Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2010
  • Download PDF

Artikel 37. Kwaliteit Rijksdienst

Algemene doelstelling 37

Een goed presterende rijksoverheid op het gebied van management development en bedrijfsvoering.

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Voor een optimale beleidsvoorbereiding en -uitvoering moet de interne beheersing en sturing van de bedrijfsprocessen op orde zijn. De bedrijfsprocessen moeten naast dienstbaar aan het beleid, ook effectief en doelmatig zijn. Om de bedrijfsvoering binnen de rijksoverheid zo optimaal mogelijk te laten functioneren zijn heldere kaders nodig. Het ministerie van BZK bepaalt in samenwerking met de andere ministeries de kaders voor de bedrijfsvoering en brengt daarin meer samenhang, met als doel een beter bestuurbare en efficiëntere bedrijfsvoering binnen de rijksdienst en samenwerking bij de strategische inzet en ontwikkeling van talent. Voor de rijksbrede bedrijfsvoering zijn vier hoofdprioriteiten vastgesteld: betere bestuurbaarheid van de bedrijfsvoering, uitbouw van shared service centra, vormgeving van de rijkswerkplek en toekomstvast organisatie- en personeelsbeleid.

Verantwoordelijkheid

De vakministers zijn verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering op hun ministerie. De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor het rijksbrede beleid en de rijksbrede kaders op terreinen als management development en personeel, ICT, organisatie, huisvesting-, inkoop, facilitaire dienstverlening en beveiliging. Tevens is de minister verantwoordelijk voor de primaire arbeidsvoorwaarden van het Rijk en de uitvoering van het werkgeverschap van de topmanagementgroep.

Externe factoren

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties werkt voor de uitvoering van het beleid op het terrein van de bedrijfsvoering nauw samen met alle ministeries en is afhankelijk van het draagvlak bij die ministeries.

Meetbare gegegevens

De kwaliteit van de rijksdienst betreft in sterke mate het interne functioneren. Onder de operationele doelstellingen wordt het brede begrip kwaliteit nader geoperationaliseerd. Daar zijn diverse gegevens opgenomen over concrete prestaties op dit terrein.

Budgettaire gevolgen van beleid

37 Kwaliteit Rijksdienst
(x € 1 000)20102011201220132014
Verplichtingen109 92093 66660 99959 22259 222
      
Uitgaven109 92093 66660 99959 22259 222
37.25 Apparaat15 99814 71414 34113 87713 877
      
Programma-uitgaven89 69675 34645 65845 34545 345
Waarvan juridisch verplicht28 11319 87011 61911 58511 585
      
37.1 Management Rijksdienst (ABD)18 54418 08617 13617 25617 256
Waarvan juridisch verplicht11 58511 58511 58511 58511 585
      
37.2 Functionerende bedrijfsvoering29 08624 72914 48513 29813 298
Waarvan juridisch verplicht6 1152 732000
      
37.3 Informatisering Rijksdienst42 91433 24913 10512 90712 907
Waarvan juridisch verplicht9 4725 450000
* Bijdrage baten-lastendiensten CAS47314 5624 5544 5574 557
      
37.4 Facilitaire zaken Rijksdienst3 3782 8881 9321 8841 884
Waarvan juridisch verplicht9411033400
      
37.5 Uitvoering garantieregeling00000
      
Ontvangsten26763463400

De uitvoering van de Garantieregelingen

In 1974 is door de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken de mogelijkheid geschapen om een hypotheekgarantie te verlenen. Voor het burgerlijke rijkspersoneel is deze met ingang van 8 december 1990 ingetrokken, zodat deze regeling in principe geen uitvoeringskosten meer met zich meebrengt. Wel is er sprake van een theoretisch risico op de al toegekende garanties. Daarom wordt de voortgang van de aflossingen van de hypotheken en het uitstaan nog gevolgd. Aangenomen wordt dat indien niet aan een aflossingsverplichting wordt voldaan, de opbrengst van gedwongen verkoop voldoende is om de resterende schuld te voldoen. Daarom wordt € 0,4 miljoen als totaal theoretisch risico beschouwd per 1-1-2010.

