Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Artikel 11 Nominaal en onvoorzien

1. Inleiding

Dit niet-beleidsartikel heeft een technisch-administratief karakter. Vanuit dit artikel vinden overboekingen van loon- en prijsbijstellingen naar de loon- en prijsgevoelige artikelen binnen de begroting plaats. Ook worden er taakstellingen of extra middelen op dit artikel geplaatst die nog niet aan de beleidsartikelen zijn toegedeeld.

2. Tabel budgettaire gevolgen van beleid

Begrotingsuitgaven (bedragen x € 1.000)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Verplichtingen

0

– 26.605

– 16.181

– 19.005

– 19.136

– 19.180

– 19.186

                   

Uitgaven

0

– 26.589

– 16.222

– 19.005

– 19.136

– 19.180

– 19.186

                   
   

Loonbijstelling

0

0

0

0

0

0

0

   

– waarvan programma

0

0

0

0

0

0

0

   

– waarvan apparaat

0

0

0

0

0

0

0

   

Prijsbijstelling

0

10.186

9.887

9.949

9.818

9.774

9.768

   

– waarvan programma

0

10.186

7.872

7.961

7.833

7.798

7.791

   

– waarvan apparaat

0

0

2.015

1.988

1.985

1.976

1.977

   

Onvoorzien

0

0

0

0

0

0

0

   

Taakstelling

0

– 36.775

– 26.109

– 28.954

– 28.954

– 28.954

– 28.954

   

– waarvan programma

0

– 36.775

– 26.109

– 28.954

– 28.954

– 28.954

– 28.954

   

– waarvan apparaat

0

0

0

0

0

0

0

                   

Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

0

   

Overig

0

0

0

0

0

0

0

Bovenstaande informatie is bedoeld voor de Staten-Generaal. Aan dit overzicht kunnen geen rechten worden ontleend.

3. Toelichting op de instrumenten

Prijsbijstelling

Op dit onderdeel worden de in het kader van de prijsbijstelling ontvangen bedragen geboekt totdat toerekening plaatsvindt aan begrotingsartikelen.

Onvoorzien

De grondslag voor dit onderdeel ligt in de Comptabiliteitswet, waarin de mogelijkheid bestaat een artikel voor onvoorziene uitgaven op te nemen. VWS maakt hier in 2018 geen gebruik van.

Taakstelling

Op dit onderdeel worden taakstellingen geboekt in afwachting van concrete invulling. De actuele stand omvat grosso modo de taakstellende onderuitputting die op de VWS-begroting is ingeboekt en die jaarlijks bij de tweede suppletoire begroting wordt ingevuld.