Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

10. Verticale toelichting

De verticale toelichting bevat een cijfermatig overzicht voor alle begrotingen van budgettaire veranderingen die zich hebben voorgedaan in de uitgaven en niet-belastingontvangsten sinds de Ontwerpbegroting 2015. Dit overzicht bevat zodoende alle mutaties die hebben plaatsgevonden n.a.v. het Regeerakkoord en de herverkaveling van de begrotingen en het aanvullend pakket. Dit sluit aan op de mutaties zoals gepresenteerd in de ontwerpbegrotingen van de departementen.

Per begroting wordt een cijfermatig overzicht gepresenteerd van de voornaamste mutaties, gevolgd door een toelichting hierop. Voor een meer gedetailleerde toelichting op de mutaties wordt verwezen naar de afzonderlijke suppletoire begrotingen.

De Verticale Toelichting onderscheidt drie categorieën mutaties:

  • 1. mee- en tegenvallers;
  • 2. beleidsmatige mutaties;
  • 3. technische mutaties.

Alle overboekingen, desalderingen, statistische correcties en mutaties die niet tot een ijklijn behoren, zijn in de laatste categorie «technische mutaties» geclusterd. Overigens hebben sommige overboekingen en desalderingen wél een beleidsmatig karakter. Dit komt tot uitdrukking in de toelichtingen. Ingeval samenhangende mutaties in meerdere categorieën voorkomen, worden deze eenmaal toegelicht.

De totalen per begroting worden in eerste instantie gepresenteerd exclusief de bedragen die onder de Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS) vallen. Door middel van een aansluitregel wordt het deel van de begroting dat onder HGIS valt, zichtbaar gemaakt. De veranderingen die optreden binnen het HGIS-deel van de begroting worden gepresenteerd en toegelicht in de verticale toelichting van alle HGIS-uitgaven. De laatste regel geeft per begroting de totaalstand inclusief HGIS.

De ondergrens is afhankelijk van de omvang van de begroting en verschilt voor de verschillende categorieën mutaties. De post diversen bevat de mutaties die onder de ondergrens vallen en wordt in beginsel alleen toegelicht indien zich bijzonderheden voordoen.

Samenvattend overzicht mutaties per begroting 2016bedragen in miljoenen euro's
  

Mutaties uitgaven 2016

Mutaties ontvangsten 2016

Departementale begrotingen

I

De Koning

0,5

0,0

IIA

Staten Generaal

3,9

0,0

IIB

Hoge Colleges van Staat

– 0,8

0,0

III

Algemene Zaken

0,7

0,1

IV

Koninkrijksrelaties

15,9

0,0

V

Buitenlandse Zaken

– 30,8

1.852,2

VI

Veiligheid en Justitie

137,2

39,8

VII

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

79,6

– 50,5

VIII

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

646,3

16,4

IXA

Nationale Schuld

– 6.009,1

1.510,9

IXB

Financiën

9,6

195,2

X

Defensie

122,0

– 54,1

XII

Infrastructuur en Milieu

– 1.217,2

2,3

XIII

Economische Zaken

124,0

– 3.334,7

XV

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

– 1.108,8

21,9

XVI

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

– 241,4

24,0

XVII

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

0,0

0,0

XVIII

Wonen en Rijksdienst

55,2

2,5

Overig

 

Sociale Zekerheid

– 400,8

– 40,3

 

Budgettair kader Zorg

– 698,3

– 29,0

 

Gemeentefonds

302,7

0,0

 

Provinciefonds

1.036,9

0,0

 

Infrastructuurfonds

– 127,1

– 127,1

 

Diergezondheidsfonds

8,8

8,8

 

Accres Gemeentefonds/provinciefonds

– 335,2

0,0

 

BES fonds

1,5

0,0

 

Deltafonds

– 64,4

– 64,4

 

Prijsbijstelling

– 638,4

0,0

 

Arbeidsvoorwaarden

– 45,5

0,0

 

Koppeling Uitkeringen

– 106,4

– 3,9

 

Aanvullende Post Algemeen

307,3

0,0

 

Homogene Groep Internationale Samenwerking

289,7

12,1

De Koning

I DE KONING: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

40,1

40,1

40,1

40,0

40,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,2

0,5

0,5

0,5

0,5

 
   

0,2

0,5

0,5

0,5

0,5

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,6

0,1

0,1

0,1

0,1

 
   

0,6

0,1

0,1

0,1

0,1

 

Extrapolatie

40,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,8

0,5

0,5

0,5

0,5

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

40,9

40,6

40,6

40,5

40,6

40,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

40,9

40,6

40,6

40,5

40,6

40,6

I DE KONING: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen (beleidsmatige mutaties)

Dit betreft met name de bijstelling van de uitkeringen naar aanleiding van het loslaten van de nullijn volgens de systematiek van de Wet Financieel Statuut van het Koninklijk Huis en een overheveling van Buitenlandse Zaken.

Diversen (technische mutaties)

Dit betreft met name een overboeking vanuit AZ ten bate van de eindafrekening van de Dienst van het Koninklijk Huis over 2014 inzake de overgang van het onderhoud van de Groene Draeck naar Defensie en de toegekende loon- en prijsbijstelling.

Staten-Generaal

IIA STATEN-GENERAAL: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

136,9

135,6

139,0

135,7

134,2

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

6,2

3,4

0,0

0,0

0,0

 
   

6,2

3,4

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,6

0,6

0,6

0,6

0,6

 
   

0,6

0,6

0,6

0,6

0,6

 

Extrapolatie

134,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

6,8

3,9

0,6

0,6

0,6

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

143,7

139,6

139,6

136,2

134,7

134,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

143,7

139,6

139,6

136,2

134,7

134,7

IIA STATEN-GENERAAL: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

5,2

5,2

5,2

5,2

5,2

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

5,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

5,2

5,2

5,2

5,2

5,2

5,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

5,2

5,2

5,2

5,2

5,2

5,2

Diversen – beleidsmatige mutaties uitgaven

De Tweede Kamer heeft voor 2015 en 2016 een aantal projecten voorzien, waaronder de aanleg van een 4G-netwerk en de aanpassing van de plenaire zaal.

Hoge Colleges van Staat en Kabinetten van de Gouverneurs

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINETTEN: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

113,8

110,1

108,1

107,7

107,7

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

– 1,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 1,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

1,7

– 1,0

– 2,7

– 3,4

– 3,4

 
   

1,7

– 1,0

– 2,7

– 3,4

– 3,4

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,3

0,2

0,2

0,3

0,3

 
   

0,3

0,2

0,2

0,3

0,3

 

Extrapolatie

104,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,5

– 0,8

– 2,4

– 3,1

– 3,1

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

114,3

109,3

105,6

104,6

104,6

104,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

114,3

109,3

105,6

104,6

104,6

104,7

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINETTEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

5,7

5,7

5,7

5,7

5,7

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

5,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

5,7

5,7

5,7

5,7

5,7

5,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

5,7

5,7

5,7

5,7

5,7

5,7

Diversen – mee- en tegenvallers en beleidsmatige mutaties uitgaven

De instroomraming in het Hoger Beroep Vreemdelingen is voor 2015 naar beneden bijgesteld. Dit leidt tot een verlaging van uitgavenraming van de Raad van State voor 2015 en verdere jaren.

Algemene Zaken

III ALGEMENE ZAKEN: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

62,8

62,5

62,2

60,8

60,8

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

1,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

1,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,6

0,7

0,6

0,6

0,6

 
   

0,6

0,7

0,6

0,6

0,6

 

Extrapolatie

61,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

1,7

0,7

0,6

0,6

0,6

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

64,6

63,2

62,7

61,4

61,4

61,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

64,6

63,2

62,7

61,4

61,4

61,4

III ALGEMENE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

6,6

6,6

6,6

6,6

6,6

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

 
   

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

6,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,5

0,1

0,1

0,1

0,1

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

7,1

6,8

6,8

6,7

6,7

6,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

7,1

6,8

6,8

6,7

6,7

6,7

Diversen (beleidsmatige mutaties)

Dit betreft voornamelijk de eindejaarsmarge.

Diversen (technische mutaties)

Dit betreft met name de loon- en prijsbijstelling.

Koninkrijksrelaties

IV KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

258,9

241,5

276,4

258,5

114,2

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

– 9,1

7,5

7,4

1,3

0,9

 
   

– 9,1

7,5

7,4

1,3

0,9

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

13,2

8,4

8,8

8,6

9,0

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Lopende inschrijving curacao

129,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

142,8

8,4

8,8

8,6

9,0

 

Extrapolatie

123,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

133,7

15,9

16,2

9,9

9,9

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

392,6

257,5

292,6

268,4

124,1

123,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

392,6

257,5

292,6

268,4

124,1

123,2

IV KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

36,5

36,5

36,5

36,5

36,5

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

12,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

12,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

36,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

12,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

48,6

36,5

36,5

36,5

36,5

36,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

48,6

36,5

36,5

36,5

36,5

36,5

Diversen – beleidsmatige en technische mutaties uitgaven en niet-belastingontvangsten

Er is besloten tot de oprichting van een Integriteitsautoriteit Sint Maarten. Tevens wordt ingezet op de aanpak van acute knelpunten in de rechtshandhaving op Sint Maarten en op versterking van kinderrechten in Caribisch Nederland (amendement Van Laar/Segers, Kamerstukken II, 34 000 nr. 9). Dit wordt grotendeels gedekt door meerontvangsten, onder meer uit opheffing van de Stichting Ontwikkeling Nederlandse Antillen in 2015. Vanaf 2016 zijn de budgetten voor Rijksdienst Caribisch Nederland overgeheveld naar de begroting van Koninkrijksrelaties.

Lopende inschrijving Curaçao

De landen Curaçao en Sint Maarten hebben op grond van de Rijkswet Financieel toezicht de mogelijkheid om, via een lopende inschrijving met Nederland, leningen voor investeringen aan te gaan. De geldleningen waarop Nederland inschrijft dienen te voldoen aan de normen en criteria van de Rijkswet, zoals een positief advies van het College financieel toezicht. Voor Curaçao is een leenaanvraag ingewilligd van ANG 267 mln. (€ 129,6 mln.) voor de 2e tranche van het nieuwe ziekenhuis (ANG 187 mln.) en voor overige investeringen als infrastructuur en onderwijsvoorzieningen (ANG 80 mln.).

Buitenlandse Zaken

V BUITENLANDSE ZAKEN: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

6.479,0

7.681,6

7.635,7

7.911,2

8.120,2

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

1. afronding begroting 2014

– 66,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

2. begroting 2015

55,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

3. terugbetaling van de naheffing

– 460,7

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

4. vertraagde nederlandse korting door vertraagde ratificatie

2.077,1

– 2.077,1

0,0

0,0

0,0

 
  

5. Commissieramingen

– 35,1

– 66,9

– 55,3

– 0,8

– 0,1

 
   

1.570,3

– 2.144,0

– 55,3

– 0,8

– 0,1

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

6a. perceptiekostenvergoeding naar niet-belastingontvangsten

20,5

36,0

36,7

37,5

38,2

 
  

6b. vertraagde Nederlandse korting naar niet-belastingontvangsten

0,0

2.077,1

0,0

0,0

0,0

 
   

20,5

2.113,1

36,7

37,5

38,2

 

Extrapolatie

8.299,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

1.590,7

– 30,8

– 18,6

36,7

38,1

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

8.069,7

7.650,8

7.617,1

7.947,9

8.158,3

8.299,8

Totaal Internationale samenwerking

1.396,5

1.393,8

1.332,0

1.332,0

1.336,8

1.364,5

Stand Miljoenennota 2016

9.466,3

9.044,6

8.949,2

9.279,8

9.495,1

9.664,2

V BUITENLANDSE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

413,7

550,7

561,9

573,4

585,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

4. vertraagde nederlandse korting door vertraagde ratificatie

260,9

– 260,9

0,0

0,0

0,0

 
   

260,9

– 260,9

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

6a. perceptiekostenvergoeding naar niet-belastingontvangsten

20,5

36,0

36,7

37,5

38,2

 
  

6b. vertraagde Nederlandse korting naar niet-belastingontvangsten

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

20,5

2.113,1

36,7

37,5

38,2

 

Extrapolatie

635,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

281,4

1.852,2

36,7

37,5

38,2

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

695,1

2.402,9

598,7

610,8

623,2

635,9

Totaal Internationale samenwerking

64,9

64,9

64,9

64,9

64,9

64,9

Stand Miljoenennota 2016

760,0

2.467,8

663,6

675,7

688,2

700,8

Algemeen

De omvang van de nationale afdrachten wordt bepaald door de omvang van de Europese begroting. Tegelijkertijd is de omvang van de Nederlandse afdrachten ook relatief ten opzichte van de overige lidstaten. De EU ontvangt namelijk haar inkomsten uit verschillende afdrachten van de lidstaten, zoals invoerrechten, BTW-afdrachten en BNI-afdrachten (dit zijn uitgaven voor Nederland). Deze EU-inkomsten worden ook wel de «eigen middelen» van de EU genoemd. Nederland ontvangt op de EU-afdrachten een jaarlijkse korting. Deze korting is opgebouwd uit een lager tarief voor BTW-afdrachten en een vaste korting (lumpsum) op de BNI-afdrachten.

Hieronder vindt u verschillende mutaties op de raming van het Nederlandse deel van de EU-afdrachten, die in begrotingsjaar 2015 tot nu toe hebben plaatsgevonden.

1. Afronding begroting 2014

Uit de realisatie van de Europese begroting over 2014 resulteert een surplus (hogere inkomsten dan uitgaven). Dit surplus wordt toegevoegd aan de begroting voor het volgende jaar en verlaagt daarmee de afdrachten van de lidstaten (66 mln. lagere afdrachten voor Nederland) over het jaar 2015.

2. Begroting 2015

De Raad en het Europees Parlement hebben in december 2014 een Begrotingsakkoord gesloten over de begroting 2015 en de aanvullende begrotingen voor 2014. Dat Begrotingsakkoord leidde tot hogere uitgaven voor Nederland (150 mln.) en hogere inkomsten voor Nederland (95 mln.). Per saldo leidde dit Begrotingsakkoord tot 55 mln. hogere afdrachten voor 2014. Omdat het Begrotingsakkoord pas in december is gesloten zijn deze budgettaire effecten doorgeschoven naar 2015.

3. De terugbetaling van de naheffing

Als gevolg van de naheffing uit hoofde van de revisie van de Nationale Rekeningen is sprake van een terugbetaling van 460 mln. in 2015.

4. Vertraagde Nederlandse korting door een vertraagde ratificatie

De ratificatie van het Eigen Middelenbesluit in alle lidstaten wordt niet meer voorzien voor het einde van 2015. De jaarlijkse Nederlandse korting, die deel uitmaakt van het Eigen Middelenbesluit, slaat daardoor in 2016 neer in plaats van in het jaar 2015. Dit betekent dat de korting over de jaren 2014–2015 wordt doorgeschoven naar 2016. Ook de aanpassing van de perceptiekostenvergoeding wordt doorgeschoven naar 2016. De vertraagde ratificatie leidt in 2016 tot lagere afdrachten van netto ca. 2.077 mln. en lagere ontvangsten van netto ca. 260 mln.

5. Commissieramingen

De Voorjaarsraming van de Europese Commissie is verwerkt. Bij de Voorjaarsraming van de Europese Commissie worden geen nieuwe EU-uitgaven geautoriseerd, maar vinden enkel verschuivingen plaats in de financiering. Het gaat onder meer om de volgende aanpassingen. De bni-raming en de geharmoniseerde grondslag voor de btw is geactualiseerd. Daarnaast heeft de Europese Commissie nieuwe ramingen opgenomen voor de afdrachten van de invoerrechten en de daaraan verbonden inningskostenvergoeding. Deze nieuwe ramingen wijzigen de omvang van de afdrachten van de lidstaten. Per saldo is de raming van de Nederlandse afdrachten aan de EU neerwaarts bijgesteld.

6. Verschillende technische mutaties

  • a) Vanwege de vertraagde ratificatie (jaren 2014–2015) boekt de Europese Commissie de Nederlandse korting op de EU-afdrachten als niet-belastingontvangst over.
  • b) De perceptiekostenvergoedingen komen binnen via de ontvangsten van Nederland.

Veiligheid en Justitie

VI VEILIGHEID EN JUSTITIE: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

11.393,5

11.274,4

10.921,2

10.729,4

10.725,3

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Bed, bad, brood

13,3

20,0

20,0

20,0

20,0

 
  

Besparingsverliezen wetstrajecten

1,0

58,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Dekking tekort b&t

– 53,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Dji aanzuiveren eigen vermogen

77,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Gedeeltelijke invulling taakstelling strafrechtketen

0,0

26,2

38,2

27,1

0,0

 
  

Gevolgen asielinstroom (niet oda) en inzet asielreserve

82,9

42,4

30,9

30,9

30,9

 
  

Inzet eindejaarsmarge

– 78,8

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kasschuif strafrechtketen

30,0

3,8

– 6,7

– 27,1

0,0

 
  

Lagere bezetting dienst justitiële inrichtingen (dji)

– 10,3

– 10,5

– 3,0

3,0

18,3

 
  

Maatregelen dienst justitiële inrichtingen (dji)

0,0

– 25,0

3,2

– 21,5

– 32,2

 
  

Oda toerekening

539,0

51,0

189,0

0,0

0,0

 
  

Rechtsbijstand (pmj)

31,2

16,5

13,4

11,4

9,5

 
  

Rechtspraak (pmj)

7,5

– 17,3

– 21,9

– 34,0

– 50,6

 
  

Taakstelling venj

– 30,0

– 30,0

– 60,0

– 60,0

– 60,0

 
  

Tariefsverlaging rgd

– 6,8

– 142,1

– 133,1

– 126,3

– 69,3

 
  

Thuiskopie

33,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Uitkering eindejaarsmarge

78,8

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

109,5

69,2

44,4

44,1

35,6

 
   

824,7

62,2

114,4

– 132,4

– 97,8

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Frictiekosten dji van ap

34,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Verdeling loon- en prijsbijstelling

36,1

35,9

34,9

34,3

34,3

 
  

Diversen

6,2

39,1

41,1

48,3

49,4

 
   

76,3

75,0

76,0

82,6

83,7

 

Extrapolatie

10.732,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

901,0

137,2

190,4

– 49,8

– 14,2

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

12.294,5

11.411,6

11.111,7

10.679,5

10.711,1

10.732,3

Totaal Internationale samenwerking

50,5

45,3

33,3

32,8

32,8

32,8

Stand Miljoenennota 2016

12.345,0

11.456,9

11.145,0

10.712,4

10.744,0

10.765,1

VI VEILIGHEID EN JUSTITIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

1.424,2

1.477,3

1.507,8

1.551,1

1.561,6

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Besparingsverliezen wetstrajecten

– 51,0

– 23,0

– 4,0

– 1,0

0,0

 
  

Boeten en transacties

– 115,0

0,0

0,0

– 35,0

– 35,0

 
  

Gevolgen asielinstroom (niet oda) en inzet asielreserve

56,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Griffierechten pmj

3,2

– 17,8

– 17,1

– 21,8

– 25,5

 
  

Schikking sbm-offshore

56,0

56,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Tariefsverlaging rgd

50,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

25,9

4,0

7,5

19,2

30,1

 
   

25,7

19,2

– 13,6

– 38,6

– 30,4

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

4,3

20,6

21,3

21,5

21,2

 
   

4,3

20,6

21,3

21,5

21,2

 

Extrapolatie

1.565,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

30,0

39,8

7,7

– 17,1

– 9,2

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

1.454,2

1.517,1

1.515,5

1.534,0

1.552,4

1.565,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

1.454,2

1.517,1

1.515,5

1.534,0

1.552,4

1.565,8

Bed, bad, brood

Er is structureel 20 mln. beschikbaar gesteld op de begroting van VenJ voor de opvang en terugkeer van uitgeprocedeerde asielzoekers.

Besparingsverliezen wetstrajecten

Als gevolg van vertraging van de invoering van de wetsvoorstellen «verhoging griffierechten», «stelselherziening rechtsbijstand» en «eigen bijdrage regelingen» treden er besparingsverliezen op. De vertraging bij het wetsvoorstel «stelselherziening rechtsbijstand» wordt veroorzaakt door het onafhankelijke onderzoek dat plaatsvindt naar de oorzaken van de kostenstijgingen. De besparingsverliezen vanuit de wetsvoorstellen «verhoging griffierechten» en «eigen betalingen» leiden tot lagere ontvangsten en zijn aan de ontvangstenkant opgenomen.

Dekking tekort b&t

Door een terugloop in de ontvangsten uit boetes en transacties is een nieuwe tegenvaller ontstaan op de VenJ-begroting (zie ook Boeten en transacties – ontvangsten). Op basis van de huidige realisatiecijfers wordt vooralsnog uitgegaan van een tekort in 2015, deels het gevolg van de coulance acties van de politie. Het tekort wordt gedekt door diverse maatregelen en meevallers binnen VenJ, waaronder een verlaging van de bijdrage aan de Raad voor de Rechtspraak door minder volume vooraf te financieren en een ontvangstenmeevaller bij subsidieafrekeningen.

DJI aanzuiveren eigen vermogen

Ultimo 2014 had DJI een negatief eigen vermogen van 77 mln. Conform de Regeling Agentschappen zuivert het Ministerie van VenJ het eigen vermogen van Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) aan.

Gedeeltelijke invulling taakstelling strafrechtketen

Er is een taakstelling op de strafrechtketen. Deze wordt gedeeltelijk ingevuld doordat de tarieven van de Rgd structureel verlaagd worden (zie ook Tariefsverlaging Rgd – uitgaven).

Gevolgen asielinstroom (niet ODA) en inzet asielreserve

De asielinstroom neemt toe en dit leidt tot extra opvangkosten bij het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA). Ook zijn er hogere kosten voor de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) vanwege de stijging van het aantal asielzoekers die de procedure voor een asielaanvraag doorlopen.

Inzet eindejaarsmarge

De eindejaarsmarge wordt ingezet ter dekking van overlopende verplichtingen van 2014 naar 2015 en voor problematiek op de begroting van Veiligheid en Justitie.

Kasschuif strafrechtketen

De taakstelling op de strafrechtketen wordt verlaagd met het surplus van de Rgd (zie ook Gedeeltelijke invulling taakstelling strafrechtketen en Taakstelling VenJ – Uitgaven). De kasschuif brengt deze middelen in het gewenste ritme, zodat de taakstelling pas halverwege 2017 ingaat.

Lagere bezetting dienst justitiële inrichtingen (DJI)

Wegens de lage bezetting in het gevangeniswezen, jeugdinrichtingen en de vreemdelingenbewaring vallen bij DJI middelen vrij. Tevens levert voorgenomen verhuur van Norgerhaven besparingen op. Daarnaast worden extra middelen (structureel 27 mln.) toegevoegd aan de Forensische zorg. Per saldo levert dit in 2015 10,3 mln. op.

Maatregelen dienst justitiële inrichtingen (DJI)

Dit betreft een saldo van maatregelen op terrein van DJI. De meest recente prognoses uit het prognose model justitiële ketens (PMJ) voor de behoefte aan sanctiecapaciteit laten voor het gevangeniswezen een capaciteitsoverschot zien. Door meerpersoonscellen in te zetten als eenpersoonscellen wordt dit overschot teruggebracht en blijft flexibiliteit in de toekomst gewaarborgd. De PMJ-ramingen laten ook overschotten zien voor de TBS. Hiermee kan structureel de oplopende volumeontwikkeling bij de overige Forensische zorg worden opgevangen. Daarnaast is er besloten tot het versneld sluiten van JJI De Heuvelrug.

Oda toerekening

De raming voor de asielinstroom is in 2015 naar boven bijgesteld. Dit leidt tot hogere asielopvangkosten bij het COA. De kosten voor de eerstejaarsopvang van asielzoekers uit DAC-landen worden toegerekend aan ODA. Door de verhoogde raming van de asielinstroom neemt de toerekening aan ODA in 2015 tot en met 2017 ook toe. Daarnaast wordt een aanpassing in de ODA-systematiek doorgevoerd zodat toerekening en uitgaven dichter op elkaar liggen.

Rechtsbijstand

Uit PMJ volgt een tegenvaller op de rechtsbijstand, die los staat van de stelselherziening rechtsbijstand. De tegenvaller wordt met name veroorzaakt doordat er meer verzoeken voor rechtsbijstand zijn, dan waarmee in de raming rekening is gehouden.

Rechtspraak

Uit PMJ volgt een meevaller op de rechtspraak. Deze wordt met name veroorzaakt doordat er bij de Raad voor de Rechtspraak minder zaken worden behandeld dan waarmee in de raming rekening is gehouden.

Taakstelling VenJ

Er is taakstellend in 2015 en 2016 30 mln. en structureel vanaf 2017 60 mln. ingeboekt op de begroting van VenJ. De taakstelling zal in 2015 en 2016 worden ingevuld door de tariefsverlaging Rgd (zie ook Inzet surplus Rgd en Kasschuif strafrechtketen inzet surplus Rgd). In 2017 wordt circa de helft (32 mln.) van deze taakstelling ingevuld door de tariefsverlaging Rgd.

Tariefsverlaging Rgd

Departementen wordt een tariefsverlaging toegekend. Bij VenJ wordt deze ingezet ter dekking van de problematiek op de VenJ begroting (zie ook Inzet surplus Rgd). Een deel van de tariefsverlaging wordt via de ontvangstenzijde geboekt.

