor de eerstelijns verloskundige zorg per 1 januari 2018 verhoogd met 9% (exclusief de tarieven voor echoscopie). Naar aanleiding hiervan is in dit geval besloten de budgettaire ruimte structureel te verhogen.

             
               

Financiering regionale centra prenatale zorg

   

– 1,9

– 1,9

– 1,9

– 1,9

– 1,9

Acht regionale centra prenatale screening worden gefinancierd vanuit een opslag op het tarief voor het structureel echoscopisch onderzoek (SEO). Vanaf 2018 vindt bekostiging plaats via een subsidie. Met het oog daarop worden deze middelen overgeheveld naar de begroting van VWS. Voor de sector verloskunde betreft dit een bedrag van € 1,9 miljoen.

             
Kraamzorg (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

312,6

319,7

319,7

319,7

319,7

319,7

319,7

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 16,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

– 10,9

– 10,9

– 10,9

– 10,9

– 10,9

– 10,9

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,7

0,7

5,7

5,7

5,7

5,7

5,7

Stand ontwerpbegroting 2018

297,2

309,5

314,5

314,5

314,5

314,5

314,5

               

Op deze sector worden de uitgaven voor kraamzorg geraamd en verantwoord. De kraamzorg is tweeledig. Allereerst houdt deze de partusassistentie in: de ondersteuning van de verloskundige bij de bevalling. Daarnaast levert de kraamverzorgende hulp gedurende de eerste dagen na de bevalling en geeft zij advies met betrekking tot de verzorging van de pasgeborene en de kraamvrouw.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd. De overschrijding 2016 wordt structureel verondersteld.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

5,0

5,0

5,0

5,0

5,0

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
Zorg voor zintuiglijk gehandicapten (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

176,9

176,9

176,9

176,9

176,9

176,9

176,9

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 16,5

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

4,1

4,1

4,1

4,1

4,1

4,2

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 1,9

0,0

1,8

1,8

1,8

1,8

1,8

Stand ontwerpbegroting 2018

158,4

181,0

182,8

182,8

182,8

182,8

182,8

               

Zorg aan zintuiglijk beperkten (auditief en/of communicatief beperkten, visueel beperkten en doofblinden) valt sinds 1 januari 2015 onder de Zvw.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 1,9

           

De uitgaven voor de zorg voor zintuiglijk gehandicapten zijn geactualiseerd op basis van gegevens van het Zorginstituut. De onderschrijding 2016 wordt incidenteel verondersteld.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

1,8

1,8

1,8

1,8

1,8

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
Medisch-specialistische zorg (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

21.306,7

21.335,6

21.258,7

21.215,9

21.168,3

21.132,8

21.132,8

Bijstellingen 2e suppletoire begroting 2016

19,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

62,4

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

324,2

315,9

316,2

319,7

315,8

312,3

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

32,6

0,0

266,3

259,8

286,8

287,8

287,9

Stand ontwerpbegroting 2018

21.420,8

21.659,8

21.840,9

21.791,8

21.774,8

21.736,4

21.733,0

               

In deze sector vallen met ingang van 2015 de instellingen voor medisch-specialistische zorg inclusief mondziekten en kaakchirurgie en de honoraria voor de vrijgevestigde medisch specialisten.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Beleidsmatig

             

Autonoom

             

Actualisering

32,6

           

De uitgaven voor medisch-specialistische zorg zijn geactualiseerd op basis van gegevens van het Zorginstituut. De bij jaarverslag 2016 geconstateerde overschrijding van € 62 miljoen in 2016 pakt op basis van de actuele realisatiecijfers € 33 miljoen hoger uit. Vanwege het Hoofdlijnenakkoord MSZ wordt de overschrijding 2016 niet meerjarig doorgetrokken. Overigens laten de beschikbare cijfers over 2015 een verdere oploop van de onderschrijding zien met € 10 miljoen tot € 318 miljoen. Voor 2014 bedraagt de definitieve onderschrijding bij de ziekenhuizen € 192 miljoen (€ 29 miljoen hoger dan bij jaarverslag 2016, toen is geconcludeerd dat er geen aanleiding is voor inzet van het mbi). De definitieve onderschrijding bij de medisch specialisten in 2014 bedraagt € 132 miljoen (€ 5 miljoen lager dan bij jaarverslag 2016).

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

346,6

346,6

346,6

346,6

346,6

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018 conform de afspraken daarover in het bestuurlijk akkoord MSZ 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Korting i.v.m. de doelstelling doelmatig voorschrijven

   

– 10,0

       

Dit betreft de korting met betrekking tot de doelstelling doelmatig voorschrijven, op basis van de afspraken hierover in het Hoofdlijnenakkoord MSZ. Conform eerdere jaren wordt een korting verwerkt van € 10 miljoen.

             
               

Fysio-/oefentherapie bij artrose van knie en heup

     

– 9,5

– 8,5

– 7,5

– 7,5

Vanaf 2018 wordt de behandeling van knie- en heupartrose door fysiotherapeuten vanaf de eerste behandeling in het pakket vergoed. Hierdoor zullen de uitgaven voor paramedische zorg toenemen. Door deze substitutie vinden er tegelijkertijd besparingen plaats bij andere sectoren, waaronder de MSZ.

             
               

Intensivering zorgakkoorden 2018

   

30,0

30,0

30,0

30,0

30,0

In het bestuurlijk akkoord MSZ 2018 is een landelijk maximum groeipercentage van 1,6% afgesproken. Als gevolg van een tweetal taakstellingen die een oploop kennen in 2018, komt de effectieve groei van het beschikbare kader MSZ 2017–2018 lager uit dan 1,6%. In verband met optredende besparingsverliezen zijn deze taakstellingen in het bestuurlijk akkoord MSZ 2018 met € 30 miljoen verlaagd. De effectieve groei komt daarmee uit op 1,4%.

             
               

Technisch

             

Overboeking NIPT-middelen naar begrotingsgefinancierd BKZ

   

– 26,0

– 26,0

     

De Niet-Invasieve Prenatale Test (NIPT) betreft een screening tijdens de zwangerschap. In 2017 loopt de bekostiging via een subsidieregeling. Om stabiliteit te creëren en de toegankelijkheid van NIPT te waarborgen, is besloten NIPT ook in 2018 en 2019 beschikbaar te stellen middels een subsidieregeling. De benodigde middelen daarvoor waren reeds gereserveerd binnen het premiegefinancierd BKZ en worden overgeheveld naar het begrotingsgefinancierd BKZ.

             
               

Correctie overheveling ZBO weefsels naar de begroting

   

4,0

       

In de VWS-begroting 2017 is een overheveling verwerkt van € 4 miljoen van het kader MSZ naar de VWS-begroting vanaf 2018. Deze mutatie hangt samen met de bekostiging van de Nederlandse Transplantatie Stichting die op dit moment uit de weefseltarieven vanuit het kader MSZ wordt bekostigd. Inmiddels is duidelijk dat deze wijziging naar verwachting in 2019 gaat plaatsvinden. De eerder verwerkte mutatie van € 4 miljoen in 2018 wordt derhalve gecorrigeerd.

             
               

Financiering regionale centra prenatale zorg

   

– 0,8

– 0,8

– 0,8

– 0,8

– 0,8

Acht regionale centra prenatale screening worden gefinancierd vanuit een opslag op het tarief voor het structureel echoscopisch onderzoek (SEO). Vanaf 2018 vindt bekostiging plaats via een subsidie. Met het oog daarop worden deze middelen overgeheveld naar de begroting van VWS. Voor de MSZ betreft dit een bedrag van € 0,8 miljoen.

             
               

Overheveling Ruxolitinib

   

20,0

20,0

20,0

20,0

20,0

Dit betreft de structurele overheveling van de uitgaven voor het geneesmiddel Ruxolitinib van de sector geneesmiddelen naar de sector medisch-specialistische zorg.

