Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Artikel 4 Zorgbreed beleid

1. Algemene doelstelling

Het scheppen van randvoorwaarden om het zorgstelsel te laten werken zodat de kwaliteit, de toegankelijkheid en de betaalbaarheid van de zorg voor de burger is gewaarborgd.

2. Rol en verantwoordelijkheid Minister

De Minister bevordert de werking van het stelsel door partijen in staat te stellen hun rol te spelen en door belemmeringen weg te nemen die een goede werking van het stelsel in de weg staan. Daar waar publieke belangen in het geding zijn die niet voldoende door (partijen in) het stelsel behartigd kunnen worden, bevordert de Minister dat deze belangen worden behartigd.

Stimuleren:

  • –  Stimuleren dat patiënten en verzekerden een stevige (informatie-) positie innemen in het zorgstelsel, onder meer door patiënten te voeden met informatie uit hun eigen dossier.
  • –  Het stimuleren van kwalitatief goede en veilige zorgverlening met keuzevrijheid voor consumenten.
  • –  Het stimuleren van transparantie over kwaliteit en kosten van zorg.
  • –  Stimuleren dat patiënten- en gehandicaptenorganisaties goed samenwerken.
  • –  Het stimuleren van een logische beroepenstructuur die aansluit op de huidige en toekomstige zorg- en ondersteuningsvraag.
  • –  Het is stimuleren van beschikbaarheid van voldoende gekwalificeerd zorgpersoneel door kwalitatief goede en samenhangende opleidingen.
  • –  Het stimuleren van landelijke en regionale samenwerking aan een evenwichtige arbeidsmarkt met voldoende goed opgeleid personeel.
  • –  Het stimuleren van innovaties in de zorg en de ontwikkeling en toepassing van ontwikkelde kennis.
  • –  Het stimuleren van rechtmatige zorg: door initiatieven om fouten en fraude in de zorg zoveel mogelijk te voorkomen en fraude aan te pakken.
  • –  Het stimuleren van veilige en betrouwbare informatie-uitwisseling in de zorg, uitgaande van het eenmalig slim vastleggen en hergebruiken van informatie, in het bijzonder rondom medicatieveiligheid.
  • –  Het stimuleren van de implementatie van de algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en cybersecurity weerbaarheid in het zorgdomein.

Financieren:

  • –  Het financieren van patiënten- en gehandicaptenorganisaties om de belangen van verzekerden, waaronder patiënten in het systeem te behartigen en hen goed te informeren.
  • –  Het financieren van ZBO’s (CAK, NZa, ZiNL, CSZ) om hun wettelijke verantwoordelijkheid in het zorgstelsel invulling te kunnen geven.
  • –  Het financieren van projecten en onderzoek op het gebied van gezondheid, preventie en zorg (ZonMw).
  • –  Het financieren van agentschappen (CIBG, RIVM) om hun taken in het zorgstelsel uit te voeren.
  • –  Het financieren van betrokken partijen met een subsidie om informatie over de kwaliteit van het zorgaanbod snel te ontsluiten voor patiënten.
  • –  Het financieren van instrumenten om personeel in de zorg goed op te leiden en bij te scholen (Stagefonds, kwaliteitsimpuls ziekenhuispersoneel, subsidieregelingen opleidingen publieke gezondheidszorg en jeugd-ggz).
  • –  Het financieren van zorg en welzijn in Caribisch Nederland.
  • –  Het leveren van een financiële bijdrage aan een veilige en betrouwbare informatie-uitwisseling in de zorg.

Regisseren:

  • –  Het regisseren van een stevige positie van de patiënt in het zorgstelsel door wet- en regelgeving en toepassing en handhaving daarvan, zoals de Wet BIG.
  • –  Regisseren dat alle betrokken partijen in de zorg in staat zijn hun verantwoordelijkheid in het zorgstelsel waar te maken.
  • –  Het regisseren van goed bestuur in de zorg en het toezicht daarop.
  • –  Het regisseren van de dialoog tussen betrokken partijen, gericht op de toekomstige (arbeidsmarkt-) uitdagingen.
  • –  Het regisseren van de verlaging van regeldruk in de zorg.
  • –  Het voorkomen van systeemrisico’s bij financiering in de zorg.
  • –  Het ontwikkelen van een wettelijk kader voor de taken van ondermeer NZa en ZiNL.
  • –  Het regisseren van de totstandkoming van een passend aanbod van (jeugd)zorg in Caribisch Nederland.
  • –  Het regisseren van betrokken partijen om het aanbod van (jeugd)zorg in Caribisch Nederland te verbeteren. Wat de zorg betreft conform de aanbevelingen van de Commissie Goedgedrag en wat jeugd betreft conform de bestuurlijke afspraken uit 2009, En beiden conform de door het kabinet overgenomen aanbevelingen uit de beleidsdoorlichting 2011–2015 die in 2016 is afgerond.
  • –  Het regisseren van de totstandkoming, implementatie en monitoring van een ketenbrede aanpak voor preventie, toezicht, opsporing en handhaving om rechtmatige zorg te bevorderen.
  • –  Het regisseren een basisinfrastructuur in de zorg en de samenwerking in het veld via het informatieberaad op het gebied van regie over eigen gegevens, delen van zorginformatie, inzicht in beleidseffecten en veilig en betrouwbaar gegevens delen.

3. Beleidswijzigingen

Positie cliënt

De beleidsdoorlichting op dit artikelonderdeel (TK 32 772, nr. 10) leidt tot een herzien beleidskader subsidiëring van patiënten- en gehandicaptenorganisaties per 1 januari 2019. Zoals toegezegd in het AO patiënten- en cliëntenrechten van 22 februari 2017 is het rapport met de opbrengsten rond de zomer van 2017 worden aangeboden. De beleidsinhoudelijke reactie volgt in een later stadium.