Thuiskopie

Er is een schikking getroffen door het Ministerie van VenJ met de Stichting Thuiskopie voor 33,5 mln. vanwege het niet actualiseren van een algemene maatregel van bestuur waarmee de stichting een heffing kan opleggen op met name geluids- en beelddragers.

Uitkering eindejaarsmarge

In 2014 is het budget van het Ministerie van VenJ niet volledig tot besteding gekomen. Deze middelen zijn in 2015 aan de begroting van VenJ toegevoegd.

Diversen – beleidsmatige mutaties uitgaven

De post diversen is een optelling van verschillende mee- en tegenvallers. De belangrijkste tegenvallers zijn additionele archiefkosten bij de IND, een besparingsverlies bij arbeid van gedetineerden, extra controle handbagage Schiphol, een bijdrage aan de voorzieningen binnen de generieke digitale infrastructuur GDI (deze middelen zijn op de aanvullende post geplaatst) en de PV-vergoeding.

Frictiekosten dienst justitiële inrichtingen

De uitvoering van het Masterplan DJI (TK 24 587, nr. 535) heeft tot gevolg dat een aanzienlijk aantal justitiële inrichtingen wordt gesloten. Dit brengt onder andere frictiekosten ten aanzien van het vastgoed met zich mee. Voor het inpassen van de frictiekosten huisvesting Masterplan DJI zijn middelen op de aanvullende post gereserveerd. De in 2015 benodigde middelen worden via de aanvullende post bij Financiën aan de begroting van VenJ beschikbaar gesteld.

Verdeling loon- en prijsbijstelling

De loon- en prijsbijstelling worden uitgekeerd aan de begroting van VenJ.

Diversen – technische mutaties uitgaven

Deze post bestaat uit enkele mee- en tegenvallers. De drie belangrijkste posten zijn de exploitatiekosten C2000 (10,4 mln.), de prijsbijstelling tranche 2015 voor 9,1 mln. en de middelen voor contraterrorisme (oplopend naar 20,5 mln. in 2019) die via de aanvullende post bij Financiën aan de begroting van VenJ beschikbaar zijn gesteld.

Boeten en transacties

Op het dossier boeten en transacties wordt in 2015 vanwege een tijdelijke verminderde inzet van digitale handhavingsmiddelen (onder andere door de vervanging van trajectcontrolesystemen, flitspalen en radarcontrolesystemen) en de coulance acties van de politie in het kader van de CAO onderhandelingen (zie ook Dekking tekort b&t – uitgaven), een tekort verwacht van in totaal 115 mln. Vorig jaar is een kasschuif verwerkt bij de ontvangsten uit boeten en transacties op basis van de verwachting dat er op termijn hogere ontvangsten zouden gaan optreden. Thans wordt deze oploop niet meer verwacht. Derhalve is er een ramingsbijstelling van 35 mln. in 2018 en 2019 verwerkt.

Griffierechten

Als gevolg van een daling van zaken bij de Raad voor de Rechtspraak zoals blijkt uit PMJ dalen ook de griffieontvangsten op de VenJ begroting.

Schikking SBM-offshore

De schikking met SBM-Offshore levert een meevaller op aan de ontvangstenkant.

Diversen – beleidsmatige mutaties niet-belastingontvangsten

Deze post bestaat uit enkele meevallers, waaronder het in de meerjarenscijfers opnemen van de jaarlijkse indexatie van griffierechten en de terugontvangsten van de financieringsresultaten 2014 van de onderdelen Justis en het CJIB.

Diversen – technische mutaties niet-belastingontvangsten

De post diversen bestaat uit enkele mutaties, waaronder een bijdrage in het kader van jeugd en veiligheid (2,8 mln.) bij Justitiële jeugdinrichtingen en een saldering vanwege ICT project Prima (3,6 mln.).

Binnenlandse Zaken

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

634,0

603,4

569,1

559,8

557,7

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Eindejaarsmarge wenr

– 231,2

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

5,6

0,9

– 9,3

– 8,9

– 9,5

 
   

– 225,6

0,9

– 9,3

– 8,9

– 9,5

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Dva ontvangsten

59,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Ejm huurtoeslag 2014

258,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Middelen gdi 2015

32,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Middelen gdi 2016

0,0

36,1

0,0

0,0

0,0

 
  

Versterking veiligheidsketen

0,0

14,0

26,0

26,0

31,0

 
  

Diversen

45,3

28,6

6,4

7,7

8,3

 
   

394,7

78,7

32,4

33,7

39,3

 

Extrapolatie

588,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

169,0

79,6

23,1

24,8

29,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

803,0

683,1

592,2

584,6

587,5

588,0

Totaal Internationale samenwerking

0,2

0,2

0,2

0,2

0,2

0,2

Stand Miljoenennota 2016

803,2

683,2

592,4

584,7

587,7

588,2

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

757,4

92,5

41,5

41,5

41,4

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

– 1,9

– 1,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 1,9

– 1,0

0,0

0,0

0,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
  

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Dva ontvangsten

59,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

27,6

0,5

15,5

15,4

15,3

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Herijking vut fonds

78,7

– 50,0

0,0

0,0

0,0

 
   

165,3

– 49,5

15,5

15,4

15,3

 

Extrapolatie

56,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

163,4

– 50,5

15,5

15,4

15,3

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

920,7

42,0

57,0

56,9

56,7

56,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

920,7

42,0

57,0

56,9

56,7

56,7

Eindejaarsmarge WenR en eindejaarsmarge huurtoeslag 2014

De begrotingstechnische verwerking van de eindejaarsmarge van de begroting voor Wonen en Rijksdienst (XVIII) loopt via de begroting van Binnenlandse Zaken (VII). De overschrijding bij de Huurtoeslag in 2014 (258,3 mln.) leidt per saldo tot een negatieve eindejaarsmarge voor Wonen en Rijksdienst op de begroting van BZK (231,2 mln.).

Versterking veiligheidsketen

De operationele capaciteit van de AIVD wordt uitgebreid ter versterking van contraterrorisme en om radicalisering tegen te kunnen gaan (TK 29 754, nr. 302).

Diversen – beleidsmatige en technische mutaties uitgaven en ontvangsten

De hoogte van de post diversen, zowel aan uitgaven- als ontvangstenkant, wordt mede veroorzaakt door een desalderingen van 18,7 mln. bij Doc-Direkt en van 58,9 mln. voor dienstverleningsafspraken (DVA). Doc-Direkt levert diensten aan departementen en notarissen voor archiefbewerking, -beheer, -opslag en digitale documenthuishouding. Daarvoor ontvangt Doc-Direkt middelen ter dekking van de kosten (personeel en materieel). De ontvangsten en uitgaven die voortvloeien uit de DVA betreft de dienstverlening tussen de baten-en-lastenagentschappen die via het kerndepartement worden verrekend.

Bovendien wordt er een bijdrage geleverd aan de voorzieningen binnen de Generieke Digitale Infrastructuur (GDI). Deze middelen zijn naar de Aanvullende Post overgeheveld. De daarnaast vanaf 2017 te realiseren ontvangsten voor de GDI worden voorlopig geboekt op de begroting van BZK. Een deel van de op de Aanvullende Post gereserveerde middelen is uitgekeerd aan BZK als opdrachtgever voor het grootste deel van de GDI-voorziening, waaronder eID, DigiD en Mijn Overheid (circa 60 mln. in 2015 en 2016).

Herijking VUT-fonds

De raming voor de VUT-lening wordt bijgesteld op basis van de meest actuele inzichten in de liquiditeitsplanning. Naar verwachting lost het VUT-fonds in 2015 haar lening al volledig af.

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

35.978,3

36.146,5

36.247,0

36.137,1

36.031,9

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Autonome raming studiefinanciering

79,4

41,9

– 7,4

– 22,5

– 61,3

 
  

Gewichtenregeling

0,0

– 10,0

– 20,0

– 30,0

– 40,0

 
  

Leerlingenvolume referentieraming 2015

75,1

– 48,3

– 123,3

– 188,3

– 216,8

 
  

Onderwijsachterstandenbeleid

0,0

0,0

– 10,0

– 30,0

– 40,0

 
  

Ramingsbijstelling 2017–2020

0,0

0,0

– 94,3

– 94,3

– 94,3

 
  

Diversen

0,0

– 20,0

– 20,0

– 20,0

– 20,0

 
   

154,5

– 36,4

– 275,0

– 385,1

– 472,4

 

Beleidsmatige mutaties

      
  

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Eindejaarsmarge

– 57,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kasschuif actieplan leerkracht

0,0

– 6,9

– 126,8

6,0

26,4

 
  

Kasschuif ov-studentenkaart

0,0

400,0

– 250,0

– 150,0

0,0

 
  

Diversen

– 39,7

– 0,5

3,9

23,6

5,5

 
   

– 96,8

392,6

– 372,9

– 120,4

31,9

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Loonbijstelling tranche 2015

103,4

102,5

102,5

101,8

101,3

 
  

Regeerakkoord 2012 – d32

0,0

292,0

292,0

292,0

292,0

 
  

Diversen

20,3

31,0

38,5

39,4

36,5

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Autonome raming studiefinanciering

– 116,3

– 123,7

– 98,3

– 101,6

– 96,2

 
  

Leerlingenvolume referentieraming 2015

13,3

– 41,1

– 64,6

– 62,3

– 65,8

 
  

Diversen

29,9

29,4

30,4

30,8

30,9

 
   

50,6

290,1

300,5

300,1

298,7

 

Extrapolatie

35.890,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

108,3

646,3

– 347,3

– 205,3

– 141,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

36.086,6

36.792,8

35.899,7

35.931,7

35.890,1

35.890,2

Totaal Internationale samenwerking

61,6

60,6

55,8

55,8

55,8

55,8

Stand Miljoenennota 2016

36.148,1

36.853,4

35.955,5

35.987,6

35.946,0

35.946,0

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

1.256,7

1.320,7

1.382,1

1.459,0

1.517,6

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Rente studiefinanciering

– 40,3

– 56,0

– 81,5

– 110,2

– 142,4

 
  

Diversen

4,9

3,4

– 11,7

– 17,5

– 13,8

 
   

– 35,4

– 52,6

– 93,2

– 127,7

– 156,2

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

9,4

3,0

3,0

3,0

3,0

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Autonome raming studiefinanciering

43,8

66,1

89,8

115,8

144,3

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

53,2

69,1

92,8

118,8

147,3

 

Extrapolatie

1.585,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

17,9

16,4

– 0,5

– 8,8

– 8,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

1.274,6

1.337,2

1.381,6

1.450,2

1.508,7

1.585,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

1.274,6

1.337,2

1.381,6

1.450,2

1.508,7

1.585,4

Autonome raming studiefinanciering

De raming studiefinanciering 2015 laat een tegenvaller zien ten opzichte van de in de OCW-begroting 2015 verwerkte raming uit het voorjaar 2014 die omslaat naar een kleine meevaller vanaf 2017. Dit patroon doet zich zowel voor bij de basis- als de aanvullende beurs.

Gewichtenregeling

Op basis van de lagere raming van het aantal gewichtenleerlingen wordt het budget voor de gewichtenregeling structureel met 50 mln. neerwaarts bijgesteld.

Leerlingenvolume referentieraming 2015

De tegenvaller bij de leerlingen- en studentenraming in 2015 slaat vanaf 2016 om in een meevaller die oploopt naar circa 217 mln. in 2019. Uit de referentieraming leerlingen- en studentenaantallen blijkt dat het aantal leerlingen en studenten voor 2015 hoger is dan de in de OCW-begroting 2015 verwerkte aantallen. Vanaf 2016 komen de aantallen lager uit ten opzichte van de vorige raming. Hierachter gaan verschillende bewegingen schuil. Het aantal geraamde basisschoolleerlingen laat in alle jaren een stijging zien vanwege de geraamde toename immigratie- en geboortecijfers. De aantallen mbo-studenten komen op basis van de meest recente telgegevens flink lager uit. Voor het voortgezet en hoger onderwijs worden in de eerste jaren meer leerlingen respectievelijk studenten geraamd en in de latere jaren minder ten opzichte van de vorige referentieraming.

Onderwijsachterstandenbeleid

Op basis van de lagere raming van het aantal gewichtenleerlingen wordt het budget voor het onderwijsachterstandenbeleid (OAB) structureel met 50 mln. neerwaarts bijgesteld.

Ramingsbijstelling 2017–2020

Dit betreft een incidentele bijstelling van 94,3 mln. voor de jaren 2017 tot en met 2020 welke bij de begroting 2017 zal worden verdeeld over de verschillende beleidsartikelen, nadat rekening is gehouden met de budgettaire mutatie op basis van de referentie- en studiefinancieringsraming 2016.

Diversen

De raming voor subsidies wordt structureel met 20 mln. neerwaarts bijgesteld, vanwege verwachte onderuitputting op het subsidie-instrument.

Eindejaarsmarge

Dit betreft het saldo van de totale onderuitputting op de OCW begroting in 2014 van 126,8 mln. en twee vooruitbetalingen in 2014 van in totaal 184 mln. (zie ook brief aan de Tweede Kamer, kamerstuk 34 000 VIII, nr. 82). Hierdoor was er in 2014 sprake van een overschrijding van de OCW begroting van 57,1 mln. Deze negatieve eindejaarsmarge wordt in 2015 verrekend.

Kasschuif actieplan LeerKracht

Voor het actieplan LeerKracht van Nederland worden de maatregelen uit dit actieplan en de dekking ervan met elkaar in evenwicht gebracht. In totaal wordt 133,7 mln. uit de jaren 2016 en 2017 doorgeschoven naar de jaren 2018, 2019 en 2020.

Kasschuif ov-studentenkaart

Ter optimalisatie van het kasritme van de staat wordt een deel van de verplichtingen aan de vervoersbedrijven voor de OV-studentenkaart vooruitbetaald.

Regeerakkoord 2012 – D32

Tranche 2016 van de middelen voor regeerakkoordmaatregel D32 (Intensivering onderwijs en onderzoek) is overgeheveld naar de begroting van OCW.

Diversen (beleidsmatige mutaties)

Deze post bestaat hoofdzakelijk uit overlopende verplichtingen van 2015 naar verdere jaren. Hiervan heeft in 2015 18,9 mln. betrekking op een vertraging die zich voordoet in de onderwijshuisvesting op Caribisch Nederland. Verder wordt 6 mln. van 2015 doorgeschoven naar 2017 ten behoeve van de start van het nieuwe huisvestingstelsel Rijksmusea in 2017. Er wordt 6 mln. van het project flexibel hoger onderwijs voor volwassenen doorgeschoven naar 2016 om de raming beter aan te laten sluiten bij de verwachte realisatie. Voor het Lerarenfonds (eerder Innovatiefonds) wordt 4,5 mln. doorgeschoven naar 2016 omdat door de schooljaarsystematiek een groot deel van de uitgaven in 2016 plaatsvinden. Tot slot wordt er op het centrale apparaatartikel 5,3 mln. doorgeschoven naar de jaren 2016–2019 om aan te sluiten bij de gewijzigde financieringsbehoefte in verband met (inter)departementale ontwikkelingen. Hierbij gaat het o.a. om de uitwerking van de commissie Elias, de aansluiting van OCW op SAP 3F en het interdepartementale programma Rijk aan Informatie.

Loonbijstelling tranche 2015

Dit betreft de budgettaire verwerking van de loonbijstelling tranche 2015.

Diversen (technische mutaties kaderrelevant)

Dit betreft hoofdzakelijk de budgettaire verwerking van het kaderrelevante deel van de prijsbijstelling tranche 2015.

Autonome raming studiefinanciering (niet-kaderrelevant)

De niet-kaderrelevante raming studiefinanciering wordt neerwaarts bijgesteld. Dit is met name het gevolg van een lagere groei van het gemiddeld geleende bedrag per student zoals blijkt uit de realisatiecijfers van 2014.

Leerlingenvolume referentieraming 2015 (niet-kaderrelevant)

Dit betreft de budgettaire verwerking van het niet-kaderrelevante deel van de referentieraming 2015 op de studiefinanciering. Vanwege dalende studentenaantallen neemt het aantal leningen en prestatiebeurzen af.

Diversen (technische mutaties niet-kaderrelevant)

Dit betreft de budgettaire verwerking van het niet-kaderrelevante deel van de prijsbijstelling tranche 2015.

Rente studiefinanciering

De raming voor studiefinanciering 2015 laat lagere renteontvangsten zien vanwege de lagere rentestand.

Autonome raming studiefinanciering (niet-kaderrelevant)

De raming voor ontvangsten op de hoofdsom van de studieleningen is opwaarts bijgesteld. Vanwege de lagere rente wordt het aflossingsdeel in de terugbetalingen groter.

Nationale Schuld

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

13.070,3

15.159,5

17.328,8

16.566,6

19.020,8

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

– 4,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 4,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Mutatie in rekening-courant en deposito

– 2.291,5

– 3.360,3

– 4.323,2

– 2.630,8

– 4.315,9

 
  

Rente vaste schuld

– 532,1

– 1.450,6

– 2.066,4

– 2.140,2

– 2.342,3

 
  

Rente vlottende schuld

– 8,6

– 889,7

– 5,4

15,5

15,5

 
  

Rentelasten

2,1

– 208,6

– 40,8

43,2

145,8

 
  

Verstrekte leningen

4.886,2

– 100,0

– 100,0

– 100,0

– 100,0

 
   

2.056,2

– 6.009,1

– 6.535,7

– 4.812,2

– 6.596,8

 

Extrapolatie

13.045,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

2.051,9

– 6.009,1

– 6.535,8

– 4.812,2

– 6.596,9

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

15.122,3

9.150,4

10.793,0

11.754,5

12.424,0

13.045,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

15.122,3

9.150,4

10.793,0

11.754,5

12.424,0

13.045,8

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

4.008,9

5.557,2

5.300,1

5.044,9

4.867,2

 

Technische mutaties

      
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Aflossingen op leningen

4.606,5

– 849,8

– 529,7

– 617,7

– 600,8

 
  

Mutatie in rekening-courant en deposito

0,0

3.060,4

3.296,6

3.522,5

3.754,4

 
  

Rente vaste schuld

910,7

– 256,6

179,9

461,5

527,2

 
  

Rentebaten

– 142,5

– 398,7

– 564,7

– 601,7

– 705,5

 
  

Diversen

– 11,8

– 44,5

– 41,5

– 1,5

– 3,5

 
   

5.362,9

1.510,8

2.340,6

2.763,1

2.971,8

 

Extrapolatie

6.907,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

5.362,8

1.510,9

2.340,6

2.763,1

2.971,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

9.371,8

7.068,1

7.640,7

7.808,0

7.839,0

6.907,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

9.371,8

7.068,1

7.640,7

7.808,0

7.839,0

6.907,1

Mutatie in rekening-courant en deposito (uitgaven en ontvangsten)

De inleg van de sociale fondsen is gewijzigd als gevolg van een stijging van de premieontvangsten en een daling van de premiegefinancierde uitgaven.

Rente vaste schuld

De geraamde rentelasten vaste schuld dalen als gevolg van bijstellingen van de rentetarieven.

Rente vlottende schuld

De geraamde rentelasten vlottende schuld wijzigt alleen substantieel in 2016. Dat komt doordat alleen in dat jaar de rekenrente significant is gewijzigd ten opzichte van vorig jaar.

Rentelasten

De raming voor rentelasten kasbeheer dalen als gevolg van een wijziging van de rekenrente en veranderingen bij de aangehouden middelen van met name de sociale fondsen.

Verstrekte leningen

Gewijzigde inzichten in het leengedrag van agentschappen en Rechtspersonen met een wettelijke taak leiden tot een aanpassing van de voorziene uitgaven.

Aflossingen op leningen

Gewijzigde inzichten in het leengedrag van agentschappen en Rechtspersonen met een wettelijke taak leiden tot een aanpassing van de voorziene ontvangsten.

Rente vaste schuld

De mutatie van de rentebaten op de vaste schuld zijn het gevolg van bijgestelde renteresultaten op afgesloten swaps.

Rentebaten

De raming voor rentebaten kasbeheer daalt als gevolg van een wijziging van de rekenrente en veranderingen bij de aangehouden middelen.

Diversen (technische mutaties)

Dit betreft vooral de rentebetalingen op de vlottende schuld.

Financiën

IXB FINANCIEN: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

6.643,4

6.537,6

6.408,6

6.347,7

6.341,7

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Bijstellen bcf

– 52,8

– 51,3

– 49,4

– 49,4

– 49,4

 
  

Financiering gdi

14,7

19,2

17,0

14,2

12,7

 
  

Investeringsagenda

0,0

– 38,0

– 110,0

– 183,0

– 255,0

 
  

Investeringsagenda dynamisch monitoren

38,0

15,0

12,0

11,0

11,0

 
  

Investeringsagenda werkbedrijf switch

0,0

63,0

91,0

120,0

138,0

 
  

Inzet nominaal en onvoorzien

– 15,0

– 16,4

– 15,3

– 38,0

– 33,3

 
  

Nieuw douanewetboek – ucc

2,2

16,5

18,5

15,5

12,8

 
  

Tariefaanpassing rijksvastgoed bedrijf

– 24,9

– 41,1

– 30,4

– 28,4

– 26,9

 
  

Tekort spoor ii na maatregelen

65,7

20,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Uitvoeringskosten wet- en regelgeving

30,5

22,7

21,3

18,9

18,0

 
  

Diversen

30,1

30,1

– 4,9

– 6,4

– 7,7

 
   

88,5

39,7

– 50,2

– 125,6

– 179,8

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Belasting en invorderingsrente

– 106,0

– 151,0

– 180,0

– 200,0

– 236,0

 
  

Diversen

30,9

48,0

30,2

32,3

33,8

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Deelname aiib

0,0

73,0

36,5

36,5

36,5

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 75,1

– 30,0

– 113,3

– 131,2

– 165,7

 

Extrapolatie

5.893,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

13,5

9,6

– 163,5

– 256,8

– 345,5

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

6.656,9

6.547,2

6.245,1

6.090,9

5.996,2

5.893,0

Totaal Internationale samenwerking

359,3

283,9

258,4

275,7

275,7

254,6

Stand Miljoenennota 2016

7.016,2

6.831,1

6.503,5

6.366,6

6.271,9

6.147,6

IXB FINANCIEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

4.124,8

2.909,3

2.840,5

2.778,7

2.718,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Dividend staatsdeelnemingen

271,6

– 15,0

– 35,0

– 40,0

– 110,0

 
  

Hogere boetes en schikkingen

20,0

20,0

20,0

20,0

20,0

 
  

Schaderestituties ekv

90,0

145,2

116,5

151,2

152,1

 
  

Winstafdracht dnb

– 116,9

74,0

130,0

108,0

74,0

 
  

Diversen

5,8

0,5

4,8

8,8

12,0

 
   

270,5

224,7

236,3

248,0

148,1

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Belasting en invorderingsrente

– 106,0

– 151,0

– 180,0

– 200,0

– 236,0

 
  

Diversen

22,4

27,8

32,3

31,9

32,0

 
  

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Aanpassing rente griekenland

– 1,6

– 49,1

– 1,6

– 1,6

– 1,6

 
  

Dividend staatsdeelnemingen (financiële instellingen)

363,9

125,0

125,0

125,0

125,0

 
  

Dividend staatsdeelnemingen (superdividend urenco)

– 20,0

– 95,0

– 65,0

– 55,0

0,0

 
  

Vervroegde aflossing ing

– 1.025,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Winstafdracht dnb

155,9

105,0

– 82,0

– 94,0

– 82,0

 
  

Diversen

24,1

7,8

6,3

4,8

3,3

 
   

– 586,3

– 29,5

– 165,0

– 188,9

– 159,3

 

Extrapolatie

2.614,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 315,8

195,2

71,4

59,2

– 11,2

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

3.808,9

3.104,5

2.912,0

2.837,9

2.706,8

2.614,6

Totaal Internationale samenwerking

5,4

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

3.814,3

3.104,5

2.912,0

2.837,9

2.706,8

2.614,6

Bijstelling btw-compensatiefonds

De raming van het fonds is aangepast op basis van de jaarbeschikking over 2014, (geraamde) voorschotten en voorgenomen beleidsmutaties.

Financiering GDI

Ten behoeve van de Generieke Digitale Infrastructuur is de Belastingdienst opdrachtnemer van een tweetal projecten ten behoeve van de informatie-uitwisseling tussen bedrijven en overheden (Digipoort OTP en KIS – migratie OTP)

Investeringsagenda

De Belastingdienst investeert de komende jaren in personeel en materieel om de dienst efficiënter en effectiever te maken. Dit vergt een initiële investering in de jaren 2015 t/m 2019 en levert vanaf 2020 structureel een besparing op. Deze besparingsreeks is hier weergegeven, de middelen voor de investeringsagenda staan op de aanvullende post (met uitzondering voor de middelen van het werkbedrijf Switch).

Investeringsagenda Dynamisch monitoren

Dit is het eerste innovatieprojecten in het kader van de investeringsagenda, waarmee door slim gebruik van informatie meer belastinggeld geïnd kan worden bij debiteuren tegen lagere kosten. Hiervoor zijn bij VJN reeds extra middelen toegekend. Dit betreft investeringen (mensen en middelen) in zogeheten «analytic tools» waarmee informatie-overzichten per belastingplichtige (dashboards) en risico-/signaleringsmodellen kunnen worden gebouwd.