             
               

Overheveling medisch-specialistische verzorging thuis (MSVT)

   

– 100,5

– 100,5

– 100,5

– 100,5

– 100,5

Dit betreft een technische overheveling vanuit de medisch-specialistische zorg naar de wijkverpleging en de Wlz in verband met de MSVT. De MSVT-uitgaven worden op dit moment verantwoord onder de MSZ, maar vallen grotendeels onder de aanspraak wijkverpleging. De MSVT zal vanaf 2018 ook onderdeel uitmaken van de bekostiging wijkverpleging. Met het wijzigen van de bekostiging per 2018 moeten de MSVT-uitgaven vanaf dan ook onder de wijkverpleging en de Wlz worden verantwoord en komen ze niet meer ten laste van de MSZ. Dit betreft een neutrale overheveling aangezien zowel het kader als de aan de MSZ toegerekende uitgaven dalen.

             
               

Patiëntenparticipatie

   

3,0

       

De gelden die in het onderhandelaarsresultaat medisch-specialistische zorg 2014–2017 beschikbaar zijn gesteld aan de Patiëntenfederatie Nederland voor patiëntenparticipatie (€ 3 miljoen) blijven op basis van het onderhandelaarsakkoord 2018 beschikbaar in 2018.

             
               

Extrapolatie

           

0,2

Geriatrische revalidatiezorg en eerstelijns verblijf (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

734,9

976,7

976,7

976,7

976,7

976,7

976,7

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 14,1

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

68,0

38,0

38,0

38,0

38,0

38,0

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

1,9

10,2

50,6

50,6

50,6

50,6

50,6

Stand ontwerpbegroting 2018

722,7

1.054,9

1.065,4

1.065,4

1.065,4

1.065,4

1.065,4

               

Geriatrische revalidatiezorg richt zich op kwetsbare ouderen met meerdere aandoeningen, die in het ziekenhuis een medisch-specialistische behandeling hebben ondergaan. Doel is hen te helpen terug te keren naar de oude woonsituatie en maatschappelijk te blijven participeren.

Verblijf dat medisch noodzakelijk is in verband met geneeskundige zorg valt onder de Zorgverzekeringswet. Verblijf in verband met zorg zoals huisartsen die plegen te bieden – het zogenoemde eerstelijns verblijf – is onder deze aanspraak mogelijk.

Voor de geriatrische revalidatiezorg en het eerstelijns verblijf is één mbi-kader van toepassing. Met de geriatrische revalidatiezorg is in 2017 naar huidig inzicht € 742,2 miljoen gemoeid, met het eerstelijns verblijf € 312,6 miljoen.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

             

Geriatrische revalidatiezorg

1,9

1,9

1,9

1,9

1,9

1,9

1,9

De uitgaven voor geriatrische revalidatiezorg zijn geactualiseerd op basis van gegevens van het Zorginstituut. De overschrijding 2016 wordt structureel verondersteld.

             
               

Eerstelijns verblijf

 

8,2

8,2

8,2

8,2

8,2

8,2

Op basis van realisatiecijfers 2016 is er sprake van een overschrijding van het beschikbare budget met € 8,2 miljoen. Deze overschrijding (die zich in 2016 voordeed binnen de Wlz) wordt vanaf 2017 structureel verwerkt binnen het Zvw-kader.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

10,4

10,4

10,4

10,4

10,4

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Intensivering zorgakkoord 2018

   

30,0

30,0

30,0

30,0

30,0

Het kabinet heeft voor 2018 bestuurlijke afspraken gemaakt met een aantal sectoren binnen de Zvw. Om deze afspraken tot stand te brengen heeft het kabinet middelen vrijgemaakt voor een aantal gerichte intensiveringen, zoals het versterken van het eerstelijns verblijf. Deze middelen zijn aanvullend op extra middelen die bij eerste suppletoire begroting 2017 voor eerstelijns verblijf beschikbaar zijn gesteld (€ 55 miljoen voor 2017 en € 25 miljoen vanaf 2018.

             
Beschikbaarheidbijdrage academische zorg (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

668,7

663,1

669,8

669,9

669,9

669,9

669,9

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 17,6

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

4,7

4,8

4,8

8,8

8,8

8,8

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand ontwerpbegroting 2018

651,2

667,8

674,6

674,7

678,7

678,7

678,7

               

De academische ziekenhuizen en het NKI-AVL krijgen in verband met hun publieke taken – het leveren van topreferente zorg en onderzoek en innovatie – een beschikbaarheidbijdrage academische zorg.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

               

N.v.t.

             
Beschikbaarheidbijdrage kapitaallasten academische zorg (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

49,8

52,9

53,0

53,0

53,0

53,0

53,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 11,5

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

1,4

1,4

1,4

1,4

1,4

1,4

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand ontwerpbegroting 2018

38,3

54,4

54,5

54,5

54,5

54,5

54,5

               

De academische ziekenhuizen krijgen voor de kapitaallasten die samenhangen met de academische zorg een beschikbaarheidbijdrage.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

               

N.v.t.

             
Beschikbaarheidbijdragen overig medisch-specialistische zorg (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

83,3

89,1

89,1

89,1

89,1

89,1

89,1

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 7,9

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

1,3

1,3

1,3

1,3

1,3

1,3

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,1

0,0

2,4

4,8

4,8

4,8

4,8

Stand ontwerpbegroting 2018

75,5

90,3

92,7

95,2

95,2

95,2

95,2

               

Op deze sector worden de uitgaven geraamd van de beschikbaarheidbijdragen ten behoeve van de spoedeisende hulp, Calamiteitenhospitaal, helikoptervoorziening en Mobiel Medisch Team-voertuigen voor traumazorg, trauma- en brandwondenzorg, kenniscoördinatie, OTO (opleiden, trainen en oefenen), acute verloskunde en de post mortem orgaandonatie. De beschikbaarheidbijdragen academische zorg, kapitaallasten academische zorg en opleidingen worden apart gepresenteerd.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

0,1

           

Betreft de actualisering op grond van gegevens van de NZa. Het bedrag voor 2016 is gebaseerd op de verleningen; de vaststellingen volgen in de loop van 2017.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

2,4

2,4

2,4

2,4

2,4

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Technisch

             

Overheveling i.v.m. andere bekostiging post mortem orgaandonatie

     

2,5

2,5

2,5

2,5

Het voornemen is om vanaf 1 januari 2019 een beschikbaarheidbijdrage te verlenen voor de kosten van uitnameteams, alsmede voor de benodigde materialen, de vervoermiddelen en de vervoerkosten. Nu al worden de kosten van de inzet van chirurgen in de uitnameteams via de beschikbaarheidbijdrage overige medisch-specialistische zorg bekostigd. De overige functies in de uitnameteams en de materialen worden nu nog vergoed via een subsidie vanuit VWS. Verder krijgt de NTS een bijdrage voor de transportkosten. Het betreffende budget op de VWS-begroting wordt vanaf 2019 overgeheveld naar deze sector. Zie TK 28 140, nr. 96.

             
Garantieregeling kapitaallasten (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

78,2

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand ontwerpbegroting 2018

78,2

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

               

In verband met de afschaffing van de functiegerichte budgettering in de ziekenhuiszorg is er een garantieregeling kapitaallasten in het leven geroepen voor de periode tot en met 2016. Op basis van de afwikkeling door de NZa kan worden bezien in welke mate een beroep is gedaan op deze regeling.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

               

N.v.t.

             
Overig curatieve zorg (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

428,8

441,8

441,8

441,8

441,8

441,8

441,8

Bijstellingen jaarverslag 2016

25,8

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

32,0

32,0

32,0

32,0

32,0

32,0

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 15,4

– 15,4

– 4,5

– 4,5

– 4,5

– 4,5

– 4,5

Stand ontwerpbegroting 2018

439,3

458,5

469,4

469,4

469,4

469,4

469,4

               

De sector overig curatieve zorg omvat onder andere de huisartsenlaboratoria, trombosediensten en de uitgaven op basis van de beleidsregel innovatie.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 15,4

– 15,4

– 15,4

– 15,4

– 15,4

– 15,4

– 15,4

De uitgaven voor overig curatieve zorg zijn geactualiseerd op basis van gegevens van het Zorginstituut. De overschrijding die is geconstateerd bij jaarverslag 2016 valt lager uit. Het gaat met name om lagere dan eerder gerapporteerde cijfers over eerstelijnsdiagnostiek aangevraagd door huisartsen en uitgevoerd door huisartsenlaboratoria, alsmede trombosediensten.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

11,9

11,9

11,9

11,9

11,9

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Technisch

             

Overheveling trombosezorg

   

– 1,0

– 1,0

– 1,0

– 1,0

– 1,0

Op basis van een advies van de NZa wordt trombosezorg voor Wlz-cliënten die verblijven in een instelling vanaf 2018 bekostigd vanuit de Wlz. De overheveling brengt een verlaging van € 1 miljoen van de Zvw-sector overig curatieve zorg met zich mee en een verhoging van € 1 miljoen van de Wlz-sector zorg in natura.