Operationele doelstelling 37.1

Het bevorderen van de kwaliteit van het management van het Rijk

Motivering

Voor vernieuwing van de overheid en voor het borgen van haar kwaliteit is de ontwikkeling van een compacte en bevlogen ambtelijke leiding van wezenlijk belang. De ambtelijke leiding heeft een toonaangevende rol bij het realiseren van resultaten en bij het geven van richting in maatschappelijke vraagstukken. In een uitgestrekt netwerk van betrokkenen komt de rol van ambtelijk leidinggevenden neer op kwaliteit organiseren, dialoog regisseren en daadkracht optimaliseren: met oog voor diversiteit, voor samenwerking over grenzen heen en voor de toekomst.


De ambtelijk leidinggevenden zelf, de management development (MD) professionals op de ministeries en bij Bureau ABD werken samen aan de kwaliteit van het management in dienst van het Rijk. Dat betekent investeren in het concernbrede zicht op talent en in specifieke ontwikkeltrajecten voor managers. Maatwerk is daarin leidend: kwaliteit ontstaat uit de unieke match tussen opdracht en individu. Daarnaast zijn er op systeemniveau drie perspectieven in MD:

1. diversiteit: de ambtelijke leiding is een evenredige afspiegeling van de arbeidsmarkt voor hoger opgeleiden;

2. samenwerking over grenzen heen: leidinggevenden worden vrij van organisatiegrenzen ingezet binnen het concern Rijk en er is een vruchtbare uitwisseling met andere sectoren in binnen- en buitenland;

3. toekomstgerichtheid: managementtalenten volgen goed afgestemde leerlijnen en ontwikkelprogramma’s.


In 2010 zullen Bureau ABD en de ministeries de samenwerking in het rijksbrede MD verder intensiveren. Doel is een centraal afgestemde werving en selectie van managers op strategische posities bij het Rijk en de optimale ontwikkeling van leidinggevende kwaliteiten in alle fasen van een loopbaan: van trainee tot topmanager, en van topmanager tot het verzilveren van ervaring.

Instrumenten

In het licht van organisatieontwikkelingen en hervormingen van de rijksoverheid adviseren bij de werving, selectie en ontwikkeling van managers op strategische posities. Basis is de ABD-schouw 2010: de inventarisatie van de behoefte aan managers en de kwaliteit en het ontwikkelingspotentieel van aanwezige managers.

• Uitvoeren van het diversiteitbeleid: evenredige vertegenwoordiging van vrouwen en leidinggevenden met een multiculturele achtergrond.

• Uitvoeren van de rol van werkgever voor de topmanagementgroep, daar waar het gaat om benoeming, arbeidsvoorwaarden en ontslag.

• Coördineren programma managementleerlijnen: verbinden van departementale MD-programma’s, verbeteren MD-kennisinfrastructuur en organiseren talentinfrastructuur voor schalen 10 t/m 15.

• Uitvoeren van programma verzilvering: het langer en op flexibele wijze benutten van mensen met managementervaring.

• Intensiveren van de samenwerking met o.a. de vier grote gemeenten en de ZBO’s van de handvestgroep.

• Coördineren en bevorderen van de plaatsing van Nederlanders op (top-)posities in Europese instellingen. Samen met het ministerie van Buitenlandse Zaken zal Bureau ABD de uitvoering van het Europees personeelsbeleid coördineren en bewaken.

• Bevorderen van politiek-ambtelijk samenspel, door bijeenkomsten en publicaties.

Meetbare gegevens

IndicatorenWaarde 2006Waarde 2007Waarde 2008Streefwaarde 2009Streefwaarde 2010Streefwaarde 2011
Percentage vrouwen in de ABD16,7%18,2%20,2%22,4%24%25%

Bron: BZK / Algemene bestuursdienst

Toelichting

Aantal vrouwen in de ABD als percentage van het totaal; met dit prestatiegegevens wordt nog meer aandacht gegeven aan het streven om het aantal vrouwen in de ABD te vergroten.

KengetallenWaarde 2006Waarde 2007Waarde 2008
Ratio voor doorstroom, instroom van onderen en instroom van buiten6–3-16–3-16–3-1

Bron: BZK / ABD

Toelichting

De verhouding van het aantal benoemingen vanuit de ABD, van onder de ABD en instroom in de ABD van buiten de rijksoverheid.

Operationele doelstelling 37.2

Het bevorderen van de kwaliteit van de organisatie en het personeel van het Rijk.

Motivering

Een goede organisatie en goed personeel zijn wezenlijke onderdelen van een goede bedrijfsvoering. Organisatie en personeelsbeleid scheppen voorwaarden voor een eigentijdse rijksdienst, waar het goed werken is.

Instrumenten

De volgende instrumenten worden ingezet om de operationele doelstelling te bereiken.