Investeringagenda Werkbedrijf Switch

Dit zijn de geraamde uitgaven voor het werkbedrijf Switch dat de Belastingdienst gaat oprichten in het kader van de investeringsagenda.

Inzet nominaal en onvoorzien

Een deel van het resterende bedrag op Nominaal & Onvoorzien is bij VJN ingezet ter dekking van uitvoeringsproblematiek bij met name de Belastingdienst (waaronder: nieuw douanewetboek UCC/uitvoeringskosten wet- en regelgeving/tekort spoor II).

Nieuw Douanewetboek – UCC

Het Douanewetboek van de Unie zal op 1 mei 2016 van toepassing worden. Het doel is om belemmeringen in het goederenverkeer weg te nemen en het bevorderen van snelle en goede douaneafhandeling. De implementatie vergt investeringen; voornamelijk voor het ontwerp van nieuwe en aanpassing van bestaande ICT systemen.

Tariefaanpassing Rijksvastgoedbedrijf

De positieve resultaatsontwikkeling bij het Rijksvastgoedbedrijf leidt tot een structureel lagere gebruikersvergoeding voor het Ministerie van Financiën.

Tekort spoor II na maatregelen

Een deel van de voorgenomen besparingen door vereenvoudiging van fiscale wetgeving (het zogenaamde Spoor II traject) wordt niet gerealiseerd in 2015. Ook in 2016 wordt een deel van de voorgenomen besparing niet gerealiseerd. De reden hiervoor is dat er vertraging is ontstaan in de vereenvoudiging van fiscale wetgeving.

Uitvoeringskosten wet- en regelgeving

De Belastingdienst heeft extra uitvoeringskosten door nieuwe fiscale wet- en regelgeving.

Diversen (beleidsmatige mutaties)

Dit betreft onder andere de herverdeling eenheidsprijzen kantoren door het rijksvastgoedbedrijf, de bijdrage vanuit Buitenlandse Zaken voor de handhaving van de sanctiemaatregelen tegen Rusland door de Douane en de afschaffing van de rentevergoeding depotstelsel (Het eerder voorgenomen depotstelsel, ter vervanging van de G-rekening (geblokkeerde rekening die aannemers kunnen gebruiken om loonheffing van uitzendkrachten aan de belastingdienst of aan onderaannemers te voldoen) vindt geen doorgang, waardoor het ook niet nodig zal zijn rente te vergoeden.)

Belasting- en invorderingsrente

De raming van zowel de ontvangsten als de uitgaven is bij VJN structureel naar beneden bijgesteld. Deze bijstelling is per saldo budgettair neutraal. In de oorspronkelijke raming van de introductie van de belastingrente was de verdeling over uitgaven en ontvangsten nog onvoldoende duidelijk. Inmiddels is deze verdeling duidelijk geworden en sluit deze beter aan bij de ramingen.

Diversen (technische mutaties)

Dit betreft met name de desaldering van de kosten vervolging van de Belastingdienst (10 mln.), de loon- en prijsbijstelling en de overheveling van een deel van het budget voor de generieke digitale infrastructuur naar de Belastingdienst.

Deelname AIIB

Nederland is voornemens deel te nemen als Prospective Founding Member aan de Asian Infrastructure Investment Bank (Kamerstukken II, 2014–15, 33 625, nr. 152). Hiervoor wordt kapitaal gestort en zal een garantie worden afgegeven.

Dividend staatsdeelnemingen

In 2015 is er een meevaller doordat het dividend van Tennet, NS en Gasunie in 2014 hoger was dan verwacht. Voor de komende paar jaar is de dividendraming voor zowel Tennet als Gasunie verlaagd, vanwege de onzekerheden omtrent de nieuwe reguleringsperiode. De langetermijnverwachting voor NS is eveneens neerwaarts bijgesteld vanwege de initiële kosten van de nieuwe concessie. Hiertegenover staan opbrengsten in de latere jaren. Een groot deel van de daling van de dividendontvangsten vanaf 2016 wordt veroorzaakt doordat Urenco voor bijna alle jaren zijn payoutratio neerwaarts heeft bijgesteld.

Hogere boetes en schikkingen

De ontvangsten van boetes en schikkingen zijn bij VJN, gezien de realisaties, structureel naar boven bijgesteld.

Schaderestituties EKV

De recuperatieramingen zijn bij VJN naar boven bijgesteld. Een belangrijke reden hiervoor is het in 2014 gesloten schuldenakkoord tussen Argentinië en de Club van Parijs. Een substantieel deel van de opbrengsten komt toe aan de Nederlandse staat via de EKV-recuperaties.

Winstafdracht DNB (kaderrelevant)

De verwachte winstafdracht in 2015 laat een verschuiving zien tussen de reguliere winst en de vermogenswinst. Vermogenswinst is niet relevant voor het uitgavenkader en het EMU-saldo. Door een nieuwe toerekening van kosten zijn er verschuivingen tussen de reguliere winst (uitgavenkader relevant) en de crisisgerelateerde winst (niet-kaderrelevant). Daarnaast zijn de rekeningen-courant en de deposito’s in omvang gestegen waardoor, dankzij de negatieve depositorente, de verwachte renteopbrengsten zijn toegenomen. Tot slot wordt de kaderrelevante winst bijgesteld vanwege extra inkomsten uit het Public Sector Purchase Program (PSPP), wat onderdeel is van het Extended Asset Purchase Program (EAPP) van de ECB. Deze laatste twee ontwikkelingen verklaren de meerjarige positieve ontwikkeling van de kaderrelevante winst.

Aanpassing rente bijstelling Griekenland

Door een nieuwe (lagere) rekenrente van het CPB dalen de geraamde rente-inkomsten van de bilaterale leningen aan Griekenland. De huidige rekenrente is voor 2016 nu 0,2%.

Dividend staatsdeelnemingen (financiële instellingen)

ABN Amro en ASR keren meer interim- en slotdividend uit dan verwacht. Daarom is de raming voor 2015 en verder opwaarts bijgesteld. Dividend van deze financiële instellingen is niet-kaderrelevant.

Dividend staatsdeelnemingen (superdividend Urenco)

Bij Urenco is de payoutratio bijgesteld tot net onder de 100%, waardoor er geen superdividend meer wordt uitgekeerd. Superdividend is niet kaderrelevant.

Vervroegde aflossing ING

ING heeft eerder dan verwacht het laatste deel van de staatssteun afbetaald. Bij NJN 2014 is deze afbetaling budgettair verwerkt voor 2014, bij VJN is het bedrag voor 2015 afgeboekt.

Winstafdracht DNB (niet-kaderrelevant)

De toename van de winst in 2015 wordt verklaard door de verschuiving tussen de reguliere winst en de crisis-gerelateerde winst (zie toelichting op het kaderrelevante deel van de Winstafdracht DNB). De toename van de winst in 2016 wordt grotendeels verklaard door eenmalige verkopen die hebben plaatsgevonden in de aandelenportefeuille van DNB (vermogenswinsten). Hiertegenover staan voornamelijk vermogensverliezen voor de latere jaren omdat obligaties in het EAPP boven de nominale waarde zijn aangekocht.

Defensie

X DEFENSIE: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

7.690,1

7.730,4

7.695,7

7.655,8

7.625,7

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Bijstellen personele exploitatie

0,0

9,0

18,0

18,0

18,0

 
  

Biv trekkingsrecht def

59,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Doorwerking ontvangsten

37,1

– 48,8

– 13,2

9,8

– 32,6

 
  

Ejm investeringen

37,8

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Financiering brigade speciale bev. opdrachten (bsb)

15,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Harmonisatie investeringsplan

0,0

– 200,0

0,0

75,0

125,0

 
  

Kasschuif herijking dip

– 96,6

88,3

– 13,8

0,0

22,1

 
  

Kasschuif personele exploitatie

0,0

0,0

33,0

– 16,0

– 10,0

 
  

Kasschuif tbv isis missie

– 100,0

– 23,0

64,0

37,0

22,0

 
  

Korten budget pgu & externe opleidingen

0,0

– 9,0

– 18,0

– 18,0

– 18,0

 
  

Diversen

– 7,1

8,6

– 1,4

– 1,5

– 1,5

 
   

– 54,0

– 174,9

68,6

104,3

125,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Contraterrorisme

19,5

56,8

54,8

51,3

51,3

 
  

Verhogen budgetten tbv inzetbaarheid geoefendheid en slagkracht

0,0

220,0

245,0

270,0

295,0

 
  

Diversen

1,4

19,8

20,1

20,4

21,0

 
  

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Diversen

0,4

0,3

0,3

0,3

– 0,1

 
   

21,3

296,9

320,2

342,0

367,2

 

Extrapolatie

8.063,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 32,8

122,0

388,8

446,3

492,2

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

7.657,4

7.852,4

8.084,5

8.102,2

8.117,9

8.063,5

Totaal Internationale samenwerking

310,2

381,5

331,4

331,4

331,4

331,4

Stand Miljoenennota 2016

7.967,6

8.233,9

8.415,9

8.433,6

8.449,3

8.394,9

X DEFENSIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

321,7

296,0

306,8

335,4

304,3

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Bijstellen ontvangsten

37,1

– 48,8

– 13,2

9,8

– 32,6

 
  

Diversen

– 5,3

– 5,3

– 5,3

– 5,3

– 5,3

 
   

31,8

– 54,1

– 18,5

4,5

– 37,9

 

Extrapolatie

336,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

31,8

– 54,1

– 18,4

4,5

– 37,9

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

353,4

241,8

288,4

339,9

266,4

336,7

Totaal Internationale samenwerking

6,7

26,8

32,2

6,7

6,7

6,7

Stand Miljoenennota 2016

360,1

268,6

320,6

346,6

273,1

343,4

Bijstellen personele exploitatie en korten budget persoonsgebonden uitgaven (PGU) externe opleidingen

Om dekking te bieden voor structurele personele problematiek worden de budgetten voor externe opleidingen en persoonsgebonden uitgaven (PGU) verminderd.

BIV trekkingsrecht Defensie

Betreft de financiering van activiteiten die de inzet in bijvoorbeeld vredesmissies of fragiele staten ondersteunen. Het gaat om zogeheten enablers zoals transportvliegtuigen en aan missies verbonden (na)zorgkosten voor uitgezonden defensiepersoneel.

Doorwerking en bijstelling ontvangsten (uitgaven en niet-belastingontvangsten)

De uitgavenruimte wordt verlaagd door een neerwaartse bijstelling van de ontvangsten, die het gevolg is van onder andere het voorlopig aanhouden van verkoop van groot materieel en vertraging in de afstoting van onroerend goed.

Eindejaarsmarge investeringen

Een bedrag van 37,8 mln. wordt via de eindejaarsmarge vanuit 2014 meegenomen en toegevoegd aan het investeringsbudget in 2015.

Financiering brigade speciale beveiligingsopdrachten (bsb)

Defensie verzorgt op verzoek van Buitenlandse Zaken de beveiliging van diplomaten en ambassades in gebieden waar dat noodzakelijk is.

Harmonisatie investeringsplan

Om de budgetten en de investeringsplannen beter op elkaar aan te laten sluiten is een deel van het investeringsbudget uit 2016 verschoven naar de jaren 2018 en 2019.

Kasschuiven herijking DIP en personele exploitatie

Er vinden kasschuiven binnen de meerjarenperiode plaats ten behoeve van de herijking van de investeringsplannen en een aangepast verloop van personele kosten.

Kasschuif t.b.v. ISIS missie

Voor de bekostiging van de Nederlandse defensiebijdrage aan de strijd tegen ISIS is het budget internationale veiligheid op de Defensiebegroting in 2015 en 2016 verhoogd vanuit HGIS onvoorzien. Om het generale beeld niet te belasten vindt er een kasschuif plaats binnen het investeringsartikel. De middelen blijven beschikbaar voor investeringen.

Contraterrorisme

Op 27 februari jl. heeft het kabinet besloten de veiligheidsketen op een aantal punten substantieel te versterken. De intensiveringsmiddelen worden van de aanvullende post overgeheveld naar de begroting van Defensie.

Verhogen budgetten t.b.v. inzetbaarheid, geoefendheid en slagkracht krijgsmacht

Het kabinet heeft besloten tot verhoging van het budget voor Defensie om de inzetbaarheid, geoefendheid en slagkracht van de krijgsmacht te versterken. Hiervoor wordt een bedrag vrijgemaakt van € 220 mln. oplopend naar € 345 mln. structureel in 2020.

Infrastructuur en Milieu

XII INFRASTRUCTUUR EN MILIEU: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

9.215,8

9.372,9

9.704,4

9.156,4

9.254,4

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Aanvullende kasschuif

0,0

– 40,0

40,0

0,0

0,0

 
  

Belasting infraspeed

22,5

2,9

2,9

2,9

2,9

 
  

Kasschuif deltafonds

– 75,0

0,0

0,0

0,0

75,0

 
  

Kasschuif infrastructuurfonds (versnelde ontvangsten)

– 250,0

100,0

0,0

75,0

75,0

 
  

Raming deltafonds

0,0

– 35,0

– 115,0

0,0

0,0

 
  

Raming infrastructuurfonds

0,0

– 65,0

15,0

– 100,0

– 100,0

 
  

Toekenning eindejaarsmarge 2014

25,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

– 2,3

4,4

2,5

– 0,2

– 0,6

 
   

– 279,2

– 32,7

– 54,6

– 22,3

52,3

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Dbfm a12 ede-grijsoord

– 59,1

– 15,0

14,3

8,0

6,9

 
  

Dbfm a9 gaasperdammerweg

– 44,6

– 134,7

– 316,3

175,1

44,4

 
  

Decentralisatie bdu

0,0

– 996,0

– 1.001,9

– 966,8

– 965,8

 
  

Decentralisatie bodem

– 83,2

– 82,2

– 79,2

– 74,2

– 74,2

 
  

Rsp 2015

– 48,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

27,5

43,5

52,9

55,9

53,5

 
   

– 207,9

– 1.184,4

– 1.330,2

– 802,0

– 935,2

 

Extrapolatie

8.343,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 487,0

– 1.217,2

– 1.384,8

– 824,2

– 882,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

8.728,8

8.155,7

8.319,6

8.332,2

8.371,6

8.343,3

Totaal Internationale samenwerking

26,7

20,2

18,5

18,5

18,5

18,5

Stand Miljoenennota 2016

8.755,4

8.176,0

8.338,1

8.350,7

8.390,1

8.361,8

XII INFRASTRUCTUUR EN MILIEU: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

241,2

210,2

238,1

237,8

370,8

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

30,6

– 0,4

– 0,2

– 0,3

– 0,3

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Diversen

0,0

2,7

0,0

0,0

0,0

 
   

30,6

2,3

– 0,2

– 0,3

– 0,3

 

Extrapolatie

307,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

30,7

2,3

– 0,2

– 0,3

– 0,3

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

271,9

212,5

237,9

237,5

370,5

307,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

271,9

212,5

237,9

237,5

370,5

307,5

Aanvullende kasschuif

Er is sprake van een aanvullende kasschuif in 2016 ten behoeve van het rijksbrede financiële beeld. De meerjarige programmering wordt hierop niet aangepast.

Belasting Infraspeed

Infraspeed is de railinfrastructuurbeheerder van de Hogesnelheidslijn Zuid. In het contract uit 2001 tussen de Staat en Infraspeed is een clausule opgenomen met betrekking tot de aftrekbaarheid van de rente op de aandeelhoudersleningen. Deze bestaande afspraak is bij VJN verwerkt.

Kasschuif Deltafonds

Op het Deltafonds loopt een aantal uitvoeringsprogramma’s af. Daarnaast zijn de deltabeslissingen genomen en is het nieuwe Hoogwaterbeschermingsprogramma opgestart. Om het ritme van het meerjarige programma en het budget op het Deltafonds weer met elkaar in overeenstemming te brengen, vindt er een kasschuif plaats op het Deltafonds.

Kasschuif Infrastructuurfonds (versnelde ontvangsten)

Voor een drietal projecten is er in 2015 versneld bijdragen van derden ontvangen (250 mln.). Het betreft de projecten Kanaal Gent-Terneuzen, Zeetoegang IJmond en N35 Nijverdal-Wierden. De projectuitgaven zijn pas in latere jaren voorzien. Om het budget meer in lijn te brengen met de programmering vindt er een kasschuif plaats op het Infrastructuurfonds.

Raming Delta- en Infrastructuurfonds

Sinds enige jaren wordt er op de artikelen bij Wegen en Vaarwegen met een overprogrammering gewerkt om zeker te stellen dat de beschikbare middelen ook jaarlijks worden uitgeput. Bij deze begroting wordt het gebruik van dit instrument verder uitgebreid naar het Spoorartikel en het Deltafonds. Over de periode 2016–2020 wordt zo eenmalig 100 mln. per jaar vrijgespeeld op de fondsen. Via een kasschuif worden deze middelen in de periode 2021–2025 weer aan de fondsbegrotingen toegevoegd. Dit was mogelijk zonder consequenties op het lopende programma. Vanaf 2026 zal er een structurele ramingsbijstelling van 100 mln. per jaar worden toegepast op het infrastructuurfonds. Het Deltafonds draagt in de periode tot en met 2020 in totaal 150 mln. aan deze kasschuif bij. Deze middelen vloeien terug in 2022.

Toekenning Eindejaarsmarge 2014

De eindejaarsmarge van 2014 is toegevoegd aan de begroting van IenM.

Diversen (beleidsmatige mutaties)

Dit is een saldo van diverse mutaties. Eén van de belangrijkste is het doorschuiven van 2,4 mln. eindejaarsmarge 2014 van 2015 naar 2017. Daarnaast heeft er een herverdeling eenheidsprijzen kantoren door het Rijksvastgoedbedrijf plaatsgevonden. Deze mutatie zorgt ervoor dat deze budgetten hoger uitvallen in 2016 (4,4 mln.) en 2017 (0,1 mln.), maar lager uitvallen in de latere twee jaren (respectievelijk 0,2 mln. en 0,6 mln. lager).

Dbfm A12 ede-grijsoord

In 2014 is de DBFM-aanbesteding afgerond van het project A12 Ede-Grijsoord. De budgettaire reeksen worden omgezet om aan de beschikbaarheidsvergoedingen te kunnen voldoen.

Dbfm A9 gaasperdammerweg

In 2014 is de DBFM-aanbesteding afgerond van het project A9 Gaasperdammerweg, een onderdeel van het programma Schiphol-Almere-Amsterdam. De budgettaire reeksen worden omgezet om aan de beschikbaarheidsvergoedingen te kunnen voldoen.

Decentralisatie BDU

Met ingang van 2016 worden de voor de provincies bestemde Brede Doel Uitkering (BDU)-middelen toegevoegd aan het provinciefonds.

Decentralisatie bodem

Dit betreft de decentralisatie-uitkering voor Bodemsanering aan gemeenten en provincies. Deze overboeking dient om het laatste jaar van het oude bodemconvenant uit te voeren. Tevens betreft het de uitkering aan gemeenten en provincies voor het nieuwe bodemconvenant voor de periode 2016 tot en met 2020.

RSP 2015

Voor een aantal Concrete projecten binnen het Regiospecifiek Pakket Zuiderzeelijn, vervult Noord Nederland de rol van contracterende partij. Om deze rol te kunnen vervullen stort IenM delen van het budget in het Provinciefonds.

Diversen (technische mutaties)

Dit betreft overboekingen van en naar andere departementen en de loon- en prijsbijstelling. Daarnaast hebben er enkele desalderingen plaatsgevonden.

De belangrijkste overboekingen zijn:

  • – ANVS: De expertise op het gebied van nucleaire veiligheid en stralingsbescherming bij IenM (Inspectie Leefomgeving en Transport / Kernfysische Dienst) en EZ (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland /stralingslab, NIV) zijn samengevoegd tot één onafhankelijke organisatie genaamd Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS). Per 1 mei 2015 heeft EZ de verantwoordelijkheid voor nucleaire veiligheid overgedragen aan IenM. Het ambtelijk personeel is reeds per 1 januari 2015 naar IenM overgegaan.
  • – Financiering GDI: Dit betreft een bijdrage aan de voorzieningen binnen de generieke digitale infrastructuur (GDI). Deze middelen zijn op de Aanvullende Post geplaatst.
  • – SAR-Defensie: Dit betreft de bijdrage van Defensie aan IenM in het Search and Rescue (SAR)-contract.
  • – De provincie Zuid-Holland ontvangt ten behoeve van het Programma Impuls Omgevingsveiligheid 2015–2018 een decentralisatieuitkering.

Diversen (beleidsmatige mutaties)/Niet-belastingontvangsten

Dit betreft met name een aanpassing van de ontvangstenraming voor mogelijke incidentele ontvangsten.

Diversen (technische mutaties)/Niet-belastingontvangsten

Dit betreft met name de volgende mutaties:

  • – Centrale uitgaven bedrijfsvoering: Het betreft de interne verrekening van centraal betaalde ICT en facilitaire dienstverlening.
  • – Desaldering asbestwegen: Dit betreft een verhoging van het budget ten behoeve van de afrekening van het project Saneringsregeling Asbestwegen (derde fase). De afwikkeling omvat met name de arbitrages met BAM en voor de dekking van Safety Deals.
  • – Desaldering basisregistraties: De Unie van Waterschappen draagt bij aan de kosten van de opdrachtverstrekking aan het Kadaster voor Basisregistraties. Voor het innen van de gelden is een vordering vastgelegd. Op basis van de ontvangst wordt een aanvullende opdracht verstrekt aan het Kadaster. Hiervoor dient het uitgavenbudget voor het BRK (Basisregistraties Kadaster) te worden opgehoogd.
  • – Desaldering NANoREG: IenM ontvangt van de Europese Commissie (EC) middelen ten behoeve van de coördinatie van het EU-programma NANoREG. De uitvoering van dit project is ondergebracht bij het projectbureau NANoREG ondersteund/gefaciliteerd door het RIVM.
  • – Desaldering prosafe: IenM ontvangt van de Europese Commissie (EC) middelen ten behoeve van de coördinatie van het EU-project PROSAFE.
  • – In de begroting van IenM is op artikel 98 een structurele ontvangstenreeks opgenomen waar geen ontvangsten op binnen komen. Vermoedelijk is dit ontstaan bij conversies tijdens de fusie van VenW en VROM tot IenM. Dit wordt nu gecorrigeerd.

Diversen (technische mutaties)/Niet-belastingontvangsten – niet tot de ijklijn behorend

De ontvangsten uit de heffingen voor de overige Schipholprojecten zijn in 2013 en 2014 neerwaarts bijgesteld als gevolg van minder vliegbewegingen. Omdat de uitgaven voor de overige Schipholprojecten worden gefinancierd uit de heffingen, zullen deze ontvangsten alsnog in 2016 gerealiseerd worden.

Economische Zaken

XIII ECONOMISCHE ZAKEN: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

4.817,3

4.732,6

4.723,7

4.919,7

5.467,7

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Bijdrage rvo

13,4

15,2

14,5

7,8

7,8

 
  

Dienst landelijk gebied

– 23,0

10,0

6,0

4,0

3,0

 
  

Ejm toekomstfonds

162,7

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Ejm 2014

18,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Ets-compensatie:doorschuif 2016 restant 2014

– 20,0

0,0

20,0

0,0

0,0

 
  

Groningen

16,0

35,0

35,0

33,0

31,0

 
  

Horizontale schuif fundamenteel en toegepast onderzoek

– 25,0

25,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Horizontale schuif innovatiekredieten

– 28,6

0,0

2,3

10,0

6,4

 
  

Kasschuif funf to fund / dvi2

– 95,0

15,0

15,0

15,0

13,0

 
  

Mep-middelen vrijval

– 21,6

– 3,9

– 6,7

– 0,3

– 10,6

 
  

Niet-bestede ets-middelen 2014

20,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Ramingsbijstellingen

– 41,0

– 103,0

– 100,0

– 95,0

– 98,0

 
  

Rom

34,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Tegenvaller groen onderwijs

5,0

31,0

29,0

15,0

21,0

 
  

Tki toeslag

0,0

– 15,2

– 12,2

– 2,3

– 1,0

 
  

Diversen

41,7

25,4

20,0

6,4

17,0

 
   

57,2

34,5

22,9

– 6,4

– 10,4

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Fundamenteel onderzoek

50,0

25,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Provinciefonds/natuurmiddelen

– 34,2

– 41,0

– 41,0

– 41,0

– 41,0

 
  

Ramingsbijstellingen

20,0

77,0

77,0

73,0

78,0

 
  

Diversen

58,4

7,1

4,2

6,4

7,8

 
  

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Krediet 2014 ecn/nrg

30,2

21,3

9,2

2,6

2,6

 
  

Diversen

12,9

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

137,3

89,4

49,4

41,0

47,4

 

Extrapolatie

6.180,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

194,4

124,0

72,4

34,6

37,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

5.011,7

4.856,6

4.796,1

4.954,3

5.504,7

6.180,2

Totaal Internationale samenwerking

59,4

47,9

47,2

46,3

46,3

46,3

Stand Miljoenennota 2016

5.071,1

4.904,5

4.843,3

5.000,6

5.551,0

6.226,5

XIII ECONOMISCHE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

10.168,5

10.118,1

9.898,9

10.083,5

10.573,7

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

21,1

13,8

10,9

11,8

13,8

 
   

21,1

13,8

10,9

11,8

13,8

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Ramingsbijstelling

20,0

77,0

77,0

73,0

78,0

 
  

Diversen

57,8

1,7

1,7

1,6

1,5

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Bijstelling aardgasbaten

– 2.250,0

– 3.200,0

– 3.250,0

– 2.950,0

– 2.650,0

 
  

Landbouwheffingen

– 243,0

– 243,0

– 243,0

– 243,0

– 243,0

 
  

Rom

34,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

– 17,8

15,8

0,0

0,0

0,0

 
   

– 2.399,0

– 3.348,5

– 3.414,3

– 3.118,4

– 2.813,5

 

Extrapolatie

8.296,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 2.377,9

– 3.334,7

– 3.403,4

– 3.106,6

– 2.799,7

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

7.790,6

6.783,5

6.495,5

6.976,9

7.774,0

8.296,2

Totaal Internationale samenwerking

0,4

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

7.791,0

6.783,5

6.495,5

6.976,9

7.774,0

8.296,2

Bijdrage RVO

De bijdrage voor het agentschap RVO.nl stijgt door o.a. hogere uitvoeringskosten van de WBSO in 2016 en 2017. Daarnaast zijn er incidenteel hogere kosten door de overname van taken van het opgeheven agentschap Dienst Landelijk Gebied.