             
Geneeskundige ggz (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

3.735,7

3.807,9

3.816,6

3.820,6

3.820,6

3.820,6

3.820,6

Bijstellingen 2e suppletoire begroting 2016

1,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 288,3

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

57,7

57,8

57,9

57,9

57,9

57,9

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 6,4

0,0

– 22,8

34,2

34,2

34,2

34,2

Stand ontwerpbegroting 2018

3.442,0

3.865,6

3.851,6

3.912,7

3.912,7

3.912,7

3.912,7

               

Deze sector omvat tot en met 2013 de geneeskundige ggz geleverd door zowel eerstelijns psychologen (ELP) als aanbieders tweedelijns ggz, vanaf 2014 omvat dit de basis en de gespecialiseerde ggz. Tweedelijns geneeskundige ggz wordt geleverd door instellingen en vrijgevestigden. Vanaf 2015 omvat dit ook de langdurige op behandeling gerichte intramurale ggz. Met ingang van de begroting 2013 worden op deze sector ook de uitgaven voor de diagnose en behandeling van ernstige, enkelvoudige dyslexie geraamd en verantwoord. De sector bevat ook de kwaliteitsgelden voor de ggz en de beschikbaarheidbijdragen voor de ggz.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 5,6

           

De uitgaven voor de geneeskundige ggz zijn geactualiseerd op basis van gegevens van het Zorginstituut. Vanwege bestuurljike afspraken voor de ggz wordt de onderschrijding 2016 niet meerjarig doorgetrokken.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

34,2

34,2

34,2

34,2

34,2

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018 conform de bestuurlijke afspraken voor de ggz over het terugdringen van wachttijden. De met de sector afgesproken 1% groei voor 2018

(€ 38,7 miljoen) is verdisconteerd met € 4,5 miljoen die al in het kader als groei was genomen.

             
               

Technisch

             

Ambulantiseringschuif ggz

– 0,8

           

De ambulantiseringschuif in de ggz (tussen Wlz/Zvw) is voor ggz-zorgaanbieders die zowel curatieve als langdurige ggz leveren.De schuif beoogt om belemmering voor verdergaande extramuralisering van de ggz weg te nemen. Bij de voorjaarsnota was de structurele reeks vanaf 2017 reeds verwerkt maar niet voor 2016. Met deze mutatie is dit met terugwerkende kracht verwerkt.

             
               

Kwaliteitsgelden ggz

   

– 7,0

       

In de nieuwe afspraken «aanpak wachttijden ggz» (2018) is in lijn met de afspraken over 2016 en 2017 wederom € 7 miljoen beschikbaar gesteld voor (aanvullende) kwaliteitsmiddelen. Het grootste deel hiervan (€ 5 miljoen) is beschikbaar voor het onderzoeksprogramma via ZonMW. Deze mutatie betreft de overboeking vanuit de BKZ-sector ggz naar de begroting.

             
               

Stimulering e-health en ICT ggz

   

– 50,0

       

In de nieuwe afspraken «aanpak wachttijden ggz» (2018) is afgesproken om de inzet van e-health in de ggz flink te stimuleren en te investeren in informatievoorziening zoals verbeterde uitwisseling tussen zorgverleners en hun patiënt en zorgverleners onderling. Hiervoor wordt in 2018 een bedrag van € 50 miljoen vanuit de BKZ-sector ggz overgeheveld naar de begroting.

             
Geneesmiddelen (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

4.639,6

4.840,6

4.853,7

4.852,8

4.850,8

4.850,8

4.850,8

Bijstellingen jaarverslag 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

13,6

13,7

13,7

13,7

13,7

13,7

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 42,5

0,0

101,9

101,9

101,8

101,8

101,8

Stand ontwerpbegroting 2018

4.597,1

4.854,3

4.969,3

4.968,4

4.966,3

4.966,3

4.966,3

               

Op deze sector worden de uitgaven voor extramurale geneesmiddelen geraamd en verantwoord.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 42,5

           

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd. Er vinden op dit moment onderhandelingen plaats over geneesmiddelen met een groot potentieel budgettair risico. Om hierop te anticiperen is er nu voor gekozen de geconstateerde onderschrijding 2016 incidenteel te verwerken.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

122,5

122,5

122,5

122,5

122,5

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Fysio-/oefentherapie bij artrose van knie en heup

   

– 0,6

– 0,6

– 0,7

– 0,7

– 0,7

Vanaf 2018 wordt de behandeling van knie- en heupartrose door fysiotherapeuten vanaf de eerste behandeling in het pakket vergoed. Hierdoor zullen de uitgaven voor paramedische zorg toenemen. Door deze substitutie vinden er tegelijkertijd besparingen plaats bij andere sectoren, waaronder de geneesmiddelen.

             
               

Technisch

             

Overheveling Ruxolitinib

   

– 20,0

– 20,0

– 20,0

– 20,0

– 20,0

Dit betreft de structurele overheveling van de uitgaven voor het geneesmiddel Ruxolitinib van de sector geneesmiddelen naar de sector medisch-specialistische zorg.

             
Hulpmiddelen (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

1.590,5

1.605,1

1.606,4

1.606,3

1.606,3

1.606,3

1.606,3

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 154,2

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

– 55,9

– 57,5

– 57,7

– 57,9

– 57,9

– 57,8

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 1,8

– 1,8

46,4

47,6

47,6

47,5

47,5

Stand ontwerpbegroting 2018

1.434,5

1.547,5

1.595,3

1.596,2

1.596,0

1.595,9

1.596,0

               

Op deze sector worden de uitgaven voor extramurale hulpmiddelen die verstrekt worden krachtens de Regeling hulpmiddelen geraamd en verantwoord.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 1,8

– 1,8

– 1,8

– 1,8

– 1,8

– 1,8

– 1,8

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

50,5

50,5

50,5

50,5

50,5

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Fysio-/oefentherapie bij artrose van knie en heup

   

– 1,1

– 1,2

– 1,2

– 1,3

– 1,3

Vanaf 2018 wordt de behandeling van knie- en heupartrose door fysiotherapeuten vanaf de eerste behandeling in het pakket vergoed. Hierdoor zullen de uitgaven voor paramedische zorg toenemen. Door deze substitutie vinden er tegelijkertijd besparingen plaats bij andere sectoren, waaronder de hulpmiddelen.

             
               

Overig

   

– 1,3

       
Wijkverpleging (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

3.431,7

3.612,8

3.714,4

3.722,4

3.730,9

3.728,5

3.728,5

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 194,3

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

– 87,8

– 86,2

– 84,9

– 84,8

– 84,8

– 86,9

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 2,7

0,0

149,8

144,2

144,0

143,9

142,4

Stand ontwerpbegroting 2018

3.234,7

3.525,0

3.778,0

3.781,7

3.790,0

3.787,5

3.784,0

               

Binnen de aanspraak wijkverpleging is sprake van zowel verpleging als verzorging. Hierbij gaat het om verpleegkundige handelingen zoals wondverzorging, injecties en catheterisaties en verzorgende handelingen zoals wassen en aankleden. Binnen de aanspraak wijkverpleging zijn naast de (wijk)verpleegkundige ook verzorgenden en gespecialiseerde verpleegkundigen werkzaam. Financiering vindt al dan niet plaats via een persoonsgebonden budget.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 2,7

           

Op basis van gegevens van het Zorginstituut zijn de realisatiecijfers geactualiseerd. Vanwege het bestuurlijk akkoord wijkverpleging 2018 wordt de onderschrijding 2016 niet meerjarig doorgetrokken.

             
               

Beleidsmatig

             

Afloop overgangsrecht Wlz-indiceerbaren naar Zvw

   

8,5

8,5

8,5

8,5

8,5

Deze bijstelling betreft een ophoging van het kader wijkverpleging in verband met de Wlz-indiceerbaren die zorg ontvangen vanuit de Zvw.

