Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2010
  • Download PDF

Voorjaarsnota 2010

32395 1 Brief van de minister van financiën

32 395Voorjaarsnota 2010

Vergaderjaar 2009-2010

Nr. 1

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 31 mei 2010

1. Inleiding

De Voorjaarsnota 2010 is de eerste rapportage van het kabinet over de uitvoering van de begroting 2010. Hierin geeft het kabinet een overzicht van de wijzigingen voor het begrotingsjaar 2010 ten opzichte van de Miljoenennota 2010. Deze bijstellingen zijn gebaseerd op nieuwe macro-economische ramingen uit het Centraal Economisch Plan (CEP) van het CPB en inzichten over de begrotingsuitvoering.

De uitvoering van de begroting 2010 wordt gekenmerkt door budgettaire krapte en forse tegenvallers, met name in de gezondheidszorg. Het uitgavenkader sluit voor 2010. De voorgenomen maatregelen voor 2011 en verder worden zoals gebruikelijk gepresenteerd in de Miljoenennota 2011. Het kabinet zal daarin een sluitend kader voor 2011 presenteren.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft de kapitaalverstrekking aan Fortis Bank Nederland/ ANB AMRO beoordeeld als gedeeltelijk als relevant voor het EMU-saldo, hetgeen het saldo in 2010 met 0,2% bbp belast. De saldobelasting als gevolg van de kapitaalverstrekking is eenmalig. Deze wijziging heeft geen gevolgen voor de schuldquote. Vervolgens laten zowel de inkomsten en de gasbaten tegenvallers zien ten opzichte van de raming in de Miljoenennota 2010. Het EMU-saldo 2010 komt zodoende uit op een tekort van 6,6% bbp. De EMU-schuld 2010 komt uit op 66% bbp.

In deze Voorjaarsnota is ook het leningenprogramma aan Griekenland verwerkt. Het gaat hier om een bedrag aan leningen van maximaal 4,704 mld voor de gehele periode 2010–2013. In 2010, het eerste jaar waarin op dit bedrag getrokken wordt, gaat het naar schatting om 1,8 mld.

Voorts is in deze Voorjaarsnota het Nederlands aandeel opgenomen in het special purpose vehicle (SPV) voor de eurolanden. Via dit mechanisme is maximaal 440 mld aan leningen beschikbaar. De eurolanden zullen garant staan voor de verplichtingen van deze SPV. Het Nederlandse aandeel hierin bedraagt maximaal 26 mld. Het mechanisme wordt pas aangesproken als het communautaire deel is uitgeput. Communautair is via de Europese begroting in totaal 60 mld aan leningen beschikbaar. Hiervoor staan lidstaten van de EU garant op basis van hun aandeel in de Europese begroting. Voor Nederland gaat het dan om circa 3 mld. Er bestond al een vergelijkbare faciliteit voor niet-euro EU-landen. Het plafond van deze faciliteit is in 2009 opgehoogd naar 50 mld. Hierover bent u destijds geïnformeerd.

Deze Voorjaarsnota is als volgt opgebouwd: paragraaf 2 gaat in op de uitgaven, paragraaf 3 kijkt naar de inkomsten, paragraaf 4 behandelt het EMU-saldo en de EMU-schuld en paragraaf 5 de gevolgen van de economische en financiële crisis.

2. Uitgaven

Totaalkader
Op diverse begrotingen is sprake van forse uitvoeringsproblematiek van in totaal meer dan 2 mld
Noot (zie blz. ) 1 Dit is exclusief een eventuele ABP pensioenpremiestijging per 1 augustus 2010. Deze pensioenuitgaven zullen binnen de begrotingen zelf opgevangen moeten worden. 
. Dit is volledig opgelost. Hiervoor zijn ook generieke maatregelen ingezet.

Tabel 1 laat zien dat het totaalkader sluit.

Tabel 1: toetsing totaalkader

(+ = tegenvaller mld)

2010

Totaalkader MN 2010

0,0

Toetsing totaalkader Voorjaarsnota 2010

0,0

  

Kader RBG-eng MN 2010

0,6

Besluitvorming Voorjaarsnota

– 1,1

Kader RBG-eng Voorjaarsnota 2010

– 0,5

  

Kader sociale zekerheid en arbeidsmarkt MN 2010

0,0

Besluitvorming Voorjaarsnota

– 0,1

Kader sociale zekerheid Voorjaarsnota 2010

0,0

  

Kader zorg MN 2010

– 0,7

Besluitvorming Voorjaarsnota

1,2

Kader zorg Voorjaarsnota 2010

0,6

Kader RBG-eng

In het kader RBG-eng hebben zich ten opzichte van stand Miljoenennota 2010 enkele mutaties voorgedaan, hetgeen resulteert in onderstaande kadertoetsing.

Tabel 2: Uitvoeringsbeeld kader RBG-eng

(+ = tegenvaller mld)

2010

Stand kadertoetsing MN 2010

0,6

Macromutaties

 

EU-afdrachten

– 0,3

Rente CKB

– 0,2

Dividend DNB

– 0,1

Beleidsmatige mutaties

 

Justitie (asiel, inclusief ODA toerekening)

0,1

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

0,1

Wonen, Wijken en Integratie

0,1

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

0,1

Volkgezondheid, Welzijn en Sport (griepvaccins)

0,1

Generieke maatregelen

 

Prijsbijstelling

– 0,3

Loonbijstelling

– 0,6

Een jaar uitstel tranche 2010 enveloppenmiddelen

– 0,1

Kadertoetsing RBG-eng Voorjaarsnota 2010

– 0,5

Macromutaties

De EU-afdrachten laten een meevaller in 2010 zien als gevolg van onderuitputting van de begroting in 2009. De rente-uitgaven van het Centraal Kasbeheer vallen mee door een lagere korte rentestand. Rente-effecten op de kapitaal- en geldmarkt leiden tot een meevaller bij de winstraming van de Nederlandsche Bank (DNB).

Beleidsmatige mutaties

Naar aanleiding van het advies van de 13e studiegroep begrotingsruimte is besloten het generale karakter van het asieldossier te beëindigen. Om dit mogelijk te maken wordt een actualisering van de raming doorgevoerd.

De raming van de instroom van het aantal asielzoekers voor 2010 structureel wordt geactualiseerd op basis van de realisatiecijfers over 2009. Ook wordt een mutatie doorgevoerd ten aanzien van de reeks geboekte bedragen in het kader van de ODA-toerekening van de kosten van het eerste jaar opvang. De definitieve afrekening blijft op jaarbasis plaatsvinden en kan gecorrigeerd worden voor de daadwerkelijk gerealiseerde instroom.

De extra uitgaven op de begroting van OCW komen vooral voort uit extra aantallen leerlingen- en studenten en de kinderopvang. In de verschillende onderwijssectoren melden zich per saldo meer leerlingen en studenten aan dan eerder geraamd. Aangenomen kan worden dat deze hoger uitvallende aantallen voor een deel het gevolg zijn van de economische crisis. In de kinderopvang betreft het hoofdzakelijk tegenvallende opbrengsten van de aanpassingen in de gastouderopvang die per 1 januari jongstleden zijn doorgevoerd. Daarnaast is nog sprake van een tegenvallende opbrengst van de tabelaanpassing die per 1 januari 2009 is doorgevoerd. Dekking komt in 2010 uit inzet eindejaarsmarge 2009, de stimuleringsenveloppe arbeidsmarkt (door de crisis zijn leerlingen langer op school gebleven dan geraamd, waarmee de additionele instroom van de jeugdwerkloosheid is verminderd), de ramingsbijstelling studiefinanciering en de stimuleringsenveloppe MBO. OCW ontvangt een éénmalige bijdrage van 30 mln, ten behoeve van de wettelijke verplichting tot het uitkeren van prijsbijstelling.

WWI heeft een overschrijding van 55 mln in 2010. De tegenvaller wordt met name veroorzaakt door de huurtoeslag. In 2010 wordt het budget voor inburgeringstrajecten bijgesteld.

Om verdergaande verspreiding van de Q-koorts tegen te gaan worden besmette drachtige melkschapen en melkgeiten geruimd. De LNV begroting wordt met 36 mln verhoogd voor ruimings- en uitvoeringskosten.

Naar aanleiding van het advies van de 13e studiegroep begrotingsruimte is besloten het generale karakter van het apurementdossier te beëindigen. Om LNV in de gelegenheid te stellen toekomstige financiële correcties vanuit de EU op te kunnen vangen, wordt een reeks aan de LNV-begroting toegevoegd. Dit betreft correcties op Nederlandse declaraties bij Europese fondsen voor die gevallen, waarbij de uitvoering naar de mening van de Commissie niet conform Europese regelgeving heeft plaatsgevonden.

De in 2009 genomen maatregelen ter bestrijding van de Mexicaanse griep zorgen voor onvermijdelijke uitgaven in 2010.

Generieke maatregelen

De tranche 2010 van de prijsbijstelling wordt niet uitgekeerd in 2010.

Verder wordt de tranche 2010 van de loonbijstelling in 2010 ingezet om de uitvoeringsproblematiek te dekken. Tot slot wordt de tranche 2010 van de CA-enveloppen (pijlermiddelen) die nog op de Aanvullende Post staan met één jaar vertraging uitgekeerd.

Kader sociale zekerheid en arbeidsmarkt

Binnen het kader sociale zekerheid en arbeidsmarkt zijn er uitvoeringstegenvallers, met name op de arbeidsongeschiktheidsregelingen. Deze zijn met diverse maatregelen geredresseerd. Het betreft onder andere de inzet van de eindejaarsmarge en verscheidene gereserveerde middelen.

Tabel 3: Uitvoeringsbeeld kader sociale zekerheid en arbeidsmarkt

(+ = tegenvaller mld)

2010

Kader sociale zekerheid en arbeidsmarkt MN 2010

0,0

Uitvoeringstegenvallers

0,1

Maatregelen

– 0,1

Aanvullende posten:

 

Loon- en prijsbijstelling (incl. ZBO’s)

– 0,1

Kader sociale zekerheid Voorjaarsnota 2010

0,0

Kader zorg

Tabel 4: Uitvoeringsbeeld kader zorg

(+ = tegenvaller mld)

2010

Kader zorg MN 2010

– 0,7

Saldo mee- en tegenvallers

1,4

Maatregelen

– 0,2

Kader zorg Voorjaarsnota 2010

0,6

De uitgaven aan de gezondheidszorg blijken (op basis van gegevens van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) over 2008 en 2009) sterker te zijn gegroeid dan geraamd. De hogere uitgaven in 2008 en 2009 doen zich op meerdere onderdelen van de zorg voor en zijn grotendeels structureel. Dit leidt dus tot hogere uitgaven in zowel 2010 als in latere jaren.

In de curatieve zorg zijn er extra uitgaven aan onder andere medisch specialisten, zelfstandige behandelcentra, ziekenhuizen, huisartsen, fysiotherapie, tandheelkundige zorg en de geestelijke gezondheidszorg (in totaal ca. 1,0 mld). Op het terrein van de care laat bijvoorbeeld de in instellingen geleverde zorg een overschrijding van het beschikbare budget zien (ca. 0,4 mld).

Naast deze uitgavenstijgingen zijn er ook verschillende aanvullende tegenvallers. Zo heeft de NZa in 2009 besloten de tarieven voor verloskundigen en apothekers te verhogen (ca 0,1 mld). Bij de persoonsgebonden budgetten (PGB’s) is een tegenvaller (ca 0,1 mld). Een structurele meevaller is er bij de geneesmiddelen, dankzij bijvoorbeeld prijsverlagingen door het aflopen van patenten en het gevoerde preferentiebeleid (ca. 0,2 mld).

Het is in de zorg gecompliceerd om maatregelen te treffen in het lopende jaar. Voor het lopende jaar zijn het verzekerd pakket voor de Zorgverzekeringswet (Zvw), de aanspraken in de AWBZ, de tarieven en de eigen betalingen wettelijk vastgelegd. Voor 2010 resteren dan ook hogere uitgaven dan geraamd. Waar mogelijk zijn uiteraard maatregelen genomen die reeds in 2010 tot besparingen leiden. Zo wordt de vorig jaar genomen maatregel bij de medisch specialisten opgehoogd en wordt een incidentele meevaller bij de geneesmiddelen ingezet ter dekking van de budgettaire problematiek.

3. Inkomsten

In 2010 komen de belasting- en premie inkomsten op EMU-basis volgens de huidige inzichten 1,4 mld lager uit dan bij de Miljoenennota 2010 is geschat.

Tabel 5: Belasting- en premieontvangsten 2010 op EMU-basis

(in mld)

Stand MN 2010

Stand VJN 2010

Mutatie

Belastingen en premies volksverzekeringen

166,9

164,6

– 2,3

wv. Belastingen

131,5

133,6

2,1

wv. premies volksverzekeringen

35,4

31,0

– 4,4

Premies werknemersverzekeringen

45,0

45,9

0,9

Totaal

211,8

210,5

– 1,4

Ondanks dat de verwachting over de economische ontwikkeling in 2010 sinds de Miljoenennota 2010 licht is verbeterd, komen de belasting- en premieontvangsten over 2010 per saldo lager uit dan verwacht bij Miljoenennota. Dit is het vrijwel geheel het gevolg van de doorwerking van de realisaties over 2009, die uiteindelijk nog aanzienlijk lager zijn uitgekomen dan verwacht bij Miljoenennota 2010.

De negatieve mutatie bij de premies volksverzekeringen betreft een bijstelling van de boekhoudkundige verrekening tussen het belastingdeel en het premiedeel van de loon- en inkomensheffing. Deze verrekening heeft geen gevolgen voor het EMU-saldo. Abstraherend van de boekhoudkundige mutatie komen de premies volksverzekeringen bij Voorjaarsnota 2010 per saldo 0,4 mld hoger uit dan bij Miljoenennota 2010 en de belastingen per saldo 2,7 mld lager.

In de onderstaande tabel wordt de neerwaartse bijstelling van 1,4 mld uitgesplitst naar de verschillende factoren die eraan hebben bijgedragen.

Tabel 6: Overzicht mutaties van de inkomsten sinds Miljoenennota 2010

 (in mld)

Ontvangsten

Stand Miljoenennota 2010

211,8

Mutatie

– 1,4

wv. doorwerking 2009

– 2,6

wv. zorgpremies

0,3

wv. economisch beeld

0,9

Stand Voorjaarsnota 2010

210,5

Allereerst leidt de genoemde doorwerking van de realisatie over 2009 tot een bijstelling van de ontvangsten over 2010 met –2,6 mld. Deze doorwerking betreft grotendeels de vennootschapsbelasting en de omzetbelasting. Ten tweede zorgt beleid dat sinds de Miljoenennota 2010 is gevoerd voor 0,3 mld hogere ontvangsten. Dit betreft de lastenrelevante ontwikkeling van de zorgpremie. Ten slotte zorgt een verbeterd economisch beeld over 2010 voor een opwaartse bijstelling van de inkomsten met 0,9 mld. Deze bijstelling betreft met name de loon- en inkomensheffing (waaronder de premies volksverzekeringen) als gevolg van een positievere verwachting over de werkgelegenheidsontwikkeling in 2010.

4. EMU-saldo en EMU-schuld

Tabel 7 geeft de ontwikkeling van het EMU-saldo weer ten opzichte van de raming in de Miljoenennota 2010.

Tabel 7: EMU-saldo sinds Miljoenennota 2010 (in % bbp)

 

2010

EMU-saldo Miljoenennota 2010

– 6,3%

Uitgavenkader

0,0%

wv RBG-eng

0,2%

wv SZA

0,0%

wv BKZ

– 0,2%

Ruilvoet

0,1%

Rente

0,1%

Inkomsten

– 0,3%

Gasbaten

– 0,1%

Kapitaalverstrekking Fortis Bank Nederland/ ABN AMRO

– 0,2%

Noemereffect

0,1%

EMU-saldo Voorjaarsnota 2010

– 6,6%

De verslechtering van het EMU-saldo met 0,3% bbp wordt veroorzaakt door de volgende mutaties. Zoals reeds uit paragraaf 2 is gebleken sluit het totaalkader; de overschrijdingen onder het budgettair kader zorg wordt gecompenseerd door de kaderonderschrijding bij RBG-eng. De correctie voor de ontwikkeling van de ruilvoet laat een meevaller zien ten opzichte van de raming bij Miljoenennota 2010. De reden hiervoor is een lagere loon- en prijsontwikkeling daar waar tijdens Miljoenennota 2010 rekening mee werd gehouden. De rentelasten laten eveneens een meevaller zien; deze wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door een lagere rekenrente.