Bestuurbaarheid van de bedrijfsvoering

• De externe inhuur blijft een belangrijk aandachtspunt, waarvoor een sturingsinstrument is ontwikkeld. Het sturingsinstrument gaat uit van een verhouding tussen de uitgaven voor externe inhuur en uitgaven voor ambtelijk personeel van maximaal 13%. Wanneer de uitgaven voor inhuur uitkomen boven 13% moeten deze worden toegelicht in het jaarverslag van het betreffende ministerie. In 2010 zullen de eerste ervaringen met dit nieuwe stelsel worden opgedaan en rijksbreed uitgewisseld.

Uitbouw van de shared servicecentra

• Er wordt in 2010 een door de ministeries gedeeld plan van aanpak met tijdpad gemaakt voor de totstandkoming van een Shared Service Centrum HRM Rijk. Daarin krijgen de al bestaande gezamenlijke organisaties op dit terrein een plaats.

• In januari 2010 opent het Contactcenter van P-Direkt formeel haar deuren en worden minimaal 6 ministeries aangesloten op de gebruikersgerichte dienstverlening van P-Direkt. Ook zullen in 2010 de voorbereidingen worden gestart voor de aansluiting van de overige ministeries in de loop van 2010 en 2011.

Realisatie van de rijkswerkplek

• In de vorm van een programma wordt gewerkt aan het verminderen van de administratieve lasten bij de overgang van personeel van het ene naar het andere ministerie.

• Er wordt een functiegebouw ontwikkeld, waardoor de overstap van het ene naar het andere ministerie wordt vergemakkelijkt.

Toekomstvast organisatie – en personeelsbeleid

• Er wordt in 2010 een toekomstbestendige visie op de overheid en het personeelsbeleid van de rijksdienst ontwikkeld. Het ministerie van BZK sluit met deze visie aan op ontwikkelingen en trends in de omgeving van de overheid en doet voorstellen voor een wendbare overheid die ook toekomstige generaties inspireert een functie bij de rijksoverheid te aanvaarden. Zij zullen zich daar eerder thuis voelen wanneer de rijksdienst in staat is snel en goed te reageren op nieuwe maatschappelijke vraagstukken. Voor alle medewerkers geldt dat het de bedoeling is hen in de toekomst duurzaam gemotiveerd en gezond aan het werk te hebben. Ook moeten medewerkers hun werk veilig en respectvol kunnen uitoefenen. In 2010 wordt een systeem ingevoerd dat agressie en geweld tegen medewerkers in de rijksdienst registreert.

• Het vergroten, behouden en benutten van de diversiteit van het personeel bij het Rijk blijven belangrijk. Diversiteit draagt bij aan de kwaliteit van de rijksoverheid. Het gaat er daarbij niet alleen om te zorgen voor het op peil blijven van de instroom, maar vooral om de zorg voor het behoud en de doorstroom van de betrokken medewerkers. Instroom bevorderen heeft immers minder zin, wanneer het merendeel van de nieuwe medewerkers na verloop van tijd vertrekt. Dit vraagt om een nieuwe aanpak, die samen met de ministeries zal worden ontwikkeld. Bijeenkomsten van het interdepartementale netwerk diversiteit en andere rijksbrede initiatieven zullen daaraan in 2010 een bijdrage leveren.

Meetbare gegevens

In 2010 wordt, zoals in voorgaande jaren, aandacht gegeven aan de instroom, het behoud van en de doorstroom van vrouwen en personen met een biculturele achtergrond. Dit diversiteitbeleid levert een bijdrage aan een rijksdienst die een afspiegeling is van de samenleving en die gebruik maakt van alle daar aanwezige talenten.

IndicatorenWaarde 2006Waarde 2007Waarde 2008Streefwaarde 2009Streefwaarde 2010Streefwaarde 2011
1. Aandeel allochtonen. Doel: toename met 50% in 2011 (11,8%) t.o.v. 2007 (7,9%)n.v.t.7,9%8,2%9,9%10,8%11,8%
2. % medewerkers, dat een functioneringsgesprek heeft gehad68%71,3%75,7%75%77%80%
Bron indicator 1 en 2: Sociaal Jaarverslag
3. Werkgevers-tevredenheidsonderzoek – % medewerkers, dat tevreden is met hun baan69,3%Geen meting72%Geen meting73,9%Geen meting
4. Werkgevers-tevredenheidsonderzoek – % medewerkers, dat tevreden is met hun werkgever49%Geen meting57%Geen meting57,2%Geen meting
Bron indicator 3 en 4: Personeels- en mobiliteitonderzoek
5. Van de nieuwe instroom is 50% vrouwn.v.t.n.v.t.n.v.t.50%50%50%
6. Van de nieuwe instroom in de topmanagementgroep is 30% vrouwn.v.t.n.v.t.n.v.t.30%30%30%
Bron indicator 5 en 6: Emancipatiebeleid (Kamerstukken 2008 – 2009, 30 420, nr. 137)

