Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA)

Jaarverantwoording van het baten-lastenagentschap NVWA per 31 december 2018

Staat van baten en lasten van het baten-lastenagentschap NVWA (bedragen x € 1.000)
 

1

2

3=2–1

t-1

Omschrijving

Vastgestelde begroting 2018

Realisatie 2018

Verschil

Realisatie 2017

Baten

       

Omzet moederdepartement

151.705

159.290

7.585

137.059

Omzet overige departementen

84.491

88.817

4.326

84.368

Omzet derden

100.343

101.362

1.019

100.579

Rentebaten

0

0

0

0

Vrijval voorzieningen

0

442

442

4.656

Bijzondere baten

12.300

2.607

– 9.693

17.495

Totaal baten

348.839

352.518

3.679

344.157

         

Lasten

       

Apparaatskosten

333.073

345.312

12.239

326.721

– Personele kosten

216.142

222.927

6.785

209.024

waarvan eigen personeel

178.955

190.283

11.328

180.125

waarvan externe inhuur

27.841

24.708

– 3.133

18.658

waarvan overige pers. Kosten

9.346

7.936

– 1.410

10.241

– Materiële kosten

116.931

122.385

5.454

117.697

waarvan apparaat ICT

0

0

0

0

waarvan bijdrage SSO's

40.301

44.458

4.157

41.866

waarvan overige mat. Kosten

76.630

77.927

1.297

75.831

Rente lasten

99

67

– 32

112

Afschrijvingskosten

15.167

13.524

– 1.643

10.847

– Materieel

6.534

5.533

– 1.001

6.357

waarvan apparaat ICT

       

– Immaterieel

8.633

7.991

– 642

4.490

Overige lasten

500

290

– 210

431

– Dotatie voorzieningen

500

290

– 210

129

– Bijzondere lasten

0

0

0

302

Totaal lasten

348.839

359.193

10.354

338.111

Saldo van baten en lasten

0

– 6.675

– 6.675

6.046

Toelichting op de baten

De omzet moederdepartement is € 7,6 mln hoger dan begroot. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door een technische verschuiving. De departementale bijdrage van € 12,3 mln in de automatiseringskosten, die in de begroting onder de bijzondere baten stond, is na overleg onder omzet moederdepartement verantwoord. Daarnaast is de bijdrage afgenomen doordat een deel van de werkzaamheden voor Procesvernieuwing Informatie en ICT (PI&I) later wordt uitgevoerd.

Van de omzet moederdepartement heeft € 0,7 mln betrekking op werkzaamheden voor energie (labelling) voor het Ministerie van EZK.

Omzet moederdepartement (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2018

Realisatie

2018

Verschil realisatie en begroting

Realisatie 2017

Handhaven

76.245

103.688

27.443

1

Keuren

30.778

8.247

– 22.531

Overig

44.682

47.355

2.673

Totaal

151.705

159.290

7.585

Noot 1: Met ingang van 2018 is de producten- en dienstencatalogus (PDC) van de NVWA aangepast. Er zijn daardoor geen realisatiegegevens 2017 beschikbaar.

In de oorspronkelijke begroting 2018 is abusievelijk een onjuiste verdeling van de omzet tussen Handhaven en Keuren opgenomen. De verdeling had moeten zijn: Handhaven € 99,260 mln en Keuren € 7,763 mln. De verschillen met de realisatie zijn dan: Handhaven + € 4,428 mln en Keuren – € 0,484 mln.

Omzet overige departementen

De omzet overige departementen is € 4,3 mln hoger dan begroot. Deze toename is vooral het gevolg van een hogere bijdrage van VWS van € 3,6 mln in verband met aanvullende werkzaamheden, loon- en prijsbijstelling en de realisatie van doorgeschoven werkzaamheden uit 2017. De omzet voor provincies is € 1 mln hoger dan begroot door meer inzet voor het Agrarisch natuur- en landschapsbeheer. De omzet Diergezondheidsfonds valt € 0,3 mln lager uit dan begroot.