Aan de inkomstenzijde van de rijksbegroting zorgen de lagere belasting- en premieontvangsten, ter grootte van 1,4 mld, voor een saldoverslechtering van 0,3% bbp – zie hiertoe de toelichting in voorgaande paragraaf. Ook de gasbaten verslechteren het saldo. De daling van de geraamde gasbaten is onder andere het gevolg van hogere kosten van gaswinning. Anderzijds leidt een steeds lossere koppeling tussen gasprijs en de olieprijs ertoe dat een steeds groter deel van het gas wordt verkocht tegen lager dan geraamde spotprijzen in plaats van tegen oliegekoppelde gasprijzen.

Het CBS heeft eerder dit jaar de integratiekosten die verband houden met de herkapitalisatie van Fortis Bank Nederland/ ABN AMRO aangemerkt als saldorelevant. Deze incidentele correctie van komt overeen met een saldoverslechtering ter grootte van 0,2% bbp. Tot slot doet zich een noemereffect voor. Sinds Miljoenennota 2010 is de raming voor het bbp toegenomen, hetgeen leidt tot een positief effect op het EMU-saldo.

De EMU-schuld werd tijdens Miljoenennota 2010 geraamd op 66% bbp; ook de huidige raming voor de EMU-schuld bedraagt 66% bbp. Figuur 1 geeft een weergave van het EMU-saldo en de EMU-schuld voor de lidstaten behorende tot de eurozone. Het leeuwendeel van de lidstaten bevindt zich in 2010 in het kwadrant linksboven – in dit kwadrant is de EMU-schuld en het EMU-saldo van een lidstaat hoger respectievelijk lager dan de normen uit het Stabiliteits- en Groeipact (SGP). In 2009 bevonden Finland en Luxemburg als enige twee lidstaten zich nog in een saldopositie binnen de –3% bbp-norm uit het SGP. Dit jaar hebben alle lidstaten deze norm overschreden (links van de verticale as in figuur 1). De positie van Griekenland lijkt zich te verbeteren ten opzichte van de realisatie over 2009 (saldo 2009: –13,6% bbp). Toch blijft de budgettaire positie van Griekenland zorgwekkend.

Figuur 1: EMU-saldo en EMU-schuld 2010 (eurozone, in % bbp)


Het Nederlands EMU-saldo komt overeen met het gemiddelde van de eurozone; de schuldpositie van Nederland is beter dan het gemiddelde van de eurozone. Nota bene: voor Nederland zijn de Voorjaarsnotacijfers opgenomen; voor alle andere lidstaten de cijfers uit de European Economic Forecast.

5. Budgettaire ontwikkelingen in het kader van de economische en financiële crisis

Om tegenwicht te bieden aan de gevolgen van de crisis voor het economische en financiële klimaat, heeft het kabinet een aantal maatregelen genomen om het financiële stelsel gezond te houden, de rust te helpen herstellen en om de economie te ondersteunen. Deze twee ingrepen en hun budgettair effect worden besproken in deze paragraaf.

i. Financiële interventies

Bijlage 2 geeft een overzicht van de budgettaire gevolgen van de financiële interventies en geeft een toelichting op de mutaties die sinds Miljoenennota 2010 hebben plaatsgevonden op deze interventies. Met dit budgettair overzicht wordt de structurele informatievoorziening omtrent de aanzienlijke budgettaire gevolgen van de crisismaatregelen verbeterd.

ii. Stimuleringspakket

Tabel 8 geeft een overzicht van het kasritme van het stimuleringspakket. Ten opzichte van de geraamde uitgaven bij Voorlopige Rekening blijven de kasuitgaven in 2010 met 60 mln achter. Dit is met name te wijten aan een achterblijvend kasritme bij projecten die uit het FES worden gefinancierd. In bijlage 3 wordt dit inzichtelijk gemaakt.

Tabel 8: Kasritme stimuleringspakket

(in mln)

2009

 

2010

 

2011*

 
 

stand

VR

stand

SW

stand

VR

stand

VJN

stand

VR

stand

VJN

Arbeidsmarkt, onderwijs en kennis

513

511

1062

1002

754

816

Duurzame economie

233

223

691

706

73

67

Infrastructuur en (woning)bouw

552

552

1218

1192

– 568

– 542

Liquiditeitsverruiming bedrijfsleven

691

691

561

561

149

149

Invulling FES-projecten

19

16

101

111

265

259

Totaal stimuleringspakket

2008

1993

3632

3572

673

750

* Bedragen genoemd in 2011 zijn soms gespreid over meerdere jaren

iii. Griekenland

Omdat dit noodzakelijk was met het oog op de financiële stabiliteit in de eurozone, is een leningenprogramma gestart voor Griekenland. Het programma betreft een gezamenlijk programma van het IMF en de lidstaten van de eurozone. Op 7 mei jl. heeft uw Kamer met de Nederlandse deelname hieraan ingestemd (d.d. 3 mei 2010, kenmerk BFB 2010-450M). Voor Nederland gaat het om een aandeel in dit programma van maximaal 4,704 mld over de gehele periode 2010–2013. Voor het ritme waarmee op dit bedrag getrokken zal worden is een raming gemaakt die voor 2010 momenteel uitkomt op 1,8 mld.

Griekenland betaalt voor deze leningen een rentevergoeding die is samengesteld uit de 3 maands euribor rente plus een opslag van 300 basispunten. Voor de financiering van (het Nederlandse deel van) deze leningen trekt het Agentschap geld aan op de financiële markten tegen het voor Nederland geldende rentepercentage; dat is aanzienlijk lager dan de vergoeding die Griekenland betaalt.

De leningen aan Griekenland zijn niet relevant voor het EMU-saldo, maar wel voor de EMU-schuld. De rentebaten evenals de rentelasten zijn wel relevant voor het EMU saldo, maar vallen (conform de afspraken over crisisgerelateerde maatregelen) buiten de kaders.

iv Stabiliteitsmechanisme Europa

Op 10 mei jl. besloot de Ecofin Raad tot een totaalpakket aan maatregelen ter borging van de financiële stabiliteit (d.d. 10 mei 2010, kenmerk BFB 2010-548M). Belangrijk onderdeel van dit pakket was de afspraak dat landen alles in het werk zouden stellen om binnen de afgesproken termijn hun begrotingstekorten op orde te brengen. Sluitstuk van het pakket is het stabiliteitsmechanisme. Het mechanisme bestaat uit twee delen. Via de Europese begroting komt een bedrag van 60 mld beschikbaar. Dit mechanisme komt bovenop de bestaande betalingsbalansfaciliteit (die reeds beschikbaar is voor landen buiten de eurozone). Het nieuwe bedrag van 60 mld kan uitgeleend worden aan lidstaten in nood. Lidstaten van de EU staan via hun aandeel in de Europese begroting garant voor deze leningen. Voor Nederland gaat het dan om een garantstelling voor maximaal 3 mld.

Het communautaire deel wordt, indien dat nodig zou zijn, aangevuld met additionele leningen. Hiertoe is vanuit een Special Purpose Vehicle (SPV) maximaal 440 mld beschikbaar. De eurolanden zullen garant staan voor de verplichtingen van deze SPV. Het Nederlandse aandeel hierin bedraagt maximaal 26 mld. Dit loket is in beginsel tijdelijk beschikbaar, voor een periode van 3 jaar. Indien uit de Europese middelen een leningenprogramma wordt gefinancierd, zal ook het IMF voor naar verwachting in ieder geval de helft hieraan deelnemen. Leningen zullen, net als bij Griekenland, enkel worden verstrekt onder zeer stringente beleidscondities en tegen een forse renteopslag.

De garanties die Nederland verleent via de Europese begroting, en voor eventuele additionele leningen via het SPV leiden niet tot directe uitgaven op de Nederlandse begroting. Een effect op de uitgaven is pas aan de orde als delen van de leningen uiteindelijk toch niet worden terugbetaald. De kans hierop achten we bijzonder klein, temeer daar de leningen gepaard gaan met zeer strenge beleidscondities en een frequente monitoring. Eventuele noodzakelijke uitgaven uit het communautaire deel zullen bovendien in eerste instantie binnen de EU-begroting worden opgevangen.

De
minister
van Financiën, J. C. deJager

Bijlage 1 Budgettaire kerngegevens

(mld)

2010

Inkomsten (belastingen en sociale premies)

210,5

  

Netto uitgaven onder de kaders

231,6

Rijksbegroting in enge zin

112,0

Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt

61,9

Budgettair Kader Zorg

57,7

Overige netto uitgaven

13,5

Rentelasten

10,2

Stimuleringspakket (excl. inkomstenkant)

2,9

Overig (gasbaten, FES, zorgtoeslag etc.)

0,4

Totale netto uitgaven

245,1

  

EMU-saldo centrale overheid

– 34,6

  

EMU-saldo lokale overheden

– 4,3

  

Feitelijk EMU-saldo

– 38,9

Feitelijk EMU-saldo (in % bbp)

– 6,6%

  

EMU-schuld (in % bbp)

66%

  

bbp

585

Bijlage 2 Budgettair overzicht interventies t.b.v. de financiële sector

Tabel 1: Budgettair overzicht kredietcrisismaatregelen (in mln)

Voorjaarsnota

2008

2009

2010

Artikel

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

    

1. Deelneming Fortis/AA

16.800

1.350

490

IX-B, artikel 3

2. Deelneming RFS/AA

6.540

 

3.038

IX-B, artikel 3

3. Verkoop FCI

 

– 350

 

IX-B, artikel 3

4. Overbruggingskredieten Fortis

44.341

  

IX-A, artikel 1

5. Aflossingen overbruggingskredieten Fortis

 

– 36.516

– 3.250

IX-A, artikel 1

6. Renteontvangsten overbruggingskredieten Fortis

– 502

– 705

– 172

IX-A, artikel 1

7. Dividend ABN Amro Group

0

0

0

IX-B, artikel 3

8. Dividend ASR

0

0

0

IX-B, artikel 3

9. Dividend RFS

0

0

0

IX-B, artikel 3

     

Capital Relief Instrument ABN-AMRO (CRI)

    

10. Garantieverlening (geëffectueerd)

 

32.611

 

IX-B, artikel 3

11. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

  

– 2.602

IX-B, artikel 3

12. Premieontvangsten uit CRI

 

– 28

– 165

IX-B, artikel 3

     

Mandatory Convertible Notes ABN-AMRO (MCN)

    

13. Verstrekte converteerbare lening (MCN 7/09)

 

800

– 800

IX-B, artikel 3

14. Renteontvangsten uit MCN 7/09

 

0

0

IX-B, artikel 3

15. Verstrekte converteerbare lening (MCN 12/09)

 

1.800

– 1.800

IX-B, artikel 3

     

Counter Indemnity ABN-AMRO (garantie)

    

16. Garantieverlening (geëffectueerd)

  

950

IX-B, artikel 3

17. Premieontvangsten uit garantie

  

– 19

IX-B, artikel 3

     

∆ Staatsschuld (excl. nr. 10, 11 en 16)

67.179

– 33.649

– 2.678

 
     

B. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (20 mld.)

    

18. Verstrekt kapitaal ING

10.000

  

IX-B, artikel 3

19. Verstrekt kapitaal Aegon

3.000

  

IX-B, artikel 3

20. Verstrekt kapitaal SNS Reaal

750

  

IX-B, artikel 3

21. Aflossing ING

 

– 5.000

 

IX-B, artikel 3

22. Aflossing Aegon

 

– 1.000

 

IX-B, artikel 3

23. Aflossing SNS Reaal

 

– 185

 

IX-B, artikel 3

24. Couponrente ING

 

– 645

– 39

IX-B, artikel 3

25. Couponrente Aegon

 

– 166

0

IX-B, artikel 3

26. Couponrente SNS Reaal

 

– 38

– 1

IX-B, artikel 3

27. Repurchase fee ING

 

– 295

– 52

IX-B, artikel 3

28. Repurchase fee Aegon

 

– 108

 

IX-B, artikel 3

29. Repurchase fee SNS Reaal

 

0

 

IX-B, artikel 3

     

∆ Staatsschuld

13.750

– 7.436

– 92

 
     

C. Back-up faciliteit ING

    

30. Funding fee (rente + aflossing)

  

3.333

IX-B, artikel 3

31. Management fee

  

47

IX-B, artikel 3

32. Portefeuille ontvangsten (rente + aflossing)

  

– 3.068

IX-B, artikel 3

33. Garantiefee

  

– 103

IX-B, artikel 3

34. Additionele garantiefee

  

– 154

IX-B, artikel 3

35. Additionele fee

  

– 55

IX-B, artikel 3

36. Meerjarenverplichting aan ING

 

15.857

Saldibalans

37. Alt-A portefeuille

 

18.352

Saldibalans

38. Saldo Back-up faciliteit ( 30 t/m 35)

 

0

0

IX-B, artikel 3

     

∆ Staatsschuld (excl. nr. 36 en 37)

 

0

0

 
     

D1. Garantiefaciliteit bancaire leningen (200 mld.)

    

39. Garantieverlening (geëffectueerd)

2.740

47.535

 

IX-B, artikel 2

40. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

 

– 3.174

– 7.853

IX-B, artikel 2

41. Premieontvangsten op basis van garanties bancaire leningen

0

– 116

– 386

IX-B, artikel 2

42. Schade-uitkeringen

0

0

 

IX-B, artikel 2

     

D2. Stabiliteitsmechanisme

    

43. Garantie NL-aandeel EU-begroting

  

2.946

IX-B, artikel 4

44. Garantie NL-aandeel SPV

  

25.872

IX-B, artikel 4

     

∆ Staatsschuld (excl. nr. 39, 40, 43 en 44)

 

– 116

– 386

 
     

E1. IJsland

    

45. Uitkeringen depositogarantiestelsel Icesave

1.236

192

 

IX-B, artikel 2

46. Uitvoeringskosten IJslandse DGS door DNB

 

7

 

IX-B, artikel 2

47. Vordering op IJsland

1.322

7

 

Saldibalans

48. Opgebouwde rente op vordering

 

74

78

IX-B, artikel 2

49. Ontvangsten lening IJsland (i.) aflossing

 

0

 

IX-B, artikel 2

50. Ontvangsten lening IJsland (ii.) rente

 

0

 

IX-B, artikel 2

     

E2. Griekenland

    

51. Lening Griekenland

  

1.800

IX-B, artikel 4

52. Vordering Griekenland

  

1.800

Saldibalans

53. Premieontvangsten lening Griekenland

  

– 42

IX-B, artikel 4

     

∆ Staatsschuld (excl. nr. 47, 48 en 52)

1.236

199

1.758

 
     

F. Overige gevolgen

    

54. Uitvoeringskosten en inhuur externen

11

43

22

IX-B, artikel 3

55. Terug te vorderen uitvoeringskosten inhuur externen

0

3

0

Saldibalans

56. Ontvangen uitvoeringskosten externen

– 2

– 12

– 8

IX-B, artikel 3

     

∆ Staatsschuld

82.165

– 41.002

– 1.397

 

Staatsschuld cumulatief

82.165

41.163

39.765

 

57. Toegerekende rente over staatsschuld

450

2.036

1.295

 
Tabel 2: Balans (standen en mutaties in mln)

Op de balans staan de vorderingen en verplichtingen welke vanwege de crisis zijn aangegaan. Balansonderdelen zijn hierbij grotendeels opgenomen op nominale basis. Voor de financiering van opgenomen bezittingen vindt een uitsplitsing plaats naar drie componenten: I staatsschuld, II het resultaat en III het uitgavenkader. Naarmate er opbrengsten ontstaan vanuit de diverse bezittingen vindt – in deze opstelling – een verschuiving plaats van financiering uit staatsschuld naar financiering uit resultaat.

