Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2018
  • Financieel jaarverslag
  • Verantwoordingsbrief
  • Jaarverslag
  • Slotwet
  • Download PDF

De Staat van Volksgezondheid en Zorg en de VWS monitor

Staat van Volksgezondheid en Zorg

In 2016 is de eerste release van de Staat van Volksgezondheid en Zorg gepubliceerd (de Staat VenZ). De Staat van VenZ (www.staatvenz.nl) presenteert actuele en eenduidige cijfers over de verschillende domeinen van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS): volksgezondheid, zorg, maatschappelijke ondersteuning en jeugd. Ook sport komt aan bod, voor zover het samenhangt met volksgezondheid en zorg. Hiermee kan het beleid van VWS worden gevolgd en verantwoord. De Staat van Volksgezondheid en Zorg wordt gemaakt door een samenwerking tussen onder andere RIVM, VWS, SCP, en CBS, onder regie van het RIVM en met VWS als opdrachtgever.

Het maken van de Staat van VenZ is een groeitraject. Alleen kerncijfers waarover overeenstemming bestaat met betrekking tot definitie, bron en de verwerking en beschikbaarheid van data zijn opgenomen. Het digitaal cijferoverzicht van de Staat van VenZ zal naar verwachting in mei 2018 het volledige terrein van volksgezondheid en zorg dekken. Het digitaal cijferoverzicht is dynamisch en daarmee nooit af.

De Staat van VenZ maakt gebruik van monitors, rapportages en websites die cijfers presenteren over Volksgezondheid en Zorg. Het digitale cijferoverzicht verwijst waar nodig en mogelijk door naar deze bronnen, waar meer informatie en duiding te vinden is. Voorheen beschreef de Volksgezondheid Toekomst Verkenning (VTV) de stand van de volksgezondheid en zorg als uitgangspunt voor verkenning van de toekomst. VTV 2018 beslaat echter exclusief de toekomst van de volksgezondheid en zorg: wat zijn de belangrijkste toekomstige ontwikkelingen en wat betekent dat voor de maatschappij. De beschrijving van de huidige stand van de volksgezondheid en zorg op nationaal niveau, zal in 2018 worden neergelegd in een rapport in het kader van de Staat VenZ. Uitgangspunten daarbij zijn dat de relatie met de VTV gewaarborgd blijft, de kerncijfers van de Staat VenZ de basis vormen en het geheel wordt aangevuld met meer duiding om een goed beeld en meer inzicht te krijgen.

VWS monitor

In 2016 is begonnen met de ontwikkeling van de VWS monitor. Het doel van deze monitor is meer inzicht te krijgen in de gesteldheid van de Nederlandse gezondheidszorg en om duidelijk maken of er reden is voor bijsturing van beleid. De VWS-monitor bevat (maatschappelijke) doelstellingen met indicatoren voor de verschillende levensfasen en heeft een signalerende werking. Via https://www.hetzorgverhaal.nl/vws-monitor-2017 is het overzicht te vinden met daarin de meest actuele cijfers en tijdreeksen van de gekozen indicatoren. De bron voor deze indicatoren is de Staat van VenZ. De keuze van indicatoren vindt daarom plaats in overleg met het samenwerkingsverband voor de Staat van VenZ.

Deze begroting bevat, conform de toezegging van het WGO jaarverslag 2016, de VWS-monitor aangevuld met een eerste proeve van enkele referentiewaarden, mede gebaseerd op het advies van de samenwerkende partijen in de Staat van VenZ. Gelet op de demissionaire status van het kabinet is er gekozen voor «referentiewaarden» in plaats van «streefwaarden». Het resultaat van deze eerste proeve is te vinden via https://www.hetzorgerhaal.nl/vws-monitor-2017. Aan de hand van enkele indicatorwaarden gerelateerd aan referentiewaarden en trends, kan een indruk worden gegeven hoe het ervoor staat met de Nederlandse gezondheidszorg en de ontwikkeling ten opzichte van de referentiewaarden. Een voorbeeld hiervan is te lezen in het tekstblok over de levensverwachting.

Wat betreft verdere aanpassingen in de monitor voor 2018 is er geen uitgebreide herziening van de monitor in de begroting opgenomen. Het eventueel herformuleren van de doelstellingen, het toevoegen van nieuwe indicatoren en streefwaarden, is aan het volgende kabinet. De cijfermatige invulling van de VWS-monitor is wel geactualiseerd.