Omzet overige departementen (bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting 2018

Realisatie

2018

Verschil realisatie en vastgestelde begroting

Realisatie 2017

Handhaven

52.810

75.616

22.806

1

Keuren

21.318

1.359

– 19.959

Overig

10.363

11.842

1.479

Totaal

84.491

88.817

4.326

Noot 1: Met ingang van 2018 is de PDC van de NVWA aangepast. Er zijn daardoor geen realisatiegegevens 2017 beschikbaar.

In de oorspronkelijke begroting 2018 is abusievelijk een onjuiste verdeling van de omzet tussen Handhaven en Keuren opgenomen. Verdeling had moeten zijn: Handhaven € 72,306 mln en Keuren € 1,822 mln. De verschillen met de realisatie zijn dan: Handhaven +€ 3,310 mln en Keuren -€ 0,463 mln.

Omzet derden

De omzet derden is € 1,0 mln hoger dan begroot door met name hogere opbrengsten uit retributies Kwaliteitskeuring Dierlijke Sector (KDS) (€ 1,2 mln) enerzijds en een afname van overige opbrengsten derden (€ 0,2 mln) anderzijds.

Vrijval voorzieningen

Als gevolg van een herziene beoordeling van de juridische claims valt ruim € 0,4 mln vrij ten gunste van het resultaat.

Bijzondere baten

De bijzondere baten vallen € 9,7 mln lager uit dan begroot, voornamelijk door de bij omzet moederdepartement aangegeven technische verschuiving.

Toelichting op de lasten

Personele kosten

De personele kosten zijn € 6,8 mln hoger dan begroot.

De kosten eigen personeel zijn € 11,3 mln hoger dan begroot. Deze stijging is het gevolg van de hogere geplande bezetting van ambtelijk personeel, als gevolg van de reorganisatie en een stijging van de gemiddelde salariskosten per fte (met name door de nieuwe CAO rijksoverheid).

Daarnaast zijn de kosten voor inhuur externen per saldo € 3,1 mln lager dan begroot.

Tegenover de lagere inhuur voor ICT (€ 5,7 mln) staat een stijging van inhuur van uitzendkrachten (€ 2,6 mln), met name veroorzaakt door de onderbezetting bij Laboratoria, Klant, Bedrijf en Consument, extra capaciteit vanwege geconstateerde onregelmatigheden in de registratie van rundvee (I&R) en tijdelijke ondersteuning bij bedrijfsvoering.

De overige personele kosten zijn € 1,4 mln lager dan begroot. Deze daling wordt met name veroorzaakt doordat er meer gebruik gemaakt wordt van dienstauto’s waardoor de kosten voor eigen vervoer € 1,3 mln lager uitvallen.

Materiële kosten

De totale materiële kosten zijn € 5,5 mln hoger dan begroot.

Hiervan stijgt de totale bijdrage aan de Shared Service Organisaties (SSO’s) met bijna € 4,2 mln. Dit komt enerzijds door algemene ICT-kosten (€ 2,1 mln) en kosten aan Logius (€ 2,5 mln) en anderzijds door lagere huurkosten bij het Rijksvastgoedbedrijf (€ 0,4 mln).

Daarnaast stijgen de overige materiële kosten met € 1,3 mln. Hiervan wordt € 1,2 mln verklaard door stijging van de kosten voor KDS, waar ook hogere opbrengsten tegenover staan. Ook heeft zich een stijging voorgedaan bij de bureaukosten (€ 0,2 mln) en de kosten van practitioners (€ 2,4 mln) in verband met retributiewerkzaamheden en de voorbereiding op de Brexit. Bij de overige materiële- en specifieke kosten, waaronder uitbesteed onderzoek, zijn de kosten (€ 2,5 mln) lager dan begroot.

Afschrijvingskosten

De materiële afschrijvingskosten zijn € 1 mln lager dan begroot met name door lagere investeringen in 2017 en 2018, vooral bij laboratoriuminstallaties vooruitlopend op de fusie van een laboratorium.

De immateriële afschrijvingskosten vallen € 0,6 mln. lager uit als gevolg van het later dan gepland in gebruik nemen van een deel van de ontwikkelde ICT-systemen (PI&I).

Dotatie voorzieningen

Door lagere claims is € 0,2 mln minder gedoteerd aan de voorziening Claims, geschillen en rechtsgedingen.