Omschrijving:

2008

2009

mutatie

2010*

Omschrijving:

2008

2009

mutatie

2010*

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

    

I: Financiering met staatsschuld

82.165

41.163

– 1.397

39.765

1. Deelneming Fortis/AA (+ 3)

16.800

17.800

490

18.290

II: Financiering uit resultaat (tabel 3)

43

44

– 437

– 393

2. Deelneming RFS/AA

6.540

6.540

3.038

9.578

III: Financiering via uitgavenkader

9

43

11 

52

4. Overbruggingskredieten Fortis (+ 5)

44.341

7.825

– 3.250

4.575

     

13. Verstrekte converteerbare lening (MCN 7/09)

 

800

– 800

Te betalen rente op staatsschuld

450

2.486

1.295

3.781

15. Verstrekte converteerbare lening (MCN 12/09)

 

1.800

– 1.800

     
     

C. Back-up faciliteit ING

    

 B. Kapitaalverstrekkings-

faciliteit (20 mld)

    

36. Meerjaren-verplichting aan ING**

 

15.857

 

15.857

18. Verstrekt kapitaal ING (+ 21)

10.000

5.000

 

5.000

Voorziening

 

2.530

 

2.530

19. Verstrekt kapitaal Aegon (+ 22)

3.000

2.000

 

2.000

Te betalen funding fee

 

31

 

31

20. Verstrekt kapitaal SNS Reaal (+ 23)

750

565

 

565

     
     

E1. IJsland

    

 C. Back-up faciliteit ING

    

Openstaande verplichting IJsland

86

0

  

37. Alt-A portefeuille**

 

18.352

 

18.352

     

Te ontvangen rente

 

65

 

65

     
          

E1. IJsland

         

47. Vordering op IJsland

1.322

1.329

 

1.329

     

48. Opgebouwde rente op vordering

 

74

78

152

     
          

E2. Griekenland

         

52. Vordering Griekenland

  

1.800

1.800

     
          

F. Overige gevolgen

         

Saldo terug te vorderen uitvoeringskosten

0

3

– 3 

     

Totale activa:

82.753

62.153

– 447

61.706

Totale passiva:

82.753

62.153

– 447

61.706

* Voor 2010 op basis van ramingen.

** In afwachting van de uitkomsten van de analyse naar de ING Alt-A portefeuille zijn voor 2010 nog geen nieuwe cijfers opgenomen.

Tabel 3a: Overzicht toerekenbare kosten en opbrengsten (in mln)

In deze tabel vindt een toerekening plaats van kosten en opbrengsten van crisismaatregelen met gebruik van bedrijfseconomische principes. Op basis van een grove toerekening is een resultaat op interventies opgenomen.

(toerekenbare) Kosten

   

(toerekenbare) Opbrengsten

Omschrijving:

2008

2009

2010*

Omschrijving:

2008

2009

2010*

Rente op Staatsschuld

450

2.036

1.295

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

   
    

6. Renteontvangsten overbruggingskredieten Fortis

502

705

172

E1. IJsland

   

7. Dividend ABN Amro Group

 

0

 

Kosten i.v.m. topping up

 

106

 

8. Dividend ASR

 

0

 
    

9. Dividend RFS

 

0

 

F. Overige gevolgen

   

12. Premieontvangsten uit CRI

 

28

165

54. Uitvoeringskosten en inhuur externen

11

43

22

14. Renteontvangsten uit MCN 7/09

 

0

0

56. Ontvangen uitvoeringskosten externen

– 2

– 12

– 8

17. Premieontvangsten uit garantie

  

19

        
    

B. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (20 mld.)

   
    

24. t/m 26. Ontvangen couponrente

 

848

40

    

27. t/m 29. Ontvangen repurchase fees

 

403

52

        
    

C. Back-up faciliteit ING

   
    

Resultaat IABF **

 

0

0

        
    

D1. Garantiefaciliteit bancaire leningen (200 mld.)

   
    

41. Premieontvangsten op basis van garanties bancaire leningen)

 

116

386

        
    

E1. IJsland

   
    

48. Opgebouwde rente op vordering

 

74 

78 

        
    

E2. Griekenland

   
    

53. Premieontvangsten lening Griekenland

  

42

Totale kosten:

459

2.173

1.309

Totale opbrengsten:

502

2.174

953

Resultaat (negatief teken is verlies)

43

1

– 356

    

* Voor 2010 op basis van ramingen.

** Het positieve resultaat op IABF zoals destijds gepresenteerd in het FJR 2009 is met terugwerkende kracht toegevoegd aan de voorziening, als gevolg van deze boekhoudkundige aanpassing valt het resultaat over 2009 lager uit.

Tabel 3b: Specificatie resultaat ING IABF (in mln)

In afwachting op de resultaten vanuit de nieuwe analyse van de ING Alt-A portefeuille wordt tabel 3b dit keer niet opgenomen.

Tabel 4: Verstrekte garanties (in mln)

Omschrijving:

2008

2009

mutatie

2010*

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

    

10. Garantieverlening (geëffectueerd)

 

32.611

 

32.611

11. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

  

– 2.602

– 2.602

16. Garantieverlening (geëffectueerd)

  

950

950

     

D1. Garantiefaciliteit bancaire leningen (€ 200 mld.)

    

39. Garantieverlening (geëffectueerd)

2.740

50.275

 

50.275

40. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

 

– 3.174

– 7.853

– 11.027

     

D2. Stabiliteitsmechanisme

    

43. Garantie NL-aandeel EU-begroting

  

2.946

2.946

44. Garantie NL-aandeel SPV

  

 25.872

 25.872

Saldo openstaande garanties:

2.740

79.712

19.313

99.025

* Op basis van ramingen.

Toelichting bij tabel 1:A. Verwerving Fortis/RFS/AA

1

Gereserveerd bedrag van de tweede kapitalisatie van ABN Amro zoals voorgelegd aan de Tweede Kamer (BFI/2009/497m).

2

Als gevolg van de separatie van ABN Amro op 1 april vond de conversie plaats van de twee MCN’s (€ 2,6 mld.) evenals de afrekening van bedrijfsonderdelen binnen het consortium ter waarde van € 438 mln. (BFI/2010/5339 U). Beide componenten zijn toegevoegd aan het aandelenkapitaal.

10 t/m 12

Vanwege een bijstelling in de raming met betrekking tot de verwachte premieontvangsten onder het capital relief instrument nemen de premies in 2010 af met € 3,25 mln. tot € 165 mln.

13 t/m 15

Als gevolg van de conversie van de twee MCN’s en inbreng hiervan in ABN Amro op het moment van separatie (zie 2.) (BFI/2010/5339 U) wordt – conform afspraak – geen rente ontvangen op de coupon. De bijstelling bedraagt (–) € 80 mln. in 2010.

16–17

Afgifte van de garantie («counter indemnity») van de Staat ter waarde van € 950 mln. aan ABN Amro in het kader van de afsplitsing van HBU uit het oude ABN AMRO (BFI/2010/5339 U). De premie die de Staat hiervoor ontvangt bedraagt ca. € 19 mln. in 2010.

B. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit

24 t/m 27

Dit betreft de terugontvangen dividendbelasting ten aanzien van de door SNS Reaal en ING betaalde coupon en de door ING betaalde repurchase fee, het totaal ontvangen bedrag bedraagt € 92 mln.

C. Back-up faciliteit ING

30 – 35

De diverse stromen voor 2010 zijn bijgesteld vanwege een hogere rekenkoers (valutakoers). In afwachting van de uitkomsten van de nieuwe analyse naar de ING Alt-A portefeuille zijn voor 2010 nu nog geen nieuwe cijfers opgenomen voor de Meerjarenverplichting en waarde van de portefeuille.

D2. Stabiliteitsmechanisme

43 – 44

Garantstelling Nederland in EU begroting ter dekking van de betalingsbalansfaciliteit ter waarde van € 2,9 mld. (BFB 2010-548M). Aanvullend staat Nederland ook nog garant voor de verplichtingen van een speciaal opgerichte Special Purpose Vehicle (SPV) van maximaal € 440 mld., het aandeel van Nederland in deze SPV bedraagt ca. € 26 mld.

E2. Griekenland

51–53

Met het oog op de financiële stabiliteit in de Eurozone is een leningenprogramma gestart voor Griekenland. Nederland heeft hierin een aandeel van € 4,7 mld. over de gehele periode 2010–2013. Voor het huidige jaar is geraamd dat hiervan ca. € 1,8 mld. zal worden verstrekt.

Op de leningen betaalt Griekenland jaarlijks een rentevergoeding welke is samengesteld uit de 3 maands Euribor rente plus een opslag van 300 basispunten. Voor 2010 is derhalve becijferd dat ca. € 42 mln. aan premies zal worden ontvangen.

F. Overige gevolgen

54–56

Bijstelling van de uitgaven voor de inhuur van extern advies met € 20 mln. omdat strategisch, juridisch en financieel advies benodigd is voor het beheer van de door de kredietcrisis verworven deelnemingen. Een deel van de uitgaven wordt doorbelast aan de deelnemingen.

Bijlage 3

In deze bijlage worden de kasritmes van het stimuleringspakket uitgesplitst naar beleidsdoel. Tevens is aangegeven op welk artikel van de begroting het verwerkt is en wat de mutaties zijn ten opzichte van de Voorlopige Rekening.

Stimuleringspakketmiddelen

Begrotingshoofdstuk

artikel nummer

Stand Slotwet 2009

Mutaties tov VR

Stand VJN 2010

Mutaties tov VR

Stand VJN 2011*

Mutaties tov VR

Arbeidsmarkt, onderwijs en kennis

 

511,2

– 2,0

1.002,0

– 60,7

816,2

62,6

        

Arbeidsmarktbrief

 

124,6

 

314,4

8,6

261,0

– 8,6

SZW

42

0,2

 

41,0

– 51,8

  

SZW

46

82,5

 

107,2

– 68,4

212,8

– 8,6

SZW

47

41,9

 

39,4

2,0

48,2

 

OCW (ingezet voor hogere leerlingenramingen)

1, 3, 4, 6 en 7

  

126,8

126,8

  
        

Aanpak jeugdwerkloosheid

 

81,1

– 0,9

124,6

0,9

30,0

 

SZW

42

6,6

 

51,2

– 30,0

27,0

 

Gemeentefonds

1

59,8

 

30,0

30,0

  

J&G

2

0,2

– 0,4

3,4

– 14,6

1,0

 

J&G

3

0,0

– 0,5

5,5

0,5

  

OCW

4

14,5

 

34,5

15,0

2,0

 
        

Schuldhulpverlening

 

30,0

 

50,0

 

50,0

 

SZW

46

27,5

 

48,3

 

49,3

 

SZW

47

2,5

 

1,8

 

0,8

 
        

Stimuleringsenveloppe Mbo

 

97,0

 

168,0

 

0,0

 

OCW (ingezet voor hogere leerlingenramingen)

1, 3, 4, 6 en 7

97,0

 

168,0

   
        

High Tech topprojecten en kenniswerkers

 

76,4

 

203,6

0,0

0,0

 

OCW

16

33,6

 

106,4

– 22,9

  

EZ

2

42,8

 

97,2

22,9

  
        

Verlenging aflopende innovatieprogramma’s FES

 

0,0

 

36,9

– 59,5

463,5

59,5

OCW

16

  

4,0

 

4,0

 

OCW

4

  

4,4

 

10,0

 

EZ

13

  

28,5

28,5

192,0

192,0

FES

15

  

0,0

– 88,0

257,5

– 132,5

        

Snelle uitvoering FES-projecten innovatie

 

102,1

– 1,1

104,5

– 10,7

11,7

11,7

VenW

36

1,1

 

4.547

– 0,1

  

VWS

41

1,4

 

1.431

0,0

  

VWS

42

2,8

– 1,1

3.180

1,7

  

EZ

2 en 4

15,6

 

1.482

0,0

  

EZ

2

10,4

 

10.448

0,0

  

EZ

3

4,3

 

4.295

0,0

  

EZ

3 en 5

4,1

 

4.066

0,0

  

OCW

1 en 3

23,8

 

3.443

0,0

  

OCW

3

3,8

 

4.309

– 11,3

11,3

11,3

OCW

4

5,8

 

5.816

0,0

0,1

0,1

OCW

7

4,7

 

4.713

0,0

  

OCW

14

5,9

 

5.664

0,0

  

OCW

16

5,4

 

5.352

0,0

  

VROM

(o.a. 1 en 7)

4,1

 

4.114

0,0

  

VROM

10

3,4

 

3.400

0,0

  

LNV

21

1,3

 

1.313

0,0

  

LNV

26

2,8

 

1.181

0,0

  

WWI

1

0,9

  

0,0

  

BZK

4

0,4

 

0,8

0,8

0,3

0,3

FES

15

  

35,0

– 1,8

  

* Bedragen genoemd in 2011 zijn soms gespreid over meerdere jaren.

Begrotingshoofdstuk

artikelnummer

Stand Slotwet 2009

Mutaties tov VR

Stand VJN 2010

Mutaties tov VR

Stand VJN 2011*

Mutaties tov VR

Duurzame economie

 

223,1

– 10,0

706,3

15,7

66,9

– 5,8

        

Duurzame agrarische sector

 

5,9

 

44,1

 

0,0

 

LNV

21

0,9

 

44,1

   

LNV

22

5,0

     
        

Sloopregeling auto’s

 

36,8

 

28,3

0,0

0,0

 

VROM

3

36,8

 

28,3

28,3

  

Aanvullende Post

   

0,0

– 28,3

  
        

Energiebesparing woningen

 

0,0

– 10,0

30,0

10,0

0,0

 

WWI

2

0,0

– 10,0

30,0

30,0

  

Aanvullende Post

   

0,0

– 20,0

  
        

Uitvoering Motie van Geel ruimtelijke economie

 

58,0

 

57,0

 

50,0

 

VROM

2

16,5

 

30,0

 

10,0

 

V&W

31

2,0

 

1,0

   

V&W

39

3,5

 

15,0

 

33,0

 

EZ

3

27,0

     

LNV

22

9,0

 

11,0

 

7,0

 
        

Snelle uitvoering FES projecten Ruimtelijk Econ. Beleid

 

44,4

 

335,0

– 0,3

0,3

0,3

VROM

2

42,5

 

207,9

   

OCW

14

2,0

 

4,1

   

EZ

13

  

4,8

4,8

0,3

0,3

FES (bestemd voor LNV)

15

  

15,0

   

FES

15

  

103,2

– 5,1

  
        

Snelle uitvoering FES-projecten Milieu en Duurzaamheid

 

76,1

 

144,9

2,0

10,7

– 2,0

VROM

4

12,3

 

11,3

   

VROM

3 en 4

17,5

 

17,5

   

VROM

3

19,8

 

19,8

   

V&W

36

2,1

     

EZ

4

15,3

 

42,2

– 1,0

10,7

1,0

IF

11

9,1

 

18,7

3,0

 

– 3,0

LNV

21

  

3,0

   

FES

15

  

32,3

   
        

Duurzame energie (SDE)

   

15,0

0,0

0,0

 

EZ

   

12,0

12,0

  

V&W

39

  

3,0

3,0

  

Aanvullende Post

   

0,0

– 15,0

  
        

Duurzaam ondernemen (incl. programma milieu en technologie)

 

2,0

 

32,0

4,0

6,0

– 4,0

VROM

3

  

8,0

4,0

0,0

– 4,0

VROM

7

2,0

     

EZ

4

  

24,0

24,0

6,0

6,0

Aanvullende Post

4

  

0,0

– 24,0

0,0

– 6,0

        

Elektrische auto

 

0,0

 

20,0

0,0

0,0

 

EZ

2

  

20,0

20,0

  

Aanvullende Post

   

0,0

– 20,0

  

* Bedragen genoemd in 2011 zijn soms gespreid over meerdere jaren.