             
               

Fysio-/oefentherapie bij artrose van knie en heup

     

– 5,8

– 6,0

– 6,1

– 6,1

Vanaf 2018 wordt de behandeling van knie- en heupartrose door fysiotherapeuten vanaf de eerste behandeling in het pakket vergoed. Hierdoor zullen de uitgaven voor paramedische zorg toenemen. Door deze substitutie vinden er tegelijkertijd besparingen plaats bij andere sectoren, waaronder de wijkverpleging.

             
               

Intensivering zorgakkoorden 2018

   

30,0

30,0

30,0

30,0

30,0

Het kabinet heeft voor 2018 bestuurlijke afspraken gemaakt met een aantal sectoren binnen de Zvw. Op grond van het akkoord voor de wijkverpleging komt vanaf 2018 € 30 miljoen extra beschikbaar voor versterking van de wijkverpleging.

             
               

Extrapolatie

           

– 1,5

               

Technisch

             

Intensieve zorg kinderen met een somatische aandoening

   

12,9

12,9

12,9

12,9

12,9

Sinds 1 januari 2015 is verzorging van kinderen tot achttien jaar onder de Jeugdwet komen te vallen. Hierop geldt één uitzondering: de verzorging die onderdeel is van de intensieve zorg voor kinderen met een somatische aandoening valt onder de Zvw. Met deze mutatie worden de bijbehorende middelen overgeheveld van de Jeugdwet naar de Zvw.

             
               

Overheveling medisch-specialistische verzorging thuis (MSVT)

   

97,3

97,3

97,3

97,3

97,3

Dit betreft een technische overheveling vanuit de Zvw-sector medisch-specialistische zorg naar de Zvw-sector wijkverpleging en de Wlz in verband met de MSVT. De MSVT-uitgaven worden op dit moment verantwoord onder de MSZ, maar vallen grotendeels onder de aanspraak wijkverpleging. De MSVT zal vanaf 2018 ook onderdeel uitmaken van de bekostiging wijkverpleging. Met het wijzigen van de bekostiging per 2018 moeten de MSVT-uitgaven vanaf dan ook onder de wijkverpleging en de Wlz worden verantwoord en komen ze niet meer ten laste van de MSZ. Dit betreft een neutrale overheveling.

             
               

Overig technisch

   

1,1

1,3

1,3

1,3

1,3

Ambulancevervoer (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

549,3

591,8

591,8

589,5

589,5

589,5

589,5

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 2,7

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

10,1

10,1

10,0

10,0

10,0

10,0

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 3,7

– 9,7

9,4

9,9

10,4

11,9

13,4

Stand ontwerpbegroting 2018

542,9

592,2

611,2

609,4

609,9

611,4

612,9

               

De ambulancezorg kent twee kerntaken: spoedvervoer en besteld vervoer. Daarnaast staan ambulances ook paraat voor geneeskundige hulp bij ongevallen en rampen. Op deze sector worden tevens de uitgaven Centrale Posten Ambulancevervoer (CPA) verantwoord.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Toedeling volumegroei 2018

   

17,1

17,1

17,1

17,1

17,1

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Middelen verwarde personen

 

– 6,0

         

Binnen de sector ambulancevervoer zijn middelen beschikbaar voor de aanpak van het vervoer van verwarde personen. Deze middelen worden niet volledig uitgeput in 2017 en worden betrokken bij de implementatie van de Wvggz in 2018.

             
               

Technisch

             

Financieringsmutatie

– 3,6

– 3,6

– 3,6

– 3,6

– 3,6

– 3,6

– 3,6

Voor deze sector worden de budgetten vastgesteld door de NZa, terwijl de financiering van de sectoren wordt verantwoord door het Zorginstituut. Als gevolg van het tijdsverloop dat er zit tussen het moment waarop de NZa de budgetten voor de regionale ambulancevoorzieningen vaststelt en de uiteindelijke financiering, kan sprake zijn van financieringsvoorsprongen of financieringsachterstanden.

             
               

Overboeking middelen vervoer verwarde personen

   

– 4,0

– 3,5

– 3,0

– 1,5

 

Voor de pilots regionale ambulancevoorzieningen ten behoeve van passend vervoer voor personen met verward gedrag worden middelen vanuit het ambulancekader beschikbaar gesteld.

             
Overig ziekenvervoer (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

116,6

118,5

118,5

118,5

118,5

118,5

118,5

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 5,4

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

– 3,4

– 3,4

– 3,4

– 3,4

– 3,4

– 3,4

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

3,4

3,4

3,4

3,4

3,4

Stand ontwerpbegroting 2018

111,2

115,1

118,5

118,5

118,5

118,5

118,5

               

Het overig ziekenvervoer betreft het vervoer van patiënten van en naar zorgaanbieders. Hiervoor in aanmerking komen verzekerden die chemo- of radiotherapie ondergaan, nierdialyse ondergaan, zich uitsluitend in een rolstoel kunnen verplaatsen, zeer slechtziend zijn of van hun zorgverzekeraar hiervoor toestemming hebben gekregen. Het betreft zowel commercieel vervoer als vergoeding van de kosten van openbaar vervoer.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Toedeling volumegroei 2018

   

3,4

3,4

3,4

3,4

3,4

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
Opleidingen (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

1.268,3

1.293,5

1.255,0

1.168,4

1.153,1

1.146,0

1.146,0

Bijstellingen 2e suppletoire begroting 2016

6,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

5,9

5,4

4,2

3,9

3,8

3,7

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

12,0

25,4

110,4

115,4

75,4

97,4

Stand ontwerpbegroting 2018

1.274,3

1.311,3

1.285,8

1.282,9

1.272,5

1.225,3

1.247,2

               

Met ingang van 2013 worden de specialistische vervolgopleidingen uit het zogenaamde opleidingsfonds (inclusief de opleiding tot huisarts) en een aantal ggz-opleidingen via een beschikbaarheidbijdrage op grond van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) gefinancierd. De uitvoering geschiedt door de NZa. De betalingen lopen via het Zorginstituut Nederland.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Toedeling volumegroei 2018

   

33,4

33,4

33,4

33,4

33,4

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Medische vervolgopleidingen

   

– 20,0

65,0

70,0

30,0

 

In oktober 2016 heeft het Capaciteitsorgaan een nieuw capaciteitsplan uitgebracht. Dit Capaciteitsplan 2016 bevat adviezen over de instroom in de diverse zorgopleidingen die uit publieke middelen worden bekostigd. Op basis van die adviezen worden extra middelen gereserveerd. Daarbij is ook gecorrigeerd voor een in 2012 gemaakte extrapolatiefout (waardoor de budgetten in de jaren 2019 t/m 2021 € 59 miljoen te laag zijn vastgesteld).

             
               

Capaciteit opleidingen (correctie)

 

12,0

12,0

12,0

12,0

12,0

12,0

Bij de 1e suppletoire begroting 2017 zijn middelen m.b.t. de arbeidsmarktagenda abusievelijk vanuit het premiegefinancierde BKZ overgeheveld naar de VWS-begroting en niet vanuit het begrotingsgefinancierde BKZ. Met deze mutatie wordt de structurele reeks van € 12 miljoen vanaf 2017 op het premiegefinancierde BKZ teruggeboekt en worden de middelen alsnog vanuit het begrotingsgefinancierde BKZ overgeheveld naar de VWS-begroting.

             
               

Extrapolatie

           

52,0

               
Grensoverschrijdende zorg (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

797,8

775,7

774,9

774,1

773,3

772,5

772,5

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 162,9

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

– 97,3

– 122,7

– 122,7

– 122,7

– 122,7

– 122,7

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

– 1,1

0,0

24,7

24,7

24,7

24,7

24,7

Stand ontwerpbegroting 2018

633,9

678,3

676,9

676,1

675,3

674,5

674,5

               

Deze deelsector betreft de grensoverschrijdende zorg binnen en buiten het macroprestatiebedrag (mpb). Binnen het mpb betreft het zorgkosten gemaakt in het buitenland door verzekerden bij Nederlandse zorgverzekeraars. De grensoverschrijdende zorg buiten het mpb betreft de lasten van internationale verdragen. Het gaat om kosten van zorg aan personen die buiten Nederland wonen en niet aan Nederlandse sociale verzekeringswetgeving zijn onderworpen, maar die op grond van een Europese verordening of een door Nederland gesloten verdrag inzake sociale zekerheid recht hebben op geneeskundige zorg ten laste van Nederland.