Dienst landelijk gebied

Met deze mutatie worden de middelen van de eindbalans van DLG aangesloten bij de uitgaven voor de zogenaamde Van Werk Naar Werk (VWNW) kandidaten.

Eindejaarsmarge Toekomstfonds

De niet bestede middelen uit het Toekomstfonds van 2014 worden doorgeschoven naar 2015.

Eindejaarsmarge 2014

De mutatie betreft een deel van de reguliere eindejaarsmarge (EJM) van EZ (de totale EJM bedraagt 32,8 mln).

Ets-compensatie:doorschuif 2016 restant 2014

Conform afspraak blijven de middelen die in enig jaar overblijven voor Emission Trade Scheme (ETS) beschikbaar voor latere jaren. Met deze horizontale verschuiving worden de resterende middelen van 2014 die bij Voorjaarsnota reeds waren toegevoegd aan 2015 doorgeschoven naar 2017.

Groningen

Deze post omvat de uitbreiding van EZ-organisatie ter oprichting van de overheidsdienst Groningen, de versterking van SODM en de energiedirecties. Daarnaast zijn de middelen bedoeld voor de financiering van bodemonderzoeken. Dit naar aanleiding van de besluiten in de Kamerbrief van 9 februari jl. (Kamerstuk 33 529, nr. 96) over de instelling van de nationaal coördinator Groningen.

Horizontale schuif fundamenteel en toegepast onderzoek

Om de middelen aan te laten sluiten op het kasritme vindt er een kasschuif plaats binnen het Toekomstfonds.

Horizontale schuif innovatiekredieten

Om de middelen aan te laten sluiten op het kasritme vindt er een kasschuif plaats binnen het Toekomstfonds.

Kasschuif fund to fund/DVI 2

Als onderdeel van het aanvullend actieplan MKB-financiering (TK, 32 637, nr. 147) is de begroting in 2014 verhoogd met 100 mln ten behoeve van het Dutch Venture Initiative (DVI). Via deze mutatie wordt het kasbudget aangepast aan het verwachte uitfinancieringspatroon. Deze reeks loopt tot en met 2028.

MEP middelen vrijval

Ten opzichte van de MEP-raming van vorig jaar, is in 2015 en verder sprake van lagere uitgaven. Deze meevaller wordt ingezet voor knelpunten in de begroting van EZ. De lagere uitgaven op de MEP hebben geen consequenties voor het doelbereik duurzame energie in 2020 en 2023.

Niet bestede ETS middelen 2014

De niet bestede ETS middelen van 2014 worden toegevoegd aan de begroting 2015.

Ramingsbijstellingen

In deze mutatie is de dekking van de verschillende tegenvallers en intensiveringen verwerkt. Er wordt geïntensiveerd in de overheidsdienst Groningen. Daarnaast worden tegenvallers binnen het groen onderwijs opgelost. De dekking hiervoor komt uit de TKI toeslag, ETS compensatiemiddelen en een kasschuif bij duurzame energie.

ROM

Het voornemen is een deel van het aandelenpakket LIOF (Limburgse ontwikkelings- en investeringsmaatschappij) te verkopen voor een bedrag van 34 mln. Echter is de verkoop van aandelen van LIOF met 2 mln bijgesteld waardoor de ontvangsten en uitgaven op 32 mln uitkomen. De opbrengst van de verkoop blijft beschikbaar binnen het Toekomstfonds voor eventuele kapitaalstortingen in de ROM’s. De inkomsten zijn een financiële transactie (niet kader- en EMU-saldo relevant), maar de uitgaven zijn een beleidsmatige transactie (wel kader- en EMU-saldo-relevant), hierdoor is er een kaderbelasting. De mutatie heeft geen effect op de staatsschuld.

Tegenvaller groen onderwijs

Bij het groen onderwijs hebben zich enkele tegenvallers voorgedaan. Het gaat om leerling-stijgingen en het volgen van OCW bij de prijsstijgingen in de lump sum bekostiging. Daarnaast wordt het amendement van de leden Harbers en Koolmees structureel ingepast.

TKI toeslag

De niet benutte ruimte op de TKI toeslag wordt ingezet om de hogere uitvoeringskosten bij RVO voor de WBSO te compenseren.

Diversen beleidsmatige mutaties

Deze post omvat verschillende mutaties, waaronder een intensivering bij de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) samenhangend met de overgang naar het Ministerie van I&M.

Fundamenteel onderzoek

Vanuit de aanvullende post worden de middelen voor fundamenteel onderzoek toegevoegd aan de begroting van EZ.

Provinciefonds/natuurmiddelen

Voor de uitvoering van het Natuurpact ontwikkeling en beheer van natuur in Nederland hebben de provincies FTE’s overgenomen van Dienst Landelijk Gebied (DLG). Met deze mutatie worden de bijbehorende middelen overgeheveld naar het Provinciefonds.

Krediet ECN

Aan het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) en haar dochter de Nuclear Research and Consultancy Group (NRG) wordt door het Rijk een krediet verstrekt om de continuïteit van hun bedrijfsvoering te verzekeren (Kamerstuk 25 422, nr. 112).

Bijstelling aardgasbaten

De raming van de aardgasbaten voor 2015 en verder is gebaseerd op de nominale uitgangspunten van het Centraal Plan Bureau uit de MEV en kabinetsbeslissing over de hoogte van het productievolume.

Landbouwheffingen

Op basis van de verordening EU (nr. 2007/436/EG, Euratom) is het niet meer noodzakelijk dat invoerrechten en landbouwheffingen afzonderlijk worden verantwoord. Met ingang van 2015 worden de ontvangen landbouwheffingen op de begroting van het Ministerie van Financiën geraamd en verantwoord.

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

32.421,2

32.875,5

33.671,5

33.984,8

34.402,5

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Aio

– 2,3

7,2

19,6

26,4

32,5

 
  

Akw

3,8

10,3

15,2

18,9

21,6

 
  

Bijstand

56,5

– 4,9

– 53,9

– 89,3

– 105,6

 
  

Generieke digitale infrastructuur

14,7

19,2

17,0

14,2

12,7

 
  

Iow

6,5

20,9

18,4

3,7

11,2

 
  

Kinderopvangtoeslag

– 217,3

– 310,5

– 368,2

– 444,2

– 495,3

 
  

Kindgebonden budget

– 102,5

– 96,7

– 73,0

– 71,9

– 71,7

 
  

Verhoogde asielinstroom

22,0

19,0

11,0

11,0

11,0

 
  

Wajong

0,2

– 21,3

– 21,5

– 21,3

– 21,5

 
  

Diversen

36,6

14,7

16,0

15,7

16,3

 
   

– 181,8

– 342,1

– 419,4

– 536,8

– 588,8

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Eindejaarsmarge rbg-eng

52,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kasschuiven rbg-eng

– 158,8

– 0,3

128,1

31,4

– 0,3

 
  

Diversen

0,9

12,2

7,7

8,3

8,2

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Aanpassing fraudewet

15,2

15,0

14,4

14,6

14,8

 
  

Eindejaarsmarge sza

48,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Harmonisering gelijk speelveld

0,0

– 12,0

– 18,0

– 26,0

– 32,0

 
  

Intensivering kinderopvangtoeslag

0,0

0,0

19,0

43,0

43,0

 
  

Intensivering kindgebonden budget

4,7

45,4

31,2

31,0

31,0

 
  

Inzet reservering coördinatie sociale zekerheidsstelsels

– 12,5

– 14,5

– 16,0

– 16,2

– 6,2

 
  

Inzet restant eindejaarsmarge sza

– 48,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kasschuiven sza

– 25,9

47,5

32,2

19,9

2,9

 
  

Neutrale herschikking uitvoeringskosten uwv

– 48,1

12,5

18,5

19,5

20,2

 
  

Nominale ontwikkeling

50,6

51,5

52,3

52,3

53,3

 
  

Tijdelijke inkomensondersteuning aow

76,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

1,1

3,5

3,1

2,1

– 16,5

 
   

– 44,4

160,8

272,5

179,9

118,4

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Rijksschoonmaakorganisatie

0,0

12,9

21,6

23,9

55,7

 
  

Diversen

– 3,0

2,4

5,6

4,5

2,0

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Intensivering kinderopvangtoeslag

0,0

220,0

250,0

250,0

250,0

 
  

Peuteropvang

0,0

15,0

25,0

25,0

40,0

 
  

Uitbreiding betaald partnerverlof

0,0

0,0

40,0

65,0

70,0

 
  

Diversen

0,7

15,9

40,1

45,9

56,4

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Bikk aow

0,8

– 56,6

– 59,7

– 63,1

– 66,7

 
  

Liv

0,0

0,0

0,0

493,0

493,0

 
  

Lkv

0,0

0,0

0,0

0,0

297,0

 
  

Rijksbijdrage vermogenstekort ouderdomsfonds

– 748,6

– 1.137,9

– 1.667,8

– 1.745,9

– 1.715,8

 
  

Diversen

0,7

0,8

0,0

0,3

0,7

 
   

– 749,4

– 927,5

– 1.345,2

– 901,4

– 517,7

 

Extrapolatie

33.843,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 975,6

– 1.108,8

– 1.492,1

– 1.258,6

– 988,1

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

31.445,6

31.766,7

32.179,4

32.726,3

33.414,4

33.843,0

Totaal Internationale samenwerking

0,5

0,5

0,5

0,5

0,5

0,5

Stand Miljoenennota 2016

31.446,1

31.767,2

32.179,9

32.726,7

33.414,8

33.843,5

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

1.685,3

1.702,1

1.677,5

1.681,1

1.687,2

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Bijstand zelfstandigen

15,3

– 0,5

– 0,5

– 0,5

– 0,5

 
  

Kinderopvangtoeslag

116,8

12,6

25,3

6,2

– 7,9

 
  

Ontvangsten sociale werkvoorziening en participatiebudget

26,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

4,5

– 8,5

– 2,4

– 1,1

– 0,2

 
   

162,6

3,6

22,4

4,6

– 8,6

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,9

5,2

6,5

7,4

7,4

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

0,0

0,4

2,8

3,5

3,6

 
   

0,9

5,6

9,3

10,9

11,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Rijksschoonmaakorganisatie

0,0

12,9

21,6

23,9

55,7

 
  

Diversen

0,7

– 0,2

– 0,2

– 0,2

– 0,2

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,7

12,7

21,4

23,7

55,5

 

Extrapolatie

1.740,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

164,1

21,9

53,1

39,1

57,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

1.849,4

1.724,0

1.730,7

1.720,2

1.745,0

1.740,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

1.849,4

1.724,0

1.730,7

1.720,2

1.745,0

1.740,6

AIO

Op basis van informatie van de SVB worden de uitgaven aan de AIO opwaarts bijgesteld. De stijging wordt voornamelijk veroorzaakt doordat het aantal niet-westerse allochtonen met een gekorte AOW-uitkering in de komende jaren toeneemt.

AKW

De uitgaven aan de kinderbijslag zijn opwaarts bijgesteld op basis van de volumeprognose 2015 van de SVB. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door een stijging van het aantal kinderen ten opzichte van de vorige volumeprognose van de SVB.

Bijstand

De raming van uitgaven aan de bijstand wordt neerwaarts bijgesteld als gevolg van lagere verwachte werkloosheidscijfers dan waar eerder mee gerekend werd.

Generieke digitale infrastructuur

Dit betreft een bijdrage aan de voorzieningen binnen de generieke digitale infrastructuur (GDI). Deze middelen zijn op de Aanvullende Post geplaatst.

IOW

Op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV is de raming van de IOW-uitgaven opwaarts bijgesteld. Mensen hebben gemiddeld langer recht op een IOW-uitkering en de gemiddelde verwachte uitkering is iets hoger dan eerder gedacht. Daarnaast komen de IOW-uitgaven hoger uit dan eerder gedacht als gevolg van sterkere doorwerking in de IOW van de in afgelopen jaren gestegen WW-instroom.

Kinderopvangtoeslag (uitgaven en inkomsten)

Op basis van recente realisatiecijfers van de Belastingdienst is de raming van de uitgaven aan de kinderopvang naar beneden bijgesteld. De effecten van eerdere bezuinigingen in de kinderopvang bleken groter dan eerder gedacht. Daarnaast zijn de effecten van de economische crisis groter gebleken dan verwacht. De raming is ook structureel naar beneden bijgesteld, omdat de in het verleden verwachte autonome stijging van het gebruik van kinderopvang zich niet meer lijkt voor te doen.

Kindgebonden budget

De raming van uitgaven aan het kindgebonden budget is neerwaarts bijgesteld op basis van nieuwe realisatiecijfers van de Belastingdienst en inkomensgegeven van het CPB. Door de hogere economische groei en hogere inkomens in 2015 en 2016 hebben minder mensen recht op een (hoger) kindgebonden budget. Daarnaast zijn er minder alleenstaande ouders dan eerder verwacht.

Verhoogde asielinstroom

De asielinstroom neemt toe en dit leidt tot extra kosten voor voorinburgeringstrajecten bij het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA) en kosten voor maatschappelijke begeleiding bij gemeenten.

Wajong

Uit uitvoeringsinformatie van het UWV blijkt dat het aantal mensen in de Wajong lager is dan verwacht. Daarnaast stijgt de gemiddelde verwachte uitkering minder hard dan eerder gedacht. Dit leidt tot een neerwaartse bijstelling van de geraamde uitgaven aan de Wajong.

Eindejaarsmarge RBG-eng

Dit betreft de overheveling van de eindejaarsmarge naar de begroting van SZW.

Kasschuiven RBG-eng

Om het kasritme van de uitgaven te ondersteunen worden diverse kasschuiven gedaan. De grootste hiervan betreft een kasschuif ten behoeve van de sectorplannen. Een deel van het budget voor de sectorplannen wordt van 2015 en 2016 overgeheveld naar latere jaren vanwege een andere liquiditeitsbehoefte van de eerdere plannen.

Aanpassing fraudewet

Dit betreft de aanpassing van de uitvoering van de Fraudewet naar aanleiding van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep.

Eindejaarsmarge SZA

Dit betreft de overheveling van de eindejaarsmarge naar de begroting van SZW.

Harmonisering gelijk speelveld

Het UWV gaat de no-riskpolis ook uitvoeren voor de gemeentelijke doelgroep van de banenafspraak. Deze mutatie betreft de overboeking van middelen die hiervoor waren bestemd in de Integratie-uitkering Sociaal Domein.

Intensivering kinderopvangtoeslag (beleidsmatig en technisch)

In het kader van het 5 mld. pakket om de lasten op arbeid te verlagen is besloten de kinderopvangtoeslag te verhogen. Structureel wordt 291 mln. geïntensiveerd.

Intensivering kindgebonden budget

Dit betreft de structurele verhoging van het kindgebonden budget voor derde en volgende kinderen vanaf 2016. Ook wordt in 2016 het kindgebonden budget voor het tweede kind eenmalig verhoogd.

Inzet reservering coördinatie sociale zekerheidsstelsels

Het project voor de coördinatie van sociale zekerheidsstelsels in de EU vordert minder snel dan gedacht. Een deel van de reservering kan worden ingezet ter dekking van het budgettaire beeld SZA.

Inzet restant eindejaarsmarge SZA

Ter dekking van het budgettaire beeld SZA zet SZW het restant van de eindejaarsmarge in.

Kasschuiven SZA

Om het kasritme van de uitgaven binnen het kader SZA te ondersteunen worden diverse kasschuiven gedaan. Onderdeel van deze reeks is een budgettair neutrale schuif waarbij de middelen worden verplaatst van premie- naar begrotingsgefinancierd. Vervolgens is het kasritme aangepast.

Neutrale herschikking uitvoeringskosten UWV

Dit betreft een budgettair neutrale herschikking van de uitvoeringskosten UWV. Tegenover de hogere begrotingsgefinancierde uitvoeringskosten UWV staat een gelijke daling van de premiegefinancierde uitvoeringskosten UWV.

Nominale ontwikkeling

Dit is een overboeking van het begrotingshoofdstuk «koppeling uitkeringen» naar de begroting van SZW. Hiermee worden de begrotingsgefinancierde uitkeringen op het prijspeil van 2015 gebracht.

Tijdelijke inkomensondersteuning AOW

Deze post heeft betrekking op de in de maand januari uitgekeerde inkomensondersteuning AOW. Per 1 februari wordt de inkomensondersteuning gefinancierd uit het Ouderdomsfonds.

Rijksschoonmaakorganisatie (uitgaven en inkomsten)

Met deze mutatie wordt de Rijksschoonmaakorganisatie verwerkt in de begroting.

Peuteropvang

Het kabinet heeft middelen vrijgemaakt waarmee gemeenten extra aanbod in de peuteropvang kunnen creëren, zodat alle peuters gebruik kunnen maken van een voorschoolse voorziening.

Uitbreiding betaald partnerverlof

Het betaald kraamverlof van partners (»partnerverlof») wordt uitgebreid van 2 naar 5 dagen.

BIKK AOW

Op basis van het Centraal Economisch Plan van het CPB is de raming voor de bijdrage in de kosten van de heffingskortingen (BIKK) aan het ouderdomsfonds voor 2016 en verder neerwaarts bijgesteld.

LIV

Met deze mutatie wordt het Lage Inkomensvoordeel (LIV) verwerkt in de begroting.

LKV

Met deze mutatie wordt het Loonkostenvoordeel (LKV) verwerkt in de begroting.

Rijksbijdrage vermogenstekort ouderdomsfonds

Op basis van het Centraal Economisch Plan van het CPB is de raming voor de rijksbijdrage aan het vermogenstekort van het ouderdomsfonds neerwaarts bijgesteld.

Bijstand zelfstandigen

Gemeenten krijgen een voorschot om BBZ te verstrekken. Voor sommige gemeenten is dat voorschot te hoog en voor anderen te laag. De realisaties t.o.v. de bevoorschottingen worden na afloop van elk jaar verrekenend. De nabetalingen plus eenmalige uitkering over 2014 bedroegen 15,3 mln.

Ontvangsten sociale werkvoorziening en participatiebudget

Dit betreffen terugontvangsten van de sociale werkvoorziening (WSW) en het Participatiebudget in verband met onderrealisatie bij de WSW en onrechtmatigheid bij het Participatiebudget.

Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt

SOCIALE ZEKERHEID: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015

78.009,9

78.883,0

79.584,2

80.500,4

81.234,1

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Aio

– 2,3

7,2

19,6

26,4

32,5

 
  

Aow

40,7

65,4

112,5

131,6

143,2

 
  

Bijstand

56,5

– 4,9

– 53,9

– 89,3

– 105,6

 
  

Iva

64,2

119,7

140,1

161,1

192,0

 
  

Kinderopvangtoeslag

– 217,3

– 310,5

– 368,2

– 444,2

– 495,3

 
  

Kindgebonden budget

– 102,5

– 96,7

– 73,0

– 71,9

– 71,7

 
  

Nominale ontwikkeling

– 186,4

235,8

294,5

262,3

256,6

 
  

Wao

59,0

66,1

64,6

64,7

67,2

 
  

Wazo

– 82,9

– 64,5

– 56,1

– 48,8

– 37,5

 
  

Wga

– 34,6

– 97,8

– 136,4

– 171,1

– 204,7

 
  

Ww

– 530,0

– 774,6

– 905,4

– 994,1

– 924,8

 
  

Zw

58,0

35,6

36,2

36,4

36,6

 
  

Diversen

93,4

49,0

43,6

30,4

40,5

 
   

– 784,2

– 770,2

– 881,9

– 1.106,5

– 1.071,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Aanpassing fraudewet

35,3

34,6

33,5

33,8

34,2

 
  

Eindejaarsmarge sza

48,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Intensivering kinderopvangtoeslag

0,0

0,0

19,0

43,0

43,0

 
  

Intensivering kindgebonden budget

4,7

45,4

31,2

31,0

31,0

 
  

In=uit taakstelling

– 48,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Inzet restant eindejaarsmarge sza

– 48,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kasschuiven sza

– 140,3

52,5

35,9

21,0

2,5

 
  

Uitstel 1,5 jaar kostendelersnorm aow

0,0

27,0

104,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

– 8,6

– 2,7

– 29,4

– 39,4

– 45,8

 
   

– 157,4

156,8

194,2

89,4

64,9

 

Technische mutaties

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Brutering

– 24,7

– 10,3

– 21,2

– 119,0

– 133,6

 
  

Intensivering kinderopvangtoeslag

0,0

220,0

250,0

250,0

250,0

 
  

Uitbreiding betaald partnerverlof

0,0

0,0

40,0

65,0

70,0

 
  

Diversen

– 1,5

2,7

12,4

11,9

33,9

 

Extrapolatie

81.130,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 968,0

– 400,8

– 406,6

– 809,3

– 785,5

 

Stand Miljoenennota 2016

77.041,9

78.482,2

79.177,5

79.691,1

80.448,6

 
SOCIALE ZEKERHEID: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015

1.017,4

1.044,1

1.029,0

1.041,9

1.057,5

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Kinderopvangtoeslag

116,8

12,6

25,3

6,2

– 7,9

 
  

Ontvangsten sociale werkvoorziening en participatiebudget

26,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Ww

– 41,5

– 41,5

– 41,5

– 41,5

– 41,5

 
  

Diversen

17,8

– 11,9

– 6,3

– 5,4

– 4,8

 
   

119,1

– 40,8

– 22,5

– 40,7

– 54,2

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

0,0

0,4

2,8

3,5

3,6

 
   

0,0

0,4

2,8

3,5

3,6

 

Extrapolatie

1.014,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

119,1

– 40,3

– 19,7

– 37,1

– 50,7

 

Stand Miljoenennota 2016

1.136,5

1.003,8

1.009,3

1.004,8

1.006,8

 

AIO

Op basis van informatie van de SVB worden de uitgaven aan de AIO opwaarts bijgesteld. De stijging wordt voornamelijk veroorzaakt doordat het aantal niet-westerse allochtonen met een gekorte AOW-uitkering in de komende jaren toeneemt.

AOW

De raming van de uitgaven aan de AOW is bijgesteld op basis van de volumeprognose 2015 van de SVB. Het aantal mensen met een AOW-uitkering stijgt als gevolg van de gestegen levensverwachting.

Bijstand

De raming van uitgaven aan de bijstand wordt neerwaarts bijgesteld als gevolg van lagere verwachte werkloosheidscijfers dan waar eerder mee gerekend werd.

IVA

Het verwachte aantal mensen met een IVA-uitkering is naar boven bijgesteld op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV. Meer mensen zijn duurzaam arbeidsongeschikt dan eerder verwacht. Daarnaast is de verwachte gemiddelde uitkering hoger dan eerder gedacht.

Kinderopvangtoeslag (uitgaven en inkomsten)

Op basis van recente realisatiecijfers van de Belastingdienst is de raming van de uitgaven aan de kinderopvang naar beneden bijgesteld. De effecten van eerdere bezuinigingen in de kinderopvang bleken groter dan eerder gedacht. Daarnaast zijn de effecten van de economische crisis groter gebleken dan verwacht. De raming is ook structureel naar beneden bijgesteld, omdat de in het verleden verwachte autonome stijging van het gebruik van kinderopvang zich niet meer lijkt voor te doen.

Kindgebonden budget

De raming van uitgaven aan het kindgebonden budget is neerwaarts bijgesteld op basis van realisatiecijfers van de Belastingdienst en nieuwe inkomensgegeven van het CPB. Door de hogere economische groei en hogere inkomens in 2015 en 2016 hebben minder mensen recht op een (hoger) kindgebonden budget. Daarnaast zijn er minder alleenstaande ouders dan eerder verwacht.

Nominale ontwikkeling

De mutatie betreft een aanpassing in de geraamde nominale ontwikkeling binnen het SZA-kader als gevolg van CPB-ramingen van loon- en prijsontwikkeling en als gevolg van mutaties in uitgavenramingen binnen de Sociale Zekerheid.

WAO

De opwaartse bijstelling van de geraamde uitgaven aan de WAO wordt met name veroorzaakt doordat de gemiddelde WAO-uitkering hoger is dan eerder gedacht en de uitstroom uit de WAO lager is dan eerder gedacht.