Begrotingshoofdstuk

artikelnummer

Stand Slotwet 2009

Mutaties tov VR

Stand VJN 2010

Mutaties tov VR

Stand VJN 2011*

Mutaties tov VR

Infrastructuur en (woning)bouw

 

552,2

0,0

1.191,8

– 26,1

– 541,9

26,1

        

Versnelling BLS en monumenten

 

263,0

 

132,0

0,0

– 150,0

 

WWI

1

263,0

 

100,0

100,0

– 150,0

 

OCW

14

  

24,0

24,0

  

Aanvullende Post

   

8,0

– 124,0

  
        

Deltaprogramma (w.o. Zandsuppleties)

 

80,0

 

50,0

 

– 30,0

 

V&W

39

80,0

 

50,0

 

– 30,0

 
        

Vaarwegen, sluizen en binnenhavens

 

75,0

 

125,0

 

– 125,0

 

V&W

39

75,0

 

125,0

 

– 125,0

 
        

Versnelling bruggen en renovatie wegen

 

75,0

 

138,0

 

– 213,0

 

V&W

39

75,0

 

138,0

 

– 213,0

 
        

Onderhoud en bouw jeugdzorginstellingen

 

25,0

 

55,0

0,0

0,0

 

J&G

3

25,0

 

55,0

55,0

  

Aanvullende Post

   

0,0

– 55,0

  
        

Onderhoud en bouw zorg- en AWBZ instellingen

 

0,0

 

320,0

 

– 50,0

 

VWS

42

  

160,0

 

– 25,0

 

VWS

43

  

160,0

 

– 25,0

 
        

Onderhoud en bouw scholen

 

0,0

 

165,0

0,0

0,0

 

OCW

1

  

104,1

   

OCW

3

  

50,9

   

Gemeentefonds

1

  

10,0

10,0

  

Aanvullende Post

   

0,0

– 10,0

  
        

Snelle uitvoering FES-projecten Infra

 

34,2

 

206,8

– 26,1

26,1

26,1

IF

12

32,4

 

14,4

   

IF

17

1,8

 

49,2

– 26,1

26,1

26,1

FES (V&W)

15

  

143,1

   

Begrotingshoofdstuk

artikelnummer

Stand Slotwet 2009

Mutaties tov VR

Stand VJN 2010

Mutaties tov VR

Stand VJN 2011*

Mutaties tov VR

Liquiditeitsverruiming bedrijfsleven

 

690,5

 

561,0

 

149,0

 

Versoepeling verliesverrekening 2008

       

Fin

1

335,0

 

– 120,0

 

– 215,0

 

Verruimen afdrachtvermindering WBSO

       

Fin

1

135,0

 

150,0

 

15,0

 

Enveloppe MKB

       

Fin

1

  

53,0

 

23,0

 

Schiphol/luchtvaart/vliegtax

       

Fin

1

70,0

 

277,0

 

277,0

 

VAMIL/MIA

       

Fin

1

21,0

 

30,0

 

9,0

 

EIA

       

Fin

1

117,0

 

146,0

 

15,0

 

Verlaagd BTW tarief isolatie

       

Fin

1

12,5

 

25,0

 

25,0

 

Begrotingshoofdstuk

artikelnummer

Stand Slotwet 2009

Mutaties tov VR

Stand VJN 2010

Mutaties tov VR

Stand VJN 2011*

Mutaties tov VR

Invulling FES-projecten

 

16,1

– 2,4

110,9

10,3

259,4

– 5,9

WWI

2

0,1

– 2,9

18,9

2,9

11,0

0,0

LNV

21

2,0

 

6,6

 

18,3

0,0

EZ

2

0,5

0,5

20,2

7,4

28,4

9,2

OCW

16

13,5

 

25,7

 

42,8

0,0

FES

15

  

39,5

 

158,9

– 15,1

* Bedragen genoemd in 2011 zijn soms gespreid over meerdere jaren.

Bijlage 4 Verticale toelichting

De verticale toelichting bevat een cijfermatig overzicht voor alle begrotingen van budgettaire veranderingen die zich hebben voorgedaan sinds de Ontwerpbegroting 2010. Er wordt per begroting een cijfermatig overzicht gepresenteerd, gevolgd door een toelichting op de voornaamste veranderingen. Voor een meer gedetailleerde toelichting op de veranderingen wordt verwezen naar de afzonderlijke begrotingen.

De verticale toelichting onderscheidt drie categorieën mutaties:

  • 1.

    mee- en tegenvallers;

  • 2.

    beleidsmatige mutaties;

  • 3.

    technische mutaties.

Alle overboekingen, desalderingen, statistische correcties en mutaties die niet tot een ijklijn behoren, zijn in de laatste categorie «technische mutaties» geclusterd. Overigens hebben vrijwel alle overboekingen en desalderingen wél een beleidsmatig karakter. Dit komt tot uitdrukking in de toelichtingen. Ingeval samenhangende mutaties in meerdere categorieën voorkomen, worden deze eenmaal toegelicht.

De totalen per begroting worden in eerste instantie gepresenteerd exclusief de bedragen die onder de Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS) vallen. Door middel van een aansluitregel wordt het deel van de begroting dat onder HGIS valt, zichtbaar gemaakt. De veranderingen die optreden binnen het HGIS-deel van de begroting worden gepresenteerd en toegelicht in de verticale toelichting van alle HGIS-uitgaven.

Tevens worden de totalen per begroting gepresenteerd exclusief de bedragen die onder het stimuleringspakket, afgesproken in het Aanvullend Beleidsakkoord, vallen. Door middel van een aansluitregel wordt het deel van de begroting dat onder het stimuleringspakket valt, zichtbaar gemaakt. De stimuleringsmiddelen zijn apart toegelicht in bijlage 3 van de Voorjaarsnota 2010.

De laatste regel geeft per begroting de totaalstand inclusief HGIS en het stimuleringspakket aan.

De ondergrens is afhankelijk van de omvang van de begroting en verschilt voor de verschillende categorieën mutaties. De post diversen bevat de mutaties die onder de ondergrens vallen en wordt in principe alleen toegelicht, indien zich bijzonderheden voordoen.

De Koning

I DE KONING: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

39,6

39,6

39,4

39,4

39,4

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

– 0,2

– 0,2

0,0

0,0

0,0

 

– 0,2

– 0,2

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 0,2

– 0,2

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

39,5

39,4

39,4

39,4

39,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

39,5

39,4

39,4

39,4

39,4

Diversen – beleidsmatige mutaties

Deze post betreft het groot onderhoud van de Groene Draeck, het privé-jacht van de Koningin. De Koningin heeft aangegeven de kosten voor het onderhoud (326.000) zelf te dragen, waardoor het hiervoor gereserveerde bedrag voor 2010 en 2011 (elk 163.000) vrijvalt.

Staten-Generaal

IIA STATEN-GENERAAL: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

136,7

132,4

133,9

132,8

132,8

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

2,2

0,3

0,3

0,3

0,3

 

2,2

0,3

0,3

0,3

0,3

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,4

0,4

0,4

0,4

0,4

 

0,4

0,4

0,4

0,4

0,4

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

2,7

0,7

0,7

0,7

0,7

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

139,4

133,1

134,5

133,5

133,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

139,4

133,1

134,5

133,5

133,5

IIA STATEN-GENERAAL: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

2,5

2,5

2,5

2,5

2,5

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

2,5

2,5

2,5

2,5

2,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

2,5

2,5

2,5

2,5

2,5

Diversen – beleidsmatige mutaties

Dit betreft voornamelijk middelen die in 2009 niet tot besteding zijn gekomen en die via de eindejaarsmarge beschikbaar blijven voor 2010. Ook zijn er hogere uitgaven geraamd voor beeldregistratie (0,5 mln.) en de personele omvang van de Eerste Kamer (0,3 mln.).

Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINETTEN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

 

2011

 

2012

 

2013

 

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

108,1

 

105,7

 

100,4

 

99,2

 

99,3

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

5,9

 

1,6

 

1,4

 

1,2

 

1,2

 

5,9

 

1,6

 

1,4

 

1,2

 

1,2

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,8

 

0,8

 

0,8

 

0,8

 

0,8

 

0,8

 

0,8

 

0,8

 

0,8

 

0,8

          

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

6,7

 

2,4

 

2,2

 

1,9

 

1,9

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

114,7

 

108,1

 

102,6

 

101,2

 

101,2

Totaal Internationale samenwerking

0,1

 

0,0

 

0,0

 

0,0

 

0,0

Totaal Stimuleringspakket

         

Stand Voorjaarsnota 2010

114,9

 

108,1

 

102,6

 

101,2

 

101,2

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINETTEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

  

2010

 

2011

 

2012

 

2013

 

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

 

3,2

 

3,2

 

3,2

 

3,4

 

3,4

Beleidsmatige mutaties

          

Rijksbegroting in enge zin

          

Diversen

 

– 0,1

 

– 0,1

 

– 0,1

 

– 0,1

 

– 0,1

  

– 0,1

 

– 0,1

 

– 0,1

 

– 0,1

 

– 0,1

Technische mutaties

          

Rijksbegroting in enge zin

          

Diversen

 

0,5

 

0,5

 

0,5

 

0,5

 

0,5

  

0,5

 

0,5

 

0,5

 

0,5

 

0,5

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

 

0,5

 

0,5

 

0,5

 

0,5

 

0,5

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

 

3,7

 

3,7

 

3,7

 

3,8

 

3,8

Totaal Internationale samenwerking

 

0,0

 

0,0

 

0,0

 

0,0

 

0,0

Totaal Stimuleringspakket

          

Stand Voorjaarsnota 2010

 

3,7

 

3,7

 

3,7

 

3,8

 

3,8

Diversen – beleidsmatige mutaties

Deze post betreft ondermeer de compensatie van 2,7 mln. voor de toename van het aantal Hoger Beroep zaken Vreemdelingen bij de Raad van State. Tevens wordt er 0,5 mln. meer uitgegeven aan de behandeling van klachten over medeoverheden bij de Nationale Ombudsman. Hier staat een gelijke stijging van de ontvangsten tegenover.

Algemene Zaken

III ALGEMENE ZAKEN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

75,5

64,0

58,4

57,9

57,7

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

3,1

– 0,1

– 0,3

– 0,3

– 0,3

 

3,1

– 0,1

– 0,3

– 0,3

– 0,3

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,0

0,1

0,1

0,1

0,1

 

0,0

0,1

0,1

0,1

0,1

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

3,1

– 0,1

– 0,3

– 0,2

– 0,2

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

78,6

63,9

58,1

57,7

57,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

78,6

63,9

58,1

57,7

57,5

Diversen – beleidsmatige mutaties

Deze diversenpost bevat voornamelijk de kasschuiven voor de rijksbrede communicatieprojecten ONS en 1-LOGO. Bij Najaarsnota en Voorlopige Rekening is afgesproken een deel van het budget voor 2009 voor deze projecten door te schuiven naar 2010. Daarnaast vallen ook de opboeking van de eindejaarsmarge en de aan AZ toegekende middelen voor Sociaal Flankerend Beleid onder deze diversenpost.

Koninkrijksrelaties

IV KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

323,4

150,5

154,5

154,4

154,4

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Arubadeal

9,6

0,0

0,0

0,0

0,0

Eindejaarsmarge

9,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Schuldsanering

322,7

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

341,4

0,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Betalingsachterstanden

194,2

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

– 6,2

– 0,8

– 0,8

– 0,8

– 0,8

 

188,0

– 0,8

– 0,8

– 0,8

– 0,8

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

529,4

– 0,8

– 0,8

– 0,8

– 0,8

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

852,8

149,7

153,8

153,7

153,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

852,8

149,7

153,8

153,7

153,7

IV KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

16,1

15,5

15,5

15,5

15,5

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Betalingsachterstanden

194,2

0,0

0,0

0,0

0,0

 

194,2

0,0

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

194,2

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

210,3

15,5

15,5

15,5

15,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

210,3

15,5

15,5

15,5

15,5

Arubadeal

In het kader van de Arubadeal is afgesproken de schuld van Aruba aan Nederland te saneren. De beschikbare middelen kunnen tot en met 2012 worden gebruikt. In 2009 zijn niet alle middelen tot besteding gekomen, deze worden doorgeschoven naar 2010.

Schuldsanering

Met ingang van 2009 is gestart met de sanering van de schuldtitels van het land Nederlandse Antillen en Curaçao. In 2010 loopt de schuldsanering op basis van de gemaakte afspraken door. Voor de dekking hiervan is bij Coalitie akkoord reeds een reservering gemaakt op de Aanvullende Post. Het nu benodigde gedeelte is overgeheveld naar de begroting van Koninkrijksrelaties.

Betalingsachterstanden

Dit jaar zullen naar verwachting de betalingsachterstanden van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (BES), het land Nederlandse Antillen, Curaçao en Sint Maarten tot en met 2005 worden afgehandeld. Daarnaast komt het laatste gedeelte van de afwikkeling van de achterstanden BES voor de periode 2006 en 2007 tot uitbetaling. Tegenover deze uitgaven staan gelijke ontvangsten aangezien deze middelen uit de daarvoor bestemde begrotingsreserve worden gefinancierd.

Buitenlandse Zaken

V BUITENLANDSE ZAKEN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

7.003,1

6.975,9

7.271,6

7.366,9

7.366,9

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

EU-afdrachten

– 254,5

– 145,0

0,0

0,0

0,0

 

– 254,5

– 145,0

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 254,5

– 145,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

6.748,5

6.830,9

7.271,6

7.366,9

7.366,9

Totaal Internationale samenwerking

4.659,3

5.131,3

5.056,3

5.339,9

5.612,9

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

11.407,8

11.962,2

12.327,9

12.706,8

12.979,7

Relatie begroting Buitenlandse Zaken en de Homogene groep internationale samenwerking (HGIS)

Er zijn twee soorten uitgaven op de begroting van Buitenlandse Zaken: HGIS en niet-HGIS. Niet-HGIS uitgaven zijn de afdrachten aan de Europese Unie. HGIS-uitgaven zijn alle andere buitenlanduitgaven. De HGIS-uitgaven staan op diverse begrotingen en worden elders toegelicht; hier wordt alleen ontwikkeling van de EU-afdrachten belicht.

EU-afdrachten

De EU-afdrachten laten een meevaller in 2010 zien als gevolg van onderuitputting van de EU-begroting in 2009. Dit leidt in 2010 tot lagere afdrachten, omdat de aanpassing van de EU-begroting 2009 pas in 2010 heeft plaatsgevonden. De meevaller in 2011 wordt verklaard door het feit dat de ontwerpbegroting van de EU voor 2011 lager is uitgevallen dan het plafond van de Financiële Perspectieven in 2011.

Justitie

VI JUSTITIE: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

5.939,2

5.693,3

5.687,5

5.659,1

5.633,8

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Boeking i.v.m. structurele aanpassing asielramingen

96,2

93,3

93,3

93,3

93,3

Herschikkingen uitgavenkader

– 113,1

– 48,8

– 13,3

– 16,2

– 2,0

Inzet personeel t.b.v. brandveiligheid

15,0

20,0

18,0

14,0

13,8

PMJ: civiel rechtsbijstand

22,0

28,0

28,0

28,0

28,0

Taakstelling Boeten & Transacties 2009

15,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Toename productie raad voor de rechtspraak

5,0

12,5

15,0

15,0

15,0

Diversen

59,1

28,5

– 10,3

5,9

– 8,8

 

99,5

133,5

130,7

140,0

139,3

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

– 15,7

– 10,6

0,6

0,1

0,1

 

– 15,7

– 10,6

0,6

0,1

0,1

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

83,8

122,9

131,3

140,1

139,4

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

6.023,0

5.816,2

5.818,8

5.799,2

5.773,2

Totaal Internationale samenwerking

28,0

34,8

30,0

30,2

25,9

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

6.050,9

5.851,1

5.848,8

5.829,4

5.799,1

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

5.939,2

 

5.693,3

 

5.687,5

 

5.659,1

5.633,8

Beleidsmatige mutaties

        

Rijksbegroting in enge zin

        

Boeking i.v.m. structurele aanpassing asielramingen

96,2

 

225,7

 

249,9

 

253,3

253,4

Herschikkingen uitgavenkader

– 113,1

 

– 48,8

 

– 13,3

 

– 16,2

– 2,0

Inzet personeel t.b.v. brandveiligheid

15,0

 

20,0

 

18,0

 

14,0

13,8

PMJ: civiel rechtsbijstand

22,0

 

28,0

 

28,0

 

28,0

28,0

Taakstelling Boeten & Transacties 2009

15,3

 

0,0

 

0,0

 

0,0

0,0

Toename productie raad voor de rechtspraak

5,0

 

12,5

 

15,0

 

15,0

15,0

Diversen

59,1

 

28,5

 

– 10,3

 

5,9

– 8,8

 

99,5

 

265,9

 

287,3

 

300,0

299,4

Technische mutaties

        

Rijksbegroting in enge zin

        

Diversen

– 15,7

 

– 10,6

 

0,6

 

0,1

0,1

 

– 15,7

 

– 10,6

 

0,6

 

0,1

0,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

83,7

 

255,4

 

287,9

 

300,1

299,5

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

6.023,0

 

5.948,7

 

5.975,4

 

5.959,3

5.933,3

Totaal Internationale samenwerking

28,0

 

34,8

 

30,0

 

30,2

25,9

Totaal Stimuleringspakket

        

Stand Voorjaarsnota 2010

6.050,9

 

5.983,6

 

6.005,4

 

5.989,4

5.959,2

Boeking i.v.m. structurele aanpassing asielramingen

De raming ten aanzien van de instroom van het aantal asielzoekers voor 2010 wordt structureel geactualiseerd naar aanleiding van de realisatie over 2009. Conform de huidige systematiek worden de kosten van het eerste jaar opvang toegerekend aan ODA.