Het betreft ook de kosten van medische zorg voor personen die verzekerd zijn in het buitenland en langdurig of kortdurend verblijven in Nederland. Deze kosten worden doorberekend aan de internationale verdragspartners. Deze baten worden in mindering gebracht op de lasten.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

– 1,1

           

De uitgaven voor de grensoverschrijdende zorg zijn geactualiseerd op basis van gegevens van het Zorginstituut.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

24,7

24,7

24,7

24,7

24,7

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
Nominaal en onverdeeld Zvw (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

179,7

748,0

2.671,3

4.776,0

7.115,4

9.687,2

9.687,2

Bijstellingen 2e suppletoire begroting 2016

– 417,6

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

237,8

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

– 747,0

– 9,7

424,6

611,5

794,6

1.009,4

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

28,6

– 1.052,8

– 929,0

– 638,4

– 451,2

2.504,5

Stand ontwerpbegroting 2018

0,0

29,6

1.608,7

4.271,5

7.088,5

10.030,6

13.201,2

               

Deze niet-beleidsmatige sector heeft een technisch-administratief karakter. Vanuit deze deelsector vinden overboekingen van loon- en prijsbijstelling naar de loon- en prijsgevoelige deelsectoren binnen de begroting plaats. Ook worden er taakstellingen of extra middelen op deze deelsector geplaatst die nog niet aan de deelsectoren zijn toegedeeld.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Nominale ontwikkeling

   

139,8

240,4

532,2

721,6

866,9

De raming van de loon- en prijsbijstelling is aangepast op basis van actuele macro-economische inzichten van het Centraal Planbureau (CPB).

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

– 778,9

– 778,9

– 778,9

– 778,9

– 778,9

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Subsidieregeling transgenders

   

4,2

4,2

4,2

2,8

2,8

Subsidieregeling transgenders (Y)

   

– 4,2

– 4,2

– 4,2

– 2,8

– 2,8

Dit betreft de middelen die nodig zijn voor een subsidieregeling voor vergoeding van geslachtschirurgie bij transgenders. De in het voorjaar beschikbaar gekomen middelen hiervoor worden vanuit het BKZ overgeheveld naar de VWS-begroting.

             
               

Korting i.v.m. de doelstelling doelmatig voorschrijven

   

10,0

       

Dit betreft de korting met betrekking tot de doelstelling doelmatig voorschrijven, op basis van de afspraken hierover in het Hoofdlijnenakkoord MSZ. Conform eerdere jaren wordt een korting verwerkt van € 10 miljoen.

             
               

Lagere groei door zorgakkoorden 2018

   

– 280,0

– 280,0

– 280,0

– 280,0

– 280,0

Als gevolg van de gematigde groei die is afgesproken in de bestuurlijke afspraken voor 2018 voor de sectoren MSZ, ggz, huisartsenzorg/multidisciplinaire zorg en wijkverpleging vallen de geraamde zorguitgaven vanaf 2018 € 280 miljoen lager uit.

             
               

Impuls GDI

   

– 8,6

– 8,6

– 8,6

– 8,6

– 8,6

Het kabinet heeft besloten de kosten van de Generieke Digitale Infrastructuur (GDI) voorzieningen door te belasten aan de eindgebruikers. De kosten voor gebruik van deze voorzieningen in de zorg (o.a. DigiD) zullen worden doorbelast aan VWS. De benodigde middelen worden overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van VWS.

             
               

Fysio-/oefentherapie bij artrose van knie en heup

   

– 18,1

– 2,2

– 2,6

– 3,3

– 3,3

Vanaf 2018 wordt de behandeling van knie- en heupartrose door fysiotherapeuten vanaf de eerste behandeling in het pakket vergoed. Hierdoor zullen de uitgaven voor paramedische zorg toenemen. Door deze substitutie vinden er tegelijkertijd besparingen plaats bij andere sectoren. De besparing treedt ondermeer op bij de MSZ, huisartsen en wijkverpleging. In verband met afgesloten akkoorden kunnen de budgettaire effecten niet volledig op de betreffende sectoren worden verwerkt.

             
               

Intensiveringen zorgakkoorden 2018

   

– 90,0

– 90,0

– 90,0

– 90,0

– 90,0

Het kabinet heeft voor 2018 bestuurlijke afspraken gemaakt met een aantal sectoren binnen de Zvw. Op grond van deze afspraken wordt een deel van de beschikbare groeiruimte Zvw 2018 ingezet voor versterking van eerstelijns verblijf en wijkverpleging (beide € 30 miljoen), alsmede compensatie voor besparingsverliezen in de MSZ (eveneens € 30 miljoen).

             
               

Overig beleidsmatig

             

Kasschuif nominaal en onverdeeld Zvw

 

22,7

– 22,7

       

Nominaal en onverdeeld Zvw

 

6,9

 

– 8,1

– 8,1

– 8,1

– 8,1

Kwaliteitsbeleid paramedische zorg

 

– 1,0

– 1,0

– 1,0

– 1,0

– 1,0

– 1,0

Extrapolatie

           

2.810,4

               

Technisch

             

Patiëntenparticipatie

   

– 3,0

       

De gelden die in het onderhandelaarsresultaat medisch-specialistische zorg 2014–2017 beschikbaar zijn gesteld voor de Patiëntenfederatie Nederland voor patiëntenparticipatie (€ 3 miljoen) blijven op basis van het onderhandelaarsakkoord 2018 beschikbaar in 2018.

             
               

Overig

   

– 0,3

– 0,6

– 1,4

– 2,9

– 2,8

Ontvangsten Zvw (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

3.194,8

3.187,1

3.350,0

3.509,2

3.665,1

3.859,6

3.859,6

Bijstellingen jaarverslag 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

0,0

3,1

41,0

77,4

79,4

81,8

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

– 44,7

– 57,7

– 65,7

– 75,7

112,0

Stand ontwerpbegroting 2018

3.194,8

3.187,1

3.308,4

3.492,5

3.676,8

3.863,3

4.053,4

               

Deze deelsector betreft de opbrengst van het eigen risico binnen de Zvw.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Lagere opbrengst eigen risico

   

– 44,7

– 57,7

– 65,7

– 75,7

– 69,5

De (neerwaartse) ramingsbijstellingen van de Zvw-uitgaven hebben ook gevolgen voor de geraamde opbrengsten van het eigen risico. Deze mutatie betreft de meerjarige inschatting daarvan.

             
               

Beleidsmatig

             

Extrapolatie

           

181,5

               

6.1.2 Wet langdurige zorg (Wlz)

In deze paragraaf wordt ingegaan op de financiële ontwikkeling binnen de Wlz in het afgelopen jaar voor de jaren 2016 tot met 2022. In tabel 19 wordt de opbouw van de Wlz-uitgaven en ontvangsten op deelsector niveau weergegeven. De sector nominaal en onverdeeld bevat de nog niet toebedeelde maatregelen, de nog niet uitgedeelde groeiruimte en loon- en prijsbijstellingen. In deze paragraaf wordt na tabel 19 verder per deelsector ingegaan op de bijstellingen die hebben plaatsgevonden tussen de 1e suppletoire begroting 2017 en de ontwerpbegroting 2018 en de meerjarige doorwerking.

Vereenvoudiging budget- en nacalculatieproces voor de Wet langdurige zorg

In het kader van vermindering van administratieve lasten wordt het budget- en nacalculatieproces voor de Wet langdurige zorg (Wlz) met ingang van 2018 vereenvoudigd. Om deze vereenvoudiging mogelijk te maken moet de tariefsoort van zorg in natura in de Wlz gewijzigd worden van vaste naar maximum tarieven. Omdat de NZa in de nieuwe systematiek niet meer over de afgesproken prijzen beschikt, ontvangt VWS vanaf 2018 alleen nog het totale omzetplafond in de eerste en tweede contracteerronde en de totale omzet bij de nacalculatie van de NZa.