WAZO

De raming van de WAZO-uitgaven wordt naar beneden bijgesteld. Het totaal aantal geboorten ligt lager dan eerder gedacht.

WGA

De raming van de WGA-uitgaven wordt neerwaarts bijgesteld. Het verwachte aantal mensen dat van een WGA-uitkering doorstroomt naar een IVA-uitkering neemt meerjarig toe.

WW

De raming van de WW-uitgaven wordt neerwaarts bijgesteld. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de lagere verwachte werkloosheid dan bij MEV.

ZW

De opwaartse bijstelling van de geraamde uitgaven aan de Ziektewet (ZW) wordt met name veroorzaakt doordat meer mensen recht hebben op een ZW-uitkering dan eerder gedacht. Daartegenover staat dat de verwachte gemiddelde uitkering lager is dan eerder werd gedacht. Per saldo wordt de raming van de ZW-uitgaven opwaarts bijgesteld.

Diversen (uitgaven en ontvangsten)

Dit betreft voornamelijk het saldo van tegenvallers bij de kinderbijslag, de IOW, de verhoogde asielinstroom en een meevaller bij de Wajong.

Aanpassing fraudewet

Dit betreft de aanpassing van de uitvoering van de Fraudewet naar aanleiding van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep.

Eindejaarsmarge SZA en ramingstechnische veronderstelling in=uit

Dit betreft de overheveling van de eindejaarsmarge naar de begroting van SZW. Gelijktijdig is de ramingstechnische veronderstelling in=uit geboekt op de Aanvullende Post. De combinatie van beide bewerkstelligt dat het totale uitgavenbeeld niet wijzigt.

Intensivering kinderopvangtoeslag (beleidsmatig en technisch)

In het kader van het 5 mld. pakket om de lasten op arbeid te verlagen is besloten de kinderopvangtoeslag te verhogen. Structureel wordt 291 mln. geïntensiveerd.

Intensivering kindgebonden budget

Dit betreft de structurele verhoging van het kindgebonden budget voor derde en volgende kinderen vanaf 2016. Ook wordt in 2016 het kindgebonden budget voor het tweede kind eenmalig verhoogd.

Inzet restant eindejaarsmarge SZA

Ter dekking van het budgettaire beeld SZA zet SZW het restant van de eindejaarsmarge in.

Kasschuiven SZA

Om het kasritme van de uitgaven binnen het kader SZA te ondersteunen worden diverse kasschuiven gedaan. Onderdeel van deze reeks is een budgettair neutrale schuif waarbij de middelen worden verplaatst van premie- naar begrotingsgefinancierd. Vervolgens is het kasritme aangepast.

Uitstel 1,5 jaar kostendelersnorm aow

Dit betreft het uitstel van de invoering van de kostendelersnorm AOW naar 1 januari 2018.

Diversen

Dit betreft voornamelijk de inzet van de reservering coördinatie sociale zekerheidsstelsels.

Brutering

Diverse uitkeringen zijn netto gekoppeld aan het netto minimumloon, maar kennen een ander bruto-netto traject dan het minimumloon. Wijzigingen in het bruto-netto traject van het minimumloon leiden tot aanpassing van het netto minimumloon. De uitkeringen die netto zijn gekoppeld, worden evenredig aangepast maar door het andere bruto-netto traject kan de bruto uitkering een afwijkende ontwikkeling vertonen dan die van het bruto mimimumloon. Het effect hiervan op de uitkeringslasten wordt het bruteringseffect genoemd. Het uitgavenkader SZA is voor dit effect gecorrigeerd.

Uitbreiding betaald partnerverlof

Het betaald kraamverlof van partners («partnerverlof») wordt uitgebreid van 2 naar 5 dagen.

Ontvangsten sociale werkvoorziening en participatiebudget

Dit betreffen terugontvangsten van de sociale werkvoorziening (WSW) en het Participatiebudget in verband met onderrealisatie bij de WSW en onrechtmatigheid bij het Participatiebudget.

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

14.580,8

14.792,9

14.954,8

14.841,1

14.742,8

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Intensivering wanbetalers

0,0

25,0

25,0

25,0

25,0

 
  

Kasschuif capaciteitsreductie jeugdzorg plus

25,0

– 25,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Taakstellende onderuitputting

1,8

– 19,1

16,1

16,1

16,1

 
  

Uitvoering rvp en hielprik

– 35,4

– 30,4

– 30,4

– 30,4

– 30,4

 
  

Diversen

59,6

23,5

16,7

15,7

11,0

 
  

Zorg

      
  

Herziene raming zorg caribisch nederland

20,0

20,0

20,0

20,0

20,0

 
  

Kwaliteitsimpuls umc's

49,8

49,8

49,8

37,4

37,4

 
  

Onderuitputting integrale tarieven

– 80,0

30,0

50,0

0,0

0,0

 
  

Ruimte subsidie capaciteitsopleidingen

– 21,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Tegemoetkomingen wtcg

34,0

7,1

3,1

1,2

0,0

 
  

Diversen

2,8

3,0

3,0

3,0

3,0

 
   

56,6

83,9

153,3

88,0

82,1

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Buurtsportcoaches

– 47,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Uitvoeringskosten svb 2015 pgb trekkingsrechten

49,7

23,4

8,4

5,7

5,7

 
  

Diversen

5,7

31,1

19,4

31,2

36,0

 
  

Zorg

      
  

Diversen

– 1,2

0,1

0,1

0,1

0,1

 
  

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Bikk wlz

0,0

– 79,2

– 83,5

– 88,2

– 93,2

 
  

Maatregelen zorgtoeslag

0,0

252,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Rijksbijdrage 18-

0,0

– 185,3

– 98,4

– 98,6

– 63,5

 
  

Zorgtoeslag

55,4

– 367,5

– 15,3

296,0

571,6

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

62,6

– 325,4

– 169,3

146,2

456,7

 

Extrapolatie

15.769,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

119,2

– 241,4

– 16,0

234,1

538,7

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

14.700,0

14.551,4

14.938,9

15.075,2

15.281,5

15.769,0

Totaal Internationale samenwerking

5,3

5,1

5,0

5,0

5,0

5,0

Stand Miljoenennota 2016

14.705,3

14.556,5

14.943,9

15.080,2

15.286,5

15.774,0

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

82,7

150,7

72,7

72,7

72,7

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Ontvangsten wanbetalers

15,0

25,0

25,0

25,0

25,0

 
  

Diversen

2,4

– 1,0

– 6,0

– 1,0

– 6,0

 
   

17,4

24,0

19,0

24,0

19,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

12,9

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

12,9

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

91,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

30,3

24,0

19,0

24,0

19,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

113,0

174,7

91,7

96,7

91,7

91,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

113,0

174,7

91,7

96,7

91,7

91,7

Intensivering wanbetalers

Sinds eind april 2015 ligt het wetsvoorstel Wet verbetering wanbetalersmaatregelen ter behandeling in de Eerste Kamer. Dit wetsvoorstel heeft tot doel verbeteringen te realiseren in de uitvoering van de wanbetalersregeling. Deze maatregelen kunnen leiden tot aanpassingen in de uitgaven en ontvangsten. Vooralsnog is de uitgavenraming met een gelijk bedrag als de ontvangstenraming verhoogd.

Kasschuif capaciteitsreductie jeugdzorg plus

De capaciteit jeugdzorg plus wordt verlaagd met 174 capaciteitsplaatsen. Om dit mogelijk te maken is er een subsidieregeling sanering leegstand gesloten jeugdhulp. Om alle aanvragen al in 2015 te kunnen vergoeden is voorzien in een kasschuif € 25 mln. van 2016 naar 2015.

Taakstellende onderuitputting

De taakstellende onderuitputting wordt verlaagd en is vanaf 2017 teruggebracht naar nul.

Uitvoering RVP en hielprik

De uitgaven voor de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma en de hielprik zijn als gevolg van onder meer dalende geboortecijfers structureel lager dan het hiervoor beschikbaar gestelde budget. Hierbij is reeds rekening gehouden met de extra uitgaven door uitbreiding van de screening bij de hielprik (advies Gezondheidsraad).

Diversen – Beleidsmatige mutaties – Rijksbegroting in enge zin

Deze post bevat verschillende mutaties, waaronder uitwerking van de strategische agenda, de kosten voor de mobiliteitsorganisatie voormalige diensten en de verbeterplannen transitie DBC-Onderhoud.

Herziene raming zorg Caribisch Nederland

Dit betreft een stijging van de uitgaven voor medisch-specialistische zorg op Caribisch Nederland. Daarnaast leidt de waardedaling van de euro ten opzichte van de dollar tot meerkosten voor 2015 en verder.

Kwaliteitsimpuls UMC’s

Dit betreft een overheveling van middelen die waren gereserveerd voor de UMC’s als gevolg van het inhouden van de ILO als onderdeel van de afspraken uit het Zorgakkoord. Via toevoeging aan de kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg vloeien de middelen weer terug naar de UMC’s. Het gaat om een bedrag van 37 mln. per jaar. Er is bovendien 37 mln. vrijgemaakt die incidenteel wordt toegevoegd aan de subsidieregeling in de jaren 2015–2017; de facto blijft daarmee de gehele opbrengst van het vervroegen van de ilo-korting beschikbaar voor de UMC’s.

Onderuitputting integrale tarieven

In het hoofdlijnenakkoord medisch-specialistische zorg zijn afspraken gemaakt ter facilitering van de transitie naar integrale tarieven. In 2015 is sprake van onderuitputting. Deze middelen worden via een kasschuif beschikbaar gehouden voor 2016 en 2017.

Ruimte subsidie capaciteitsopleidingen

In de loop van 2015 en 2016 zal het Capaciteitsorgaan nieuwe adviezen afgeven. Deze hebben geen effect meer op de uitgaven in 2015. In 2015 resteert derhalve ruimte van € 21 mln.

Tegemoetkomingen wtcg

Een deel van de voor 2014 geraamde betalingen van tegemoetkomingen Wtcg is doorgeschoven naar 2015. Verwacht wordt dat ook in de jaren 2016 t/m 2018 nog tegemoetkomingen zullen worden uitgekeerd.

Diversen – Beleidsmatige mutaties – Zorg

Deze post betreft een stijging van de kosten voor abortusklinieken onder andere als gevolg van tariefindexatie en volumeontwikkeling.

Buurtsportcoaches

De brede impuls combinatiefunctionaris is een onderdeel van het programma «Sport en bewegen in de buurt». In 2015 doen 371 gemeenten mee aan de brede impuls. Het Rijk draagt hieraan bij. De middelen worden toegevoegd aan de decentralisatie-uitkering buurtsportcoaches.

Uitvoeringskosten SVB 2015 pgb trekkingsrechten

Het SVB heeft aanvullende kosten voor de trekkingsrechten pgb’s en de overgang voor pgb-houders.

Diversen – Technische mutaties – Rijksbegroting in enge zin

Deze post betreft onder meer een desaldering in verband met de tijdelijke projectdirectie Antonie van Leeuwenhoek Terrein (PD-ALt), de invoering van de normatieve huisvestingcomponent (NHC) en middelen voor antibioticaresistentie.

Diversen – Technische mutaties – Zorg

Dit betreft de prijsbijstelling tranche 2015 voor het begrotingsgefinancierde deel van het BKZ.

BIKK Wlz

Dit is de bijstelling Bijdrage in Kosten van Kortingen (BIKK) naar aanleiding van actuele ramingen van het Centraal Planbureau.

Maatregelen zorgtoeslag

In het kader van het koopkrachtpakket voor 2016 wordt de tijdelijke verhoging van de zorgtoeslag eenmalig verlengd.

Rijksbijdrage 18-

Het betreft de bijstelling van Rijksbijdrage 18- naar aanleiding van actuele ramingen van het Centraal Planbureau.

Zorgtoeslag

Dit is de bijstelling van de uitgavenraming zorgtoeslag naar aanleiding van actuele ramingen van het Centraal Planbureau.

Ontvangsten wanbetalers

Betreft een ramingsbijstelling van het Zorginstituut Nederland ten aanzien van de opbrengsten wanbetalers.

Diversen – Beleidsmatige mutaties – Rijksbegroting in enge zin

Dit is een optelsom van verschillende mutaties en desalderingen.

Diversen – Technische mutaties – Rijksbegroting in enge zin

Deze post betreft een desaldering in verband met de tijdelijke projectdirectie PD ALt.

Budgettair Kader Zorg

ZORG: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015

71.346,4

73.582,3

75.068,1

78.271,5

81.815,6

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Zorg

      
  

Genees- en hulpmiddelen

– 268,0

– 268,0

– 268,0

– 268,0

– 268,0

 
  

Grensoverschrijdende zorg

– 50,0

– 50,0

– 50,0

– 50,0

– 50,0

 
  

Herverdelingseffect jeugdzorg

0,0

– 132,8

– 135,9

– 136,8

– 136,8

 
  

Herverdelingseffect wlz

241,5

305,2

353,3

364,4

364,4

 
  

Herverdelingseffect wmo

0,0

– 255,6

– 287,6

– 316,2

– 305,2

 
  

Herverdelingseffect zvw

– 37,9

– 26,2

– 69,0

– 72,7

– 51,7

 
  

Medisch specialistische zorg

– 33,9

– 33,9

– 33,9

– 33,9

– 33,9

 
  

Nominale ontwikkeling

– 268,6

– 174,2

– 131,2

– 93,4

– 130,6

 
  

Wlz-indiceerbaren jeugdzorg

– 108,9

– 108,9

– 108,9

– 108,9

– 108,9

 
  

Wlz-indiceerbaren wmo

– 25,0

– 25,9

– 25,9

– 25,9

– 25,9

 
  

Diversen

– 12,9

– 26,6

– 26,6

– 26,6

– 26,6

 
   

– 563,7

– 796,9

– 783,7

– 768,0

– 773,2

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Zorg

      
  

Aanvullend budget bo 29 mei wmo

0,0

20,0

40,0

40,0

40,0

 
  

Capaciteitsreductie gesloten jeugdzorg

0,0

25,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Compensatie tegenvaller eigen risico

0,0

0,0

0,0

0,0

– 181,2

 
  

Contracteerruimte wlz

– 22,9

– 57,3

– 57,3

– 57,3

– 57,3

 
  

Darmkankerscreening

25,0

25,0

25,0

25,0

25,0

 
  

Dekking pgb-tekort

0,0

– 116,0

– 176,0

– 176,0

– 176,0

 
  

Extramuraliseringseffecten

150,0

259,0

338,0

378,0

309,0

 
  

Geneesmiddelen

– 149,2

– 291,3

– 350,0

– 345,0

– 345,0

 
  

Groeiruimte wmo 2015

– 5,0

– 27,6

– 30,7

– 30,7

– 30,7

 
  

Huishoudelijke hulp wlz mpt

0,0

27,0

27,0

27,0

27,0

 
  

Huishoudelijke hulptoelage

13,5

66,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kapitaallasten

– 2,0

22,9

57,5

71,7

71,7

 
  

Kasschuif groeiruimte care

– 50,0

50,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kosten svb pgb trekkingsrechten

42,7

8,4

8,4

5,7

5,7

 
  

Kwaliteitsimpuls umc's

49,8

49,8

49,8

37,4

37,4

 
  

Onderuitputting integrale tarieven

– 80,0

30,0

50,0

0,0

0,0

 
  

Passend onderwijs

22,9

57,3

57,3

57,3

57,3

 
  

Pgb-tekort wlz wegens hogere toestroom

91,0

133,0

160,0

160,0

160,0

 
  

Premie reservering awbz uitvoeringskosten

– 40,0

– 40,0

– 40,0

– 40,0

– 40,0

 
  

Ruimte kwaliteitsimpuls umc's

– 37,4

– 37,4

– 37,4

– 37,4

– 37,4

 
  

Tarieven tandheelkunde

– 18,0

– 35,0

– 35,0

– 35,0

– 35,0

 
  

Tegemoetkomingen wtcg

34,0

7,1

3,1

1,2

0,0

 
  

Trekkingsrechten pgb

9,0

33,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Vrijval nominaal en onverdeeld

– 164,8

– 193,0

– 153,8

– 153,8

– 153,8

 
  

Diversen

– 25,8

– 45,1

– 51,0

– 34,2

– 30,2

 
   

– 157,2

– 29,2

– 115,1

– 106,1

– 353,5

 

Technische mutaties

      
 

Zorg

      
  

Brutering pgb

60,0

60,0

60,0

60,0

60,0

 
  

Enveloppe: waardigheid en trots

0,0

132,5

152,5

152,5

157,5

 
  

Diversen

– 73,4

– 64,7

– 91,0

– 100,6

– 104,7

 
   

– 13,4

127,8

121,5

111,9

112,8

 

Extrapolatie

84.628,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 734,3

– 698,3

– 777,2

– 762,1

– 1.013,9

 

Stand Miljoenennota 2016

70.612,1

72.883,9

74.290,9

77.509,4

80.801,7

 
ZORG: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015

4.955,0

5.071,8

5.138,0

5.261,0

5.462,9

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Zorg

      
  

Eigen bijdrage wlz

94,0

112,0

123,0

125,0

115,0

 
   

94,0

112,0

123,0

125,0

115,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Zorg

      
  

Tegenvaller eigen risico

0,0

– 174,0

– 174,0

– 174,0

– 174,0

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

– 174,0

– 174,0

– 174,0

– 174,0

 

Technische mutaties

      
 

Zorg

      
  

Brutering pgb

60,0

60,0

60,0

60,0

60,0

 
  

Diversen

0,0

– 27,0

– 27,0

– 27,0

– 27,0

 
   

60,0

33,0

33,0

33,0

33,0

 

Extrapolatie

5.585,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

154,0

– 29,0

– 18,0

– 16,0

– 26,0

 

Stand Miljoenennota 2016

5.109,0

5.042,8

5.120,0

5.245,0

5.436,9

 

Genees- en hulpmiddelen

Dit betreft de neerwaartse bijstelling van de uitgaven voor genees- en hulpmiddelen. Dit is de doorwerking van de afrekening 2014. De neerwaartse bijstelling van de geneesmiddelen (188 mln.) wordt voornamelijk veroorzaakt door o.a. lagere volumegroei en succesvol gevoerd preferentiebeleid. De uitgaven in de hulpmiddelensector lijken zich te stabiliseren, terwijl vooraf met een groei rekening werd gehouden.

Grensoverschrijdende zorg

Dit betreft de structurele doorwerking van over 2014 geraamde ontvangsten vanuit het buitenland voor zorg die in Nederland is verleend aan verdragsgerechtigden. Deze ontvangsten worden hoger geraamd dan eerder is verondersteld.

Herverdelingseffect jeugdzorg

In februari 2015 zijn de realisatiecijfers 2014 AWBZ binnengekomen voor zowel de zorg in natura als het pgb. Op basis van deze cijfers vindt er een herverdeling plaats over de verschillende domeinen binnen de hervorming langdurige zorg. Per saldo komen de uitgaven voor de jeugdzorg lager uit. In 2015 vindt geen herverdeling plaats met gemeenten.

Herverdelingseffect wlz

In februari 2015 zijn de realisatiecijfers 2014 AWBZ binnengekomen voor zowel de zorg in natura als het pgb. Op basis van deze cijfers vindt er een herverdeling plaats over de verschillende domeinen binnen de hervorming langdurige zorg. Per saldo komen de uitgaven voor de Wlz (inclusief Wlz-indiceerbaren) hoger uit.

Herverdelingseffect wmo

In februari 2015 zijn de realisatiecijfers 2014 AWBZ binnengekomen voor zowel de zorg in natura als het pgb. Op basis van deze cijfers vindt er een herverdeling plaats over de verschillende domeinen binnen de hervorming langdurige zorg. Per saldo komen de uitgaven voor de Wmo lager uit. In 2015 vindt geen herverdeling plaats met gemeenten.

Herverdelingseffect zvw

In februari 2015 zijn de realisatiecijfers 2014 AWBZ binnengekomen voor zowel de zorg in natura als het pgb. Op basis van deze realisatiecijfers van februari 2015 vindt er een herverdeling plaats over de verschillende domeinen binnen de hervorming langdurige zorg. Per saldo komen de uitgaven voor de Zvw lager uit.

Medisch specialistische zorg

Dit betreft meevallers binnen een aantal sectoren binnen de tweedelijns curatieve zorg waaronder de geriatrische revalidatiezorg.

Nominale ontwikkeling

De raming van de loon- en prijsbijstelling is aangepast op basis van de meest recente macro-economische inzichten in de Macro Economische Verkenningen (MEV) van het CPB en het wijzigen van de grondslagen.

Wlz-indiceerbaren jeugdzorg/wmo

Met deze mutatie wordt (cf. decembercirculaire 2014) vanaf 2015 het Gemeentefonds verlaagd. De middelen worden ingezet binnen de Wlz

Diversen (mee- en tegenvallers)

Deze post is het saldo van een meevaller bij het ziekenvervoer (10,5 mln.) en een tegenvaller bij de eerstelijnszorg (5,1 mln.).

Aanvullend budget BO 29 mei

Op grond van het overhedenoverleg van 29 mei 2015 worden middelen toegevoegd aan de Wmo en de integratie-uitkering Wmo/huishoudelijke verzorging. Het gaat om in totaal 20 mln. in 2016 en 40 mln. vanaf 2017 structureel.

Capaciteitsreductie gesloten jeugdzorg

Dit betreft het toevoegen van middelen in 2016 voor de regeling capaciteitsreductie gesloten jeugdzorg. De subsidieregeling capaciteitsreductie jeugdzorgplus voorziet in een verantwoorde afbouw van capaciteitsplaatsen in de jeugdzorgplussector, waarbij jeugdzorginstellingen een tegemoetkoming ontvangen voor frictiekosten in dit kader.

Compensatie tegenvaller eigen risico

Deze mutatie betreft een taakstellende reeks, ter (intertemporele) compensatie van de tegenvaller op de opbrengst van het eigen risico.

Contracteerruimte wlz

De contracteerruimte was in de vorige begroting voor 100% gedekt. In de praktijk is de contracteerruimte de afgelopen jaren echter niet volledig benut en levert ook de nacalculatie een meevaller op. De raming is hierop aangepast en daarmee valt ruimte vrij.

Darmkankerscreening

De kosten voor vervolgonderzoeken naar aanleiding van de eerste darmkankerscreeningen zijn hoger dan waarmee in de oorspronkelijke ramingen rekening is gehouden. Tegelijkertijd blijkt het aantal vervolgonderzoeken hoger te zijn dan eerder werd verwacht.

Dekking pgb-tekort

Het knelpunt dat is ontstaan als gevolg van het pgb-tekort wordt geredresseerd via ramingsbijstellingen (zoals een andere toedeling van de groeiruimte tussen pgb en ZIN alsmede veronderstellingen over gebruik). Omdat het voor 2015 niet mogelijk is om budgettaire maatregelen rondom de pgb's te nemen, wordt het pgb-tekort voor dit jaar via een kasschuif intertemporeel in latere jaren gecompenseerd.

Extramuraliseringseffecten

Uit realisatiecijfers over de ontwikkeling van het aantal lage zzp’s in de V&V-sector blijkt dat de daling in 2014 minder snel gaat dan verwacht. Dit leidt tot extra intramurale Wlz-uitgaven. Daarnaast worden extra middelen beschikbaar gesteld om afbakeningsknelpunten voor ouderen met zzp 4 in de Wlz op te lossen.

Geneesmiddelen

Voor 2015 en latere jaren is de raming neerwaarts bijgesteld. Dit is onder andere het gevolg van het preferentiebeleid en de gematigde volumeontwikkeling.

Groeiruimte wmo 2015

Dit betreft de meerjarig nog beschikbare groeiruimte Wmo.

Huishoudelijke hulp wlz mpt

Cliënten met een mpt (modulair pakket thuis) ontvangen in 2015, net als in voorgaande jaren, hun huishoudelijke verzorging nog vanuit de Wmo 2015. Vanaf 2016 zal het budget voor de huishoudelijke verzorging voor de hier bedoelde cliënten aan de contracteerruimte Wlz worden toegevoegd. Deze mutatie betreft het besparingsverlies van het deel van het budget dat niet vanuit het Gemeentefonds aan de contracteerruimte Wlz kan worden toegevoegd in verband met de korting op de huishoudelijke verzorging in de Wmo 2015 vanaf 2015.

Huishoudelijke hulptoelage

Er is een tekort ontstaan door het schrappen van het budgetplafond voor de Huishoudelijke hulptoelage, waarvoor nu middelen worden toegevoegd aan het Gemeentefonds.

Kapitaallasten

In het verleden werden kapitaallasten op basis van nacalculatie gecompenseerd. Vanaf 2018 zullen de kapitaallasten volledig op basis van de normatieve huisvestingscomponent (NHC) zijn. Gedurende de overgangsperiode 2012–2018 zal op basis van het advies van NZa de NHC met 2,5% worden geïndexeerd.

Kasschuif groeiruimte care

Om een meer evenwichtige verdeling van de middelen groeiruimte care over de jaren heen te bereiken, wordt de beschikbare ruimte in 2015 verlaagd en via een kasschuif overgeheveld naar 2016.

Kosten svb pgb trekkingsrechten

Het SVB heeft aanvullende kosten voor de trekkingsrechten pgb’s en de overgang voor pgb-houders.