Herschikkingen uitgavenkader

De drie grootste posten betreffen de nog door te verdelen negatieve eindejaarsmarge 2009, het nog te verdelen resterende tekort bij de Boeten & Transacties en Vernieuwing HRM (samen circa 68 mln.). Om de Justitiebegroting meerjarig te laten sluiten heeft Justitie daarnaast een algehele korting aan alle budgethouders binnen Justitie uitgedeeld.

Inzet personeel t.b.v. brandveiligheid

De uitvoering van het project «Brandwerendheid» in het gevangeniswezen blijkt duurder uit te vallen dat oorspronkelijk is geraamd. Dit wordt veroorzaakt door meerkosten als gevolg van extra personeel dat ’s nachts aanwezig moet zijn conform voorschriften van de plaatselijke brandweer.

PMJ: civiel rechtsbijstand

Volgens het Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ) neemt het aantal civiele toevoegingen flink toe. Deze toename wordt vooral veroorzaakt door het aantal faillissementen en arbeidsconflicten als gevolg van de economische crisis.

Taakstelling Boeten & Transacties 2009

Als gevolg van het tekort op de ontvangsten van de Boeten & Transacties in 2009, is in 2010 het resterende tekort taakstellend ingeboekt.

Toename productie Raad voor de Rechtspraak

De meerjarige instroomramingen laten voor de rechtspraak een toename zien van het aantal zaken. Deze wordt o.a. veroorzaakt door toenemende ontslagen dat resulteert in een hoger aantal civiele zaken en een toename van de bestuursrechtspraak door stijgingen van het aantal bijstands- en sociale verzekeringszaken.

Diversen – beleidsmatige mutaties

Het saldo van deze diversenpost wordt veroorzaakt door een aantal posten waarvan de grootste nu worden toegelicht. Er zijn meer kosten gemaakt voor de projecten Vernieuwing HRM en P-direkt dan eerder geraamd. Daarnaast zijn er extra uitgaven voor biometrie. Als gevolg van een Europese verordening is Nederland gehouden tot het voorzien van verblijfsdocumenten van onderdanen van derde landen van een opslagmedium met biometrische gegevens.

Aanpassing ODA ontvangsten a.g.v. nieuwe systematiek

In verband met de boeking ten behoeve van de structurele aanpassing van de asielramingen, wordt ook een mutatie doorgevoerd ten aanzien van de reeds geboekte bedragen in het kader van de ODA-toerekening. De definitieve afrekening blijft op jaarbasis plaatsvinden en kan dan gecorrigeerd worden voor de daadwerkelijk gerealiseerde instroom.

Hogere ontvangsten griffierechten

Als gevolg van een hogere instroomverwachting bij de rechtspraak wordt een hogere opbrengst van de griffierechten verwacht.

Diversen – beleidsmatige mutaties

Onder deze diversenpost vallen o.a. hogere ontvangsten uit de «Pluk-Ze»-regeling en meer verbeurd verklaringen dan oorspronkelijk geraamd.

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

 

2011

 

2012

 

2013

 

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

5.882,7

 

6.222,7

 

6.169,2

 

5.825,9

 

5.684,0

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Arbeidsvoorwaarden

27,2

 

– 19,2

 

– 8,0

 

0,0

 

0,0

Vernieuwing Rijksdienst

16,5

 

17,2

      

Diversen

49,6

 

21,5

 

3,0

 

6,2

 

6,3

 

93,3

 

19,5

 

– 5,0

 

6,2

 

6,3

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Bestuurskosten

21,5

 

32,1

 

32,1

 

32,1

 

32,1

Diversen

23,5

 

– 7,4

 

20,7

 

2,3

 

2,3

 

45,0

 

24,7

 

52,8

 

34,4

 

34,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

138,3

 

44,3

 

47,9

 

40,7

 

40,7

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

6.021,0

 

6.267,0

 

6.217,1

 

5.866,5

 

5.724,7

Totaal Internationale samenwerking

0,5

 

0,5

 

0,5

 

0,5

 

0,5

Totaal Stimuleringspakket

         

Stand Voorjaarsnota 2010

6.021,5

 

6.267,5

 

6.217,6

 

5.867,0

 

5.725,2

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

  

2010

 

2011

 

2012

 

2013

 

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

 

530,1

 

247,7

 

80,9

 

120,1

 

103,2

Technische mutaties

          

Rijksbegroting in enge zin

          

Diversen

 

26,2

 

2,2

 

1,9

 

2,5

 

2,5

Niet tot een ijklijn behorend

          

VUT-fonds aflossing

 

– 180,0

 

0,0

 

0,0

 

0,0

 

350,0

Diversen

 

– 4,7

 

2,7

 

1,3

 

– 4,7

 

1,1

  

– 158,5

 

4,9

 

3,2

 

– 2,2

 

353,6

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

 

– 158,5

 

4,9

 

3,2

 

– 2,2

 

353,5

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

 

371,6

 

252,6

 

84,1

 

117,8

 

456,7

Totaal Internationale samenwerking

 

0,0

 

0,0

 

0,0

 

0,0

 

0,0

Totaal Stimuleringspakket

          

Stand Voorjaarsnota 2010

 

371,6

 

252,6

 

84,1

 

117,8

 

456,7

Arbeidsvoorwaarden

De loonbijstelling tranche 2010 wordt niet uitgekeerd. Om de politiekorpsen en de AIVD in de gelegenheid te stellen zich aan de thans in de CAO vastgelegde verplichtingen te voldoen, wordt de raming in 2010 verhoogd ten laste van het budget van latere jaren.

Vernieuwing Rijksdienst

De raming wordt voor 2010 en 2011 met respectievelijk 16,5 mln en 17,2 mln verhoogd voor verschillende investeringsprojecten van het Programma Vernieuwing Rijksdienst. Het gaat onder andere om de projecten 4FM, Categoriemanagement en Elektronisch bestellen en factureren.

Diversen – beleidsmatige mutaties

De post diversen onder beleidsmatige mutaties bestaat onder meer uit een verhoging van de raming met 14 mln. voor de instroom van 1.600 aspiranten bij de politie. Om op termijn de operationele sterkte van de politie te handhaven, is de komende drie jaar een minimale instroom van 1.600 aspiranten per jaar nodig. De raming is met 8,8 mln. verhoogd ten behoeve van de convenanten met de veiligheidsregio’s, met 6,2 mln. voor de landelijke uitrol van Burgernet in 50 gemeenten en met 8,4 mln. voor vertraagde uitgaven uit 2009 voor de programma’s modernisering Gemeentelijke Basis Administratie (mGBA) en Online Registratie Reisdocumenten Administratie (ORRA).

Bestuurskosten

Opboeking houdt verband met de bestuurlijke afspraak uit 2008 over het terugdraaien van de taakstelling bestuurskosten voor gemeenten en provincies. De taakstelling bestuurskosten is voor een deel teruggedraaid en is voor een deel gekort op het gemeentefonds.

Diversen

De post diversen onder technische mutaties heeft onder andere betrekking op de bijdragen á 8,6 mln. van de verschillende gebruikers van C2000, zoals de Douane, de ambulancediensten en de Marechaussee, voor de exploitatiekosten van C2000. Daarnaast heeft de post diversen betrekking op een overheveling van 12,7 mln. naar het Gemeentefonds voor de financiering van de programma’s modernisering Gemeentelijke Basis Administratie (mGBA) en Online Registratie Reisdocumenten Administratie (ORRA) als gevolg van de aangepaste kasritmes van beide programma’s. De uitgavenraming wordt verhoogd voor de uitgaven voor de dienstverlening aan de Baten Lastendiensten P-Direkt en de Werkmaatschappij (16,4 mln.). Tegenover deze hogere uitgaven staan even hoge ontvangsten van de deelnemende departementen geraamd.

VUT-fonds

De financieringsbehoefte van het VUT-fonds is gewijzigd. In 2010 lost het fonds minder af dan eerder werd voorzien. De ontvangstenraming wordt hiervoor aangepast.

Diversen

De post diversen betreft onder andere de verhoging van de ontvangstenraming in verband met doorbelasting van de dienstverlening aan de baten-lastendiensten P-direkt en de Werkmaatschappij (zie ook de toelichting onder diversen bij technische mutaties uitgaven).

Daarnaast wijzigt de raming voor de renteontvangsten als gevolg van de bijgestelde ramingen bij de uitgaven van het VUT-fonds.

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

36.063,1

36.378,6

36.685,0

36.867,9

37.060,0

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Gastouderopvang

31,0

7,0

7,0

7,0

7,0

Kinderopvangtoeslag

320,0

305,0

350,0

395,0

430,0

Leerlingen volume

172,0

273,9

273,9

273,9

273,9

Raming studiefinanciering

– 149,1

– 32,7

0,0

0,0

0,0

 

373,9

553,2

630,9

675,9

710,9

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Eindejaarsmarge

203,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Eindejaarsmarge: intertemporele compensatie

– 102,6

0,0

0,0

0,0

0,0

Eindejaarsmarge: inzet ter dekking problematiek 2010

– 90,6

0,0

0,0

0,0

0,0

Intertemporele compensatie

102,6

0,0

0,0

0,0

0,0

Intertemporele compensatie loonbijstelling tranche 2011

56,0

– 56,0

0,0

0,0

0,0

Leerlingen volume 2010 dekking

– 172,0

0,0

0,0

0,0

0,0

OV-jaarkaart

– 165,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Prijsbijstelling tranche 2010

30,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

– 7,3

16,1

0,0

0,9

– 2,2

 

– 145,9

– 39,9

0,0

0,9

– 2,2

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

– 73,1

– 50,0

– 61,7

– 70,4

– 77,0

Niet tot een ijklijn behorend

     

Bijstelling autonome raming studiefinanciering

117,5

75,2

0,0

0,0

0,0

Diversen

3,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

47,4

25,2

– 61,7

– 70,4

– 77,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

275,4

538,5

569,2

606,4

631,7

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

36.338,5

36.917,1

37.254,1

37.474,3

37.691,8

Totaal Internationale samenwerking

73,0

72,4

72,4

71,3

71,3

Totaal Stimuleringspakket

617,4

2,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

37.028,8

36.991,5

37.326,6

37.545,6

37.763,1

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

2.047,9

1.981,7

2.067,5

2.133,5

2.208,2

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Kinderopvangtoeslag

95,0

115,0

135,0

135,0

140,0

Diversen

15,7

13,1

0,0

0,0

0,0

 

110,7

128,1

135,0

135,0

140,0

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

31,1

12,7

0,5

– 8,9

– 15,2

Niet tot een ijklijn behorend

     

Diversen

17,8

3,7

0,0

0,0

0,0

 

48,9

16,4

0,5

– 8,9

– 15,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

159,5

144,5

135,5

126,1

124,8

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

2.207,4

2.126,2

2.203,0

2.259,6

2.333,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

2.207,4

2.126,2

2.203,0

2.259,6

2.333,0

Gastouderopvang

Volgens de huidige verwachtingen zullen veel meer gastouders voldoen aan de eisen voor vooropleiding dan oorspronkelijk geraamd. Hierdoor zullen de subsidies aan gastouders bij het halen van een certificaat, alsmede de kosten van het toezicht hoger uitvallen.

Kinderopvangtoeslag

Binnen de kinderopvangtoeslag wordt het grootste deel van de tegenvaller veroorzaakt door tegenvallende opbrengsten van de aanpassingen in de gastouderopvang die per 1 januari jl. zijn doorgevoerd. In plaats van een reductie van het aantal gastouders met circa tweederde, komt de reductie naar verwachting op circa éénderde van de omvang van de gastouderopvang van 2009 uit. Daarnaast is nog sprake van een tegenvallende opbrengst van de tabelaanpassing die per 1 januari 2009 is doorgevoerd. Ten slotte wordt de raming van de uitgaven (en de ontvangsten) omhoog bijgesteld omdat er naar verwachting meer nabetalingen (en terugontvangsten) voortvloeien uit de afrekening van oude toeslagjaren door de belastingdienst.

Leerlingen volume

In de verschillende onderwijssectoren hebben zich meer leerlingen en studenten aangemeld dan verwacht. De grootste tegenvallers doen zich voor in het HBO en het MBO. Aangenomen kan worden dat de hoger uitvallende ramingen voor een deel het gevolg zijn van de economische crisis.

Raming studiefinanciering

De ramingbijstelling studiefinanciering bestaat uit een tegenvaller samenhangend met de ontwikkeling in de aantallen studenten en een meevaller die wordt veroorzaakt door minder omzettingen van prestatiebeurs naar gift en een lager dan geraamd gebruik van de aanvullende beurs. Aan de ontvangstenkant zijn de renteontvangsten licht hoger dan geraamd (zie diversen – mee- en tegenvallers).

Eindejaarsmarge + eindejaarsmarge: intertemporele compensatie + eindejaarsmarge: inzet ter dekking problematiek 2010

In 2009 zijn diverse budgetten niet volledig tot besteding gekomen. Deze middelen gaan via de eindejaarsmarge over naar 2010. Circa de helft daarvan wordt ingezet voor overlopende verplichtingen (intertemporele compensatie). Een bedrag van 10 mln. is toegezegd aan Hogeschool Windesheim als bijdrage aan de bouw van een vestiging in Almere. Dat bedrag is vanwege de beperkte omvang niet apart zichtbaar, maar is opgenomen in de diversenpost. De resterende middelen worden ingezet voor dekking van de uitvoeringsproblematiek in 2010.

Intertemporele compensatie

Verschillende budgetten die in 2009 niet tot besteding zijn gekomen door onder meer vertragingen, worden in 2010 alsnog ingezet. Het betreft bijvoorbeeld de einddeclaraties voor versterking van de beroepsbegeleidende leerweg en de bestrijding van voortijdig schoolverlaten die niet in 2009 maar in 2010 binnenkomen.

Intertemporele compensatie loonbijstelling tranche 2011

De loonbijstelling tranche 2010 wordt niet uitgekeerd. Om de ontstane liquiditeitsproblematiek in het voortgezet onderwijs te verlichten, wordt de raming in 2010 verhoogd ten laste van 2011.

Leerlingen volume 2010 dekking

Middelen uit de stimuleringsenveloppe MBO en Jeugdwerkloosheid worden ingezet als dekking van de extra uitgaven voor de leerlingaantallen in 2010.

OV-jaarkaart

Bij Najaarsnota is besloten om een deel van de verplichtingen voor de OV-kaart van 2010 reeds in 2009 te voldoen. Om die reden wordt de betalingsverplichting voor 2010 nu met hetzelfde bedrag verminderd.

Prijsbijstelling tranche 2010

De prijsbijstelling tranche 2010 wordt in 2010 niet uitgekeerd. OCW is wettelijk verplicht om aan een aantal sectoren wel prijsbijstelling uit te keren. Om aan deze verplichting te kunnen voldoen, ontvangt OCW in 2010 incidenteel 30 mln., dit bedrag komt ten laste van VWS.

Diversen – technische mutaties

Onder deze post vallen onder meer enkele overboekingen naar het Gemeentefonds en Provinciefonds. Zo ontvangen de gemeenten onder andere middelen voor het tegengaan van voortijdig schoolverlaten (22 mln.) en voor het versterken van de kwaliteit van peuterspeelzalen (35 mln.). De overboeking naar het Provinciefonds is bedoeld voor monumentenzorg (19 mln.). Daarnaast zijn hierin opgenomen de uitgaven aan FES projecten, zoals aan het Besluit subsidies investeringen kennisinfrastructuur (BSIK) waarmee fundamenteel onderzoek en de vertaling hiervan naar praktische producten en processen wordt gestimuleerd (31 mln.). De middelen die OCW hiervoor uit het FES ontvangt, zijn opgenomen onder de diversenpost bij technische mutaties aan de ontvangstenzijde.