Deze wijziging betekent dat bij de afrekening (waarbij de realisatie wordt afgezet tegen de begroting) van het jaar in het jaarverslag 2018 van VWS alleen nog de totale contracteerruimte zorg in natura dat wordt afgerekend en niet de verschillende deelsectoren (ouderenzorg, gehandicaptenzorg, langdurige ggz, volledig pakket thuis, extramurale zorg en binnen contracteerruimte). In de begroting 2018 wordt hierop vooruitlopend in tabel 19 alleen een totaalreeks voor de zorg in natura (ZIN) opgenomen. Op basis van declaratiegegevens zal in het jaarverslag 2018 nog steeds informatie over de deelsectoren gepresenteerd worden, maar dan als beleidsinformatie. In tabel 19A is de uitsplitsing als beleidsinformatie nog wel opgenomen.

Tabel 19 Opbouw van de Wlz-uitgaven en -ontvangsten per sector (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Nieuwe indeling

             
               

ZIN binnen contracteerruimte

16.635,9

17.255,7

18.107,2

18.655,3

19.196,6

19.707,1

20.001,8

               

Persoonsgebonden budgetten

1.567,5

1.998,0

2.156,2

2.156,2

2.156,7

2.158,8

2.159,9

               

Buiten contracteerruimte

1.619,6

1.192,0

1.548,4

2.906,8

4.527,4

6.299,1

8.168,9

Kapitaallasten (nacalculatie)

891,2

437,5

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Beheerskosten

156,4

176,4

185,3

176,3

176,3

176,3

176,3

Overig buiten contracteerruimte1

709,6

576,7

396,9

475,1

475,9

476,2

476,2

Nominaal en onverdeeld

– 137,5

1,4

966,2

2.255,4

3.875,3

5.646,7

7.516,4

               

Bruto Wlz-uitgaven begroting 2018

19.823,0

20.445,6

21.811,9

23.718,3

25.880,7

28.165,1

30.330,6

Eigen bijdrage Wlz

1.882,9

1.858,0

1.879,1

1.938,0

2.012,3

2.093,9

2.179,0

Netto Wlz-uitgaven begroting 2018

17.940,2

18.587,6

19.932,8

21.780,4

23.868,4

26.071,3

28.151,7

Noot 1: Bij de Wlz zijn onder de post overige buiten contracteerruimte opgenomen de sectoren; bovenbudgettaire vergoedingen, tandheelkunde Wlz, instellingen voor medisch-specialistische zorg Wlz, overig curatieve zorg Wlz, ADL, extramurale behandeling, zorginfrastructuur, eerstelijnsverblijf, innovatie en beschikbaarheidbijdrage opleidingen Wlz.

Bron: VWS, NZa-gegevens over de productieafspraken en voorlopige realisatiegegevens, gegevens Zorginstituut Nederland over (voorlopige) financieringslasten Zvw en Wlz.

In figuur 13 is de samenstelling van de Wlz-uitgaven per sector weergegeven voor het jaar 2018.

Figuur 13 samenstelling Wlz-uitgaven 2018

1. Overig buiten CR:

– Bovenbudgettaire vergoedingen

– Tandheelkundige zorg Wlz

– Medisch-specialistische zorg Wlz

– Overige curatieve zorg Wlz

– ADL

– Extramurale behandeling

– Opleidingen Wlz

– Orthocommunicatieve behandeling

Tabel 19A Zorg in natura (ZIN) binnen contracteerruimte (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

ZIN binnen contracteerruimte

             

Ouderenzorg

8.863,0

9.188,0

9.840,1

10.377,8

10.947,0

11.458,6

11.753,9

Gehandicaptenzorg

6.163,6

6.329,3

6.407,8

6.424,2

6.409,9

6.414,7

6.419,4

Langdurige ggz

532,5

550,8

576,2

576,2

574,7

574,7

574,7

Volledig pakket thuis

419,9

440,9

444,3

444,3

438,2

438,2

438,2

Extramurale zorg

446,8

535,3

623,8

617,8

611,8

605,9

600,5

Overig ZIN binnen contracteerruimte

210,0

211,4

215,0

215,0

215,0

215,0

215,0

Stand ontwerpbegroting 2018

16.635,9

17.255,7

18.107,2

18.655,3

19.196,6

19.707,1

20.001,8

In figuur 14 is de samenstelling van de Wlz-uitgaven ZIN binnen contracteerruimte per sector weergegeven voor het jaar 2018

Figuur 14 Samenstelling Wlz-uitgaven ZIN binnen contracteerruimte 2018
Zorg in natura (ZIN) binnen contracteerruimte (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

16.635,1

16.908,9

17.406,6

17.321,8

17.250,5

17.234,1

17.234,1

Bijstellingen jaarverslag 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

372,8

394,0

423,6

439,0

455,9

473,3

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,8

– 26,0

306,7

910,0

1.507,1

2.017,2

2.294,4

Stand ontwerpbegroting 2018

16.635,9

17.255,7

18.107,2

18.655,3

19.196,6

19.707,1

20.001,8

               

Op deze deelsector staat de uitgavenontwikkeling van de intramurale ouderenzorg, gehandicaptenzorg, langdurige ggz (bestaande uit de zorgzwaartepakketten, de normatieve huisvestingscomponent, de toeslagen en vergoedingen voor dagbestedingen en vervoer), het Volledig Pakket Thuis (VPT), de extramurale zorg en de overig ZIN binnen contracteerruimte.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Onderuitputting Zorg in Natura

 

– 26,0

– 101,0

– 101,0

– 101,0

– 101,0

– 101,0

De raming van de uitgaven aan Zorg in natura 2017 wordt neerwaarts bijgesteld. Dit is ten opzichte van de verwachte onderuitputting van 1,0% die reeds in de begroting 2017 is verwerkt. Voor 2018 wordt uitgegaan van een onderuitputting van 0,6%. Dit betekent een verlaging van de verwachte uitgaven van € 101 miljoen, terwijl het beschikbare Wlz-kader niet verandert.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

295,9

295,9

295,9

295,9

295,9

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Toedeling extramuralisering

   

– 219,0

– 219,0

– 219,0

– 219,0

– 219,0

Dit betreft de toedeling van de maatregel extramuraliseren tranche 2018.

             
               

Dekking afloop overgangsrecht Wlz-indiceerbaren

   

– 8,5

– 8,5

– 8,5

– 8,5

– 8,5

De contracteerruimte Wlz wordt met ingang van 2018 verlaagd in verband met de Wlz-indiceerbaren die overgaan naar de wijkverpleging binnen de Zvw.

             
               

Kwaliteitskader verpleeghuiszorg (tranche 2018)

   

335,0

335,0

335,0

335,0

335,0

Kwaliteitskader verpleeghuiszorg (structureel)

     

603,3

1.200,4

1.710,5

2.005,9

Het kabinet heeft, na inzet van de eerste € 100 miljoen bij de Voorjaarsnota, besloten de structurele meerkosten van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg beschikbaar te stellen. Bij de inzet van extra middelen voor de volledige implementatie van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg is sprake van een ingroeipad. Dit ingroeipad is in hoofdzaak afhankelijk van de restricties op de arbeidsmarkt en de absorptiecapaciteit van de verpleeghuizen. In verband hiermee is op basis van de huidige inzichten volledige implementatie voorzien in 2021. De kosten volgen dit ingroeipad en betreffen hier de meerkosten 2018.

             
               

Extrapolatie

           

– 18,2

               

Technisch

             

Overheveling trombosezorg

   

1,0

1,0

1,0

1,0

1,0

Op basis van een advies van de NZa wordt trombosezorg voor Wlz-cliënten die verblijven in een instelling vanaf 2018 bekostigd vanuit de Wlz. De overheveling brengt een verlaging van € 1 miljoen van de Zvw-sector overige curatieve zorg met zich mee en een verhoging van € 1 miljoen van de Wlz-sector zorg in natura.

             
               

Overheveling medisch-specialistische verzorging thuis (MSVT)

   

3,2

3,2

3,2

3,2

3,2

Dit betreft een technische overheveling vanuit de Zvw-sector medisch-specialistische zorg naar de Zvw-sector wijkverpleging en de Wlz in verband met de MSVT. De MSVT-uitgaven worden op dit moment verantwoord onder de MSZ, maar vallen grotendeels onder de aanspraak wijkverpleging. De MSVT zal vanaf 2018 ook onderdeel uitmaken van de bekostiging wijkverpleging. Met het wijzigen van de bekostiging per 2018 moeten de MSVT-uitgaven vanaf dan ook onder de wijkverpleging en de Wlz worden verantwoord en komen ze niet meer ten laste van de MSZ. Dit betreft een neutrale overheveling.