Daarnaast is aan de samenwerkende partijen in de StaatVenZ gevraagd te reflecteren en te adviseren op de aspecten die zijn benoemd in het «Verslag van de werkgroep verbetering begroting en jaarverslag VWS» van 27 oktober 2016 (TK 31 865 nr. 87). Dit advies wordt in het najaar van 2017 aan de Tweede Kamer verzonden. Daarmee is de basis gelegd voor een verdere verbetering van de VWS monitor.

Een belangrijk onderdeel van de verdere verbetering is de wens om meer de uitkomst van de zorg in kaart te brengen. In 2018 zullen de mogelijkheden worden onderzocht van het toevoegen van geschikte en beschikbare uitkomst-indicatoren; samen met de medisch-specialistische zorg wordt er momenteel gewerkt aan het vergroten van inzicht in kwaliteit en uitkomsten van zorg en aan het meer gebruiken van uitkomstindicatoren («Onderhandelaarsakkoord medisch-specialistische zorg 2018» (TK 29 248 nr. 303) respectievelijk «Kwaliteit van Zorg» (TK 31 765 nr. 263). Daarnaast zal worden onderzocht of (uitkomsten van) zorg zinvol kunnen worden gerelateerd aan thema’s als arbeidsmarktpositie en gezondheid.

TEKSTBLOK1

In plaats van het opnemen van streefwaarden is op https://www.hetzorgverhaal.nl/vws-monitor-2017 een aantal indicatoren een referentiewaarde gegeven. Een voorbeeld is de levensverwachting bij geboorte in Nederland ten opzichte van het EU-gemiddelde.

De levensverwachting van Nederlanders (mannen en vrouwen samen) is met 81,5 jaar lager dan in een aantal andere EU-landen met een hoog nationaal inkomen. Er is echter een verschil tussen mannen en vrouwen. Vrouwen scoren rond het gemiddelde van de EU (83,5 versus 83,6 jaar), terwijl de levensverwachting van Nederlandse mannen bij de EU-top hoort (80,0 versus 78,1 jaar) (www.volksgezondheidenzorg.info). Dit wordt in belangrijke mate veroorzaakt doordat vrouwen enkele tientallen jaren terug relatief veel rookten in vergelijking met andere EU-landen. Mannen rookten destijds ook meer dan het EU-gemiddelde, maar het percentage Nederlandse rokende mannen behoorde niet tot de hoogste binnen de EU en vertoonde in vergelijking tot andere landen een scherpere daling die zich ook eerder inzette. Deze ontwikkeling zorgt bij Nederlandse (en Deense en Engelse) vrouwen momenteel nog voor een toenemende longkanker sterfte, waar die bij mannen al enige tijd daalt. Roken verhoogt onder andere de sterfte aan diverse kankers, aan hart- en vaatziekten en longziekten.

De levensverwachting van de Nederlandse man stijgt sinds 2000 iets sneller dan gemiddeld. In 2000 was de levensverwachting in Nederland voor mannen anderhalf jaar hoger dan het gemiddelde in de EU.

Tussen 2000 en 2013 ging de levensverwachting bij geboorte voor vrouwen gelijk op met het gemiddelde van de EU. De levensverwachting in Nederland is net als die in de EU in de periode 2000–2013 met ongeveer 2,5 jaar gestegen. In 1970 werden Nederlandse vrouwen nog het oudst van Europa. In de periode 1980–2000 stagneerde de levensverwachting bij vrouwen in Nederland. Dit terwijl het gemiddelde voor de EU in die periode gestaag bleef stijgen.

Maatschappelijke doelstellingen
 

Toegankelijkheid

Betaalbaarheid

Kwaliteit

Betrokken samenleving

Zorg rond de geboorte

– Optimale keuzevrijheid voor type bevalling en begeleiding / meest geschikt

– Goed geïnformeerde keuzes kunnen maken

– Een gezond kind op de wereld zetten is voor iedereen betaalbaar

– Voorkomen hoge geboortesterfte en/of

–  Perinatale sterfte zo laag mogelijk

– Snel herstel in gezinsverband

– Vroegsignalering van medische en sociale problemen

Gezond blijven

– Er is een laagdrempelige ondersteuning naar behoefte

– Er is goed aanbod van gezondheidsbevordering voor groepen

– De investering in preventie draagt bij aan voorkomen zware zorg later

– Kosteneffectiviteit preventie

– Gezond en veilig opgroeien

– Het bevorderen van een gezonde leefstijl

–  Stimuleren sociale netwerken, sport en bewegen, maatschappelijk en vrijwilligerswerk