KengetallenWaarde 2006Waarde 2007Waarde 2008
1. Ziekteverzuim (incl. > 1 jaar) – % medewerkers, dat ziek is geweest5,5%5,6%5,7%

Bron: Sociaal Jaarverslag

Operationele doelstelling 37.3

Het bevorderen van de kwaliteit van de ICT en Informatievoorziening binnen de rijksoverheid.

Motivering

Dit doel kan uitsluitend bereikt worden met een flexibele en duurzame inzet van Informatievoorziening- en Communicatietechnologie (ICT). Door de kracht van ICT en Informatievoorziening kan het Rijk zijn taken richting burger en bedrijfsleven sneller, beter en transparanter vormgeven.

Instrumenten

De volgende instrumenten worden ingezet om de operationele doelstelling te bereiken.

Betere bestuurbaarheid van de bedrijfsvoering

• Kaders voor architectuur en standaarden, stuurinformatie, opdrachtgeverschap, kwaliteitsverbetering en informatiebeveiliging worden opgesteld op basis van de visie op kaders en kwaliteit voor informatievoorziening en ICT. Er vindt jaarlijks een rapportage over de grote ICT-projecten plaats.

• Kwaliteitsbevordering I-functie door opleidingen en kennisnetwerken (o.a. architectuur, projectmatig werken en opdrachtgevers van projecten), verbeteren portfoliomanagement, inrichting Chief Information Officer (CIO)-offices en shared ICT-services en het vastleggen van een curriculum voor de functie van Chief Information Officers Rijk.

• Oprichting van een bureau Gateway (methodiek voor review van projecten in de publieke sector).

• Op het gebied van ICT dienstverlening wordt voor het ontwikkelen van sourcingsstrategieën een afwegingskader opgesteld. Een sourcingsstrategie is een middel om af te wegen om zelf iets te doen, samen te doen, te laten doen of uit te besteden. Van wat binnen de rijksdienst gezamenlijk wordt ontwikkeld en beheerd, zal een producten- en dienstenoverzicht worden opgesteld.

Uitbouw van de shared servicecentra

• De voorgenomen vorming van één archiefbewerkingsorganisatie voor de rijksoverheid, mede ten behoeve van het wegwerken van de archiefachterstanden.

Realisatie van de rijkswerkplek

• Doorontwikkeling naar volgende versies van de Digitale Werkomgeving Rijk (als onderdeel van de rijkswerkplek) en verder kaders ontwikkelen voor de digitale werkplek en voor de organisatie en het gebruik van informatie van de rijksoverheid.

• Doorontwikkeling visie voor het gebruik van rijksoverheidsinformatie en het ondersteunen van de ministeries bij de invoering van de kaders en standaarden voor een optimale informatiehuishouding.

Meetbare gegevens

IndicatorenStreefwaarde 2009Streefwaarde 2010Streefwaarde 2011
1. Aantal Gateway-reviews122525
Bron: Informatie- en communicatietechnologie (Kamerstukken 2007–2008, 26 643nr. 128)
2. Aantal DWR desktops (cumulatief)07 50011 000
Bron: Ministeries leveren informatie aan bij BZK
3. Aantal strekkende kilometers wegwerken archief ná 1975 (cumulatief)03264
Bron: Modernisering informatiehuishouding Rijk (Kamerstukken 2008–2009, 29 362, nr. 156)

Operationele doelstelling 37.4

Het bevorderen van de kwaliteit van facilitaire dienstverlening, huisvesting en inkoop binnen de rijksoverheid.

Motivering

Facilitaire dienstverlening, huisvesting en inkoop vormen een belangrijk onderdeel van de bedrijfsvoering van de rijksoverheid. Het streven is om deze onderdelen zo doelmatig en doeltreffend mogelijk te laten functioneren.

Instrumenten

De volgende instrumenten worden ingezet om de operationele doelstelling te bereiken.