             
               

Ambulantiseringschuif ggz

0,8

           

De ambulantiseringschuif in de ggz (tussen Wlz/Zvw) is voor ggz-zorgaanbieders die zowel curatieve als langdurige ggz leveren. De schuif beoogt om belemmering voor verdergaande extramuralisering van de ggz weg te nemen.

             
               
Persoonsgebonden budgetten (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

1.567,5

1.745,4

1.793,5

1.793,5

1.794,0

1.796,1

1.796,1

Bijstellingen jaarverslag 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

252,5

302,2

302,2

302,2

302,2

303,3

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

60,5

60,5

60,5

60,5

60,5

Stand ontwerpbegroting 2018

1.567,5

1.998,0

2.156,2

2.156,2

2.156,7

2.158,8

2.159,9

               

Deze deelsector betreft de uitgaven in het kader van de persoonsgebonden budgetten.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Toedeling volumegroei 2018

   

60,5

60,5

60,5

60,5

60,5

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
Kapitaallasten (nacalculatie) (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

804,5

380,3

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 2e suppletoire begroting 2016

– 13,3

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

100,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

57,2

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand ontwerpbegroting 2018

891,2

437,5

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

               

Deze deelsector betreft de na te calculeren kapitaallasten van de gebouwen waarin Wlz-zorg met verblijf wordt geleverd.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

               

N.v.t.

             
Beheerskosten (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

147,6

187,1

176,0

169,0

169,0

169,0

169,0

Bijstellingen 2e suppletoire begroting 2016

5,9

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

2,9

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

– 10,7

1,9

– 0,2

– 0,2

– 0,2

– 0,2

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

7,5

7,5

7,5

7,5

7,5

Stand ontwerpbegroting 2018

156,4

176,4

185,3

176,3

176,3

176,3

176,3

               

Onder deze deelsector vallen de uitvoeringskosten van de Wlz van zorgkantoren en de SVB (pgb) en de kosten van het College Sanering Zorginstellingen.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Toedeling volumegroei 2018

   

3,0

3,0

3,0

3,0

3,0

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Technisch

             

Uitvoeringskosten kwaliteitskader zorgkantoren

   

4,5

4,5

4,5

4,5

4,5

Dit betreft extra beheerskosten voor zorgkantoren vanwege het Kwaliteitskader verpleeghuiszorg.

             
               
Overig buiten contracteerruimte (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

668,1

457,9

459,8

462,3

462,3

462,4

462,4

Bijstellingen 2e suppletoire begroting 2016

29,5

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen jaarverslag 2016

3,8

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

118,8

24,7

12,7

12,7

12,7

12,7

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

8,2

0,0

– 87,6

0,1

0,9

1,1

1,1

Stand ontwerpbegroting 2018

709,6

576,7

396,9

475,1

475,9

476,2

476,2

               

Op deze deelsector worden de kosten verantwoord van bovenbudgettaire vergoedingen voor individueel aangepaste hulpmiddelen, tandheelkunde Wlz, instellingen voor medisch-specialistische zorg Wlz, overig curatieve zorg Wlz, ADL, extramurale behandeling, zorginfrastructuur, eerstelijnsverblijf (t/m 2016 in de Wlz), innovatie en beschikbaarheidbijdrage opleidingen Wlz.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Actualisering

8,2

           

In 2016 werden de uitgaven voor eerstelijnsverblijf nog verantwoord binnen de Wlz. Op basis van realisatiecijfers is er sprake van een overschrijding van het beschikbare budget met € 8,2 miljoen. Deze overschrijding wordt in 2016 binnen het Wlz-kader en vanaf 2017 structureel verwerkt binnen het Zvw-kader.

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

10,2

10,2

10,2

10,2

10,2

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Ruimte zorginfrastructuur

   

– 70,0

– 10,1

– 9,4

– 9,1

– 9,1

De huidige tijdelijke subsidieregeling zorginfrastructuur eindigt per 1 januari 2018. Er moet worden voorkomen dat de huidige zorginfrastructuur vanaf 2018 verloren gaat. Daarom wordt er gewerkt aan een nieuwe landelijke regeling met regionale betrokkenheid, die de huidige subsidieregeling zal vervangen. In de nieuwe regeling zal efficiency, innovatie en samenwerking voorop staan. Vooruitlopend op deze nieuwe regeling valt in 2018 een deel van de beschikbare middelen vrij. De overige ruimte wordt ingezet voor VWS-brede problematiek.

             
               

Zorginfrastructuur

   

– 27,8

       

De huidige tijdelijke subsidieregeling zorginfrastructuur eindigt per 1 januari 2018. Aan gemeenten zal een bedrag van

€ 27,8 miljoen ter beschikking worden gesteld om lopende initiatieven te kunnen ondersteunen bij de afbouw van de tijdelijke financiering uit de oude subsidieregeling. De resterende middelen in 2018 zijn ingezet ter dekking van verschillende tegenvallers binnen het BKZ. Ter continuering van het huidige beleid blijven de middelen vanaf 2019 beschikbaar binnen het BKZ voor het stimuleren van zorginfrastructuur.

             
               
Nominaal en onverdeeld Wlz (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

0,6

344,4

1.213,0

2.252,0

3.576,9

5.057,9

5.057,9

Bijstellingen jaarverslag 2016

– 138,1

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

– 320,0

– 90,3

255,6

401,7

579,1

706,8

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

– 23,0

– 156,5

– 252,2

– 103,3

9,7

1.751,7

Stand ontwerpbegroting 2018

– 137,5

1,4

966,2

2.255,4

3.875,3

5.646,7

7.516,4

               

Deze niet-beleidsmatige deelsector heeft een technisch-administratief karakter. Vanuit deze deelsector vinden overboekingen van loon- en prijsbijstelling naar de loon- en prijsgevoelige deelsectoren binnen de begroting plaats. Ook worden er taakstellingen of extra middelen op deze deelsector geplaatst die nog niet aan de deelsectoren zijn toegedeeld.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Autonoom

             

Nominale ontwikkeling

   

121,8

205,0

425,7

562,3

664,0

De raming van de loon- en prijsbijstelling is aangepast op basis van de macro-economische inzichten in het Centraal Economisch Plan (CEP 2017) van het Centraal Planbureau (CPB).

             
               

Toedeling volumegroei 2018

   

– 365,0

– 365,0

– 365,0

– 365,0

– 365,0

Dit betreft de uitdeling van de groeiruimte tranche 2018.

             
               

Beleidsmatig

             

Nominaal en onverdeeld Wlz

   

– 63,2

– 25,0

– 25,0

– 25,0

– 25,0

Dit betreft de vrijval van middelen op de post nominaal en onverdeeld Wlz.

             
               

Toedeling extramuralisering

   

219,0

219,0

219,0

219,0

219,0

Dit betreft de toedeling van de maatregel extramuraliseren tranche 2018 aan de betreffende sectoren.

             
               

Extramuralisering tranche 2018

   

– 41,9

– 41,9

– 41,9

– 41,9

– 41,9

Deze mutatie betreft de tranche 2018 van het extramuraliseringseffect op de Wmo.

             
               

Uitdeling groeiruimte tranche 2018

   

– 60,0

– 60,0

– 60,0

– 60,0

– 60,0

De tranche 2018 van de groeiruimte is toegevoegd aan de budgetten voor de Wmo 2015 en de Jeugdwet.

             
               

Compensatie vervallen ouderentoeslag

   

– 5,0

– 5,0

– 5,0

– 5,0

– 5,0

Onderdeel van het Belastingplan 2015 was het afschaffen van de ouderentoeslag (extra heffingsvrij vermogen 65-plus in box 3) per 2016. De afschaffing resulteert zonder aanvullende maatregelen vanaf 2018 voor een deel van de 65-plussers in hogere eigen bijdragen voor maatschappelijke ondersteuning. Deze effecten zijn niet beoogd en worden gecompenseerd.