Saldo van baten en lasten

Het negatieve resultaat van € 6,7 mln wordt voornamelijk veroorzaakt door de hogere geplande bezetting van ambtelijk personeel. Daarnaast zijn de ICT-kosten gestegen. Het resultaat wordt ten laste van het Eigen Vermogen gebracht. Om structurele verliezen te voorkomen streeft de NVWA jaarlijks naar een evenwicht in baten en lasten, waarbij het beheersen van de kosten, vooral van personeel en ICT, een belangrijke opgave is.

Balans per 31 december 2018 (bedragen x € 1.000)
 

Balans 2018

Balans 2017

Activa

   

Vaste activa

   

Immateriële vaste activa

31.134

25.003

Materiële vaste activa

   

– verbouwingen

2.855

3.114

– installaties en inventarissen

8.993

9.015

– vervoermiddelen

9.094

14.481

     

Vlottende activa

   

Voorraden en onderhanden projecten

1.021

1.533

Vorderingen

   

– Debiteuren

14.016

14.945

– Overige vorderingen en overlopende activa

16.927

19.624

– Liquide middelen

68.479

64.322

Totaal Activa:

152.519

152.037

     

Passiva

   

Eigen vermogen

   

– Exploitatiereserve

15.713

15.187

– Onverdeeld resultaat

– 6.675

6.046

Voorzieningen

62

461

Langlopende schulden

   

– Leningen bij het Ministerie van Financiën

32.308

30.026

Kortlopende schulden

   

– Crediteuren

5.277

5.082

– Kortlopend deel leningen bij het Ministerie van Financiën

14.719

13.222

– Overige schulden en overlopende passiva

91.115

82.013

Totaal Passiva

152.519

152.037

Toelichting op de balans

Immateriële activa

Als gevolg van met name investeringen in ICT systeemontwikkeling (PI&I) stijgt de immateriële activa met € 6,1 mln tot € 31,1 mln.

Debiteuren (bedragen x € 1.000)
 

2018

2017

Moederdepartement

29

25

Nationaal Coördinator Groningen

0

16

RVO.nl

69

60

Agentschap Telecom

0

46

Ministerie van BZK

58

51

Ministerie van IenW

101

326

Ministerie van V&J

2

2

Ministerie van VWS

37

2

Derden

17.329

17.889

Totaal debiteuren

17.625

18.417

Voorziening dubieuze debiteuren

– 3.609

– 3.472

Totaal debiteuren

14.016

14.945

Overige vorderingen en overlopende activa (bedragen x € 1.000)
 

2018

2017

Moederdepartement1

4.786

8.584

RVO.nl

426

1.414

NCG Groningen

39

119

Ministerie Fin

0

23

Ministerie van VWS

1.722

0

Ministerie van BZK

11

131

Ministerie van IenW

51

477

RIVM

39

20

Derden

9.853

8.856

Totaal nog te ontvangen

16.927

19.624

Noot 1: In 2018 heeft van dit bedrag € 3,715 mln betrekking op EZK

Op basis van de regeling Agentschappen heeft de NVWA in 2017 een langlopende schuld aan het moederdepartement (in verband met een egalisatieschuld aan het Rijks Vastgoed Bedrijf (RVB)) omgezet in een kortlopende schuld die in 2018 is afgelost. Daar staat tegenover dat een vordering met betrekking tot de vooruit betaalde huur aan het RVB, die gefinancierd wordt via de kostprijs/tarieven, opgenomen is bij de verschillende opdrachtgevers.