Diverse trends in de zorg, zoals digitalisering en versnelling van de maatschappij, leiden er toe dat het nodig is om meer rekening te houden met Nederlanders, door alle geledingen van de samenleving heen, die beperkte gezondheidsvaardigheden hebben. Eén op de drie Nederlanders heeft problemen met het vinden, begrijpen, beoordelen en/of toepassen van informatie en één op de twee Nederlanders heeft moeite met eigen regie over gezondheid, ziekte en zorg. Er moet meer aandacht worden besteed aan mensen die niet in staat zijn om de eigen regie te pakken. Samen met partijen in de curatieve zorg wordt de oprichting van een samenwerkingsverband beperkte gezondheidsvaardigheden verkend, is via ZonMw-onderzoek uitgezet met onder meer als doel om in kaart te brengen op welke wijze zorgverleners in de curatieve zorg beter aan kunnen sluiten bij mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden en wordt onderzocht wat we moeten doen om begrijpelijker te communiceren. In 2018 zal hier verder vervolg aan worden gegeven.

Kwaliteit, transparantie en kennisontwikkeling

Als een patiënt kan kiezen tussen verschillende behandelingen dan zijn de mogelijke uitkomsten van belang. De ene patiënt wil bijvoorbeeld weer lopend boodschappen kunnen doen bij de eigen buurtsuper en een andere patiënt wil een marathon kunnen lopen. De patiënt heeft nu nog beperkt zicht op dit soort uitkomsten. Het aantal uitkomstindicatoren is in de afgelopen drie jaar weliswaar gestegen naar 15%, maar door patiënten gerapporteerde uitkomsten maken nog nauwelijks deel uit van verplichte transparantie. Juist de stem van de patiënt over de uitkomsten van de behandeling moet gehoord worden. Er moet nog veel gebeuren om inzicht in voor patiënten relevante uitkomsten te vergroten. In de brief Uitkomsttransparantie voor samen beslissen (TK 31 765, nr. 263) zijn maatregelen vermeld waarmee binnen vijf jaar voor ruim de helft van de ziektelast inzicht bestaat in uitkomsten die ertoe doen voor patiënten. In 2018 zijn de uitkomsten bekend van de pilot met internationale standaarden voor het meten van uitkomsten en wordt besloten of deze standaarden in Nederland gebruikt gaan worden.

Inrichten uitvoeringsactiviteiten

Er is aan de Kamer een voorstel voor wijziging van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) en enkele andere wetten voorgelegd in verband met aanpassingen van de tarief- en prestatieregulering en het markttoezicht op het terrein van de gezondheidszorg (TK 34 445). Hiermee wordt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) duidelijker gepositioneerd en wordt voor de sector duidelijker dat VWS beleid maakt en dat de NZa alleen aangesproken kan worden op de wijze waarop zij uitvoering geeft aan dit beleid.

Arbeidsmarktagenda

Op 12 juli 2017 hebben Actiz, NVZ, BTN, FNV, CNV, de Mbo-raad en VWS de arbeidsmarktagenda «Aan het werk voor ouderen» ondertekend. Een aantal enthousiaste partijen is de afgelopen periode met elkaar gestart. Maar ook veel andere partijen willen graag gaan aansluiten en dat gaat de komende periode ook gebeuren. De agenda is nadrukkelijk een startpunt van de samenwerking. Partijen zijn aan de slag om deze bestuurlijke afspraken concreet vorm te geven. Zowel landelijk als in de regio. In concrete regionale bestuurlijke afspraken naar voorbeeld van het initiatief in Noord-Brabant (www.zonderzorg2020.nl). Daar hebben partijen afspraken gemaakt over bijvoorbeeld het streven naar 15 opleidingsplaatsen op elke 100 zorginhoudelijke werkers, een verhoging van de instroom van jongeren in 2018 met 15%, of een verhoging van het opleidingsrendement naar 80% met kwalitatieve stages, leerwerkplekken en begeleiding. Dergelijke afspraken worden op dit moment gemaakt en opgepakt in alle arbeidsmarktregio’s van VWS, ondersteund door RegioPlus. Ook de landelijke sociale partners, onderwijs en andere partijen werken aan een concrete uitwerking van de 11 actielijnen.

Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG)

De doelstelling van de Wet BIG is tweeledig: het bewaken en bevorderen van de kwaliteit van de beroepsuitoefening en het beschermen van de patiënt tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen door beroepsbeoefenaren in de individuele gezondheidszorg. Mede naar aanleiding van de evaluatie van de Wet BIG is een voorstel gedaan om de wet op een aantal punten te wijzigen. Deze wijzigingen hebben betrekking op onder andere het tuchtrecht, de cosmetische sector en de beroepenregulering, zoals het actualiseren van de deskundigheidsgebieden en het onderscheid maken tussen de mbo- en hbo-opgeleide verpleegkundige. De wijzigingen rondom het tuchtrecht en de cosmetische sector zijn in 2017 aan de Kamer aangeboden en op voorwaarde van tijdige instemming door de Kamers kunnen ze in 2018 worden geïmplementeerd.

4. Tabel budgettaire gevolgen van beleid

Begrotingsuitgaven (bedragen x € 1.000)
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Verplichtingen

937.310

888.347

934.428

1.007.077

1.052.832

921.864

875.293

                   

Uitgaven

879.449

1.007.437

1.083.233

1.070.693

1.052.831

1.036.360

965.650

Waarvan juridisch verplicht (%)

   

98,7%

       
                   

1. Positie cliënt

24.859

30.785

26.110

27.185

27.186

27.190

27.190

                   
 

Subsidies

17.883

20.930

19.893

20.958

20.959

20.962

20.962

   

Patiënten- en gehandicaptenorganisaties

17.541

20.750

19.893

20.958

20.959

20.962

20.962

   

Overig

342

180

0

0

0

0

0

                   
 

Opdrachten

6.906

9.855

6.217

6.227

6.227

6.228

6.228

   

Ondersteuning cliëntorganisaties

2.437

3.560

3.847

4.000

4.000

4.000

4.000

   

Overig

4.469

6.295

2.370

2.227

2.227

2.228

2.228

                   
 

Bijdragen aan agentschappen

70

0

0

0

0

0

0

   

Overig

70

0

0

0

0

0

0

                   

2. Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarkt

393.142

451.748

512.678

510.599

503.108

496.196

428.704

                   
 

Subsidies

376.410

429.942

491.226

488.447

480.890

473.977

406.485

   

Stageplaatsen zorg / Stagefonds

107.881

112.000

112.000

112.000

112.000

112.000

112.000

   