             
               

Transitie- en uitvoeringskosten

   

98,0

92,0

92,0

92,0

12,0

Implementatie van het kwaliteitskader levert een ontwikkelopgave op voor de verpleeghuissector. Om de noodzakelijke aanpassingen te doen in het arbeidsmarktbeleid en om de bedrijfsvoering van de instellingen aan te passen aan de normen die worden opgelegd, wordt rekening gehouden met een transitie van 4 jaar en bijbehorende transitiekosten van € 125 miljoen per jaar in de periode 2018–2021.

             
               

Arbeidsmarktagenda kwaliteitskader

 

– 5,0

– 67,5

– 67,5

– 67,5

– 67,5

 

Een deel van de beschikbaar gekomen middelen voor de transitiekosten wordt gebruikt voor de noodzakelijke intensiveringen in het arbeidsmarktbeleid voor verpleeghuizen. Deze mutatie betreft de overboeking naar begrotingsgefinancierd BKZ.

             
               

Kasschuif arbeidsmarktmiddelen verpleeghuizen

 

6,8

24,2

9,0

   

– 40,0

Een deel van de in het voorjaar beschikbaar gekomen arbeidsmarktmiddelen (€ 26,1 miljoen) wordt aangewend voor de ondersteuning van individuele zorgaanbieders en regionale samenwerking bij de implementatie van het kwaliteitskader. Deze middelen worden overgeheveld van het BKZ naar de begroting. Het restant (€ 13,9 miljoen in 2018) wordt toegevoegd aan de benodigde arbeidsmarktmiddelen voor de verpleeghuiszorg (begrotingsgefinancierd BKZ).

             
               

Overheveling uitvoeringsmiddelen vanaf BKZ

 

– 6,8

– 10,3

– 9,0

     

De € 26,1 miljoen beschikbare middelen voor de implementatie van het kwaliteitskader (zie de mutatie hierboven) worden met deze mutatie overgeheveld van het BKZ naar de VWS-begroting.

             
               

Openstaande reeks

     

– 136,2

– 207,6

– 213,2

– 187,9

In het afgelopen voorjaar is de raming van diverse BKZ-uitgaven aangepast. Per saldo leidden deze bijstellingen tot een verhoging; om deze uitgavenverhoging te compenseren, is vanaf het jaar 2019 een openstaande reeks geparkeerd op de sector Nominaal en onverdeeld Wlz. Over de concrete invulling van deze reeks moet nog worden besloten.

             
               

Ramingsbijstelling groeiruimte Wlz

     

– 70,0

– 75,0

– 75,0

– 75,0

De groeiruimte Wlz wordt verlaagd met € 70 miljoen in 2019 oplopend naar € 75 miljoen vanaf 2020 tot 2022 ter (gedeeltelijke) dekking van de extra middelen voor het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg.

             
               

Uitvoeringskosten Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg

   

– 2,0

– 2,0

– 2,0

– 2,0

– 2,0

De extra middelen die beschikbaar zijn gesteld voor de uitvoering van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg worden deels overgeboekt naar de begroting. Het gaat hier om de kosten voor de IGZ die samenhangen met hun toezichtsrol.

             
               

Transformatiefonds

       

18,0

   

In het bestuurlijk overleg van 28 augustus 2017 tussen de VNG en de ministeries van VWS en BZK is afgesproken om drie maal € 18 miljoen te reserveren (2018–2020) voor het transformatiefonds. Hiertoe wordt in 2020 een bedrag van € 18 miljoen teruggeboekt naar VWS zodat dit aan de eerder gemaakte reservering kan worden toegevoegd. Het eerder gereserveerde bedrag voor 2017 wordt ingezet voor de compensatie voor de coulancegroep ggz-B.

             
               

Compensatie in verband met de coulancegroep ggz-B

 

– 18,0

         

Per 2018 zal sprake zijn van een herverdeling van de middelen voor beschermd wonen omdat de zogenaamde coulancegroep ggz-B aan de huidige historische reconstructie voor beschermd wonen wordt toegevoegd. Tijdens het bestuurlijk overleg van 28 augustus 2017 tussen de VNG en de ministeries van VWS en BZK is afgesproken om in 2017 incidenteel een aanvullend bedrag van € 18 miljoen over alle 43 centrumgemeenten te verdelen volgens het aandeel van de centrumgemeenten in de huidige verdeling van beschermd wonen. De dekking hiervoor wordt gevonden in de eerder gereserveerde € 18 miljoen die in afwachting op de verkenning van een transformatiefonds gereserveerd stond.

             
               

Technisch

             

Uitvoeringskosten kwaliteitskader zorgkantoren

   

– 4,5

– 4,5

– 4,5

– 4,5

– 4,5

Dit betreft een overboeking vanuit de gereserveerde middelen transitiekosten Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg i.v.m. extra beheerskosten voor zorgkantoren.

             
               

Overige technische bijstellingen

     

9,0

– 4,5

– 4,5

 
               

Extrapolatie

           

1.663,0

Ontvangsten Wlz (bedragen x € 1 miljoen)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Stand ontwerpbegroting 2017

1.826,1

1.815,3

1.833,7

1.870,6

1.915,1

1.959,6

1.959,6

Bijstellingen jaarverslag 2016

56,8

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstellingen 1e suppletoire begroting 2017

0,0

42,7

62,4

84,3

114,1

151,2

188,6

Bijstellingen ontwerpbegroting 2018

0,0

0,0

– 17,0

– 17,0

– 17,0

– 17,0

30,7

Stand ontwerpbegroting 2018

1.882,9

1.858,0

1.879,1

1.938,0

2.012,3

2.093,9

2.179,0

               

Betreft de eigen bijdragen die binnen de Wlz verplicht zijn.

               

Toelichting bijstellingen ontwerpbegroting 2018

Beleidsmatig

             

Derving eigen bijdrage compensatie ouderentoeslag

   

– 7,0

– 7,0

– 7,0

– 7,0

– 7,0

Onderdeel van het Belastingplan 2015 was het afschaffen van de ouderentoeslag (extra heffingsvrij vermogen 65-plus in box 3) per 2016. De afschaffing resulteert zonder aanvullende maatregelen vanaf 2018 voor een deel van de 65-plussers in hogere eigen bijdragen voor langdurige zorg en maatschappelijke ondersteuning. Deze effecten zijn niet beoogd en worden gerepareerd.

             
               

Effect Belastingplan op opbrengsten eigen bijdragen

   

– 10,0

– 10,0

– 10,0

– 10,0

– 10,0

Er is sprake van lagere eigen bijdragen in de Wlz als gevolg van een wijziging van het Belastingplan, waar per 1 januari 2016 het algemeen heffingsvrij vermogen met € 3.000 is verhoogd en waardoor de grondslag waarop de eigen bijdrage in de Wlz wordt berekend daalt.

             
               

Extrapolatie

           

47,7

6.2 Fiscale regelingen 2016–2018

Extracomptabele fiscale regelingen

Naast de in dit Financieel Beeld Zorg geraamde zorguitgaven, zijn er fiscale regelingen die betrekking hebben op het beleidsterrein van de zorg. De Minister van Financiën is hoofdverantwoordelijk voor de wetgeving en uitvoering van deze regelingen en voor de budgettaire middelen. In onderstaande tabel is ter informatie het budgettaire belang van deze regelingen vermeld. De cijfers zijn ontleend aan de corresponderende bijlage «Fiscale regelingen» in de Miljoenennota. Naast de regelingen die in onderstaande tabel zijn opgenomen, is er ook een aantal Btw-vrijstellingen voor medische zorg, alsmede de teruggaaf van BPM voor bestelauto’s voor vervoer van gehandicapte personen. Voor een beschrijving van de regelingen, de doelstelling, de ramingsgrond, een verwijzing naar de laatst uitgevoerde evaluatie en het beoogde jaar van afronding van de volgende evaluatie, wordt verwezen naar de bijlage bij de Miljoenennota «Toelichting op de fiscale regelingen».

Tabel 20 Fiscale regelingen 2016–2018, budgettair belang op transactiebasis in lopende prijzen (bedragen x € 1 miljoen)1[-] = regeling is in dat jaar niet van toepassing; [0] = budgettair belang van de regeling bedraagt in dat jaar afgerond nihil.
 

2016

2017

2018

BTW Laag tarief geneesmiddelen en hulpmiddelen

1.794

1.830

1.804

MRB Verlaagd tarief bestelauto gehandicapten2

15

15

15

Noot 2: MRB = Motorrijtuigenbelasting