Liquide middelen (bedragen x € 1.000)
 

2018

2017

Kas

1

4

Rekening-courant Ministerie van Financiën

68.478

64.318

Totaal liquide middelen

68.479

64.322

Ontwikkeling eigen vermogen

Tabel vermogensontwikkeling (bedragen x € 1.000)
 

2015

2016

2017

2018

1 Eigen vermogen per 01/01

2.666

4.057

15.472

21.233

2 Saldo van baten en lasten

– 10.722

10.281

6.046

– 6.675

3 Directe mutaties in het eigen vermogen:

       

– 3a Uitkering aan moederdepartement

     

– 5.520

– 3b Bijdrage moederdepartement ter versterking eigen vermogen

12.112

1.134

   

- 3c Overige mutaties

1

 

– 285

 

4 Eigen vermogen per 31/12

4.057

15.472

21.233

9.038

Omzet

304.182

316.576

322.005

349.469

Vermogensplafond (5% van gemiddeld 3 jaar)

14.298

15.187

15.713

16.468

Einde boekjaar 2017 beschikte de NVWA over een eigen vermogen (EV) van € 21,2 mln tegenover een toegestaan EV van € 15,7 mln. In 2018 is € 5,5 mln aan surplus verrekend met de eigenaar. Dit komt in de tabel vermogensontwikkeling tot uiting onder de «uitkering aan moederdepartement». Door deze verrekening en het negatieve resultaat van € 6,7 mln is het EV gedaald tot € 9 mln. Het maximaal toegestane EV eind 2018 bedraagt € 16,5 mln.

Voorzieningen (bedragen x € 1.000)
 

Boekwaarde

1-1-2018

Dotaties

Onttrekkingen

Vrijval

Boekwaarde

31-12-2018

Claims, geschillen en rechtsgedingen

379

290

169

438

62

Reorganisatiekosten

78

 

78

0

0

Personele kosten (regulier)

4

   

4

0

Totaal

461

290

247

442

62

Voorziening uit hoofde van claims, geschillen en rechtsgedingen

In het afgelopen jaar is de voorziening claims en geschillen met € 0,3 mln gedoteerd. De vrijval en onttrekkingen bedroegen samen € 0,6 mln. Het saldo van deze voorzieningen van bijna € 0,1 mln is op dit moment voldoende om aan de eventuele betaalverplichting van de lopende claims te voldoen.

Voorziening reorganisatie

De voorziening reorganisatiekosten betreft de salaris-/WW- en materiële kosten van herplaatsingskandidaten. In 2018 zijn alle kosten verrekend en dit heeft geresulteerd in een onttrekking van € 0,1 mln waardoor deze voorziening ultimo 2018 nihil is.

Voorziening personele kosten regulier

De voorziening personele kosten regulier betreft de aanvulling op de WAO-uitkering van een oud-medewerker en een voorziening ten behoeve van een mogelijke aanspraak op wachtgeld bij inkomstenderving van een oud-medewerker. Deze is volledig vrijgevallen, waardoor deze voorziening ultimo 2018 nihil is.

Crediteuren (bedragen x € 1.000)
 

2018

2017

Dictu

2.022

1.066

RVO.nl

4

0

Ministerie BZK

76

69

Ministerie van AZ

6

0

Ministerie van Fin

112

10

Ministerie van IenW

4

0

Ministerie van OCW

26

0

Ministerie van V&J

8

0

Ministerie van VWS

5

0

Derden

3.014

3.937

Totaal crediteuren

5.277

5.082

Overige verplichtingen en overlopende passiva (x € 1.000)
 

2018

2017

Moederdepartement1

41.513

32.611

Ministerie van VWS

421

1.919

Ministerie van Financiën

15.213

13.603

Ministerie van V&J

295

77

Ministerie van IenW

260

317

Ministerie BZK

123

583

Ministerie van OCW

0

100

DICTU

9.937

9.534

Inspectieraad

2.698

2.791

RVO.nl

738

800

RIVM

0

11

Derden

34.636

32.889

Totaal nog te betalen

105.834

95.235

Noot 1: In 2018 heeft van dit bedrag € 0,005 mln betrekking op EZK

Kasstroomoverzicht over 2018 (bedragen x € 1.000)
   

1

2

(3)=(2)–(1)

 

Omschrijving

Vastgestelde begroting 2018

Realisatie 2018

Verschil realisatie en vastgestelde begroting

1.

Rekening-courant RHB 1 januari 2018 + stand depositorekeningen

64.535

64.322

– 213

 

Totaal ontvangsten operationele kasstroom (+)

348.839

352.783

3.944

 

Totaal uitgaven operationele kasstroom (–/–)

– 333.672

– 332.898

774

2.