Publieke Gezondheidszorgopleidingen

16.172

21.000

21.000

21.000

21.000

21.000

21.000

   

Vaccinatie stageplaatsen zorg

4.086

4.700

4.700

4.700

4.700

4.700

4.700

   

Opleiding tot verpleegkundig specialist/physician assistant

22.227

26.800

32.800

38.800

38.800

38.800

38.800

   

Opleidingsplaatsen jeugd ggz

845

1.500

1.500

1.500

1.500

1.500

1.500

   

Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg

194.024

200.000

200.000

200.000

200.000

200.000

200.000

   

Versterking regionaal onderwijs- en arbeidsmarktbeleid

8.078

11.500

11.500

11.500

11.500

11.500

11.500

   

Arbeidsmarktagenda (sectorbreed)

9.934

25.000

25.000

15.000

7.000

0

0

   

Arbeidsmarktagenda (verpleeghuizen)

0

5.000

67.500

67.500

67.500

67.500

0

   

Verpleegkundige vervolgopleidingen in een veranderend zorglandschap

0

3.000

8.000

8.000

8.000

8.000

8.000

   

Overig

13.163

19.442

7.226

8.447

8.890

8.977

8.985

                   
 

Opdrachten

4.517

7.541

9.509

10.210

10.276

10.277

10.277

   

Opleidingen & beroepenstructuur

1.192

5.000

5.000

5.000

5.000

5.000

5.000

   

Overig

3.325

2.541

4.509

5.210

5.276

5.277

5.277

                   
 

Bijdragen aan agentschappen

12.215

14.265

10.204

10.203

10.203

10.202

10.202

   

CIBG: Bijdrage voor onder andere BIG-register en WNT

12.215

13.765

9.704

9.703

9.703

9.702

9.702

   

RIVM: opleiding publiekegezondheidssector en kosten van ziekten

0

500

500

500

500

500

500

                   
 

Bijdragen aan ZBO's/RWT's

0

0

1.739

1.739

1.739

1.740

1.740

   

ZiNL: sectie Zorgberoepen en opleidingen

0

0

1.739

1.739

1.739

1.740

1.740

                   

3. Kwaliteit, transparantie en kennisontwikkeling

134.188

172.981

194.062

183.250

164.434

150.162

139.365

                   
 

Subsidies

13.047

23.197

30.929

27.247

17.737

17.737

17.737

   

Nivel

5.710

5.682

5.122

4.993

4.993

4.993

4.993

   

Programma Innovatie en Zorgvernieuwing

1.770

3.784

11.857

8.895

0

0

0

   

Nictiz

0

5.432

5.500

5.500

5.500

5.500

5.500

   

Transparantie kwaliteit van zorg

3.784

5.000

5.000

5.000

5.000

5.000

5.000

   

Rechtmatige zorg

0

0

1.395

885

395

395

395

   

Overig

1.783

3.299

2.055

1.974

1.849

1.849

1.849

                   
 

Opdrachten

590

4.277

5.442

5.092

3.022

3.022

3.022

   

Programma Innovatie en Zorgvernieuwing

506

1.314

1.314

1.314

0

0

0

   

Verminderen ervaren regeldruk

0

0

345

345

345

345

345

   

Rechtmatige zorg

0

0

374

74

74

74

74

   

Overig

84

2.963

3.409

3.359

2.603

2.603

2.603

                   
 

Bijdragen aan agentschappen

1.453

4.967

9.644

9.627

9.277

9.277

9.277

   

CIBG: WTZi, JMV, UZI en SVB-Z

1.274

3.790

7.851

7.851

7.851

7.851

7.851

   

Overig

179

1.177

1.793

1.776

1.426

1.426

1.426

                   
 

Bijdragen aan ZBO's/RWT's

119.098

140.540

148.047

141.284

134.398

120.126

109.329

   

ZonMw: programmering

119.098

140.068

148.047

141.284

134.398

120.126

109.329

   

Overig

0

472

0

0

0

0

0

                   

4. Inrichten uitvoeringsactiviteiten

214.965

230.636

231.654

227.933

233.138

234.017

237.687

                   
 

Opdrachten

186

405

456

456

456

456

456

   

Uitvoering Wtcg

172

0

0

0

0

0

0

   

Overig

14

405

456

456

456

456

456

                   
 

Bijdragen aan ZBO's/RWT's

214.779

230.201

231.168

227.447

230.152

231.031

234.701

   

CAK

87.435

119.335

118.844

117.844

120.282

122.796

122.802

   

NZa

54.821

57.866

58.755

56.031

56.077

56.081

56.083

   

Zorginstituut Nederland

70.016

50.396

50.749

50.618

50.716

48.955

52.617

   

CSZ

2.500

2.604

2.820

2.954

3.077

3.199

3.199

   

Overig

7

0

0

0

0

0

0

                   
 

Bijdragen aan andere begrotingshoofdstukken

0

30

30

30

2.530

2.530

2.530

   

EZ: ACM

0

0

0

0

2.500

2.500

2.500

   

Overig

0

30

30

30

30

30

30

                   

5. Zorg, welzijn en jeugdzorg op Caribisch Nederland

110.954

118.952

118.729

121.726

124.965

128.795

132.704

                   
 

Bekostiging

110.954

118.952

118.729

121.726

124.965

128.795

132.704

   

Zorg en welzijn

110.954

118.952

118.729

121.726

124.965

128.795

132.704

   

Overig

0

0

0

0

0

0

0

                   

6. Voorkomen oneigenlijk gebruik en aanpak fraude

1.341

2.335

0

0

0

0

0

                   
 

Subsidies

1.028

1.500

0

0

0

0

0

   

Overig

1.028

1.500

0

0

0

0

0

                   
 

Opdrachten

313

835

0

0

0

0

0

   

Overig

313

835

0

0

0

0

0

                   

Ontvangsten

11.375

86.860

68.860

64.760

64.760

64.760

64.760

   

Wanbetalers en onverzekerden

0

77.002

64.002

59.902

59.902

59.902

59.902

   

Overig

11.375

9.858

4.858

4.858

4.858

4.858

4.858

Bovenstaande informatie is bedoeld voor de Staten-Generaal. Aan dit overzicht kunnen geen rechten worden ontleend.