Bijstelling autonome raming studiefinanciering

De raming van de niet-relevante uitgaven is verhoogd omdat uit realisatiecijfers blijkt dat er in 2010 minder omzettingen van prestatiebeurs naar gift zijn dan geraamd. Er wordt dus minder aan prestatiebeurs afgeboekt. Daarnaast is er sprake van een toename van het aantal studerenden met studiefinanciering op basis van de meest recente referentieraming en een stijging van het gebruik van de leenfaciliteiten, met name het collegegeldkrediet.

Kinderopvangtoeslag

De raming van de ontvangsten (en de uitgaven) wordt omhoog bijgesteld omdat er naar verwachting meer terugontvangsten (en nabetalingen) voortvloeien uit de afrekening van oude toeslagjaren door de Belastingdienst.

Nationale Schuld

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

22.118,1

21.105,0

23.288,6

28.118,6

34.514,2

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Rentelasten kasbeheer

– 218,0

– 160,1

– 160,1

– 161,2

– 163,5

 

– 218,0

– 160,1

– 160,1

– 161,2

– 163,5

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,7

0,5

0,0

0,0

0,0

Niet tot een ijklijn behorend

     

Leningen kasbeheer

– 2,0

– 483,0

– 634,0

0,0

0,0

Mutaties rekening courant

2.701,4

– 521,3

– 1.219,1

– 3.498,0

– 9.096,7

Wijziging geldmarktberoep en rente

– 403,4

84,8

84,8

84,8

84,8

Wijziging kapitaalmarktberoep en rente

– 287,2

– 830,1

– 808,2

– 672,1

– 500,6

Diversen

2,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 

2.011,8

– 1.749,1

– 2.576,5

– 4.085,3

– 9.512,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

1.793,9

– 1.909,2

– 2.736,7

– 4.246,6

– 9.676,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

23.912,0

19.195,8

20.551,9

23.872,1

24.838,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

23.912,0

19.195,8

20.551,9

23.872,1

24.838,1

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

1.871,1

2.078,4

2.617,8

2.447,8

3.231,3

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Rentebaten kasbeheer

– 43,2

– 73,3

– 56,1

– 54,0

– 67,8

 

– 43,2

– 73,3

– 56,1

– 54,0

– 67,8

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

Leningen kasbeheer

1.148,8

– 547,6

– 727,8

– 102,1

– 95,0

Rente sociale fondsen

– 116,7

– 106,3

– 102,2

– 88,0

– 86,8

Diversen

– 8,3

– 20,3

– 20,3

– 20,3

– 20,3

 

1.023,8

– 674,2

– 850,3

– 210,4

– 202,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

980,6

– 747,4

– 906,3

– 264,4

– 269,8

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

2.851,7

1.331,0

1.711,4

2.183,4

2.961,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

2.851,7

1.331,0

1.711,4

2.183,4

2.961,5

Rentelasten kasbeheer

De raming voor rentelasten kasbeheer wordt naar beneden bijgesteld, als gevolg van aanpassing van de rente. Ook worden er naar verwachting minder middelen aangehouden.

Leningen kasbeheer

De aanpassingen bij de uitgaven en ontvangsten leningen kasbeheer worden grotendeels veroorzaakt door de vervroegde aflossingen op schuld van ProRail aan de Staat.

Mutaties rekening courant/Rente sociale fondsen

De inleg van de sociale fondsen is gewijzigd als gevolg van (onder meer) mutaties in de premieontvangsten en de premiegefinancierde uitgaven. Hierdoor verandert ook de rentevergoeding over de inleg.

Wijziging geldmarktberoep en rente

De geraamde rentebaten en -lasten over de vlottende schuld worden bijgesteld als gevolg van aanpassing van de korte rekenrente en wijzigingen van het verwachte beroep op de geldmarkt als gevolg van nieuwe inzichten in het tekort.

Wijziging kapitaalmarktberoep en rente

Gewijzigde inzichten in de ontwikkeling van het tekort alsmede de veronderstelde lange rente leiden tot aanpassingen in de rentebaten en rentelasten op de vaste schuld.

Rentebaten kasbeheer

De raming voor rentebaten kasbeheer worden naar beneden bijgesteld, omdat er naar verwachting minder leningen worden verstrekt. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door de vervroegde aflossingen op schuld van ProRail aan de Staat, in verband met de uitkering superdividend NS.

Financiën

IXB FINANCIËN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

7.179,9

6.596,6

6.017,4

5.654,5

5.420,3

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Schade EKV

40,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

2,8

1,5

1,5

1,5

1,5

 

42,8

1,5

1,5

1,5

1,5

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Advieskosten

20,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Kasschuif bedrijfsvoering Belastingdienst

– 34,9

0,0

12,9

21,0

1,0

Problematiek loon- en prijsbijstelling Belastingdienst

31,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

47,7

37,1

19,2

9,1

8,9

 

63,9

37,1

32,1

30,1

9,9

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Uitkering superdividend NS

1.400,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

35,7

39,1

42,3

41,3

41,3

Niet tot een ijklijn behorend

     

Back-up faciliteit ING

379,5

– 46,8

– 42,9

– 36,2

– 31,4

Kasschuif tweede herkapitalisatie ABN AMRO

– 302,0

302,0

0,0

0,0

0,0

Lening Griekenland

1.800,0

1.705,0

913,0

286,0

0,0

Separatiekosten ABN AMRO

740,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Tweede herkapitalisatie ABN AMRO

490,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

0,6

– 1,2

– 0,7

– 0,2

– 1,0

 

4.543,8

1.998,1

911,7

290,9

8,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

4.650,4

2.036,8

945,3

322,5

20,3

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

11.830,3

8.633,4

6.962,7

5.976,9

5.440,6

Totaal Internationale samenwerking

58,0

344,5

258,8

167,5

196,9

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

11.888,3

8.977,9

7.221,5

6.144,5

5.637,5

IXB FINANCIËN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

6.695,4

5.223,3

4.667,3

4.317,9

4.048,2

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Afdrachten Staatsloterij

30,0

30,0

0,0

0,0

0,0

Dividend Staatsdeelnemingen

– 37,2

– 14,9

0,1

0,1

0,1

Winstafdracht DNB

126,0

104,0

– 1,0

– 83,0

– 130,0

Diversen

– 18,9

4,0

0,0

0,0

0,0

 

99,9

123,1

– 0,9

– 82,9

– 129,9

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Heffings- en invorderingsrente

3,5

12,9

20,0

27,0

27,0

SENO-GOM reserve

40,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

21,1

– 0,6

1,7

1,7

1,7

 

64,6

12,3

21,7

28,7

28,7

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

32,7

32,6

32,6

32,6

32,6

Niet tot een ijklijn behorend

     

Activering valkenburg

150,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Aflossingen lening Griekenland

0,0

0,0

0,0

515,5

1.524,0

Back-up faciliteit ING

151,1

124,4

104,4

90,5

79,2

ING en SNS Reaal restitutie dividendbelasting

91,9

0,0

0,0

0,0

0,0

Premieontvangsten garantieregeling bancaire leningen

34,7

339,0

233,4

154,5

154,5

Rente-ontvangsten MCN

– 80,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Renteontvangsten lening Griekenland

42,0

119,3

157,4

177,3

153,4

Diversen

15,9

25,6

25,6

25,6

25,6

 

438,3

640,9

553,4

996,0

1.969,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

602,8

776,3

574,2

941,9

1.868,1

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

7.298,2

5.999,6

5.241,5

5.259,8

5.916,3

Totaal Internationale samenwerking

10,1

8,9

8,3

7,8

3,7

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

7.308,3

6.008,6

5.249,8

5.267,6

5.920,0

Schade EKV

Naar verwachting zal de schade op bij de exportkredietverzekering (EKV) 40 mln. hoger zijn dan oorspronkelijk geraamd. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt doordat een deel van de in 2009 geraamde schade in 2010 gerealiseerd zal worden.

Advieskosten

Naar verwachting zijn er in 2010 extra middelen nodig voor strategisch, juridisch en financieel advies voor het beheer van o.a. de door de kredietcrisis verworven financiële deelnemingen.

Kasschuif bedrijfsvoering Belastingdienst

Naar verwachting zullen enkele in 2010 voorziene uitgaven niet worden gerealiseerd. Deze middelen worden doorgeschoven naar 2012 t/m 2014. Het gaat o.a. om middelen in het kader van het programma complexiteitsreductie.

Problematiek loon- en prijsbijstelling Belastingdienst

Dit betreft de problematiek die is ontstaan als gevolg van het inhouden van de loon- en prijsbijstelling in 2010.

Diversen – beleidsmatige mutaties

Deze diversenpost bevat onder meer de hogere toezichtskosten van DNB, de uitvoeringskosten van de Belastingdienst i.v.m. de BES eilanden, hogere onderhouds- en beheerskosten van het Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf (RVOB) en hogere apparaatsuitgaven.

Uitkering superdividend NS

De Nederlandse Spoorwegen (NS) heeft in 2009 extra dividend aan de Staat uitgekeerd. Deze mutatie betreft de overboeking van het superdividend naar ProRail.

Back-up faciliteit ING

De funding fee voor 2010 is opwaarts bijgesteld doordat alles wat binnenkomt onder de Illiquid Assets Back-up Facility (portefeuilleontvangsten en fees) vooralsnog ook weer worden terugbetaald aan ING. Hierdoor wordt de verplichting aan ING versneld afgebouwd.

Kasschuif tweede herkapitalisatie ABN AMRO

Het is de verwachting dat een gedeelte van het gereserveerde kapitaal niet in 2010 wordt uitgegeven en daarom wordt doorgeschoven naar 2011.

Lening Griekenland

Deze mutatie betreft het leningenprogramma aan Griekenland. Het gaat hierbij om een bedrag van maximaal 4,705 mld aan leningen voor de periode 2010–2013.

Separatiekosten ABN AMRO

Deze mutatie betreft o.a. de kosten voor de definitieve afrekening t.a.v. de bedrijfsonderdelen die eerder zijn verdeeld onder de consortiumpartners.

Tweede herkapitalisatie ABN AMRO

Deze mutatie betreft de prudentiële marge die volgt uit de tweede herkapitalisatie, zoals deze in november 2009 aan de Tweede Kamer is voorgelegd.

Afdrachten Staatsloterij

In 2009 is het door de Staatsloterij af te dragen percentage van de winst naar beneden bijgesteld. Aangezien er ondanks het lagere afdrachtpercentage alsnog hogere afdrachten hebben plaatsgevonden en wordt verondersteld dat deze lijn zich voortzet, zijn de afdrachten voor 2010 en 2011 tot het oorspronkelijke bedrag naar boven bijgesteld.

Dividend Staatsdeelnemingen

Deze mutatie wordt met name veroorzaakt door tegenvallende resultaten bij de NS. Door de crisis blijft de groei van het aantal reizigers achter en reizen er minder mensen in de eerste klas. Daarnaast heeft de NS een verliesgevend resultaat gerealiseerd op de hogesnelheidslijn. Mede hierdoor blijven de verwachte dividendontvangsten achter bij de raming en moet deze naar beneden worden bijgesteld.

Winstafdracht DNB

Vanwege rente effecten op de kapitaal- en geldmarkt wordt de winstraming bijgesteld.

Heffings- en invorderingsrente

Bij het Belastingplan 2010 is de maatregel genomen om heffingsrente te berekenen over de verschuldigde rechten van successie bij overlijden vanaf acht maanden na overlijden. De maatregel levert extra ontvangsten aan heffingsrente op.

SENO-GOM reserve

Voor de verwachte schade bij de exportkredietverzekering wordt dekking gevonden binnen de SENO-GOM portefeuille.

Activering Valkenburg

Deze mutatie betreft de technische verwerking van de activering van Valkenburg op de balans van het Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf (RVOB).

Aflossingen lening Griekenland

Deze mutatie betreft de aflossingen op de lening aan Griekenland.

Back-up faciliteit ING

Vanaf 2010 zijn de ontvangsten naar boven bijgesteld o.a. door de additionele betalingsovereenkomsten tussen ING en de Staat.

ING en SNS Reaal restitutie dividendbelasting

ING en SNS Reaal hebben in 2009 gebruikt gemaakt van de mogelijkheid om vervroegd securities terug te kopen. Hierbij is ook dividendbelasting teruggevorderd, maar deze is pas dit jaar ontvangen.

Premieontvangsten garantieregeling bancaire leningen

Deze mutatie betreft de meerjarenraming voor de premieontvangsten voor de garantieregeling bancaire leningen. De regeling loopt tot 30 juni 2010, maar heeft budgettaire gevolgen tot en met 2014.

Rente-ontvangsten MCN

Aangezien de Mandatory Convertible Note (MCN) bij separatie is geconverteerd zullen er geen inkomsten voortvloeien uit de coupon.

Rente-ontvangsten lening Griekenland

Deze mutatie betreft de renteontvangsten over de lening aan Griekenland.

Defensie

X DEFENSIE: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

8.116,8

8.121,6

7.992,6

7.945,4

7.972,1

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Materiele exploitatie

75,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Overheveling van Buitenlandse Zaken

28,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Overige problematiek

79,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Uitdeling eindejaarsmarge

– 106,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Uitgavenbijstelling a.g.v. hogere ontvangsten domeinen

80,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Verlaging investeringen t.b.v. exploitatie

– 75,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Verlaging investeringen t.b.v. overige problematiek

– 79,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

0,7

0,3

– 1,2

– 0,1

– 0,1

 

3,0

0,3

– 1,2

– 0,1

– 0,1

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

2,8

– 0,5

– 0,7

– 0,7

0,7

 

2,8

– 0,5

– 0,7

– 0,7

0,7

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

5,9

– 0,2

– 1,9

– 0,7

0,6

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

8.122,7

8.121,5

7.990,7

7.944,7

7.972,7

Totaal Internationale samenwerking

388,6

291,4

219,7

219,7

219,7

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

8.511,3

8.412,8

8.210,4

8.164,3

8.192,4

X DEFENSIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

418,6

450,9

326,8

261,6

237,6

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Opbrengst verkopen materieel

78,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

2,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 

80,4

0,0

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

80,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

499,0

450,9

326,8

261,6

237,6

Totaal Internationale samenwerking

1,4

1,4

1,4

1,4

1,4

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

500,4

452,3

328,2

263,0

239,0

Materiële exploitatie

Aan het budget voor materiële exploitatie is 75 mln. toegevoegd. De doorwerking van de eindejaarsmarge, oftewel de compensatie voor overschrijdingen in 2009, vermindert het exploitatiebudget in 2010 met circa 60 mln. Dit kan in 2010 niet binnen de materiële exploitatie worden opgevangen, hiervoor is het exploitatiebudget dan ook verhoogd. De per saldo stijging van het budget met 15 mln. dient o.a. voor energiekosten die hoger uitvallen dan oorspronkelijk geraamd.

Overheveling van Buitenlandse Zaken

Deze overheveling bestaat uit twee elementen. De Koninklijke Marechaussee in 2010 de beveiliging van ambassades verzorgen. Hiervoor levert Buitenlandse Zaken een bijdrage van 16 mln. Het tweede element is de bijdrage in 2010 van Buitenlandse Zaken t.b.v. het Strategic Airlift Capacity C-17 NAVO initiatief om de strategische luchttransportcapaciteit te vergroten. Deze bedraagt 12 mln. De eenmalige investeringskosten van dit project bedragen voor Nederland in totaal 130 mln. gespreid in de jaren. Deze zijn geaccommodeerd binnen de begrotingen van Defensie (70 mln.) en Buitenlandse Zaken (60 mln.).

Overige problematiek

Het gaat hier om verhoging van de budgetten op diverse terreinen waar de oorspronkelijke raming naar verwachting overschreden zal worden. Enkele voorname posten zijn hogere afstotingskosten (25 mln.) als gevolg van de verwachte hogere verkopen in 2010, hogere personele kosten (10 mln.) door de toegenomen vulling van de Defensie-organisatie en hogere kosten voor telefonie- en werkplekdiensten (10 mln.) aangezien de ingeboekte efficiencyslag vertraagd is.

Uitdeling eindejaarsmarge

In 2009 heeft Defensie het budget overschreden. Deze overschrijding wordt in 2010 gecompenseerd door het Defensie budget te verlagen.