Totaal operationele kasstroom

15.167

19.885

4.718

 

Totaal investeringen (–/–)

– 11.825

– 17.804

– 5.979

 

Totaal boekwaarde desinvesteringen (+)

1.855

3.817

1.962

3.

Totaal investeringskasstroom

– 9.970

– 13.987

– 4.017

 

Eenmalige uitkering aan moederdepartement (–/–)

0

– 5.520

– 5.520

 

Eenmalige storting door moederdepartement (+)

0

 

0

 

Aflossingen op leningen (–/–)

– 14.726

– 13.221

1.505

 

Beroep op leenfaciliteit (+)

11.825

17.000

5.175

4.

Totaal financieringskasstroom

– 2.901

– 1.741

1.160

5.

Rekening-courant RHB 31 december 2018 + stand depositorekeningen

66.831

68.479

1.648

Toelichting kasstroomoverzicht

Algemene grondslagen

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de rekening-courantverhouding met het Ministerie van Financiën (Rijkshoofdboekhouding) en uit het kasgeld van de NVWA. Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten.

Rekening-courant RHB

Het saldo op de rekening-courant RHB per 1 januari 2018 is nagenoeg gelijk aan de begroting. Het saldo is € 0,2 mln lager dan begroot.

Operationele kasstroom

De operationele kasstroom is per saldo € 4,7 mln hoger dan begroot. De ontvangsten in de operationele kasstroom betreffen de door de NVWA gerealiseerde omzet moederdepartement, overige departementen en derden (€ 349,5 mln), de bijzondere baten (€ 2,6 mln) en mutaties in de balans voorraden en crediteuren (€ 0,7 mln).

De uitgaven in de operationele kasstroom betreffen de reguliere lasten apparaatskosten, rente lasten en overige lasten (€ 345 mln), de dotatie voorzieningen (€ 0,3 mln) en mutaties in de balans (– € 12,4 mln).

Investeringskasstroom

De investeringskasstroom is € 4 mln hoger dan begroot. Dit komt voornamelijk door hogere investeringen (€ 6 mln), met name in de vernieuwing van de ICT-systemen.

De investeringen in immateriële vaste activa bedroegen € 15,1 mln (ICT-systemen, PI&I) en de investeringen in materiële vaste activa bedroegen € 2,7 mln, voor verbouwingen (€ 0,3 mln), installaties en inventarissen (€ 2,3 mln) en vervoermiddelen (€ 0,1 mln).

Daarnaast zijn de desinvesteringen hoger dan begroot door de inlevering van in het verleden aangekochte dienstauto’s (€ 2 mln). De dienstauto’s worden niet meer aangeschaft maar geleased.

Financieringskasstroom

De financieringskasstroom valt € 1,2 mln lager uit dan begroot. Door onder andere versnelde aflossing in voorgaande jaren is in 2018 € 1,5 mln minder afgelost op de leningen dan begroot. Daarnaast is er € 5,2 mln meer aan leningen bij het Ministerie van Financiën afgeroepen dan oorspronkelijk begroot, voornamelijk veroorzaakt door grotere investeringen in de vernieuwing van de ICT-systemen. Tot slot is het surplus van eigen vermogen terugbetaald aan het moederdepartement (– € 5,5 mln).

Liquiditeitspositie

De liquiditeitspositie van de NVWA kan met een saldo van € 68,5 mln als goed worden geclassificeerd.

Overzicht doelmatigheidsindicatoren per 31 december 2018

Omschrijving

Realisatie 2015

Realisatie 2016

Realisatie 2017

Vastgestelde begroting 2018

Realisatie 2018

Gemiddelde kostprijs (€ /uur)

96,32

98,64

99,16

100,53

100,53

Tarieven

         

Index 2012 = € 94,07 = 100

102,39

104,86

105,41

106,87

106,87

Omzet per productgroep (x mln.) 1
         

Handhaven

2

129,1

200,1

Keuren

149,6

88,7

FTE

         
Aantal FTE (excl. Externe inhuur)3

2.438

2.480

2.373

2.335

2.407

Verhouding FTE direct/indirect (exclusief externe inhuur)