Budgetflexibiliteit

Subsidies

Van het beschikbare budget voor 2018 van € 542 miljoen is 98,2% juridisch verplicht. Het betreft de subsidies aan patiënten- en gehandicaptenorganisaties, subsidies opleidingen, beroepen en arbeidsmarktbeleid, subsidie aan Nivel, subsidies transparantie kwaliteit van zorg en aan het programma innovatie en zorgvernieuwing.

Bekostiging

Van het beschikbare budget voor 2018 van € 118,7 miljoen is 100% verplicht. Het betreft de bekostiging van de zorg, welzijn en jeugdzorg van Caribisch Nederland.

Opdrachten

Van het beschikbare budget voor 2018 van € 21,6 miljoen is 98,8% juridisch verplicht. Het betreft onder andere opdrachten gericht op de ondersteuning van patiënten- en cliëntenorganisaties, arbeidsmarktonderzoek en opdrachten gericht op het programma innovatie en zorgvernieuwing.

Bijdragen aan agentschappen

Van het beschikbare budget voor 2018 van € 19,8 miljoen is 99% juridisch verplicht.

Bijdragen aan ZBO’s/RWT’s

Van het beschikbare budget voor 2018 van € 381 miljoen is 99% juridisch verplicht.

Bijdragen aan andere begrotingshoofdtukken

Van het beschikbare budget voor 2018 van € 30.000 is 100% juridisch verplicht.

5. Toelichting op de instrumenten

1. Positie cliënt

Subsidies

Patiënten- en gehandicaptenorganisaties

Drie koepelorganisaties en circa 200 landelijke pg-organisaties ontvangen subsidie voor belangrijke functies zoals informatievoorziening, lotgenotencontact en belangenbehartiging (€ 19,9 miljoen in 2018).

Opdrachten

Ondersteuning cliëntenorganisaties

Met PGO-support, een onafhankelijke netwerkorganisatie die versterking en ondersteuning biedt aan patiënten- en gehandicaptenorganisaties, is een overeenkomst gesloten voor de ondersteuning van de cliëntenorganisaties (€ 3,8 miljoen in 2018).

2. Opleidingen, Beroepenstructuur en Arbeidsmarkt

Subsidies

Opleidingen

  • – 

    Stageplaatsen zorg/Stagefonds

    Zorginstellingen worden met de Subsidieregeling stageplaatsen zorg II gestimuleerd tot het aanbieden van voldoende stageplaatsen. Onvoldoende aanbod van stageplekken beperkt de instroom in zorgopleidingen of vertraagt de opleiding. Met het oog op de stijgende vraag wordt het aanbieden van stageplaatsen voor een aantal specifieke verpleegkundige en verzorgende opleidingen extra gestimuleerd door voor het studiejaar 2017–2018 een groter deel van het totale budget van € 112 miljoen voor deze opleidingen ter beschikking te stellen.

  • – 

    Publieke Gezondheidszorgopleidingen

    Op grond van de regeling kan een subsidie worden verstrekt aan opleidingsinrichtingen die een opleiding tot arts maatschappij en gezondheid voor de profielen infectieziektebestrijding, jeugdgezondheidszorg, medische milieukunde en tuberculosebestrijding verzorgen. De regeling heeft als doel te stimuleren dat voldoende gespecialiseerde artsen worden opgeleid voor de uitvoering van de Wet publieke gezondheidszorg en de Jeugdwet. In 2018 is hiervoor € 21 miljoen beschikbaar.

  • – 

    Vaccinatie stageplaatsen zorg

    De subsidieregeling vaccinatie stageplaatsen zorg draagt eraan bij dat jaarlijks 30 à 35 duizend stagiairs voorafgaand aan hun stage gevaccineerd worden tegen hepatitis B. Dit komt ten goede aan de volksgezondheid en voorkomt studie-uitval of -vertraging. In 2018 is hiervoor € 4,7 miljoen beschikbaar.

  • – 

    Opleiding tot verpleegkundig specialist/physician assistant

    Nieuwe beroepsbeoefenaren (verpleegkundig specialisten (VS) en physician assistants (PA)) worden opgeleid om minder complexe en routinematige taken van de huisarts of de specialist over te nemen. Er komen meer opleidingsplaatsen voor deze nieuwe beroepen. De laatste evaluatie van de subsidieregeling door het Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt laat zien dat de instroom van 465 in studiejaar 2015–2016 is gestegen naar 584 in studiejaar 2016–2017. Volgens de laatste cijfers van het Landelijk Platform PA/VS stijgt de instroom in studiejaar 2017–2018 naar 670. Voor 2018 is hiervoor een bedrag van € 32,8 miljoen beschikbaar.

  • – 

    Opleidingsplaatsen jeugd ggz

    De regeling heeft als doel te borgen dat zorgverleners in de jeugd ggz tijdens hun opleiding ook praktijkervaring in deze sector kunnen opdoen. Het beleid achter de subsidieregeling Opleidingen in een Jeugd ggz-instelling is geëvalueerd in de evaluatie Beschikbaarheidsbijdragen voor medische vervolgopleidingen. In 2018 is hiervoor € 1,5 miljoen beschikbaar.

Arbeidsmarkt

  • – 

    Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg

    Met de totstandkoming van het Zorgakkoord in april 2013 (TK 33 566, nr. 29) kwamen arbeidsvoorwaardelijke middelen uit de Zvw vrij voor de curesector. In plaats van deze rechtstreeks terug te laten vloeien naar de sector, is met de sector afgesproken deze middelen te oormerken voor opleidingen via de kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg. Doel van de Kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg is de ziekenhuizen en UMC’s te stimuleren de benodigde investeringen in het personeel te realiseren, zodat de medewerkers in staat zijn om nu en in de toekomst goede zorg te leveren. De Kwaliteitsimpuls loopt in 2017 af, maar in het onderhandelaarsakkoord medisch-specialistische zorg 2018 is overeengekomen de kwaliteitsimpuls te verlengen tot en met 2018. In 2018 is hiervoor € 200 miljoen beschikbaar.