Beter worden

– De cliënt centraal: mensen kunnen bij voldoende zorgaanbieders binnen redelijke termijn terecht

– Stijging macrokosten blijven beperkt

– Beperken stapeling eigen betalingen

– Zinnige zorg en therapietrouw

– Zorg met zo min mogelijk belasting en zo veel mogelijk resultaat voor patiënt

– Mensen herstellen snel en worden ook tijdens ziekteproces in staat gesteld te participeren

Leven met een chronische ziekte en beperkingen

– De cliënt centraal: mensen kunnen bij voldoende zorgaanbieders binnen redelijke termijn terecht

– Stijging macrokosten blijven beperkt

– Beperken stapeling eigen betalingen

– Maatwerk gericht op participatie en zelfredzaamheid

– Ervaren kwaliteit van leven

– Stimuleren maatschappelijke participatie

Zorg in de laatste fase

– De cliënt centraal: mensen kunnen bij voldoende zorgaanbieders binnen redelijke termijn terecht

– Onnodig doorbehandelen voorkomen door goede (kennis over) palliatieve zorg

– De wensen van de cliënt (welke zorg en waar) staan centraal

– Cliënten en naasten ondersteunen om laatste levensfase zo lang mogelijk in of nabij eigen sociale omgeving door te kunnen brengen

Indicatoren
 

Toegankelijkheid

Betaalbaarheid

Kwaliteit

Betrokken samenleving

Zorg rond de geboorte

– % Bereik acute verloskunde binnen 45 minuten1

– Aantal verloskundigen

– Kosten nuljarigen2

– Kosten geboortezorg

– Foetale sterfte

– Neonatale sterfte

– Moedersterfte

– % Deelname PSIE (zwangerschapsscreening)

– % Postnatale depressie

Gezond blijven

– Aantal JOGG-gemeenten (Jongeren op Gezond Gewicht, Nationaal Programma Preventie)

– Aantal JGZ organisaties

– Aanbod verslavingszorg

– Uitgaven aan preventie

– % (jongeren) met overgewicht

– % Rokers (onder jongeren)

– Levensverwachting in goed ervaren gezondheid

– % Deelname screeningen

– % Deelname sport en bewegen 12+-ers

– % Deelname sport en bewegen jongeren

Beter worden

– Wachttijden: % dat boven Treeknormen zit

– % boven 15 minuten aanrijdtijden ambulances

– Percentage van de totale collectieve uitgaven dat wordt besteed aan de gezondheidszorg

– Uitgaven aan zorg per sector (ggz, eerste lijn, MSZ)

– Aantal wanbetalers Zvw en onverzekerden

– Potentieel vermijdbare sterfte

– Zorggerelateerde schade

– Vermijdbare ziekenhuisopnamen: aantal ziekenhuisopnamen per 100.000 inwoners per jaar voor diabetes / astma / COPD / hartfalen

– Gemiddelde ligduur in ziekenhuizen

– % Ziekteverzuim

Leven met een chronische ziekte en beperkingen

– Aantal mensen met een pgb

– Gebruik zorg met verblijf en gebruik zonder verblijf (wijkverpleging)

– Wachtlijst Wlz

– Uitgaven Wlz

– Uitgaven Wmo

– Kosten per chronische ziekte (bijvoorbeeld diabetes)

– Percentage zorgverleners dat aangeeft dat de kwaliteit van zorg verleend door de eigen afdeling / team niet goed is

– % Bevolking dat een goede gezondheid ervaart

– Ziektelast naar chronische ziekte

– Verloren levensjaren uitgesplitst naar chronische ziekte

– Mensen met een lichamelijke beperking die betaald werk hebben

– Aantal mantelzorgers

– Eenzaamheid: % volwassenen dat zich eenzaam voelt

Zorg in de laatste fase

– Aanbod en gebruik palliatieve zorg

– Uitgaven laatste levensjaar

   

Noot 1: Er zijn cijfers maar (nog) niet in de Staat VenZ

Noot 2: Indicator met cijfers in de Staat VenZ

Noot 1: Met dit tekstblok wordt invulling gegeven aan een tweetal toezeggingen die zijn gedaan tijdens het Wetgevingsoverleg van 29 juni 2017 over het opnemen van referentiewaarden bij een aantal indicatoren (bij de Kamer bekend onder nummer 2017-131) en over de daling van de levensverwachting ten opzichte van het EU-gemiddelde (nummer 2017-139).