Kwaliteitsimpuls umc’s

Dit betreft een overheveling van middelen die waren gereserveerd voor de UMC’s als gevolg van het inhouden van de ILO als onderdeel van de afspraken uit het Zorgakkoord. Via toevoeging aan de kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg vloeien de middelen weer terug naar de UMC’s. Het gaat om een bedrag van 37 mln. per jaar. Er is bovendien 37 mln. vrijgemaakt die incidenteel wordt toegevoegd aan de subsidieregeling in de jaren 2015–2017; de facto blijft daarmee de gehele opbrengst van het vervroegen van de ILO-korting beschikbaar voor de UMC’s.

Onderuitputting integrale tarieven

In het hoofdlijnenakkoord medisch-specialistische zorg zijn afspraken gemaakt ter facilitering van de transitie naar integrale tarieven. In 2015 is sprake van onderuitputting. Deze middelen worden via een kasschuif beschikbaar gehouden voor 2016 en 2017.

Passend onderwijs

Voor kinderen met een zzp-indicatie in de Wlz is dagbesteding standaard in het profiel opgenomen. Hiermee was nog geen rekening gehouden bij de vaststelling van het budgettaire kader voor 2015. In het kader van aangenomen moties van Dik-Faber/Voordewind (TK 31 497, nr 156) en Ypma (nr 164) worden kinderen die met een hoog AWBZ-zzp onder de Wlz vallen nu actief geherindiceerd.

Pgb-tekort wlz wegens hogere toestroom

De toestroom van budgethouders pgb was in de laatste maanden van 2014 hoger dan verwacht. De doorwerking is meerjarig verwerkt.

Premie reservering awbz uitvoeringskosten

Dit betreft een saldoreeks bestaande uit vrijvallende middelen voor saneringskosten van instellingen in de langdurige zorg en middelen voor de bijdrage in het vrijwillige gebruik door de budgethouder van de SVB.

Ruimte kwaliteitsimpuls umc’s

Dit betreft een overheveling van middelen die waren gereserveerd voor de UMC’s als gevolg van het inhouden van de ILO als onderdeel van de afspraken uit het Zorgakkoord. Via toevoeging aan de kwaliteitsimpuls personeel ziekenhuiszorg vloeien de middelen weer terug naar de UMC’s.

Tarieven tandheelkunde

De NZa heeft de maximumtarieven in de tandheelkundige zorg verlaagd. Dit leidt tot lagere uitgaven tandheelkundige zorg binnen het verzekerd pakket.

Tegemoetkomingen wtcg

Een deel van de voor 2014 geraamde betalingen van tegemoetkomingen Wtcg is doorgeschoven naar 2015. Verwacht wordt dat ook in de jaren 2016 t/m 2018 nog tegemoetkomingen zullen worden uitgekeerd.

Trekkingsrechten pgb

Deze mutatie betreft de ophoging van het budget voor trekkingsrechten pgb. Deze middelen worden via een ijklijnmutatie toegevoegd aan de VWS-begroting.

Vrijval nominaal en onverdeeld

Er is sprake van vrijval op de post nominaal en onverdeeld. Deze ruimte is met name een gevolg van het verschil tussen de oorspronkelijk beschikbaar gestelde middelen voor groei in de curatieve zorg en de in de verschillende zorgakkoorden gemaakte afspraken over de toegestane groei in die sectoren en de op grond daarvan niet benodigde middelen voor loon- en prijsbijstelling.

Diversen (beleidsmatig)

Deze post is het saldo van diverse beleidsmatige mutaties waaronder extra middelen voor Caribisch Nederland (20 mln.), het bestrijden van antibioticaresistentie (9,2 mln.) en vrijvallende middelen bij het CIZ (23 mln.).

Brutering pgb

Met ingang van 2015 is het pgb in de Wlz omgezet van netto naar bruto. Het bruto pgb is hoger, omdat niet langer vooraf de eigen bijdrage wordt verrekend met de pgb-toekenning. De budgethouder dient in de Wlz zelf de eigen bijdrage te voldoen aan het CAK (en mag dit niet betalen met het pgb). Tegenover de hogere kosten van het bruto pgb staat een zelfde bedrag aan ontvangsten eigen bijdrage pgb. De omzetting naar bruto pgb is dus budgettair neutraal voor het BKZ.

Enveloppe: waardigheid en trots

Deze mutatie betreft de investering in de kwaliteit van leven in instellingen. Dit betreft een kwaliteitsimpuls voor verpleeghuizen en investeringen in dagactiviteiten. De middelen worden via een ijklijnmutatie naar het Budgettair Kader Zorg overgeheveld.

Diversen (technisch)

Dit betreft een optelsom van enkele ijklijnmutaties van kader Z naar kader R en een technische correctie in het hulpmiddelenkader. In 2016 bevat deze post ook het terugdraaien van de Wlz-taakstelling van 45 mln. vanuit de enveloppe maatschappelijke prioriteiten.

Eigen bijdrage wlz

In de begroting 2015 is een derving van eigen bijdragen als gevolg van extramuralisering verwerkt van 169 mln. Op basis van actuele cijfers is vastgesteld dat de afbouw van het aantal plaatsen langzamer verloopt en lager zal zijn dan eerder geraamd. De uitgaven aan de wlz zijn daardoor hoger, maar dit leidt er ook toe dat de derving van de eigen bijdragen lager uitvalt dan eerder voorzien.

Tegenvaller eigen risico

De opbrengst van het eigen risico in de Zvw is lager dan eerder geraamd. Dit wordt veroorzaakt door nominale ontwikkelingen en de doorwerking van de lagere Zvw-uitgaven.

Brutering pgb

Tegenover de hogere kosten van het bruto pgb staat eenzelfde bedrag aan ontvangsten eigen bijdrage pgb.

Diversen (technisch)

Dit betreft een technische correctie. De apart ingeboekte eigen bijdragen voor hoortoestellen in het hulpmiddelenkader worden verlaagd evenals de uitgaven in het hulpmiddelenkader.

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

XVII BUITENLANDSE HANDEL & ONTWIKKELINGSSAMENWERKING: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

2.794,2

2.686,9

2.631,4

2.430,0

2.434,2

2.503,0

Stand Miljoenennota 2016

2.794,2

2.686,9

2.631,4

2.430,0

2.434,2

2.503,0

XVII BUITENLANDSE HANDEL & ONTWIKKELINGSSAMENWERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

20,9

16,4

18,1

15,7

13,4

 

Technische mutaties

      
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

13,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

20,9

16,4

18,1

15,7

13,4

13,1

Totaal Internationale samenwerking

71,9

171,8

79,7

60,8

60,8

60,8

Stand Miljoenennota 2016

92,8

188,2

97,8

76,5

74,2

73,9

De begroting voor Buitenlandse Handel & Ontwikkelingssamenwerking bestaat uit HGIS uitgaven en ontvangsten, en niet-HGIS ontvangsten. De HGIS uitgaven en ontvangsten worden elders toegelicht. Er hebben zich geen mutaties voorgedaan op de niet-HGIS ontvangsten op de begroting van BHOS.

Wonen en Rijksdienst

XVIII WONEN & RIJKSDIENST: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

3.603,1

3.705,2

3.872,6

4.227,4

4.393,4

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Raming huurtoeslag

141,0

83,7

3,3

28,4

58,9

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

141,0

83,7

3,3

28,4

58,9

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Feh eindejaarsmarge

57,8

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Huurtoeslag: compensatie tekort ht 2016

0,0

214,5

0,0

0,0

0,0

 
  

Huurtoeslag: dekking

0,0

– 229,5

– 229,5

– 229,5

– 229,5

 
  

Huurtoeslag: realisatie 2014

258,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kasschuif nef

25,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Overdracht monumenten aan nmo

35,8

– 4,3

– 4,3

– 4,3

– 4,3

 
  

Diversen

– 9,0

0,5

– 3,0

– 2,7

– 0,3

 
   

367,9

– 18,8

– 236,8

– 236,5

– 234,1

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Eindejaarsmarge huurtoeslag 2014

– 258,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

34,5

– 9,8

– 8,8

– 9,7

– 9,5

 
   

– 223,8

– 9,8

– 8,8

– 9,7

– 9,5

 

Extrapolatie

4.201,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

285,1

55,2

– 242,3

– 217,7

– 184,7

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

3.888,2

3.760,4

3.630,3

4.009,7

4.208,6

4.201,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

3.888,2

3.760,4

3.630,3

4.009,7

4.208,6

4.201,6

XVIII WONEN & RIJKSDIENST: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

621,4

626,6

648,3

648,8

649,0

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Raming huurtoeslag

– 55,0

– 67,9

– 83,0

– 93,5

– 97,7

 
   

– 55,0

– 67,9

– 83,0

– 93,5

– 97,7

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Budgetherverdeling n.a.v. eenheidsprijzen kantoren

0,0

52,9

16,1

5,3

1,3

 
  

Diversen

2,4

2,0

2,5

2,5

2,5

 
   

2,4

54,9

18,6

7,8

3,8

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

34,1

15,4

0,3

0,0

0,0

 
   

34,1

15,4

0,3

0,0

0,0

 

Extrapolatie

549,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 18,5

2,5

– 64,1

– 85,7

– 93,9

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

603,0

629,1

584,2

563,1

555,2

549,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

603,0

629,1

584,2

563,1

555,2

549,8

Huurtoeslag (raming, realisatie, compensatie, dekking)

Bij de huurtoeslag is in de komende jaren sprake van tekorten, met name als gevolg van een hogere instroom aan huurtoeslagontvangers dan voorzien. Daarnaast is sprake van een overschrijding van 258,3 mln. op de huurtoeslag in 2014. Met het vervangen van de huidige inkomensafhankelijke huurverhogingen door het invoeren van de huursombenadering wordt 15 mln. van de problematiek in 2016 beleidsmatig ingevuld. Tijdens de augustusbesluitvorming is dekking buiten de huurtoeslag gevonden voor de resterende problematiek in 2016 ter grootte van 214,5 mln. Doordat de besparing door de huursombenadering oploopt, kan in latere jaren een groter deel van de problematiek beleidsmatig worden ingevuld.

Kasschuif NEF

Van de totale rijksbijdrage aan het Nationaal Energiebespaarfonds (NEF) is 25 mln. doorgeschoven naar 2015.

Overdracht monumenten aan NMO en diversen – technische mutaties uitgaven en ontvangsten

De overdracht van het beheer en onderhoud van 31 monumenten aan de NMO medio 2015 gaat gepaard met een eenmalige instandhoudingsbijdrage. Dit leidt tot een desaldering van ontvangsten en uitgaven van 12,7 mln.

Fonds Energiebesparing Huursector

Eind 2014 is het Fonds Energiebesparing Huursector (FEH) opengesteld voor woningcorporaties en voor overige verhuurders. Omdat het aantal aanvragen achter bleef bij de verwachtingen, zijn de niet bestede middelen meegenomen naar 2015. De redenen zijn onder andere gelegen in het feit dat verhuurders tijd nodig hebben om in aanmerking komende projecten op te zetten en in te passen in de renovatie- en onderhoudsplanning alvorens aanvragen ingediend kunnen worden.

Budget herverdeling n.a.v. eenheidsprijzen kantoren

Het betreft een technische mutatie om de rijksbrede vereenvoudiging van de beprijzing voor huisvesting budgetneutraal door te voeren. De eenheidsprijs die vanaf 2016 wordt gehanteerd is gebaseerd op het voorraadniveau van het RVB in 2020. Door het hanteren van deze vijf jaar vaste prijs, zijn de tarieven die in rekening worden gebracht bij departementen in de periode tot 2020 te hoog. Met deze mutatie wordt dit effect gecorrigeerd zodat de budgettaire gevolgen voor de totale Rijksbegroting neutaal zijn.

Diversen – beleidsmatige en technische mutaties uitgaven en ontvangsten

De ramingen voor de uitgaven aan de beleidsprogramma’s energiebesparing en woon- en leefomgeving worden structureel verlaagd. De subsidieramingen voor de Wet Bevordering Eigenwoningbezit wordt herijkt en de ontvangstenraming van de RVOB wordt verhoogd.

Gemeentefonds

B GEMEENTEFONDS: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

27.272,7

27.036,0

26.508,0

26.317,7

26.174,8

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Zorg

      
  

Herverdelingseffect iu wmo

0,0

– 18,0

– 18,0

– 18,0

– 18,0

 
  

Herverdelingseffect jeugdzorg

0,0

– 132,8

– 135,9

– 136,8

– 136,8

 
  

Herverdelingseffect wmo

0,0

– 255,6

– 287,6

– 316,2

– 305,2

 
  

Wlz-indiceerbaren jeugdzorg

– 108,9

– 108,9

– 108,9

– 108,9

– 108,9

 
  

Wlz-indiceerbaren wmo

– 25,0

– 25,9

– 25,9

– 25,9

– 25,9

 
   

– 133,9

– 541,2

– 576,3

– 605,8

– 594,8

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Wijziging betalingsverloop

21,4

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

0,8

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Zorg

      
  

Aanvullend budget bo 29 mei wmo

0,0

20,0

40,0

40,0

40,0

 
  

Additionele kosten overgang pgb's gemeenten

20,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Capaciteitsreductie gesloten jeugdzorg

0,0

25,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Correctie realisatie 2014

– 24,0

5,1

8,1

9,0

9,0

 
  

Extramuralisering tranche 2016

0,0

168,0

168,0

168,0

168,0

 
  

Extramuralisering tranche 2017

0,0

0,0

102,0

102,0

102,0

 
  

Huishoudelijke hulptoelage

13,5

66,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Onvolkomenheid woonplaatsbeginsel jeugdzorg

20,0

– 20,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Volumegroei 2016

0,0

28,4

28,4

28,4

28,4

 
  

Volumegroei 2017

0,0

0,0

110,0

110,0

110,0

 
  

Diversen

19,9

18,7

19,3

20,0

20,0

 
   

71,6

311,2

475,8

477,4

477,4

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Accres tranche 2014

– 249,0

– 124,5

– 124,5

– 124,5

– 124,5

 
  

Accres tranche 2015

– 55,8

– 55,8

– 55,8

– 55,8

– 55,8

 
  

Accres tranche 2016

0,0

647,4

647,4

647,4

647,4

 
  

Afrekening bcf

137,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Bodemsanering

38,7

46,2

46,2

46,2

46,2

 
  

Buurtsportcoaches

58,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

60,3

25,5

28,9

31,5

34,2

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

5,7

– 6,2

– 26,0

– 31,1

– 37,2

 
 

Zorg

      
  

Huishoudelijke hulptoelage

40,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

0,4

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

36,1

532,6

516,2

513,7

510,3

 

Extrapolatie

26.385,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 26,2

302,7

415,9

385,4

393,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

27.246,5

27.338,7

26.923,8

26.703,1

26.567,8

26.385,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

27.246,5

27.338,7

26.923,8

26.703,1

26.567,8

26.385,8

B GEMEENTEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Herverdelingseffect jeugdzorg/Wmo/IU Wmo

In februari 2015 zijn de realisatiecijfers 2014 AWBZ binnengekomen voor zowel de zorg in natura als het pgb. Op basis van deze cijfers vindt er een herverdeling plaats over de verschillende domeinen binnen de hervorming langdurige zorg. Per saldo komen de uitgaven voor de jeugdzorg en de Wmo lager uit. In 2015 vindt geen herverdeling plaats met gemeenten.

Wlz-indiceerbaren jeugdzorg/Wmo

Met deze mutatie wordt (cf. decembercirculaire 2014) vanaf 2015 het gemeentefonds verlaagd. De middelen worden ingezet binnen de Wlz.

Wijziging betalingsverloop

In 2014 is een gedeelte van het gemeentefonds niet uitbetaald aan gemeenten. Dit is veroorzaakt doordat de verdeelmaatstaven niet allemaal in 2014 definitief konden worden vastgesteld, waardoor niet kon worden overgegaan tot betaling aan gemeenten. Het resterende bedrag wordt in 2015 uitbetaald. Hiertoe wordt de begroting van het gemeentefonds verhoogd.

Aanvullend budget BO 29 mei

Op grond van het overhedenoverleg van 29 mei 2015 worden middelen toegevoegd aan de Wmo en de integratie-uitkering Wmo/huishoudelijke verzorging. Het gaat om in totaal 20 mln. in 2016 en 40 mln. vanaf 2017 structureel.

Additionele kosten overgang pgb’s gemeenten

Er worden middelen aan het gemeentefonds toegevoegd om het knelpunt bij de pgb’s op te lossen.

Capaciteitsreductie gesloten jeugdzorg

Dit betreft het toevoegen van middelen in 2016 voor de regeling capaciteitsreductie gesloten jeugdzorg. De subsidieregeling capaciteitsreductie jeugdzorgplus voorziet in een verantwoorde afbouw van capaciteitsplaatsen in de jeugdzorgplussector, waarbij jeugdzorginstellingen een tegemoetkoming ontvangen voor frictiekosten in dit kader.

Correctie realisatie 2014

In 2015 wordt dat deel van het macrobudget bijgesteld dat toeslagen betreft. Hier staat geen te leveren zorg tegenover. Voor 2016 en verder betreft het de meerjarige doorwerking van de realisatiecijfers uit 2014.

Extramuralisering tranche 2016/2017

Dit betreft het uitdelen van de gereserveerde middelen voor extramuralisering aan de Wmo.

Huishoudelijke hulptoelage

Er is een tekort ontstaan door het schrappen van het budgetplafond waarvoor nu middelen worden toegevoegd aan het gemeentefonds.

Onvolkomenheid woonplaatsbeginsel jeugdzorg

In de bestuurlijke afspraken rond de bovenregionale jeugdhulp is onderkend dat een kleine groep gemeenten, met relatief zeer veel residentiële jeugdhulpcapaciteit, te weinig budget heeft gekregen voor de jeugdhulp die door hen geleverd moet worden. De oorzaak hiervan is het feit dat de toerekening van het woonplaatsbeginsel bij deze groep niet optimaal werkt. De VNG inventariseert op dit moment de omvang van de problematiek en selecteert de gemeenten die in aanmerking komen voor een ophoging van het budget. Omdat het hier om een verdelingsvraagstuk binnen het macrobudget gaat wordt 20 mln. geschoven van 2016 naar 2015.

Volumegroei 2016/2017

Dit betreft het uitdelen van de groeimiddelen voor 2016 en 2017 aan de Wmo en de jeugdzorg.

Accres tranche 2014

Het accres kent jaarlijks twee bijstellingsmomenten namelijk 1) de Voorjaarsnota en 2) de Miljoenennota. Daarnaast is er één vaststellingsmoment namelijk bij het Financieel Jaarverslag Rijk (FJR). Het definitieve accrespercentage over 2014 is, na afloop van dat jaar, op basis van de FJR-realisatiestanden uitgekomen op 2,02 procent. Dat betekent een neerwaartse aanpassing van 124,5 mln. ten opzichte van de stand Miljoenennota 2015. Omdat het jaar 2014 al is afgesloten, vindt de afrekening plaats in 2015.

Accres tranche 2015/2016

Dit betreft het uitkeren van de tranche 2015 en 2016 op basis van de uitkomsten van de normeringssystematiek.

Bodemsanering

2015 is het laatste jaar van het Convenant bodemontwikkelingsbeleid en aanpak spoedlocaties. In de brief van 4 september 2014 heeft de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu de indicatieve budgetten voor 2015 bekend gemaakt. Deze budgetten worden met één uitzondering overgenomen: Sittard-Geleen is geen budgethouder in het kader van Wbb, hun budget gaat over naar de provincie Limburg.

Buurtsportcoaches

De brede impuls combinatiefunctionaris is een onderdeel van het programma «Sport en bewegen in de buurt». In 2015 doen 371 gemeenten mee aan de brede impuls. Het Rijk draagt hieraan bij De middelen worden toegevoegd aan de decentralisatie-uitkering buurtsportcoaches.

Huishoudelijke hulptoelage

Het kabinet heeft besloten om voor 2015 incidenteel 40 mln. extra toe te voegen aan de decentralisatie-uitkering huishoudelijke hulp toelage zodat gemeenten extra ruimte hebben om plannen in te dienen met als doel het behoud van arbeidsplaatsen in de huishoudelijke hulp sector. Dit besluit is nader toegelicht in een gezamenlijke brief van de Minister van SZW en de Staatssecretaris van VWS aan de Tweede Kamer.

Provinciefonds

C PROVINCIEFONDS: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

952,2

1.123,4

1.126,9

1.011,1

1.006,1

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Jeugdzorg

0,0

– 90,0

– 90,0

– 90,0

– 90,0

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

– 90,0

– 90,0

– 90,0

– 90,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Accres tranche 2014

– 23,5

– 11,8

– 11,8

– 11,8

– 11,8

 
  

Accres tranche 2016

0,0

44,7

44,7

44,7

44,7

 
  

Afrekening bcf

18,4

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Bdu verkeer en vervoer

0,0

996,0

1.001,9

966,8

965,8

 
  

Bodemsanering

44,4

36,0

33,0

28,0

28,0

 
  

Brzo-inrichtingen

0,0

11,2

10,1

10,1

10,1

 
  

Decentralisatie dlg

34,2

41,0

41,0

41,0

41,0

 
  

Programma impuls omgevingsveiligheid

16,2

15,3

0,0

0,0

0,0

 
  

Rsp zuiderzeelijn

43,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

– 7,6

– 5,5

– 5,4

– 5,3

– 5,2

 
   

125,2

1.126,9

1.113,5

1.073,5

1.072,6

 

Extrapolatie

1.982,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

125,2

1.036,9

1.023,5

983,5

982,6

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

1.077,4

2.160,3

2.150,4

1.994,6

1.988,7

1.982,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

1.077,4

2.160,3

2.150,4

1.994,6

1.988,7

1.982,3

C PROVINCIEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Jeugdzorg

De overheveling van middelen voor de jeugdzorg van provincies naar gemeenten (maatregel A30 uit het regeerakkoord Rutte-Verhagen) is destijds niet correct in de meerjarencijfers verwerkt. De middelen zijn namelijk wel aan het gemeentefonds toegevoegd, maar niet van het provinciefonds afgeboekt. Met deze mutatie wordt dit gecorrigeerd.

Accres tranche 2014

Het accres kent jaarlijks twee bijstellingsmomenten namelijk 1) de Voorjaarsnota en 2) de Miljoenennota. Het definitieve accrespercentage over 2014 is, na afloop van dat jaar, op basis van de FJR-realisatiestanden uitgekomen op 2,02 procent. Dat betekent een neerwaartse aanpassing van 11,7 mln. ten opzichte van de stand Miljoenennota 2015. Omdat het jaar 2014 al is afgesloten, vindt de afrekening plaats in 2015.

Accres tranche 2016

Dit betreft het uitkeren van de tranche 2016 op basis van de uitkomsten van de normeringssystematiek.

BDU Verkeer en vervoer

Met ingang van 1-1-2015 zijn de WGRplus-regio’s bij wet afgeschaft. Het afschaffen van deze plusregio’s heeft gevolgen voor de Brede Doeluitkering Vervoer (BDU). De BDU betreft een specifieke uitkering van IenM aan provincies en plusregio’s. De voormalige BDU van vier opgeheven plusregio’s loopt voortaan via de provincies. De middelen van de drie andere opgeheven plusregio’s (Amsterdam, Haaglanden en Rotterdam) worden uitgekeerd aan twee vervoerregio’s, die de betrokken decentrale overheden daartoe hebben ingericht. Met ingang van 2016 worden de voor de provincies bestemde BDU-middelen toegevoegd aan het provinciefonds.

Bodemsanering

2015 is het laatste jaar van het Convenant bodemontwikkelingsbeleid en aanpak spoedlocaties. In de brief van 4 september 2014 heeft de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu de indicatieve budgetten voor 2015 bekend gemaakt. Deze budgetten worden met één uitzondering overgenomen: Sittard-Geleen is geen budgethouder in het kader van Wet Werk en Bijstand, hun budget gaat over naar de provincie Limburg.

BRZO-inrichtingen

Per 1 januari 2016 dragen de gemeenten het bevoegde gezag voor alle BRZO-inrichtingen (Besluit Risico Zware Ongevallen) en RIE-4-installaties (Richtlijn Industriële Emissies-categorie 4) over aan provincies. Om provincies in staat te stellen de hiermee samenhangende taken te financieren wordt een bedrag overgeheveld van het gemeentefonds naar het provinciefonds.

Decentralisatie DLG

In het kader van het Decentralisatieakkoord Natuur van september 2011 wordt de Dienst Landelijk Gebied (DLG) opgeheven. De fte’s gaan over naar de provincies en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Het provinciefonds wordt in dit verband verhoogd.

Programma impuls omgevingsveiligheid

In het kader van de uitvoering van het programma Impuls Omgevingsveiligheid 2015–2018 wordt budget gedecentraliseerd naar het provinciefonds voor de uitvoering van de tussen partijen afgesproken programmering voor 2015 en 2016.

RSP zuiderzeelijn

In het kader van het Ruimtelijk Economisch Programma (REP) als onderdeel van het regiospecifiek pakket (RSP) Zuiderzeelijn worden middelen via een decentralisatie-uitkering beschikbaar gesteld aan de provincies Noord-Holland, Friesland, Groningen, Drenthe en Flevoland.