  • – 

    Versterking regionaal onderwijs- en arbeidsmarktbeleid

    Het Zorgpact fungeert als aanjager van de regionale samenwerking tussen onderwijs, zorgaanbieders en zorginkopers. Het Zorgpact geeft goede voorbeelden een podium en stimuleert een gezamenlijke aanpak via regionale zorgpacten. Ook kijkt ze naar belemmeringen voor goede samenwerking en probeert deze op te lossen. Met de subsidie aan RegioPlus voor het programma «koersen op kansen, regionaal resultaat» investeert VWS in een goed werkende, landelijk dekkende regionale arbeidsmarktinfrastructuur. In het programma «koersen op kansen, regionaal resultaat» investeren partijen in de regio op basis van een aantal landelijk vastgestelde thema’s in regionale analyse en oplossingen op thema’s als strategisch arbeidsmarktbeleid, duurzame inzetbaarheid en kwalificeren voor zorg en welzijn. Voor de versterking van het regionaal onderwijs- en arbeidsmarktbeleid is in 2018 € 11,5 miljoen beschikbaar.

  • – 

    Arbeidsmarktagenda (sectorbreed)

    Binnen het kader van de gezamenlijke arbeidsmarktagenda «Aan het werk voor ouderen» wordt geïnvesteerd in een pakket aan maatregelen gericht op het vergroten van de instroom in de zorgsector, gekoppeld aan scholing, in goede samenhang met het onderwijs/zorgpact en de regionale afspraken in het verlengde van de arbeidsmarktagenda «Aan het werk voor ouderen». Het betreft verschillende maatregelen variërend van loopbaanadvies en begeleiding tot functiespecifieke en kwalificerende scholing. In totaal is hiervoor in 2018 € 25 miljoen beschikbaar.

  • – 

    Arbeidsmarktagenda (verpleeghuizen)

    Binnen het kader van de gezamenlijke arbeidsmarktagenda «Aan het werk voor ouderen» wordt geïnvesteerd in een pakket aan maatregelen gericht op het vergroten van de instroom in de zorgsector, gekoppeld aan scholing, in goede samenhang met het onderwijs/zorgpact en de regionale afspraken in het verlengde van de arbeidsmarktagenda «Aan het werk voor ouderen». Het betreft verschillende maatregelen variërend van loopbaanadvies en begeleiding tot functiespecifieke en kwalificerende scholing. In totaal is hiervoor in 2018 € 92,5 miljoen beschikbaar, waarvan € 67,5 miljoen specifiek voor verpleeghuizen.

Beroepenstructuur

  • – 

    Verpleegkundige vervolgopleidingen in een veranderend zorglandschap

    Steeds vaker wordt complexere zorg verleend buiten het ziekenhuis, bijvoorbeeld bij de patiënt thuis of bij de huisarts. Deze verandering leidt er toe dat gespecialiseerde verpleegkundigen op steeds meer verschillende plekken in de zorg werken. De opleidingstructuren van (verpleegkundige) vervolgopleidingen sluiten nog onvoldoende aan op deze verandering. Veel vervolgopleidingen zijn meer gericht op werken in het ziekenhuis en worden meestal ook verzorgd door ziekenhuizen. Om tekorten te voorkomen of te bestrijden gaan we samen met betrokken partijen verkennen hoe de structuur van vervolgopleidingen voor professionals die werken buiten het ziekenhuis vorm kan krijgen. In totaal is hiervoor in 2018 € 8 miljoen beschikbaar.

Overig

Via onderzoek wordt samen met sociale partners in de zorg de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt in kaart gebracht en worden prognoses gemaakt over de verachte zorgvraag en hoeveel en welk type zorgverlener daarbij past. De ingezette taakherschikking, de veranderende zorgvraag en de snelgaande veranderingen op de arbeidsmarkt vragen aanpassingen in de reguliere opleidingen en in bij- en nascholing. Ook wordt van zorgverleners steeds meer gevraagd om samen te werken over de domeinen heen en om te «zorgen voor» in plaats van «zorgen dat». In dit kader zullen verschillende innovatieve projecten worden gesubsidieerd, bijvoorbeeld het innovatieproject ziekenhuisarts en het project om kostenbewustzijn naast kwaliteit een centrale plek in de opleidingen van geneeskundig specialisten te geven. Al deze veranderingen zullen worden gefaciliteerd en bestendigd door werkgevers, opleiders en beroepsverenigingen hierin te ondersteunen.

Opdrachten

Opleidingen en beroepenstructuur

De ingezette taakherschikking en de inzet van nieuwe beroepen zoals de Bachelor Medisch Hulpverlener zal worden gemonitord en geëvalueerd. Ook wordt er geïnvesteerd in het opzetten van een onderzoeksinfrastructuur voor verpleegkundige en verzorgende. Hiervoor is in 2018 € 5 miljoen beschikbaar.

Overig

De overige bedragen worden ingezet voor de ontwikkeling van kennis en expertise op het terrein van de zorg, voor beleid en praktijk. Daarbij gaat het onder meer om bijdragen aan de onderzoeksprogramma’s van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), het Centraal Planbureau (CPB), het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS), het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en Celsus.

Bijdragen aan agentschappen

CIBG: Bijdrage voor onder andere BIG-register en toezicht en handhaving WNT

  • –  Het CIBG is verantwoordelijk voor het beheer van het BIG-register. Zowel Nederlands als buiten Nederland gediplomeerde zorgverleners kunnen zich in het BIG-register registreren. Deze gediplomeerden die in de Nederlandse gezondheidszorg willen werken moeten – op grond van de Europese richtlijn erkenning beroepskwalificaties – een aanvraag indienen voor een EU erkenning van hun beroepskwalificaties (EER gediplomeerden) dan wel een verklaring van vakbekwaamheid (niet EER gediplomeerden). Voor de procedure ten aanzien van buiten Nederland gediplomeerden ontvangt het CIBG een financiële bijdrage.
  • –  In de Wet Normering Topinkomens (WNT) is toezicht en de handhaving geregeld. Toezicht en de handhaving voor de zorg is ondergebracht bij het CIBG.

In totaal is voor al deze taken in 2018 € 9,7 miljoen gereserveerd.

3. Kwaliteit, transparantie en kennisontwikkeling

Subsidies

Nivel

Voor onderzoek naar de effectiviteit en de kwaliteit van de gezondheidszorg in Nederland en (de relatie tussen) de verschillende partijen in de zorg wordt subsidie verleend (€ 5,1 miljoen in 2018) aan het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg (Nivel). Het Nivel ontwikkelt en beheert hiertoe databases, panels en monitors.