1.950/488

1.984/496

1.848/525

1.818/517

1.848/559

Salariskosten per FTE

72.149

73.382

75.915

75.622

77.733

Saldo van baten en lasten

         

Saldo van baten en lasten als % van de totale baten

– 3,40%

3,08%

1,76%

0%

– 1,89%

Kwaliteit

         
Afhandelsnelheid informatieverzoeken, klachten en meldingen4

73%

79%

84%

85%

95%

Tijdig betaalde facturen (< 30 dagen)

95%

95%

97%

95%

97%

Noot 1: In de oorspronkelijke begroting 2018 is abusievelijk een onjuiste verdeling van de omzet tussen Handhaven en Keuren opgenomen. Verdeling had moeten zijn: Handhaven (193,3) en Keuren (85,4).De verschillen met de realisatie zijn dan: Handhaven + 6,8 en Keuren + 3,3.

Noot 2: Met ingang van 2018 is de PDC van de NVWA aangepast.

Noot 3: De gerealiseerde gemiddelde bezetting in 2018 is exclusief niet-werkzame medewerkers die wel in dienst zijn van de NVWA.

Noot 4: Het realisatiepercentage 2018 is exclusief meldingen waardoor het percentage voor 2018 een vertekend beeld laat zien. De afhandelsnelheid van alle meldingen is door de samenloop vanaf medio 2018 van de reguliere registratiesystemen en de (deel) implementatie van het nieuwe systeem Inspect niet nauwkeurig te duiden. Door deze samenloop van 30% van de meldingen is het over 2018 niet mogelijk data te ontdubbelen om daardoor de totale afhandelsnelheid over 2018 aan te geven. In 2019 wordt een dashboard ontwikkeld, waardoor deze informatie weer beschikbaar komt.

Toelichting bijzondere gebeurtenis

In de zomer 2018 is ingegrepen op de planning en financiën van NVWA 2020 en in het bijzonder het project PI&I. Het BIT is vervolgens gevraagd het herijkte ICT-deel opnieuw te toetsen. Uit het op 3 april 2019 uitgebrachte BIT-advies volgt dat er onvoldoende garantie is dat in de resterende tijd en met de resterende middelen alle benodigde functionaliteiten kunnen worden gebouwd en geïmplementeerd. Hierop is besloten om te stoppen met de ontwikkeling en implementatie van INSPECT (Kamerstuk 33 835, nr. 117). Dit besluit heeft gevolgen voor het bereiken van de veranderdoelen en de jaarrekening.

Stoppen met de ontwikkeling van INSPECT is ingrijpend en vereist een periode van herbezinning. In de periode van herbezinnen zal worden bezien hoe de veranderdoelen op andere wijze bereikt kunnen worden. Onder andere zal in de herbezinningsfase worden onderzocht hoe om te gaan met de domeinen en functionaliteiten die al wel volledig op INSPECT draaien, hetzij terug overzetten naar bestaande systemen dan wel verkennen van alternatieve oplossingen, inclusief de bijbehorende kosten. Met deze uitkomsten zal worden aangegeven op welke wijze de NVWA haar beoogde doelen het beste kan behalen, op welke wijze de gedane investeringen optimaal kunnen worden benut, wat dit betekent voor de waardering van de reeds gedane investeringen en welke kosten horen bij eventuele andere benodigde ICT-investeringen en het beheer van het bestaande ICT-landschap.

Jaarrekening 2018

De jaarrekening 2018 gaf op 15 maart jl. een getrouw beeld. Door het op 15 april 2019 genomen besluit tot stopzetting van de ontwikkeling en implementatie van INSPECT ontstaat een onzekerheid van maximaal € 28,9 mln. Deze onzekerheid betreft de waarde van de per ultimo 2018 op de balans staande investeringen met betrekking tot INSPECT en kan ook gevolgen hebben voor het resultaat over 2018 en het vermogen per ultimo 2018. De herbezinningsfase die loopt tot in de tweede helft van 2019 kan leiden tot een geheel of gedeeltelijke afwaardering van de investeringen in INSPECT.

Na de herbezinningsfase zullen eventuele correcties zichtbaar worden gemaakt in de jaarrekening 2019.