Uitgavenbijstelling a.g.v. hogere ontvangsten Domeinen

Dit betreft een opwaartse bijstelling van de uitgaven als gevolg vanhogere opbrengst verkopen materieel uitgevoerd door de Dienst Domeinen Roerende Zaken.

Verlaging investeringen t.b.v. exploitatie

Om de toevoeging aan het budget voor materiële exploitatie te dekken, is het investeringsbudget met 75 mln. verlaagd.

Verlaging investeringen t.b.v. overige problematiek

Om de verhoging van de budgetten op diverse terreinen te dekken is het investeringsbudget met 79 mln. verlaagd.

Opbrengst verkopen materieel

Diverse verkopen die in 2009 niet zijn gerealiseerd, komen naar verwachting in 2010 wel tot realisatie. De raming van de verkoopopbrengsten is dan ook verhoogd. Het gaat hier o.a. om de verkoop van Orion’s aan Portugal, waarvoor de betaling van 24 mln. reeds is ontvangen.

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu

XI VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

1.304,5

1.040,7

941,2

913,0

900,7

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Besparingsverlies taakstelling personeel

16,0

12,0

8,0

4,0

0,0

Bijdrage RGD dekking overschrijding 2009

– 17,8

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijdrage VROM-Inspectie dekking overschrijding 2009

– 6,8

– 7,7

– 5,7

– 4,6

– 2,6

Bijdrage VROM dekking overschrijding 2009

– 12,6

– 0,5

– 3,7

0,0

0,0

Bijdrage WWI dekking overschrijding 2009 en centrale problematiek

– 10,6

– 4,1

– 3,2

– 2,6

– 1,7

Dekking overschrijding 2009

53,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Kasschuif Asbestwegen

35,0

30,0

0,0

– 33,0

– 32,0

Kasschuif Bodemsanering

– 13,3

– 3,9

1,1

8,3

7,7

Kasschuif WABO

– 9,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Kasschuif Waddenfonds

– 29,4

0,0

0,0

7,9

9,8

Kostenoverschrijding WABO

8,2

2,8

2,3

2,3

2,3

Overschrijding 2009

– 53,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Vernieuwing Rijksdienst

4,0

5,1

0,0

0,0

0,0

WABO/Mans

10,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

15,2

15,9

9,4

– 2,4

– 2,7

 

– 11,1

49,6

8,2

– 20,1

– 19,2

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Bijdrage RGD dekking overschrijding 2009

17,8

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijdrage WWI dekking overschrijding 2009 en centrale problematiek

10,6

4,1

3,2

2,6

1,7

Bodemsanering

– 102,9

– 134,1

– 134,1

– 134,1

– 134,1

Centraliseren budget WWI agentschap NL

20,5

4,0

1,6

0,0

0,0

FES BIRK + saneringsregeling

41,7

0,0

0,0

0,0

0,0

FES Nota Ruimtebudget

51,9

15,0

2,9

0,0

0,0

FES Sleutelprojecten

89,6

0,0

0,0

0,0

0,0

Herstructurering bedrijventerreinen (motie Van Heugten)

– 10,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Sloopregeling

18,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

38,2

– 0,1

– 0,1

– 0,4

– 0,4

 

175,7

– 111,1

– 126,5

– 131,9

– 132,8

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

164,6

– 61,5

– 118,3

– 152,0

– 152,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

1.469,1

979,1

822,9

761,0

748,7

Totaal Internationale samenwerking

76,7

98,3

89,7

60,1

5,4

Totaal Stimuleringspakket

66,3

10,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

1.612,1

1.087,4

912,6

821,1

754,1

XI VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

412,5

166,5

72,5

42,2

38,2

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Bijdrage RGD dekking overschrijding 2009

17,8

0,0

0,0

0,0

0,0

FES BIRK + saneringsregeling

41,7

0,0

0,0

0,0

0,0

FES Nota Ruimtebudget

51,9

15,0

2,9

0,0

0,0

FES Sleutelprojecten

89,6

0,0

0,0

0,0

0,0

Sloopregeling

18,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

50,0

4,3

4,3

2,3

2,3

 

269,3

19,3

7,2

2,3

2,3

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

269,3

19,3

7,2

2,3

2,3

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

681,8

185,8

79,6

44,5

40,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

681,8

185,8

79,6

44,5

40,5

Besparingsverlies taakstelling personeel

VROM had in 2009 een hogere personele bezetting dan het interne streefcijfer. Dit streefcijfer is gebaseerd op de veronderstelling dat de taakstelling in drie jaar lineair wordt afgebouwd. Deze afbouw is ambitieuzer dan het tempo vanuit de Vernieuwing Rijksdienst. Het budget voor het apparaat binnen VROM/WWI is gebaseerd op het eigen afgesproken tempo. De hogere bezetting leidt derhalve tot besparingsverliezen in 2010 en latere jaren.

Bijdrage RGD dekking overschrijding 2009

De Rijksgebouwendienst (RGD) levert een dekkingsbijdrage aan de budgetoverschrijding uit het jaar 2009. Daartoe wordt de neerwaartse bijstelling van het eigen vermogen (de voorziening leegstand) ingezet

Bijdrage VROM-Inspectie dekking overschrijding 2009

De VROM-Inspectie (VI) maakt deel uit van de VROM-begroting en draagt derhalve bij aan de centrale problematiek (waaronder de besparingsverlies taakstelling). Door de VI wordt momenteel gewerkt aan de omvorming naar een baten-lastendienst waarbij de VI toewerkt naar kostendekkende tarieven.

Bijdrage VROM dekking overschrijding 2009

DG Milieu en DG Ruimte leveren hun deel in de dekking voor de overschrijding van 2009 en de centrale problematiek door diverse ombuigingen, zoals op verkeersmaatregelen luchtkwaliteit, uitvoering door Agentschap NL en onderzoek en subsidies (o.a. ruimtelijk instrumentarium).

Bijdrage WWI dekking overschrijding 2009 en centrale problematiek

De WWI-begroting is een programmabegroting. Alle apparaatskosten van WWI worden op de begroting van VROM begroot en verantwoord. Ter dekking van de centrale problematiek VROM/WWI voor de komende jaren levert WWI – net als de andere onderdelen van VROM – een bijdrage.

Dekking overschrijding 2009

De overschrijding op de VROM-begroting in 2009 maken ombuigingen noodzakelijk in 2010. Deze ombuigingen worden voor zoveel mogelijk verhaald op de veroorzakers (zie ook bovenstaande mutaties). Een deel van de overschrijding wordt gedekt door een stelselherziening bij de Rijksgebouwendienst.

Kasschuif Asbestwegen

VROM heeft een generale kasschuif nodig voor de snellere sanering van asbestwegen om tegemoet te komen aan een toezegging aan de Tweede Kamer door het vorige kabinet. De reeds begrote middelen voor de derde fase sanering asbestwegen voorzien in 2013–2014 worden nu naar voren gehaald (2010 en 2011).

Kasschuif Bodemsanering

VROM is momenteel aan de slag om het ritme van de decentralisatie-uitkering naar de medeoverheden voor bodemsanering beperkt aan te passen. In 2010 en 2011 gaan er minder middelen naar de medeoverheden toe voor bodemsanering. Daar staat tegenover dat in de jaren 2012–2014 in gelijke mate meer middelen naar de medeoverheden gaan. VROM streeft ernaar om de gevolgen van de ritmecorrectie te beperken door zoveel mogelijk rekening te houden met de liquiditeitsbehoefte van de provincies/gemeenten.

Kasschuif WABO

Vorig jaar is een decentralisatie-uitkering via het Gemeentefonds verstrekt aan medeoverheden ten behoeve van de invoering van de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht (WABO). Om deze betaling mogelijk te maken, heeft VROM gebruik gemaakt van een generale kasschuif van 2010 naar 2009 van 9 mln.

Kasschuif Waddenfonds

Om de interne problematiek te dekken in 2010 en 2011, is gebruik gemaakt van een kasschuif met het Waddenfonds. In 2010 wordt de toekenning van middelen aan het Waddenfonds verlaagd. Het Waddenfonds wordt hiervoor in de periode 2013–2015 gecompenseerd. Deze kasschuif komt overeen met de liquiditeitsbehoefte van het Waddenfonds.

Overschrijding 2009

De overschrijding op de VROM-begroting in 2009 van 53.5 mln. is voor een groot gedeelte veroorzaakt op de gemeenschappelijke voorzieningen (o.a. externe inhuur, ICT-kosten, hogere loonkosten en een besparingsverlies op de taakstelling personeel). Ook waren er meer programma uitgaven voor o.a. een schadevergoeding aan Van Gansewinkel als gevolg van een rechterlijke uitspraak.

Kostenoverschrijding WABO

Bij de invoering van de WABO is er sprake van een kostenoverschrijding op het gebied van ICT van circa 6 mln. Daarnaast zijn er structurele ICT-kosten voor het beheer en onderhoud van het ICT-systeem van circa 2,3 mln. Deze incidentele en structurele kosten ten behoeve van gemeenten worden door VROM intern gedekt.

Vernieuwing Rijksdienst

In het najaar 2009 is besloten om de tweede tranche investeringsbudget «Programma Vernieuwing Rijksdienst» (2010 en 2011) in het voorjaar van 2010 uit te keren. Het kasritme is na afstemming met de departementen aangepast. Onder de bedragen per departement liggen de verschillende goedgekeurde projecten. Voor VROM is dat met name het project ter invoering van de regionale uitvoeringsdiensten (Mans).

WABO/Mans

De voor Wabo gereserveerde middelen op de Aanvullende Post worden toegevoegd aan de VROM-begroting cf. de in het najaar 2009 gemaakte bestuurlijke afspraak. Een bedrag van 9 mln. betreft een eenmalige vergoeding aan provincies voor invoeringskosten van de WABO. Het restant (1 mln.) is bestemd voor proceskosten verbonden aan de oprichting van regionale uitvoeringsdiensten (Mans).

Bodemsanering

Met ingang van 1 januari 2010 is een deel van het bodemsaneringsbudget uitgekeerd aan de provincies en gemeenten via een decentralisatie-uitkering Bodemsanering in het provinciefonds, respectievelijk het gemeentefonds. De komst van een decentralisatie-uitkering Bodemsanering is het gevolg van bestuursafspraken met het IPO en de VNG. Mede in het vervolg hierop is op 10 juli 2009 het «Convenant Bodem – ontwikkelingsbeleid en aanpak spoedlocaties» ondertekend door het Rijk, het IPO, de VNG en de Unie van Waterschappen. Met de ondertekening van het Convenant wordt ook de definitieve stap gezet naar de verdere decentralisatie van de middelen. Ook is met ingang van 1 januari 2010 het budget voor bodemsanering voor het stedelijk gebied overboekt naar WWI. Deze middelen worden via het Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing uitgekeerd.

Centraliseren budget WWI Agentschap NL

WWI is een programmabegroting. De bijdragen voor onder andere apparaat en de uitvoeringsorganisaties staan vermeld op de begroting van VROM. WWI levert jaarlijks een bijdrage aan de uitvoeringskosten van het Agentschap NL. Deze bijdragen zijn gecentraliseerd op de begroting van VROM. Door deze centralisering van budgetten is snel inzichtelijk welke bijdragen van VROM en WWI aan het Agentschap NL worden verstrekt.

FES BIRK + saneringsregeling

Met het Budget Investeringen Ruimtelijk Kwaliteit (BIRK) draagt het Rijk financieel bij aan ruimtelijke investeringsprojecten die passen binnen het nationaal ruimtelijk beleid. Een aantal investeringsprojecten liep vertraging op in 2009 waardoor de voorschotbetalingen achterliepen op schema. De FES-budgetten worden op grond van nieuwe kasprognoses bijgesteld en zijn toegevoegd aan de begroting van VROM voor 2010.

FES Nota Ruimtebudget

Het kabinet heeft in het kader van het Nota Ruimtebudget subsidies beschikbaar gesteld voor een 23-tal complexe projecten voor de ruimtelijke prioriteiten van dit kabinet. Deze subsidies gaan o.a. naar de projecten Noordelijke IJ-oevers, Spoorzone Den Bosch, Nijmegen Waalfront, Stadshavens Rotterdam, IJsseldelta Kampen en dierenpark Emmen.

FES Sleutelprojecten

In 2009 is de realisatie van het FES Sleutelproject Zuidas vertraagd. Een rijksvertegenwoordiger is in 2009 aangesteld om samen met de betrokken partijen te onderzoeken hoe de business case verbeterd kan worden. De FES-budgetten zijn op grond van nieuwe kasprognoses bijgesteld en zijn toegevoegd aan de begroting van VROM voor 2010.

Herstructurering bedrijventerreinen (motie Van Heugten)

VROM maakt conform de motie Van Heugten (Kamerstukken II 2008/09, 31.700 XI, nr. 16 herdruk) incidenteel 10 mln. over naar het gemeentefonds ten gunste van de gemeenten Noordoostpolder en Oldenzaal. De rijksbijdrage van 10 mln. wordt geïnvesteerd in de gebiedsontwikkeling van het Corridorproject in Noordoostpolder (5 mln.) en het deelproject Groene Loper dat onderdeel uitmaakt van het masterplan Stationspark Oldenzaal-Centraal (5 mln.). Deze bijdragen hebben als randvoorwaarden dat de betrokken gemeenten voor tenminste een gelijkwaardig bedrag mee investeren en dat het project binnen drie jaar tot uitvoering (of gerealiseerd wordt) komt.

Sloopregeling

De nationale sloopregeling is tijdelijk ingevoerd voor de jaren 2009 en 2010. De regeling voorziet in een inruilvergoeding (slooppremie) voor oude auto’s. De premie varieert per type ingeruilde auto. Er is in totaal 65 mln. vanuit het Rijk beschikbaar gesteld. Dit is aangevuld met 20 mln. vanuit de sector. Deze middelen vanuit de sector zijn nu toegevoegd aan de begroting van VROM.

Vorig jaar was vanuit het Rijk reeds 36,7 mln. uitgekeerd. Nu worden de resterende Rijksmiddelen voor de sloopregeling 28,3 mln. toegevoegd aan de begroting van VROM. Het totale budget voor de sloopregeling is hiermee uitgeput.

Wonen, Wijken en Integratie

XVIII WONEN, WIJKEN EN INTEGRATIE: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

3.717,3

3.515,6

3.294,1

3.282,0

3.299,6

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

1,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

1,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Aanpassing fasering subsidieregelingen energiebesparing

16,0

0,0

0,0

0,0

0,0

BLS meerontvangsten en bestaande ruimte

– 51,2

0,0

0,0

0,0

0,0

EJM: opboeking EJM 2009

48,8

0,0

0,0

0,0

0,0

EJM: uitboeking i.v.m. budgettaire problematiek

– 28,7

0,0

0,0

0,0

0,0

EJM: uitboeking i.v.m. vertragingen 2009

– 20,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Intertemporele kasschuif via het generale beeld

52,9

0,1

– 2,5

– 30,7

– 40,0

Intertemporele kasschuif via het specifieke beeld

– 52,9

– 0,1

2,5

30,7

40,0

Per saldo hogere uitgaven huurtoeslag

83,0

57,8

86,9

112,6

148,5

Diversen

27,5

8,3

2,8

8,1

6,3

 

75,3

66,1

89,7

120,7

154,8

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Naar gemeentefonds: uitvoeringskosten inburgering

– 50,4

0,0

0,0

0,0

0,0

Systeemwijziging RGD

– 59,0

– 24,4

– 11,0

4,7

2,7

ISV reeks 2010–2014 voor bodemsanering

19,4

55,6

55,6

55,6

55,7

Diversen

– 47,8

– 9,6

– 5,6

1,7

7,1

 

– 137,8

21,6

39,0

62,0

65,5

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 61,6

87,7

128,7

182,7

220,3

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

3.655,8

3.603,3

3.422,8

3.464,8

3.519,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

131,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

3.787,1

3.603,3

3.422,8

3.464,8

3.519,9

XVIII WONEN, WIJKEN EN INTEGRATIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

485,8

421,0

365,8

374,7

374,3

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Lager inningstempo 2010 en positief effect ingestelde vorderingen

– 27,7

26,4

62,0

71,9

57,6

Diversen

2,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

– 25,7

26,4

62,0

71,9

57,6

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

12,3

– 2,3

– 2,3

– 2,3

– 2,3

 

12,3

– 2,3

– 2,3

– 2,3

– 2,3

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 13,4

24,1

59,7

69,6

55,3

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

472,4

445,1

425,5

444,3

429,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

472,4

445,1

425,5

444,3

429,6

Aanpassing fasering subsidieregelingen energiebesparing

Omdat de belangstelling voor de tijdelijke energiebesparingsregelingen voor de gebouwde omgeving (subsidieregeling isolatieglas en subsidieregeling maatwerkadviezen) een trage start kenden in 2009 is het budget doorgeschoven naar 2010.