Diversen (technische mutaties)

Dit betreft onder meer het uitkeren van de tranche 2015 op basis van de uitkomsten van de normeringssystematiek.

Infrastructuurfonds

A INFRASTRUCTUURFONDS: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

6.163,1

5.911,0

6.350,1

5.847,8

6.059,3

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Ontvangstenschuiven binnen hoofdvaarwegennet

– 19,6

17,2

2,4

0,0

0,0

 
  

Ontvangstenschuiven binnen hoofdwegennet/megaprojecten verk. & vervoer

– 14,0

– 58,2

47,0

2,0

4,2

 
  

Ontvangstenschuiven binnen spoorwegen

– 65,5

125,2

– 9,7

– 8,5

– 57,1

 
  

Saldo 2014

57,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

1,9

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 40,1

84,2

39,7

– 6,5

– 52,9

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Aanvullende kasschuif

0,0

– 40,0

40,0

0,0

0,0

 
  

Bdu beter benutten

– 54,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Dbfm-conversie a12 ede-grijsoord

– 59,1

– 15,0

14,3

8,0

6,9

 
  

Dbfm-conversie a9 gaasperdammerweg

– 44,6

– 134,7

– 316,3

175,1

44,4

 
  

Kasschuif if (versnelde ontvangsten)

– 250,0

100,0

0,0

75,0

75,0

 
  

Phs: bijdrage provincie noord-brabant

5,5

0,0

0,0

0,0

44,1

 
  

Raming infrastructuurfonds

0,0

– 65,0

15,0

– 100,0

– 100,0

 
  

Rsp 2015 provinciefonds en gemeentefonds

– 64,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Verdeling netwerkoverstijgende kosten

0,0

– 37,0

– 32,6

– 29,4

– 28,4

 
  

Versnelde ontvangst kgt: vlaanderen

120,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Versnelde ontvangst n35 nijverdal-wierden bijdrage regio

71,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Versnelde ontvangst zty: provincie noord-holland

56,7

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Zuidas: bijdragen derden

6,6

31,6

– 0,6

0,0

0,0

 
  

Diversen

35,7

– 51,2

– 43,9

– 8,0

13,3

 
   

– 176,4

– 211,3

– 324,1

120,7

55,3

 
         
  

Stand miljoenennota

      
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

6.225,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 216,4

– 127,1

– 284,3

114,3

2,4

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

5.946,7

5.784,0

6.065,8

5.962,1

6.061,7

6.225,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

5.946,7

5.784,0

6.065,8

5.962,1

6.061,7

6.225,8

A INFRASTRUCTUURFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

6.163,1

5.911,0

6.350,1

5.847,8

6.059,3

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Ontvangstenschuiven binnen hoofdvaarwegennet

– 19,6

17,2

2,4

0,0

0,0

 
  

Ontvangstenschuiven binnen hoofdwegennet/megaprojecten verk. & vervoer

– 14,0

– 58,2

47,0

2,0

4,2

 
  

Ontvangstenschuiven binnen spoorwegen

– 65,5

125,2

– 9,7

– 8,5

– 57,1

 
  

Saldo 2014

32,9

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

1,9

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 64,3

84,2

39,7

– 6,5

– 52,9

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Aanvullende kasschuif

0,0

– 40,0

40,0

0,0

0,0

 
  

Bdu beter benutten

– 54,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Dbfm a9 gaasperdammerweg

– 44,6

– 134,7

– 316,3

175,1

44,4

 
  

Dbfm-conversie a12 ede-grijsoord

– 59,1

– 15,0

14,3

8,0

6,9

 
  

Kasschuif if (versnelde ontvangsten)

– 250,0

100,0

0,0

75,0

75,0

 
  

Phs: bijdrage provincie noord-brabant

5,5

0,0

0,0

0,0

44,1

 
  

Raming infrastructuurfonds

0,0

– 65,0

15,0

– 100,0

– 100,0

 
  

Rsp 2015 /provinciefonds en gemeentefonds

– 64,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Verdeling netwerkoverstijgende kosten

0,0

– 37,0

– 32,6

– 29,4

– 28,4

 
  

Versnelde ontvangst kgt: vlaanderen

120,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Versnelde ontvangst n35: nijverdal-wierden bijdrage regio

71,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Versnelde ontvangst zty: provincie noord-holland

56,7

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Zuidas: bijdragen derden

6,6

31,6

– 0,6

0,0

0,0

 
  

Diversen

35,7

– 51,2

– 43,9

– 8,0

13,3

 
  

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Diversen

24,2

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 152,2

– 211,3

– 324,1

120,7

55,3

 
         
  

Stand miljoenennota

      
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

6.225,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 216,4

– 127,1

– 284,3

114,3

2,4

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

5.946,7

5.784,0

6.065,8

5.962,1

6.061,7

6.225,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

5.946,7

5.784,0

6.065,8

5.962,1

6.061,7

6.225,8

Ontvangstenschuiven binnen hoofdvaarwegennet

Ontvangsten van verschillende projecten op hoofdvaarwegennet komen later binnen dan begroot. Dit wordt met deze mutatie ingepast binnen het Infrastructuurfonds.

Ontvangstenschuiven binnen hoofdwegennet/megaprojecten verkeer en vervoer

Ontvangsten van verschillende projecten op hoofdwegennet en megaprojecten verkeer en vervoer komen later binnen dan begroot. Dit wordt met deze mutatie ingepast binnen het Infrastructuurfonds.

Ontvangstenschuiven binnen spoorwegen

Ontvangsten van verschillende projecten op spoorwegen komen in andere jaren binnen dan begroot. Dit wordt met deze mutatie ingepast binnen het Infrastructuurfonds.

Saldo 2014

Het voordelig saldo (uitgaven – ontvangsten: 24,2 mln.) is toegevoegd aan de begroting van het Infrastructuurfonds.

Diversen (beleidsmatige mutaties)

Dit betreft de verwerking van het saldo mee- en tegenvallers binnen het realisatieprogramma.

BDU Beter Benutten

Dit betreft een overboeking naar de begroting Hoofdstuk HXII artikel 25 Brede Doeluitkering voor het project Beter Benutten.

DBFM-conversie A12 Ede-Grijsoord

In 2014 is de DBFM-aanbesteding van het project A12 Ede-Grijsoord afgerond. De budgettaire reeksen worden omgezet om aan de beschikbaarheidsvergoedingen te kunnen voldoen.

DBFM-conversie A9 Gaasperdammerweg

In 2014 is de DBFM-aanbesteding van het project A9 Gaasperdammerweg, onderdeel van het programma Schiphol-Amsterdam-Almere, afgerond. De budgettaire reeksen worden omgezet om aan de beschikbaarheidsvergoedingen te kunnen voldoen.

Kasschuif IF (versnelde ontvangsten)

Voor een drietal projecten is er in 2015 versneld bijdragen van derden ontvangen (250 mln.). Het betreft de projecten Kanaal Gent-Terneuzen, Zeetoegang IJmond en N35 Nijverdal-Wierden. De projectuitgaven zijn pas in latere jaren voorzien. Om het budget meer in lijn te brengen met de programmering vindt er een kasschuif plaats op het Infrastructuurfonds.

Verdeling Netwerkoverstijgende kosten

Op het artikelonderdeel Netwerkoverstijgende Kosten (18.08) werden de netwerkoverstijgende apparaatskosten (inclusief afschrijving en rente) en overige netwerkoverstijgende kosten van RWS verantwoord. Het gaat hierbij om zowel de kosten die met de overhead van RWS gemoeid zijn als bepaalde onderdelen van Landelijke taken die een netwerk overstijgend karakter kennen. Deze kosten hebben zowel betrekking op de activiteiten die worden verricht voor het Infrastructuurfonds, als voor activiteiten op het Deltafonds. Deze middelen worden nu verdeeld over artikel 12 Hoofdwegennet en artikel 15 Hoofdvaarwegennet van het Infrastructuurfonds en het Deltafonds.

PHS: bijdrage Provincie Noord-Brabant

Dit betreft de bijdrage van provincie Noord-Brabant aan het Programma Hoogfrequent Spoor (PHS) op basis van de bestuursovereenkomst.

Raming Infrastructuurfonds

Sinds enige jaren wordt er op de artikelen bij Wegen en Vaarwegen met een overprogrammering gewerkt om zeker te stellen dat de beschikbare middelen ook jaarlijks worden uitgeput. Bij deze begroting wordt het gebruik van dit instrument verder uitgebreid naar het Spoorartikel en het Deltafonds. Over de periode 2016–2020 wordt zo eenmalig 100 mln. per jaar vrijgespeeld. Via een kasschuif worden deze middelen in de periode 2021–2025 weer aan de fondsbegrotingen toegevoegd. Dit was mogelijk zonder consequenties op het lopende programma. Vanaf 2026 zal er een structurele ramingsbijstelling van 100 mln. per jaar worden toegepast.

RSP 2015 Provinciefonds en Gemeentefonds

Dit betreft de verwerking van een drietal overboekingen naar het Provinciefonds en het Gemeentefonds. Het betreft een deel van het budget voor het regiodeel van het Ruimtelijk Economisch Programma (16,1 mln.), een deel van het budget voor een aantal concrete projecten binnen het Regiospecifiek Pakket Zuiderzeelijn (27,1 mln.) en een deel van het budget voor FlorijnAs, een concreet project binnen het Regiospecifiek Pakket Zuiderzeelijn (21,4 mln.)

Versnelde ontvangst KGT: Vlaanderen

De bijdrage van Vlaanderen aan het project Kanaal Gent-Terneuzen is versneld ontvangen.

Versnelde ontvangst N35 Nijverdal-Wierden: bijdrage regio

De bijdrage van de regio aan het project N35 Nijverdal-Wierden is versneld ontvangen.

Versnelde ontvangst ZTY: provincie Noord-Holland

De bijdrage van de provincie Noord-Holland aan het project Zeetoegang IJmond is versneld ontvangen.

Zuidas: bijdragen derden

Naar aanleiding van de bestuurlijke overeenkomst van het najaar 2014 worden de ontvangsten en uitgaven van het project verhoogd. Het betreft de bijdragen van de gemeente Amsterdam, de stadsregio Amsterdam en de NS. Daarnaast worden de ontvangsten van alle partijen in de begroting opgenomen. Dit betekent ook dat de Rijksmiddelen die in 2013 en 2014 via de BDU aan de gemeente Amsterdam zijn verstrekt weer als ontvangst en uitgave van het Rijk worden opgenomen.

Diversen (technische mutaties, uitgaven en ontvangsten)

Dit betreft met name de volgende mutaties:

  • – De Regiospecifiek Pakketbijdrage Zuiderzeelijn aan de A7 Zuidelijke Ringweg Groningen.
  • – Het decentraliseren naar het Provinciefonds van verscheidene BDU-budgetten vanaf 2016. Daarnaast worden enkele BDU-budgetten voor 2015 naar de begroting Hoofdstuk HXII artikel 25 Brede Doeluitkering overgeboekt.
  • – In 2014 is de DBFM-aanbesteding van het project Keersluis Limmel afgerond. De budgettaire reeksen worden omgezet om aan de beschikbaarheidsvergoedingen te kunnen voldoen
  • – De verwerking van de bestaande afspraak met betrekking tot Infraspeed. Infraspeed is de railinfrastructuurbeheerder van de Hogesnelheidslijn Zuid. In het contract uit 2001 tussen de Staat en Infraspeed is een clausule opgenomen met betrekking tot de aftrekbaarheid van de rente op de aandeelhoudersleningen.
  • – De bijdrage van de provincie Overijssel conform de bestuursovereenkomst aan het project N35 Wijthmen-Nijverdal.
  • – De kosten van de N50 Ens-Emmeloord worden gefinancierd vanuit het regionale deel van het Ruimtelijk Economisch Programma (REP), onderdeel van het RSP en een regionale bijdrage.
  • – De bijdrage van Defensie in het Search and Rescue (SAR)-contract.
  • – ProRail betaalt over 2013 22 mln. subsidie terug.

Voor de in 2016 op te starten activiteiten Topsector Logistiek wordt budget vanuit de voeding van het Infrastructuurfonds overgeboekt naar beleidsartikel 18 Scheepvaart en Havens op de begroting Hoofdstuk XII.

Diergezondheidsfonds

F DIERGEZONDHEIDSFONDS: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

21,9

21,9

21,9

21,9

21,9

 

Technische mutaties

      
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Toevoeging eindsaldo 2014

19,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

1,9

8,8

8,8

8,8

8,8

 
   

21,0

8,8

8,8

8,8

8,8

 

Extrapolatie

30,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

21,0

8,8

8,8

8,8

8,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

42,8

30,6

30,6

30,6

30,6

30,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

42,8

30,6

30,6

30,6

30,6

30,6

F DIERGEZONDHEIDSFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

21,9

21,9

21,9

21,9

21,9

 

Technische mutaties

      
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Toevoeging eindsaldo 2014

19,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

1,9

8,8

8,8

8,8

8,8

 
   

21,0

8,8

8,8

8,8

8,8

 

Extrapolatie

30,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

21,0

8,8

8,8

8,8

8,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

42,8

30,6

30,6

30,6

30,6

30,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

42,8

30,6

30,6

30,6

30,6

30,6

Toevoeging eindsaldo 2015

De niet bestede middelen van 2015 worden toegevoegd aan de begroting voor 2016.

Diversen

Dit betreft met name het begrote aandeel van EZ (3,8 mln.) en sector (4,6 mln.) in de basismonitoring dierziekten. Deze taak wordt door de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) uitgevoerd en vanuit het DGF gefinancierd. Voorheen werd de GD rechtstreeks vanuit EZ en productschapsbegroting gefinancierd

Accres Gemeentefonds

ACCRES GEMEENTEFONDS: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

223,0

562,8

742,5

828,8

1.133,8

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Accres tranche 2014

– 249,0

– 124,5

– 124,5

– 124,5

– 124,5

 
  

Accres tranche 2015

– 160,8

– 160,8

– 160,8

– 160,8

– 160,8

 
  

Accres tranche 2016

0,0

357,7

357,7

357,7

357,7

 
  

Accres tranche 2017

0,0

0,0

– 186,4

– 186,4

– 186,4

 
  

Accres tranche 2018

0,0

0,0

0,0

156,4

156,4

 
  

Bcf plafond mutatie

– 25,4

29,6

– 2,3

24,7

28,2

 
  

Bcf plafondbijstelling accres tranche 2015

34,8

34,9

34,9

34,9

34,9

 
  

Bcf plafondbijstelling accres tranche 2015

– 34,8

– 34,9

– 34,9

– 34,9

– 34,9

 
  

Bijstelling bcf

49,8

51,2

49,8

49,8

49,8

 
  

Diversen

– 1,7

– 2,3

– 2,6

– 2,6

19,8

 
   

– 387,1

150,9

– 69,1

114,3

140,2

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Accres tranche 2014

249,0

124,5

124,5

124,5

124,5

 
  

Accres tranche 2015

55,8

55,8

55,8

55,8

55,8

 
  

Accres tranche 2016

0,0

– 647,4

– 647,4

– 647,4

– 647,4

 
  

Afrekening bcf

– 137,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

167,2

– 467,1

– 467,1

– 467,1

– 467,1

 

Extrapolatie

1.187,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 219,8

– 316,1

– 536,2

– 352,8

– 326,8

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

3,3

246,7

206,3

476,0

807,0

1.187,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

3,3

246,7

206,3

476,0

807,0

1.187,8

ACCRES GEMEENTEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Tranche 2014–2019

Het accres kent jaarlijks twee bijstellingsmomenten, Voorjaarsnota en Miljoenennota, en één vaststellingsmoment, bij het Financieel Jaarverslag Rijk. Het definitieve accrespercentage over 2014 is 2,02 procent op basis van de stand van het FJR 2014. Op basis van dit vastgestelde accrespercentage heeft de afrekening dit voorjaar plaats gevonden. De accressen voor de jaren 2015 e.v. zijn aangepast aan de uitkomsten van de normeringssystematiek. De geraamde accressen voor 2015 en 2016 zijn overgeboekt naar het gemeentefonds.

Btw compensatiefonds (BCF)

Het plafond van het BCF is per 2015 gekoppeld aan de accrespercentages zoals deze volgen uit de normeringssystematiek voor het gemeentefonds. Het plafond wordt aangepast voor taakmutaties (zoals decentralisaties) die gepaard gaan met onttrekkingen of toevoegingen aan het BCF. Als het plafond overschreden wordt, komt het verschil ten laste van het gemeentefonds. Bij een realisatie lager dan het plafond, komt het verschil ten gunste van het gemeentefonds. De toevoeging of uitname wordt over het gemeentefonds verdeeld conform de aandelen van de gezamenlijke gemeenten in het BCF in het gerealiseerde jaar. Bij Miljoenennota 2016 is het aandeel van gemeenten van 137,6 mln. euro in de geraamde ruimte onder het plafond voor 2015 toegevoegd aan het gemeentefonds.

Accres Provinciefonds

ACCRES PROVINCIEFONDS: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

21,5

45,1

59,2

66,2

91,9

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Accres tranche 2016

0,0

27,0

27,0

27,0

27,0

 
  

Accres tranche 2018

0,0

0,0

0,0

25,6

25,6

 
  

Diversen

– 34,4

– 17,7

– 37,5

– 33,9

– 18,0

 
   

– 34,4

9,3

– 10,5

18,7

34,6

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

9,7

– 28,4

– 28,4

– 28,4

– 28,4

 
   

9,7

– 28,4

– 28,4

– 28,4

– 28,4

 

Extrapolatie

146,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 24,8

– 19,1

– 39,0

– 9,8

6,1

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

– 3,3

26,0

20,3

56,4

98,1

146,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

– 3,3

26,0

20,3

56,4

98,1

146,1

ACCRES PROVINCIEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Tranche 2014–2019

Het accres kent jaarlijks twee bijstellingsmomenten, Voorjaarsnota en Miljoenennota, en één vaststellingsmoment, bij het Financieel Jaarverslag Rijk. Het definitieve accrespercentage over 2014 is 2,02 procent op basis van de stand van het FJR 2014. Op basis van dit vastgestelde accrespercentage heeft de afrekening dit voorjaar plaats gevonden. De accressen voor de jaren 2015 e.v. zijn aangepast aan de uitkomsten van de normeringssystematiek. De geraamde accressen voor 2015 en 2016 zijn overgeboekt naar het provinciefonds.

Btw compensatiefonds (BCF)

Het plafond van het BCF is per 2015 gekoppeld aan de accrespercentages zoals deze volgen uit de normeringssystematiek voor het provinciefonds. Het plafond wordt aangepast voor taakmutaties (zoals decentralisaties) die gepaard gaan met onttrekkingen of toevoegingen aan het BCF. Als het plafond overschreden wordt, komt het verschil ten laste van het provinciefonds. Bij een realisatie lager dan het plafond, komt het verschil ten gunste van het provinciefonds. De toevoeging of uitname wordt over het provinciefonds verdeeld conform de aandelen gezamenlijke provincies in het BCF in het gerealiseerde jaar. Bij Miljoenennota 2016 is het aandeel van provincies van 18,4 mln. in de geraamde ruimte onder het plafond voor 2015 toegevoegd aan het provinciefonds.

BES-fonds

H BES-FONDS: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

31,9

31,9

31,9

32,0

32,3

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

2,1

1,5

0,8

0,8

0,4

 
   

2,1

1,5

0,8

0,8

0,4

 

Extrapolatie

32,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

2,1

1,5

0,8

0,8

0,4

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

34,0

33,4

32,7

32,7

32,8

32,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

34,0

33,4

32,7

32,7

32,8

32,8

H BES-FONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

J DELTAFONDS: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

1.374,6

1.275,8

1.161,0

1.055,2

1.007,6

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Ontvangstenschuiven binnen het deltafonds

– 35,0

– 20,0

– 4,1

20,0

10,0

 
  

Saldo 2014

– 53,2

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

0,0

0,3

0,1

0,1

0,0

 
   

– 88,2

– 19,7

– 4,0

20,1

10,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Kasschuif bodemsanering/df

0,0

– 46,8

10,8

12,0

12,0

 
  

Kasschuif deltafonds

– 75,0

0,0

0,0

0,0

75,0

 
  

Leegboeken artikel 18.08

0,0

37,0

32,6

29,4

28,4

 
  

Ramingsbijstelling

0,0

– 35,0

– 115,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

8,2

0,1

3,5

3,1

2,8

 
   

– 66,8

– 44,7

– 68,1

44,5

118,2

 
         
  

Stand miljoenennota

      
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

1.027,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 155,1

– 64,4

– 72,2

64,7

128,2

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

1.219,5

1.211,5

1.088,8

1.119,9

1.135,8

1.027,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

1.219,5

1.211,5

1.088,8

1.119,9

1.135,8

1.027,9

J DELTAFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

1.374,6

1.275,8

1.161,0

1.055,2

1.007,6

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Ontvangstenschuiven binnen het deltafonds

– 35,0

– 20,0

– 4,1

20,0

10,0

 
  

Saldo 2014

– 15,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

0,0

0,3

0,1

0,1

0,0

 
   

– 50,3

– 19,7

– 4,0

20,1

10,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Kasschuif bodemsanering/df

0,0

– 46,8

10,8

12,0

12,0

 
  

Kasschuif deltafonds

– 75,0

0,0

0,0

0,0

75,0

 
  

Leegboeken artikel 18.08

0,0

37,0

32,6

29,4

28,4

 
  

Ramingsbijstelling

0,0

– 35,0

– 115,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

8,2

0,1

3,5

3,1

2,8

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Saldo 2014

– 37,9

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 104,7

– 44,7

– 68,1

44,5

118,2

 
         
  

Stand miljoenennota

      
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

1.027,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 155,1

– 64,4

– 72,2

64,7

128,2

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

1.219,5

1.211,5

1.088,8

1.119,9

1.135,8

1.027,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

1.219,5

1.211,5

1.088,8

1.119,9

1.135,8

1.027,9

Ontvangstenschuiven binnen het Deltafonds

Ontvangsten van verschillende projecten op het hoofdwatersysteem komen later binnen dan begroot. Dit wordt met deze mutatie ingepast binnen het Deltafonds.

Saldo 2014

Het nadelig saldo 2014 (uitgaven – ontvangsten: – 37,9 mln.) wordt onttrokken aan de begroting van het Deltafonds.

Kasschuif bodemsanering/df

Op artikel 13.04 Ruimtegebruik bodem van Hoofdstuk XII worden de bijdragen aan medeoverheden voor het Meerjarenprogramma bodem verantwoord. In het convenant «Bodem en Ondergrond» van 17 maart 2015 zijn de afspraken over de decentralisatie van die middelen naar het Gemeente- en Provinciefonds voor de periode 2016–2020 vastgelegd. Bij ontwerpbegroting 2015 is besloten om in het jaar 2016 60 mln. in mindering te brengen op deze reeks ten behoeve van het rijksbrede beeld. Om te voorkomen dat de uitvoering van het bodemsaneringsbeleid in 2016 hierdoor wordt bemoeilijkt, wordt de reeks door middel van een kasschuif aangepast. Deze kasschuif wordt gefaciliteerd door het Deltafonds.

Kasschuif Deltafonds

De grote projecten Ruimte voor de Rivier en het Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma lopen binnen een aantal jaar af. Daarnaast zijn de deltabeslissingen genomen en is het nieuwe Hoogwaterbeschermingsprogramma opgestart. IenM staat voor de opgave om het ritme van het meerjarige programma en het budget op het Deltafonds weer met elkaar in overeenstemming te brengen. Derhalve wordt een kasschuif via de algemene middelen van 75 mln. op het Deltafonds van 2015 naar 2019 aangebracht.

Leegboeken artikel 18.08

Op artikelonderdeel 18.08 Netwerkoverstijgende Kosten van het Infrastructuurfonds werden de netwerkoverstijgende apparaatskosten (inclusief afschrijving en rente) en overige netwerkoverstijgende kosten van RWS verantwoord. Het gaat hierbij om zowel de kosten die met de overhead van RWS gemoeid zijn als bepaalde onderdelen van Landelijke taken die een netwerk overstijgend karakter kennen. Deze kosten hebben zowel betrekking op de activiteiten die verricht worden voor het Infrastructuurfonds, als voor activiteiten op het Deltafonds. Deze middelen worden nu verdeeld over artikel 12 Hoofdwegennet en artikel 15 Hoofdvaarwegennet van het Infrastructuurfonds en het Deltafonds.

Ramingsbijstelling

Sinds enige jaren wordt er op de artikelen bij Wegen en Vaarwegen met een overprogrammering gewerkt om zeker te stellen dat de beschikbare middelen ook jaarlijks worden uitgeput. Bij deze begroting wordt het gebruik van dit instrument uitgebreid naar het Spoorartikel en het Deltafonds. Over de periode 2016–2020 wordt zo eenmalig 100 mln. per jaar vrijgespeeld. Via een kasschuif worden deze middelen in de periode 2021–2025 weer aan de fondsbegrotingen toegevoegd. Het Deltafonds draagt in de periode tot en met 2020 in totaal 150 mln. aan deze kasschuif bij. Deze middelen vloeien terug in 2022.

Diversen (technische mutaties)

Dit betreft met name de toevoeging van de prijsbijstelling 2015 en de verwerking van het saldo mee- en tegenvallers binnen het realisatieprogramma.