Betere bestuurbaarheid van de bedrijfsvoering

• Rijksbrede benchmarks op het terrein van de bedrijfsvoering worden ontwikkeld en uitgevoerd; ook hulpmiddelen bij het verzamelen van inkoopinformatie worden ontwikkeld en ingezet.

• Het rijkshuisvestingsstelsel wordt geëvalueerd.

• Er komt een afwegingskader voor het ontwikkelen van sourcingsstrategieën op het gebied van facilitaire dienstverlening en inkoop.

• Er komt een monitor ter bewaking van de voortgang bij de ministeries van het realiseren van hun bijdrage aan het behalen van de kabinetsdoelen op duurzame bedrijfsvoering.

Uitbouw van de shared servicecentra

• De samenwerkingsverbanden die in de afgelopen jaren binnen de rijksoverheid zijn ontstaan op facilitair gebied, worden uitgebouwd en versterkt.

• Categoriemanagement als inrichtingsprincipe voor het gezamenlijk inkopen wordt verder uitgebouwd. Categoriemanagement is een werkwijze op inkoopgebied die leidt tot rijksbrede strategieën voor de verwerving van diensten en goederen en tot meer aandacht voor de gehele levenscyclus van het product of de dienst: van behoefteformulering aan het begin tot contractbeheer en evaluatie aan het einde. Kortom, door slim samenwerken efficiency, duurzaamheid en kostenbesparing realiseren. In 2012 zal het merendeel van de inkoop van generieke productcategorieën, dat wil zeggen groepen producten en diensten die meerdere ministeries regelmatig gebruiken, vanuit dit beginsel zijn georganiseerd.

Realisatie van de rijkswerkplek

• De programmatische aanpak van de invoering van de rijkswerkplek wordt voortgezet. De rijkswerkplek is een gestandaardiseerde en geüniformeerde plaats- en tijdsonafhankelijke werkplek, bedoeld om een flexibel primair proces te faciliteren.

• Na de huisvestingsstrategie voor Den Haag is er een huisvestingsstrategie voor de rijkspanden in het land ontwikkeld.

• De rijkspas is in 2010 bij de Haagse vestigingen van de ministeries ingevoerd.

• Het rijksbrede programma duurzame bedrijfsvoering is erop gericht om op strategisch niveau aandacht te genereren voor de lange termijneffecten van de eigen bedrijfsactiviteiten en duurzaamheid als criterium mee laten wegen in de afwegingen die worden gemaakt in het besluitvormingsproces over investeringen in de bedrijfsvoering. Door het betrekken van rijksambtenaren bij deze besluitvormingsprocessen – in de vorm van interactieve beleidsvorming – kan duurzaamheid zich ontwikkelen tot een inspirerend en aansprekend onderdeel van de strategie en identiteit van de rijksoverheid.

Meetbare gegevens

IndicatorenWaarde 2007Waarde 2008Streefwaarde 2009Streefwaarde 2010Streefwaarde 2011
1. Percentage duurzaam inkopenrijksbreedn.v.t.51%76%100%100%
Bron: Monitor duurzaam inkopen
2. Percentage energiebesparing100%98%96%94%92%
Bron: Milieubarometer

Toelichting

• Het programma duurzame bedrijfsvoering faciliteert ministeries om de 100% duurzaam inkopen te realiseren vanaf 2010 en om jaarlijks 2% energiebesparing te realiseren, met als einddoel 25% reductie in 2020.

Overzicht onderzoek naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van beleid

 Onderzoek onderwerpAD of ODA. StartB. AfgerondVindplaats
BeleidsdoorlichtingInkoopmanagement RijkOD 37.4Start: 2010Afgerond: 2010 
 Kwaliteit organisatie en personeel RijkOD 37.2Start: 2011Afgerond: 2011 
 HRM-functie van het RijkOD 37.2Start: 2009Afgerond: 2009 
 Het bevorderen van de kwaliteit van het management van het Rijk*OD 37.1Start: 2008Afgerond: 2009 
Effectenonderzoek ex post   
Overig evaluatieonderzoekRijkshuisvestingsstelselOD 37.4Start: 2010Afgerond: 2010 

* De beleidsdoorlichting «Bevorderen kwaliteit van de rijksdienst» wordt in het najaar van 2009 aangeboden aan de Tweede Kamer.

Toelichting

De planning van de beleidsdoorlichting op de operationele doelstellingen 37.3 wordt nog bezien en in de begroting 2011 opgenomen (zie ook toelichting in de leeswijzer).