Programma Innovatie en Zorgvernieuwing

De activiteiten zijn gericht op het bereiken van de drie doelstellingen die het kabinet in 2014 heeft geformuleerd ter ondersteuning van de brede maatschappelijke beweging naar meer zelfredzaamheid, meer zelfregie en meer zelfzorg. Voor het bereiken van een verbeterde informatiepositie van burgers, verbeterde informatie-uitwisseling tussen zorgverleners en brede beschikbaarheid van e-health-toepassingen als telemonitoring, beeldschermzorg en domotica worden door het programma Innovatie en Zorgvernieuwing subsidies verstrekt aan initiatieven die aan deze doelen bijdragen. Zo vindt in 2018 opnieuw een e-health week (EHW2018) plaats en financiert VWS samen met Zorgverzekeraars Nederland, financiering plaats van het programma MedMij. In dit programma onder voorzitterschap van de Patiëntenfederatie Nederland worden de eisen en standaarden ontwikkeld waaraan digitale persoonlijke gezondheidsomgevingen moeten voldoen, gebruik makend van koploperervaringen uit de praktijk.

Totaal is er in 2018 voor het programma Innovatie en Zorgvernieuwing € 11,9 miljoen gereserveerd voor subsidies.

Nictiz

Het Nationaal ICT Instituut in de Zorg (Nictiz) is het landelijke expertisecentrum dat ontwikkeling van ICT in de zorg faciliteert. Voor de invulling van de coördinerende functie die Nictiz heeft bij de ontwikkeling van ICT- en informatiestandaarden en implementatieondersteuning bij het gebruik van deze standaarden is in 2018 een bedrag van € 5,5 miljoen beschikbaar. Om de zorgsector te ondersteunen bij de efficiënte inzet van eHealth, analyseert en duidt Nictiz ontwikkelingen in het gebruik van ICT in de zorg. Tevens fungeert Nictiz als nationaal en internationaal kennis- en expertisecentrum en vervult het een verbindende rol bij de ontwikkeling en het gebruik van ICT in de zorg.

Transparantie kwaliteit van zorg

Het Kwaliteitsinstituut, als onderdeel van het Zorginstituut, heeft met betrekking tot transparantie een belangrijke rol en is daarom gemandateerd (Staatscourant 27102, nr. 1) voor het verstrekken van subsidies voor de stimulering van de transparantie over de kwaliteit van zorg (Staatscourant 26926) (€ 5 miljoen).

Rechtmatige zorg

Een verdere verbetering van rechtmatigheid in de zorg vraagt een integrale aanpak waarin elke partij in de keten zijn verantwoordelijkheid neemt. VWS zet hier op in door het programmaplan Rechtmatige Zorg: aanpak fouten en fraude 2015–2018 (TK 28 828, nr. 89), samen met veldpartijen, uit te voeren. VWS heeft afwisselend de rol van financier, aanjager, trekker of monitor van activiteiten. De verschillende activiteiten in het programmaplan voorzien in een samenhangende aanpak op de thema’s: samenwerking, preventie, controle en handhaving. Het gaat hierbij onder andere om één centraal meldpunt voor alle meldingen van fraude in de zorg en het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ), maar ook om ondersteuning van gemeenten bij fraudepreventie en handhaving in het gemeentelijk domein en de inzet van een pool van onafhankelijk deskundige artsen ten behoeve van mogelijke inzet bij strafrechtelijke onderzoeken. In het najaar van 2017 komt de zesde voortgangsrapportage Rechtmatige Zorg beschikbaar. Het is aan het volgende kabinet om te bepalen hoe dit programma na 2018 een vervolg krijgt.

Overig

  • – 

    Big data

    In het najaar van 2017 volgt een kamerbrief met visie op big data. In navolging van deze brief is in 2018 € 1 miljoen voor het zorgveld beschikbaar om vervolgstappen te zetten. Verwachting is dat daar in ieder geval de ethische aspecten van big data en privacy een belangrijke rol zullen spelen.

  • – 

    Informatiebeveiliging en cybersecurity

    Voor de oprichting van een Computer Emergency en Response Team voor zorg (Z-ERT) is in 2018 € 0,4 miljoen beschikbaar in de vorm van een start subsidie. De Z-ERT kan bij cyberincidenten snel in actie komen en deelt kennis om de impact van incidenten te beperken, zoals diefstal en gijzeling van patiënt- en personeelsgegevens en verstoring van ICT-systemen. Voor verdere uitwerking en implentatie van het Actieplan (informatie)beveiliging is in 2018 € 0,2 miljoen beschikbaar.

  • – 

    Werkorganisatie Informatieberaad Zorg (WIZ)

    De werkorganisatie Informatieberaad zal in 2018 naast externe kennis en capaciteit ook de leden van het Informatieberaad (de bureau’s van de koepels en brancheorganisaties) direct moeten kunnen steunen bij het vertalen van de afspraken naar de consequenties voor hun sector en achterban. Daarvoor is € 0,5 miljoen beschikbaar voor subsidies.

  • – 

    Veilige gegevensuitwisseling en authenticatie in de zorg

    Zorgpartijen hebben een gezamenlijk plan opgesteld voor de implementatie van gespecificeerde toestemming zoals bepaald in het wetsvoorstel Cliëntenrechten bij elektronische verwerking van gegevens. Voor de uitvoering van dit plan is voor de periode 2016–2018 een subsidie beschikbaar gesteld van in totaal € 1,9 miljoen. In 2018 is € 0,1 miljoen beschikbaar. De toename van elektronische informatie-uitwisseling in de zorg en de groei in het gebruik van e-health toepassingen vragen om een veilige en betrouwbare authenticatie door patiënten en door zorgverleners die dit thans doen met behulp van de UZI pas.

    VWS levert actief een bijdrage aan BZK voor het doorontwikkelen, implementeren en stimuleren van het gebruik van veilige authenticatie in de zorg.