Saldo 2014 (niet tot een ijklijn behorend)

Het nadelig saldo van het Deltafonds over 2014 bedraagt 37,9 mln. Dit saldo wordt nu onttrokken aan het Deltafonds in het jaar 2015.

Prijsbijstelling

PRIJSBIJSTELLING: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

520,1

1.075,2

1.516,5

1.946,2

2.391,4

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Nominale ontwikkeling

– 372,8

– 474,2

– 452,4

– 428,5

– 409,5

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

– 3,1

– 4,1

– 4,4

– 4,4

– 5,0

 
 

Zorg

      
  

Diversen

– 2,2

– 5,2

– 9,8

– 12,1

– 14,5

 
   

– 378,1

– 483,5

– 466,6

– 445,0

– 429,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Zorg

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Uitkeren tranche 2015

– 94,4

– 93,3

– 94,1

– 92,0

– 92,7

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

– 2,3

– 2,2

– 2,1

– 2,1

– 2,1

 
 

Zorg

      
  

Diversen

– 0,3

– 0,2

– 0,3

– 0,3

– 0,3

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Nominale ontwikkeling

– 15,2

– 29,7

– 41,7

– 38,7

– 31,8

 
  

Uitkeren tranche 2015

– 29,9

– 29,4

– 30,4

– 30,8

– 30,9

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 142,1

– 154,8

– 168,6

– 163,9

– 157,8

 

Extrapolatie

2.272,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 520,1

– 638,4

– 635,3

– 608,8

– 586,9

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

436,8

881,3

1.337,4

1.804,6

2.272,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

436,8

881,3

1.337,4

1.804,6

2.272,3

PRIJSBIJSTELLING: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
       

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Nominale ontwikkeling

De prijsbijstelling wordt berekend door de grondslag (de prijsgevoelige gedeelten van de departementale begrotingen) te vermenigvuldigen met de betreffende prijsontwikkeling. De prijsontwikkeling wordt geactualiseerd op basis van de ramingen van het CPB; dit is de nominale ontwikkeling. De prijsbijstelling is neerwaarts bijgesteld als gevolg van de lagere prijsontwikkeling.

Uitkeren tranche 2015

De prijsbijstelling tranche 2015 is uitgekeerd aan de departementen.

Arbeidsvoorwaarden

ARBEIDSVOORWAARDEN: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

590,2

1.140,2

1.740,4

2.302,0

2.875,6

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Nominale ontwikkeling

– 372,8

138,8

178,0

177,7

169,0

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Nominale ontwikkeling

– 20,6

9,7

7,0

2,1

– 2,5

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Zorg

      
  

Nominale ontwikkeling

– 3,9

– 5,0

– 11,5

– 14,5

– 18,7

 
   

– 397,3

143,5

173,5

165,3

147,8

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Zorg

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Loonbijstelling tranche 2015

– 189,1

– 186,4

– 184,8

– 183,7

– 183,0

 
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

– 2,5

– 2,3

– 2,1

– 2,0

– 1,9

 
 

Zorg

      
  

Diversen

– 0,3

– 0,2

– 0,4

– 0,3

– 0,3

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

      
  

Diversen

– 1,0

– 0,1

– 0,2

– 0,4

– 0,5

 
   

– 192,9

– 189,0

– 187,5

– 186,4

– 185,7

 

Extrapolatie

3.454,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 590,2

– 45,5

– 14,0

– 21,1

– 38,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

1.094,7

1.726,4

2.280,9

2.837,6

3.454,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

1.094,7

1.726,4

2.280,9

2.837,6

3.454,2

ARBEIDSVOORWAARDEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
       

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Nominale ontwikkeling

Ten opzichte van de vorige Miljoenennota wordt de loonontwikkeling voor 2015 lager en vanaf 2016 hoger geraamd door het CPB. Deze ontwikkeling volgt uit de macro-bijstellingen.

Loonbijstelling tranche 2015

De loonbijstelling tranche 2015 bestaat uit een vergoeding voor de contractloonstijging en sociale lasten voor de werkgever en is overgeboekt naar de departementale begrotingen.

Koppeling Uitkeringen

KOPPELING UITKERINGEN: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

115,9

305,4

513,1

701,8

867,2

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Nominale ontwikkeling

– 32,0

8,2

4,6

– 8,3

– 10,5

 
   

– 32,0

8,2

4,6

– 8,3

– 10,5

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Nominale ontwikkeling

– 50,6

– 51,5

– 52,3

– 52,3

– 53,3

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

– 50,6

– 51,5

– 52,3

– 52,3

– 53,3

 

Technische mutaties

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Brutering

– 33,3

– 63,2

– 64,9

– 77,7

– 80,0

 
  

Diversen

0,0

0,0

7,0

10,0

13,0

 
   

– 33,3

– 63,2

– 57,9

– 67,7

– 67,0

 

Extrapolatie

900,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 115,9

– 106,4

– 105,6

– 128,3

– 130,7

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

199,0

407,5

573,5

736,5

900,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

199,0

407,5

573,5

736,5

900,2

KOPPELING UITKERINGEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

5,1

9,8

14,5

19,3

 

Mee- en tegenvallers

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

0,0

– 3,9

– 4,0

– 3,9

– 3,9

 
   

0,0

– 3,9

– 4,0

– 3,9

– 3,9

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Sociale zekerheid

      
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

20,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

– 3,9

– 4,0

– 3,9

– 3,9

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

1,2

5,9

10,6

15,5

20,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

1,2

5,9

10,6

15,5

20,4

Nominale ontwikkeling (mee- en tegenvallers)

De mutatie betreft een aanpassing in de geraamde nominale ontwikkeling binnen het SZA-kader als gevolg van CPB-ramingen van loon- en prijsontwikkeling en als gevolg van mutaties in uitgavenramingen binnen de Sociale Zekerheid.

Nominale ontwikkeling (beleidsmatige mutaties)

Dit is een overboeking naar de begroting van SZW om de begrotingsgefinancierde uitkeringen op prijspeil 2015 te brengen.

Brutering

Diverse uitkeringen zijn netto gekoppeld aan het netto minimumloon, maar kennen een ander bruto-netto traject dan het minimumloon. Wijzigingen in het bruto-netto traject van het minimumloon leiden tot aanpassing van het netto minimumloon. De uitkeringen die netto zij6gekoppeld, worden evenredig aangepast maar door het andere bruto-netto traject kan de bruto uitkering een afwijkendontwikkeling vertonen dan die van het bruto mimimumloon. Het effect hiervan op de uitkeringslasten wordt het bruteringseffect genoemd. Het uitgavenkader SZA is voor dit effect gecorrigeerd.

Homogene Groep Internationale Samenwerking

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015

4.646,7

4.636,3

4.548,6

4.325,1

4.338,1

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Asiel

400,0

– 65,6

– 67,3

– 69,1

– 70,8

 
  

Asiel (augustus)

– 145,0

154,2

– 189,0

0,0

0,0

 
  

Asiel dekking

– 400,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Asiel overheveling venj

– 400,0

– 255,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Asiel problematiek

400,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Bijstelling betaalschema ida (wereldbank)

80,0

– 80,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Biv tgv bz/bhos

60,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Biv trekkingsrecht bz/bhos

– 60,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Biv trekkingsrecht def

– 59,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Biv verhoging

0,0

60,0

60,0

60,0

60,0

 
  

Bni aanpassing oda

140,4

202,2

207,4

212,8

218,3

 
  

Eindejaarsmarge

216,4

178,0

158,2

0,0

0,0

 
  

Financiering brigade speciale bev. opdrachten (bsb)

– 15,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Kasschuif oijk

– 20,0

0,0

0,0

20,0

0,0

 
  

Missie isis

100,0

23,0

– 64,0

– 37,0

– 22,0

 
  

Motie van ojik

0,0

8,0

16,0

0,0

0,0

 
  

Omhangen vpd naar inzet

26,6

5,3

5,3

5,3

5,3

 
  

Opvang in de regio

110,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Verlenging crisisbeheersingsoperaties

– 26,5

26,5

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

2,2

20,9

20,4

8,7

6,0

 
   

409,3

277,5

147,0

200,7

196,8

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

8,4

12,2

18,1

2,3

2,3

 
   

8,4

12,2

18,1

2,3

2,3

 

Extrapolatie

4.346,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

417,6

289,7

165,1

203,0

199,0

 

Stand Miljoenennota 2016

5.064,3

4.926,0

4.713,7

4.528,1

4.537,2

4.346,8

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015

130,2

251,3

153,4

124,9

124,9

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

10,7

– 0,1

5,3

5,3

5,3

 
   

10,7

– 0,1

5,3

5,3

5,3

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Diversen

8,4

12,2

18,1

2,3

2,3

 
   

8,4

12,2

18,1

2,3

2,3

 
         

Extrapolatie

131,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

19,1

12,1

23,4

7,6

7,6

 

Stand Miljoenennota 2016

149,3

263,4

176,8

132,4

132,4

131,0

Asiel

De raming voor de asielinstroom voor 2015 e.v. is naar boven bijgesteld. Dit leidt tot hogere asielopvangkosten bij het COA. De kosten voor de eerstejaarsopvang van asielzoekers uit DAC-landen worden toegerekend aan ODA. Dekking is binnen de begroting van BHOS gevonden door het aanwenden van een deel van de eindejaarsmarge, het aanwenden van BNI-macromeevallers en het inzetten van niet juridisch verplichte ruimte binnen ODA. Om de BNI-macromeevallers in het juiste jaar te krijgen heeft een kasschuif plaatsgevonden. Verder zijn tussen VenJ en BHOS afspraken gemaakt over een gewijzigd bevoorschottingsritme van het COA met ingang van 2016. Zo komen de ODA-toerekening en de uitgaven voor eerstejaarsopvang asielzoekers in enig jaar dichter bij elkaar te liggen.

Bijstelling betaalschema ida (WereldBank)

De IDA betalingen aan de Wereldbank zijn versneld.

BIV

Het betreft de overheveling van middelen uit het Budget Internationale Veiligheid (BIV) naar de begrotingen van Defensie, Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking voor het financieren van uitgaven van deze departementen gerelateerd aan de internationale veiligheid. De overgehevelde middelen van Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking blijven HGIS relevant, de middelen van Defensie na overheveling uit het BIV echter niet meer. Het kabinet heeft besloten tot een structurele verhoging van het Budget Internationale Veiligheid t.b.v. crisisbeheersingsoperaties.

BNI aanpassing ODA

Het ODA budget is opwaarts bijgesteld als gevolg van de BNI-ramingen van het CPB.

Eindejaarsmarge

Aan de HGIS wordt de eindejaarsmarge toegevoegd, welke wordt doorverdeeld aan de HGIS departementen. De HGIS-eindejaarsmarge kan verspreid over maximaal drie jaar aangewend worden. Dit jaar is de omvang van de HGIS eindejaarsmarge hoger dan in andere jaren, omdat onder andere de in 2014 niet bestede middelen voor het Noodhulpfonds en het Dutch Good Growth Fund aanvullend zijn meegenomen naar 2015 en verder.

Financiering brigade speciale beveiligingsopdrachten

Defensie voert in opdracht van Buitenlandse Zaken de beveiliging uit van zogenaamde hoog-risico posten.

Kasschuif BIV verlengen missies

Door middel van een kasschuif binnen het BIV worden voorlopig de verlengingen van de crisisbeheersingsoperaties in Irak, Mali, Afghanistan en in de Golf van Aden gefinancierd. De structurele financiering komt aan de orde bij de uitwerking van de motie Van der Staaij.

Kasschuif Van Ojik

Met de motie Van Ojik (Kamerstuk 34 000, nr. 22) is verzocht om de diplomatieke capaciteit van het Ministerie van Buitenlandse Zaken te versterken. Dekking volgt deels uit de HGIS-eindejaarsmarge en deels van het artikel HGIS-onvoorzien. Om de dekking in het juiste jaar te boeken is een kasschuif nodig.

Missie ISIS

Met Kamerstuk 27 925, nr. 506 heeft het Kabinet aangegeven deel te nemen aan de strijd tegen ISIS in Irak. De financiering van de missie heeft plaatsgevonden uit HGIS onvoorzien. Middels een kasschuif zijn middelen uit de jaren 2017 tot en met 2019 naar voren gehaald ter dekking van de jaren 2015 en 2016. De kasschuif bedraagt in totaal 123 mln., deze middelen zijn overgeheveld naar het Budget Internationale Veiligheid op de begroting van het Ministerie van Defensie (X).

Omhangen VPD naar inzet

Uit praktische overwegingen heeft defensie er in overleg met BuZa voor gekozen alle HGIS uitgaven en ontvangsten te concentreren op 1 subartikel van de begroting.

Opvang in de regio

Er zijn middelen vrijgemaakt voor opvang in de regio.

Verlenging crisisbeheersingsoperaties

Ruimte in 2015 wordt ingezet voor de verlenging van lopende crisisbeheersingsoperaties in 2016.

Diversen

De intensiveringsmiddelen voor het traject contra-terrorisme zijn van de aanvullende post overgeheveld naar de begroting van Buitenlandse Zaken.

Aanvullende Post Algemeen

ALGEMEEN: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

761,4

703,8

856,1

1.121,8

1.095,0

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Belastingdienst

38,0

192,0

243,0

200,0

165,0

 
  

Cao

400,0

400,0

400,0

400,0

400,0

 
  

Contraterrorisme

24,9

105,4

116,7

120,9

122,4

 
  

Dekking cao

– 400,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

In=uit taakstelling

– 912,3

– 194,7

– 186,7

0,0

0,0

 
  

Invullen in=uit taakstelling

45,0

194,7

0,0

0,0

0,0

 
  

Reservering eu-afdrachten

12,0

60,0

– 195,0

– 195,0

– 195,0

 
  

Diversen

– 45,1

– 7,3

– 8,0

– 8,9

– 6,2

 
 

Sociale zekerheid

      
  

In=uit taakstelling

– 48,5

0,0

0,0

0,0

0,0

 
 

Zorg

      
  

Harmoniseren duur vervolgopleiding medisch specialisten

– 20,3

– 10,1

– 10,1

0,0

0,0

 
  

Overheveling umc's

– 17,2

– 17,2

– 17,2

– 17,2

– 17,2

 
  

Diversen

0,0

0,0

– 10,0

– 10,0

– 10,0

 
   

– 923,5

722,8

332,7

489,8

459,0

 

Technische mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Gdi

78,7

94,8

85,4

75,8

67,0

 
  

Toekomstfonds

– 50,0

– 25,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Uitkeren intensivering onderwijs en onderzoek

0,0

– 293,6

– 293,6

– 293,6

– 293,6

 
  

Uitkeren middelen contraterrorisme

– 24,9

– 96,0

– 106,7

– 110,3

– 114,8

 
  

Uitkeren middelen gdi

– 78,4

– 94,9

0,0

0,0

0,0

 
  

Uitkeren middelen vastgoed dji

– 34,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

0,0

– 0,9

– 0,2

0,9

0,8

 
 

Zorg

      
  

Huishoudelijke hulptoelage

– 40,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
  

Diversen

0,1

0,1

0,3

0,3

0,3

 
   

– 148,5

– 415,5

– 314,8

– 326,9

– 340,3

 

Extrapolatie

1.293,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

– 1.072,0

307,3

17,9

162,8

118,6

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

– 310,7

1.011,1

874,0

1.284,6

1.213,6

1.293,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

– 310,7

1.011,1

874,0

1.284,6

1.213,6

1.293,0

ALGEMEEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Extrapolatie

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Belastingdienst

Op de aanvullende post staan de middelen voor de ICT-projecten die de Belastingdienst zal uitvoeren in kader van de investeringsagenda. De projecten nog uitgewerkt door de Belastingdienst en voorgelegd aan een Investmentcommittee. Dat Commitee zal op basis van het voorstel adviseren over de vrijgave van de middelen.

CAO & Dekking CAO

Overheidswerkgevers en drie centrales van overheidspersoneel hebben een bovensectorale overeenkomst loonruimte publieke sector gesloten. Het gaat hier om aanvullende arbeidsvoorwaardenruimte (totaal 470 mln.) die beschikbaar komt bij een akkoord in de pensioenkamer over het overgaan van loon naar prijsindexatie van de ABP-pensioenen. Ter financiering van de afspraak is 400 mln. gereserveerd op de Aanvullende Post. Departementen financieren zelf de overige 70 mln. Voor 2015 wordt de reservering gedekt met nog te realiseren onderuitputting.

Contraterrorisme & uitkeren middelen contraterrorisme

Op 27 februari jl heeft het kabinet besloten de veiligheidsketen op een aantal punten substantieel te versterken. Hiermee kunnen de betrokken diensten en organisaties, ook bij voortzetting van het huidige dreigingsbeeld, de komende jaren doen wat nodig is om de jihadistische dreiging tegen te gaan. Het gaat om een pakket van in totaal 128,8 mln. structureel, dat in een vanaf 2015 oplopende reeks wordt gerealiseerd. De middelen zijn op de aanvullende post geplaatst en zijn grotendeels uitgekeerd.

In=uit taakstelling (Rbg-eng en SZA) & invullen in=uit taakstelling

Bij Voorjaarsnota zijn de eindejaarsmarges uitgekeerd aan de departementale begrotingen. Als tegenhanger hiervan is de ramingstechnische veronderstelling in=uit op de aanvullende post verwerkt (in=uit-taakstelling). Hierbij wordt er vanuit gegaan dat de onderuitputting die zich in 2014 heeft voortgedaan ook in 2015 zal optreden. De eindejaarsmarge voor de HGIS-middelen en de daarmee corresponderende in=uit-taakstelling is over drie jaren verspreid. De in=uit-taakstelling is voor 2015 voor 45 mln. ingevuld en is voor 2016 volledig ingevuld.

Reservering EU-afdrachten (mln.)

Reservering EU-afdrachten (mln.)bedragen in miljoenen euro's

Omschrijving

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015

600

300

300

300

300

300

Verlaging o.b.v. cijfers Eurostat

– 220

– 110

– 110

– 110

– 110

– 110

Vrijval bronnenherziening 2015 e.v.

– 190

– 40

– 190

– 190

– 190

– 190

CBS bijstelling 2011–2014

422

210

105

105

105

105

Stand Miljoenennota 2016

612

360

105

105

105

105

       

Som mutaties MJN 2015 – MJN 2016

12

60

– 195

– 195

– 195

– 195

Bij Miljoenennota 2015 is een reservering aangemaakt van 600 mln. in 2015 en 300 mln. in 2016 e.v. voor de gevolgen van de BNI-revisies (bronnenherziening en ESA2010). Vervolgens is dit voorjaar een reservering aangemaakt voor de effecten van de CBS-bijstelling over de jaren 2011–2014. Hieronder worden de aparte mutaties toegelicht.

  • – Verlaging o.b.v. cijfers Eurostat: Op basis van de nieuwe cijfers van Eurostat kon de reservering structureel worden verlaagd. Dit is vermeld in de Kamerbrief over de gevolgen van de macro-economische revisies voor de EU-afdrachten (28 oktober 2014). De verlaging betreft 110 mln. structureel. Omdat de reservering voor 2014 vorig jaar is doorgeschoven naar 2015, wordt de reservering in 2015 met cumulatief 220 mln. verlaagd.
  • – Vrijval bronnenherziening 2015 e.v.: De reservering voor de EU-afdrachten kan verlaagd worden omdat de effecten van de CBS bronnenrevisie van het najaar van 2014 zijn verwerkt in het budget voor de EU-afdrachten bij Buitenlandse Zaken, m.u.v. het jaar 2014. De nacalculatie voor het jaar 2014 zal dit najaar plaatsvinden. In 2016 wordt de invoering van ESA2010 verwacht die met terugwerkende kracht tot en met 2014 wordt verwerkt. Naar huidige inzichten zorgt de invoering van ESA2010 voor een incidentele tegenvaller; ook hiervoor wordt de reservering aangehouden (150 miljoen euro in 2016).
  • – CBS bijstelling 2011–2014: De reservering is bij VJN gemaakt naar aanleiding van de aankondigingen van het CBS over de tussentijdse bijstelling van het Nederlandse BNI, naar aanleiding van onderzoek met DNB naar de omvang van geldstromen van en naar het buitenland. Het CBS heeft eveneens een reguliere bijstelling uitgevoerd op het bruto binnenlands product. Volgens de huidige inzichten wordt het BNI voor de jaren 2011–2013 opwaarts bijgesteld met respectievelijk 1,8%,1,5% en 3,0%. Tevens is voor het eerst de berekening van het BNI 2014 gepubliceerd door het CBS. De eerder bij Voorjaarsnota getroffen reservering voor de jaren 2011–2012 wordt opgehoogd. De totale opwaartse bijstellingen van het BNI voor de jaren 2011–2014 leiden op basis van de huidige inzichten tot een bruto nabetaling van 422 mln. in de EU-afdrachten. Het structurele effect bedraagt 105 mln. waarvan het effect voor 2015 neerslaat in 2016. Het netto-effect is afhankelijk van de ontwikkeling van het BNI in de andere EU-lidstaten en zal bekend worden in het najaar als ook de meest actuele cijfers van het BNI in de andere EU-lidstaten bekend zijn.

Harmoniseren duur vervolgopleiding medisch specialisten

Dit betreft vrijvallende middelen die waren gereserveerd om het harmoniseren van de duur van medische vervolgopleidingen te faciliteren.

Overheveling UMC’s

Dit betreft middelen die waren gereserveerd voor de UMC’s als gevolg van het inhouden van de ILO als onderdeel van de afspraken uit het Zorgakkoord. Deze overgang gaat niet door en daarmee vallen de middelen vrij voor alternatieve aanwending.

GDI & Uitkeren middelen GDI

Er is besloten om de financiering van de generieke digitale infrastructuur (GDI) te verdelen over de departementen. Deze middelen worden van de departementale begrotingen overgeboekt naar de Aanvullende Post. De middelen worden beschikbaar gesteld aan de opdrachtgevers voor de verschillende voorzieningen op basis van daartoe ingediende bestedingsplannen.

Toekomstfonds

De middelen voor het Toekomstfonds zijn overgeheveld naar de begroting van EZ (kamerstuk 34 000 XIII, nr 11.). De middelen worden ingezet voor fundamenteel onderzoek.

Uitkeren intensivering onderwijs en onderzoek

Tranche 2016 van de middelen voor regeerakkoordmaatregel D32 (Intensivering onderwijs en onderzoek) zijn overgeheveld naar de begroting van OCW.

Uitkeren middelen vastgoed DJI

Voor de uitvoering van het Masterplan DJI worden er middelen (t.b.v. frictiekosten vastgoed) van de aanvullende post overgeheveld naar de begroting van VenJ.

Huishoudelijke hulptoelage

Het kabinet heeft besloten om voor 2015 incidenteel 40 mln. extra toe te voegen aan de decentralisatie-uitkering huishoudelijke hulp toelage zodat gemeenten extra ruimte hebben om plannen in te dienen met als doel het behoud van arbeidsplaatsen in de huishoudelijke hulp sector. Dit besluit is nader toegelicht in een gezamenlijke brief van de Minister van SZW en de Staatssecretaris van VWS aan de Tweede Kamer.

Consolidatie

CONSOLIDATIE: UITGAVENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

– 6.453,9

– 6.670,6

– 7.011,5

– 6.477,8

– 6.578,5

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Consolidatie

574,9

295,4

406,3

– 147,8

– 106,5

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

574,9

295,4

406,3

– 147,8

– 106,5

 

Extrapolatie

– 6.666,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

574,9

295,4

406,3

– 147,8

– 106,5

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

– 5.879,0

– 6.375,2

– 6.605,3

– 6.625,5

– 6.685,0

– 6.666,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

– 5.879,0

– 6.375,2

– 6.605,3

– 6.625,5

– 6.685,0

– 6.666,6

CONSOLIDATIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTENbedragen in miljoenen euro's
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Stand Miljoenennota 2015 (excl. IS)

– 6.453,9

– 6.670,6

– 7.011,5

– 6.477,8

– 6.578,5

 

Beleidsmatige mutaties

      
 

Rijksbegroting in enge zin

      
  

Consolidatie

574,9

295,4

406,3

– 147,8

– 106,5

 
  

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 
   

574,9

295,4

406,3

– 147,8

– 106,5

 

Extrapolatie

– 6.666,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2015

574,9

295,4

406,3

– 147,8

– 106,5

 

Stand Miljoenennota 2016 (subtotaal)

– 5.879,0

– 6.375,2

– 6.605,3

– 6.625,5

– 6.685,0

– 6.666,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Miljoenennota 2016

– 5.879,0

– 6.375,2

– 6.605,3

– 6.625,5

– 6.685,0

– 6.666,6

De post Consolidatie wordt gebruikt voor het corrigeren van de Rijksbegroting voor dubbeltellingen die ontstaan door het bruto-boeken van bijdragen. Het bruto-boeken houdt in dat zowel het departement dat bijdraagt, als het departement dat ontvangt de uitgaven op zijn begroting opneemt. Het ontvangende departement raamt daarnaast de te ontvangen bijdragen ook aan de ontvangstenkant van de begroting. Hierdoor wordt het rekenkundig niveau van de totale rijksuitgaven en de rijksontvangsten hoger dan het feitelijk niveau. Op de post Consolidatie wordt hiervoor gecorrigeerd. De hoogte van de post wordt in belangrijke mate bepaald door de bijdragen van de begroting van Infrastructuur & Milieu aan het Infrastructuurfonds.