Opdrachten

Programma Innovatie en Zorgvernieuwing

Binnen het programma I&Z worden activiteiten uitgevoerd waarvoor in 2018 aan diverse partijen opdrachten worden verstrekt. Hiervoor is € 1,3 miljoen beschikbaar. Ingezet wordt enerzijds op vergroting van kennis over toepassingsmogelijkheden en nieuwe vormen van zorgorganisatie en anderzijds op het vergroten van de opschalingspotentie van veelbelovende initiatieven. Zo worden in 2018 e-health bijeenkomsten georganiseerd, wordt bijgedragen aan het vergroten van digitale vaardigheden van burgers en zorgprofessionals en worden ervaringsdeskundigen geschoold in het participeren in zorginnovatieprocessen.

Doelstelling is om in 2018 minimaal drie Health Deals te sluiten. Een Health Deal is een samenwerkingsconvenant waar EZ, VWS samen met veldpartijen bestaande drempels in wetgeving, bekostiging en/of adoptie voor kansrijke zorginnovaties wegnemen.

Verminderen ervaren regeldruk

Om de regeldruk bij zorgprofessionals in 2018 verder merkbaar te verminderen zetten we in tenminste vijf sectoren een maatwerkaanpak in, bijvoorbeeld in de ggz, bij apothekers en bij fysiotherapeuten. Hierbij worden door (zorg)professionals aangedragen concrete knelpunten samen met betrokken partijen (bijvoorbeeld zorgaanbieders, verzekeraars, gemeenten, toezichthouders en VWS) aangepakt. Vervolgens wordt met inzichtelijk gemaakt of de aanpak ook daadwerkelijk tot merkbaar minder regeldruk leidt. Zie voor een nadere toelichting de voortgangsrapportage Merkbaar minder regeldruk van 24 mei 2017 (TK 29 515, nr. 416).

Overig

  • – 

    Big data

    In het najaar van 2017 volgt conform eerdere toezeggingen een kamerbrief met visie op big data. In navolging van deze brief is voor 2018 en verder € 1 miljoen beschikbaar om vervolgstappen te zetten. De verwachting is dat daarbij in ieder geval de ethische aspecten van big data en privacy een belangrijke rol zullen spelen.

  • – 

    Werkorganisatie Informatieberaad Zorg (WIZ)

    In 2018 gaat de «Werkorganisatie Informatieberaad Zorg (WIZ)» aan de slag. Hiermee wordt kennis en capaciteit beschikbaar gesteld aan de leden van het Informatieberaad die de ambities en afspraken van het Informatieberaad vertalen naar de activiteiten en implementatieplannen die voor alle sectoren opgesteld zullen moeten worden. Hiervoor is structureel jaarlijks € 1 miljoen beschikbaar voor opdrachten.

  • – 

    Informatieberaad

    Het Informatieberaad komt ook in 2018 minstens 4 maal per jaar bijeen. Om de besluitvorming in goede onderlinge afstemming met de leden, het veld en internationale gremia voor te bereiden, is voor 2018 € 1,2 miljoen beschikbaar. Er is € 0,1 miljoen bestemd voor het begeleiden van de verschillende gremia onder het Informatieberaad, € 0,3 miljoen voor communicatie en € 0,7 miljoen voor onderzoek en advies van experts op de te nemen besluiten.

    Daarnaast is voor 2017 en voor 2018 € 44.000,- beschikbaar voor aansluiting op internationale gremia.

  • – 

Bijdragen aan agentschappen

CIBG: Bijdrage voor WTZi (toelatingen), Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording (JMV), UZI-register en SBV-Z:

  • –  Instellingen die zorg willen aanbieden die op grond van de Zorgverzekeringswet of Wet langdurige zorg voor vergoeding in aanmerking komt, dienen op grond van de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) een toelating te hebben. De uitvoering van de WTZi (toelatingen) vindt plaats bij het CIBG. Aan de Tweede Kamer is toegezegd dat de WTZi wordt aangepast om scherper toezicht op kwaliteit te houden (TK 31 765, nr. 116).
  • –  Via het Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording (JMV) verantwoorden zorgaanbieders zich jaarlijks over de geleverde (financiële) prestaties. Alle partijen die een rol spelen binnen het zorgstelsel hebben toegang tot deze uniforme, digitale informatie via www.jaarverslagenzorg.nl.
  • –  Het UZI-register (Unieke Zorgverlener Identificatie register) van het CIBG verstrekt UZI-passen aan zorgaanbieder en indicatieorganen waarmee unieke identificatie van zorgaanbieders en indicatieorganen in de zorg mogelijk wordt gemaakt.
  • –  De Sectorale Berichten Voorziening in de Zorg (SBV-Z) van het CIBG is een betrouwbare bron voor het leveren van burgerservicenummers (BSN’s) aan de zorgsector.

Bijdragen aan ZBO’s/RWT’s

ZonMw

ZonMw is een intermediaire organisatie die op programmatische wijze projecten en onderzoek op het gebied van gezondheid, preventie en zorg laat uitvoeren. ZonMw bewaakt daarbij de kwaliteit, relevantie en samenhang. In onderstaande tabel zijn de activiteiten uitgesplitst naar de verschillende beleidsterreinen waarop de programma’s bij ZonMw betrekking hebben.

Overzichtstabel geraamde programma-uitgaven ZonMw 2018–2022 (Bedragen x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

Totaal ZonMw

148.047

141.284

134.398

120.126

109.329

Artikel 1 Volksgezondheid: onder andere Preventieprogramma's, programma’s Jeugdgezondheid, Antibioticaresistentie, Infectieziektebestrijding, Memorabel 2 en Translationeel Adult Stamcelonderzoek

23.472

26.092

25.026

27.010

27.194

Artikel 2 Curatieve zorg: onder andere Doelmatigheidsonderzoek, Goed Gebruik Geneesmiddelen, Topzorg, Citrienfonds, Verwarde personen, Gender en gezondheid, Memorabel 2, Programma Translationeel Onderzoek 2 (PTO2), Zwangerschap en geboorte en onderzoeksprogramma ggz

76.169

79.774

76.349

67.028

58.326

Artikel 3 Langdurige zorg en ondersteuning: onder andere Nationaal Programma Ouderenzorg, Palliantie, meer dan Zorg , «Gewoon Bijzonder»: nationaal programma gehandicapten, Memorabel 2, Domein overstijgende regionale samenwerking en Active and Assisted Living

26.976

24.361

22.298

18.611

18.453

Artikel 5 Jeugd: onder andere Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd en Effectief Werken in de Jeugdsector

6.784

4.688

5.638

4.271

4.020

Artikel 6 Sport en bewegen: onder andere Onderzoeksprogramma Sport, Kennis- en innovatieagenda sport en Sportimpuls

14.647

6.369

5.087

3.206

1.337

Op de andere begrotingsartikelen staan ook begrotingsposten op het gebied van Kennisontwikkeling en innovatie, bijvoorbeeld RIVM (artikel 1), Nivel (artikel 2), Vilans (artikel 3) en Movisie (artikel 3).

4. Inrichten uitvoeringsactiviteiten

Bijdragen aan ZBO’s/RWT’s

CAK

Het CAK voert diverse wettelijke taken uit, te weten:

  • –  de centrale betaling aan 3.500 instellingen voor langdurige zorg (namens de Wlz-uitvoerders) (Wlz);
  • –  het innen van de eigen bijdragen voor langdurige zorg (Wlz);
  • –  de uitvoering van de burgerregelingen (wanbetalers, onverzekerden, gemoedsbezwaarden, onverzekerbare vreemdelingen en de zogeheten buitenlandtaak (inclusief het Nationaal contactpunt));
  • –  uitvoering van de subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden;
  • –  het vaststellen, opleggen en innen van de eigen bijdrage maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015);
  • –  het verstrekken van de Schengenverklaringen;
  • –  het beheer van de website Regelhulp;
  • –  de afhandeling van de laatste werkzaamheden rond de per 1 januari 2014 afgeschafte Wtcg en CER.

Het beschikbare budget in 2018 is € 118,8 miljoen.

NZa

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) is belast met het toezicht op en regulering van de zorgsector en moet het algemeen consumentenbelang voorop stellen bij de uitoefening van haar taken. De taken zijn:

  • –  tarieven en prestaties in de zorg reguleren;
  • –  toezien op de rechtmatige uitvoering van de Zvw;
  • –  toezien op de rechtmatige en doelmatige uitvoering van de Wlz;
  • –  toezien op de naleving van de Wmg.

Inclusief de middelen voor het centraal meldpunt zorgfraude (€ 1 miljoen) bedraagt het beschikbare budget in 2018 circa € 58,8 miljoen.

Zorginstituut Nederland

Het Zorginstituut Nederland heeft de volgende taken:

  • –  adviseert over het verzekerde Zvw- en Wlz-pakket;
  • –  stimuleert de verbetering van de kwaliteit van de gezondheidszorg in Nederland;
  • –  zorgt er voor dat iedereen toegang heeft tot begrijpelijke en betrouwbare informatie over de kwaliteit van geleverde zorg (het Kwaliteitsinstituut);
  • –  adviseert over de gewenste ontwikkeling van beroepen en opleidingen in de gezondheidszorg (de adviescommissie Innovatie Zorgberoepen & Opleidingen);
  • –  is fondsbeheerder van het Zorgverzekeringsfonds, het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten en het Fonds Langdurige Zorg;
  • –  uitvoerder van de financiering van zorgverzekeraars uit de fondsen (in het bijzonder de risicoverevening);
  • –  bevordert de rechtmatige en doelmatige uitvoering van de Wlz.

In het regeerakkoord Rutte-Asscher is afgesproken dat het Zorginstituut Nederland jaarlijks een deel van het verzekerd pakket zal doorlichten (stringent pakketbeheer/systematische doorlichting pakket). Hiervoor wordt aan het Zorginstituut aanvullend budget beschikbaar gesteld ten behoeve van de uitbreiding van personele capaciteit en onderzoek. Het Zorginstituut heeft in een brief van 1 maart 2017 aangegeven om de aandacht van het programma te richten op het in de spreekkamer laten landen van de verbetervoorstellen.

Voor 2018 is een budget van totaal € 50,7 miljoen beschikbaar.

CSZ

Het College Sanering Zorginstellingen (CSZ) voert onder andere de meldings- en goedkeuringsregeling voor de vervreemding van onroerende zaken uit. In 2018 is hiervoor € 2,8 miljoen gereserveerd.

5. Zorg, welzijn en jeugdzorg op Caribisch Nederland

Bekostiging

Zorg en Welzijn

Sinds 1 januari 2011 is er één zorgverzekering voor iedereen in Caribisch Nederland. Dat wil zeggen dat iedereen die legaal op Bonaire, Sint Eustatius en Saba woont en/of werkt, is verzekerd van zorg. De totale geraamde kosten die naar verwachting in 2018 gemoeid zijn met de (jeugd)zorg op Caribisch Nederland bedragen circa € 118,7 miljoen. Circa € 2,3 miljoen hiervan is voor de jeugdzorg op Caribisch Nederland beschikbaar. De rest van de middelen voor de jeugdzorg, circa € 3 miljoen, worden verantwoord op artikel 10. Op alle drie de eilanden is een Centrum voor Jeugd en Gezin.

Ontvangsten

Wanbetalers en onverzekerden

De ontvangsten als gevolg van de aan wanbetalers opgelegde bestuursrechterlijke premie worden met ingang van 2012 voor 30/130ste deel toegevoegd aan de begroting van VWS. Deze ontvangsten worden gebruikt ter dekking van de uitvoeringskosten van de wanbetalersregeling.

Op grond van de Wet verbetering wanbetalersmaatregelen vloeien de bestuurlijke boeten, bedoeld in de artikelen 9b en 9c (onverzekerdenregeling), naar de ontvangsten op de VWS-begroting (artikel 9c, 4e lid, Zvw). Voor 2018 worden de totale ontvangsten op de VWS-begroting (voor zowel wanbetalers als onverzekerden) geraamd op € 64 miljoen.

Overig

Een aantal van de met de opleidingsbudgetten samenhangende subsidieregelingen komt naar verwachting niet volledig tot uitputting, vooral omdat bij de zorgopleidingen, publieke gezondheidsopleidingen en de opleidingen tot verpleegkundige specialist en physician assistant sprake is van lager dan geraamde instroom. De verleende bedragen worden daarom in de loop van het jaar verlaagd en dit leidt tot ontvangsten.