BLS meerontvangsten en bestaande ruimte

De beschikbare ruimte van 51,2 mln. op het instrument Budget Locatiegebonden Subsidies (BLS) wordt ingezet ter compensatie van de specifiek te dekken problematiek waaronder de forse overschrijding huurtoeslag.

EJM: opboeking EJM 2009

In 2009 zijn er minder middelen uitgegeven dan geraamd, 48,8 mln. wordt daarom in 2010 via de eindejaarmarge (EJM) toegevoegd aan de begroting.

EJM: uitboeking i.v.m. budgettaire problematiek

De beschikbare eindejaarsmarge (EJM) van WWI van 48,8 mln. wordt deels ingezet voor specifieke problematiek in 2010 (28,7 mln.). Hierbij valt te denken aan additionele uitgaven voor de Dienst van de Huurcommissie en voor uitgaven ten behoeve van de strengere eisen op het gebied van huwelijksmigratie.

EJM: uitboeking i.v.m. vertragingen 2009

De beschikbare eindejaarsmarge (EJM) van WWI van 48,8 mln. wordt ook deels ingezet voor de vertragingen in 2009 die in 2010 tot betaling komen (20,1 mln.). Hierbij valt te denken aan betalingen omtrent het energiebesparingskrediet.

Intertemporele compensatie via het generale beeld + intertemporele kasschuif via het specifieke beeld

WWI komt in 2010 bijna 53 mln. tekort. Via deze reeks wordt WWI hier in 2010 generaal voor gecompenseerd. In latere jaren wordt dit bedrag terugbetaald. WWI boekt dit ontvangen bedrag specifiek op om dit vervolgens specifiek te verdelen.

Per saldo hogere uitgaven huurtoeslag

De uitgaven van de huurtoeslag vallen deels hoger uit door een geactualiseerde verwerking van de macro-economische situatie en deels doordat bij het voorlopig toekennen in grotere mate dan eerder verwacht meer wordt uitgekeerd dan waar ontvangers uiteindelijk recht op hebben (regelmatig wordt een hoger inkomen niet of te laat doorgegeven aan de belastingdienst).

Naar gemeentefonds: uitvoeringskosten inburgering

De bevoorschotting van de uitvoeringskosten die gemeenten maken voor inburgeringstrajecten verloopt via het gemeentefonds.

Systeemwijziging RGD

Dit betreft een technische mutatie. Financiering van de huisvesting van de Hoge Colleges van Staat, Algemene Zaken en de staatspaleizen wordt niet langer gedaan op basis van kas, maar via de leenfaciliteit van Financiën.

ISV reeks 2010–2014 voor bodemsanering

De budgetten voor bodemsanering voor het stedelijk gebied zijn van de begroting van VROM overboekt naar de begroting van WWI. Deze middelen worden via het Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing uitgekeerd.

Lager inningstempo 2010 en positief effect ingestelde vorderingen

Ten opzichte van eerdere ramingen is sprake van een groter bedrag aan in te stellen vorderingen huurtoeslag. Dit hangt samen met de hierboven beschreven mutatie in de uitgaven als gevolg van hogere voorlopige toekenningen. Daarnaast ligt het inningstempo van de ingestelde vorderingen lager dan aangenomen. In 2010 is daarom sprake van lagere ontvangsten, in latere jaren staan daar hogere ontvangsten tegenover.

Verkeer & Waterstaat

XII VERKEER EN WATERSTAAT: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

9.386,6

8.648,5

9.262,0

8.697,4

8.738,5

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,9

15,0

– 15,6

11,4

10,6

 

0,9

15,0

– 15,6

11,4

10,6

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Pakket Zuiderzeelijn

– 42,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Tweede tranche Spoorse Doorsnijdingen

– 37,3

– 47,6

– 11,9

– 23,6

0,0

Diversen

24,6

20,6

14,7

4,5

3,1

 

– 55,2

– 27,0

2,8

– 19,1

3,1

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 54,3

– 12,0

– 12,8

– 7,7

13,7

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

9.332,3

8.636,6

9.249,2

8.689,7

8.752,2

Totaal Internationale samenwerking

19,9

14,9

14,9

15,0

15,0

Totaal Stimuleringspakket

332,0

33,0

0,0

– 105,0

– 75,0

Stand Voorjaarsnota 2010

9.684,2

8.684,4

9.264,1

8.599,7

8.692,2

XII VERKEER EN WATERSTAAT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

71,9

64,3

63,9

62,1

60,1

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,0

2,3

0,0

0,0

0,0

 

0,0

2,3

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

22,5

16,2

10,5

0,2

0,2

 

22,5

16,2

10,5

0,2

0,2

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

22,5

18,6

10,5

0,2

0,2

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

94,4

82,8

74,3

62,4

60,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

94,4

82,8

74,3

62,4

60,4

Diversen – beleidsmatige mutaties

Deze diversenpost bevat onder meer (een kasschuif in de) GIS-uitgaven en de middelen voor het Sociaal Flankerend Beleid en de Vernieuwing Rijksdienst.

Pakket Zuiderzeelijn

Ingevolge regionale afspraken worden voor het Pakket Zuiderzeelijn middelen uitgekeerd aan het provinciefonds en het gemeentefonds voor de regio’s Groningen, Drenthe, Friesland en Flevoland.

Tweede tranche Spoorse Doorsnijdingen

Door VenW worden voor de jaren 2010 tot en met 2013 en in 2015 middelen naar het gemeentefonds overgeboekt voor de tweede tranche Spoorse Doorsnijdingen van in totaal 141 mln.

Diversen – technische mutaties

Deze diversenpost bevat met name ontvangsten voor diverse FES projecten, waaronder de elektrische auto en biobrandstoffen.

Economische Zaken

XIII ECONOMISCHE ZAKEN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

2.708,2

2.597,3

2.628,9

2.572,3

2.780,9

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Intertemporele kasschuif MEP/SDE

11,9

0,0

– 22,6

– 40,7

1,1

Diversen

20,2

1,1

– 0,2

0,0

0,0

 

32,1

1,1

– 22,8

– 40,7

1,1

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

FES mutaties

178,9

75,1

82,1

71,4

65,8

Diversen

43,8

17,9

11,5

10,5

9,5

Niet tot een ijklijn behorend

     

Diversen

1,3

4,2

– 1,5

7,2

2,9

 

224,0

97,2

92,1

89,1

78,2

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

256,1

98,2

69,1

48,4

79,2

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

2.964,2

2.695,5

2.698,0

2.620,8

2.860,1

Totaal Internationale samenwerking

174,3

174,8

164,7

143,9

115,5

Totaal Stimuleringspakket

152,8

6,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

3.291,4

2.876,3

2.862,8

2.764,7

2.975,6

XIII ECONOMISCHE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

5.786,9

6.176,6

6.318,3

6.126,8

5.093,6

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

CO2 veilingopbrengsten

55,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

9,3

4,6

0,0

0,0

0,0

 

64,3

4,6

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

FES mutaties

178,9

75,1

82,1

71,4

65,8

Diversen

38,6

12,0

11,0

10,0

9,0

Niet tot een ijklijn behorend

     

Aanpassing afdracht FES

704,7

2,7

197,1

16,2

– 130,1

Aardgasbaten

– 500,0

250,0

1.550,0

2.000,0

2.250,0

Diversen

– 5,6

– 3,2

– 3,7

– 4,3

– 5,0

 

416,6

336,6

1.836,5

2.093,3

2.189,7

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

480,9

341,2

1.836,5

2.093,4

2.189,7

      

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

6.267,8

6.517,8

8.154,7

8.220,2

7.283,3

Totaal Internationale samenwerking

12,2

11,8

11,8

1,8

1,8

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

6.280,0

6.529,6

8.166,5

8.222,0

7.285,1

Intertemporele kasschuif MEP / SDE

De SDE (Stimulering Duurzame Energie) en de MEP (Milieukwaliteit Electriciteitsproductie) worden als communicerende vaten gezien. Dat wil zeggen dat vrijvallende MEP-middelen ter beschikking voor de SDE-regeling cq. hogere MEP-uitgaven ten laste van de SDE-regeling komen. De hogere uitgaven voor de MEP in 2009 zijn ten laste gebracht van de vrije ruimte voor MEP/SDE in de jaren tot en met 2014. De onderuitputting bij de SDE in 2009 is doorgeschoven naar 2010.

Diversen – beleidsmatige mutaties

Deze post bestaat grotendeels uit aanpassingen van kasramingen en herschikkingen tussen operationele doelstellingen van beleidsartikelen. Jaarlijks wordt beoordeeld of de kasramingen op aangegane, nog openstaande verplichtingen juist zijn. Dit kan leiden tot gewijzigde kasramingen voor diverse instrumenten en regelingen. Daarnaast zijn er in 2010 en 2011 middelen aan de EZ-begroting toegevoegd voor Sociaal Flankerend Beleid (ca. 2 mln.), Vernieuwing Rijksdienst (ca. 2 mln.) en de eindejaarsmarge (ca. 2 mln.).

FES mutaties

Bij een aantal FES-projecten (zoals Duurzaamheid) is de uitfinanciering in 2009 trager verlopen, omdat er door de subsidieontvangers minder declaraties zijn ingediend. Ook is er een aantal FES-projecten (zoals Energie Innovatie) uiteindelijk later gestart waardoor middelen niet uitgegeven zijn in 2009. Deze middelen zullen alsnog tot besteding komen in 2010. Daarnaast worden FES-middelen opgevraagd voor diverse innovatieprogramma’s, Nota Ruimte-projecten en Sterke Regio-projecten (zie ook de ontvangstenkant).

Diversen – technische mutaties

Voor de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO) is een raming van schade-uitgaven en premieontvangsten opgenomen op de EZ-begroting. De niet benutte verplichtingenruimte in 2009 wordt alsnog beschikbaar gesteld in 2010. Daarnaast is 250 mln. verplichtingenruimte toegevoegd voor garanties op leningen in het kader van bouwinvesteringen in de zorg (de zgn. GO-Cure). Voor beide onderdelen van de GO worden ter afdekking van de schades kostendekkende premies in rekening gebracht, waarvoor zowel een ophoging van de uitgavenraming (schades) als ontvangstenraming (premies) is verwerkt.

CO2 veilingopbrengsten

De oorspronkelijk in 2009 geplande veiling van CO2-emissierechten heeft uiteindelijk in april 2010 plaatsgevonden. Er zijn 4 miljoen CO2-rechten geveild voor een totaalbedrag van 55 mln.

Diversen – beleidsmatige mutaties

De boeteontvangsten uit hoofde van de «oude» bouwfraudezaken waren in 2009 lager dan geraamd, met name als gevolg van trager verlopende (hoger) beroepszaken. De NMa verwacht dat de ontvangstenverlaging in 2009 betreffende «oude» bouwfraude zaken, in 2010 (4,8 mln.) en 2011 (4,6 mln.) alsnog ontvangen wordt. Daarnaast wordt het surplus aan eigen vermogen (ca. 4,5 mln.) van agentschappen afgedragen aan EZ, omdat dit eigen vermogen ultimo 2009 hoger was dan op basis van de Regeling Baten-lastendiensten 2007 is toegestaan.

Aanpassing afdracht FES

Het kasritme en de omvang van de uitgavenraming binnen het FES zijn leidend voor de voeding van het fonds. Deze mutatie betreft de aanpassing van de voeding van het FES die nodig is om het bij Voorjaarsnota aangepaste kasritme van de FES-uitgaven te dekken.

Aardgasbaten

De daling van de geraamde kasinkomsten aan aardgasbaten in 2010 is het netto-resultaat van een aantal effecten. Ten eerste zijn de verwachte kosten van de aardgaswinning naar boven bijgesteld. Daarnaast wordt de koppeling tussen de gasprijs en de olieprijs steeds losser. Een steeds groter deel van het gas wordt verkocht tegen lager dan geraamde spotprijzen in plaats van tegen oliegekoppelde gasprijzen. De sterke opwaartse aanpassing van de aardgasbaten, in 2011 en verder, wordt veroorzaakt door zowel het verwachte productievolume als de verwachte olieprijs. Daarbij speelt ook het feit mee dat de cijfers voor de jaren 2011 en verder met het uitkomen van de middellangetermijn (MLT) verwachting van het CPB voor het eerst sinds de vorige MLT zijn aangepast.

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

XIV LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

2.428,5

2.524,0

2.284,1

2.265,6

2.153,7

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Apurement

23,0

20,0

15,0

10,0

5,0

Q-koorts

48,2

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

13,6

4,4

3,7

4,2

– 0,3

 

84,8

24,4

18,7

14,2

4,7

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

ILG Schiphol en omgeving

13,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Mooi en Vitaal Delfland

17,7

3,3

3,3

3,3

7,3

Westflank Haarlemmermeer

7,5

15,0

15,0

9,0

0,0

Diversen

15,7

– 3,7

13,0

8,6

3,3

 

53,9

14,6

31,3

20,9

10,6

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

138,7

39,0

50,0

35,1

15,3

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

2.567,2

2.563,0

2.334,1

2.300,7

2.169,0

Totaal Internationale samenwerking

29,8

29,2

28,2

28,2

28,2

Totaal Stimuleringspakket

55,1

7,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

2.652,1

2.599,2

2.362,2

2.328,8

2.197,2

XIV LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

536,1

516,0

481,4

464,1

411,3

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

7,5

4,5

4,5

4,5

0,0

 

7,5

4,5

4,5

4,5

0,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

ILG Schiphol en omgeving

13,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Mooi en Vitaal Delfland

17,7

3,3

3,3

3,3

7,3

Westflank Haarlemmermeer

7,5

15,0

15,0

9,0

0,0

Diversen

9,7

– 6,6

11,4

6,9

1,3

 

47,9

11,7

29,7

19,2

8,6

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

55,4

16,2

34,2

23,7

8,6

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

591,4

532,2

515,6

487,7

419,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

591,4

532,2

515,6

487,7

419,9

Apurement

Om toekomstige financiële correcties vanuit de EU op te vangen, wordt een reeks aan de LNV-begroting toegevoegd. Dit betreft correcties op Nederlandse declaraties bij Europese fondsen voor die gevallen, waarbij de uitvoering naar de mening van de Commissie niet conform Europese regelgeving heeft plaatsgevonden.

Q-koorts

Om verdergaande verspreiding van de Q-koorts tegen te gaan worden besmette drachtige melkschapen en melkgeiten geruimd. De LNV begroting wordt met 36 mln. verhoogd voor ruimings- en uitvoeringskosten. LNV draagt zelf de kosten voor vaccinatie, onderzoek en een vergoeding aan besmette bedrijven voor inkomensverliezen als gevolg van moeilijkheden bij het herbevolken van het bedrijf. Hiertoe wordt de eindejaarsmarge ingezet.

ILG Schiphol en omgeving

LNV heeft op grond van de actuele bestuursovereenkomst Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG), afspraken gemaakt met de provincie Noord-Holland over de realisatie van 500 ha. groen in de Haarlemmermeer. De hiervoor beschikbare middelen zijn vanuit het Groenfonds overgeheveld naar de LNV-begroting.

Mooi en Vitaal Delfland

Vanuit het Nota Ruimte budget zijn middelen toegekend voor het project Mooi en Vitaal Delfland. Met dit project wordt de schaarse ruimte slimmer gebruikt, worden verspreid liggende kassen op enkele plekken geconcentreerd en komt 120 hectare vrij voor nieuwe natuur en recreatie en 2.000 duurzame woningen (koppeling energienetwerk aan kassen, hergebruik afvalwater).

Westflank Haarlemmermeer

Vanuit het Nota Ruimte budget zijn middelen toegekend voor het project Westflank Haarlemmermeer. Dit project realiseert het aanleggen van een «groen-blauw» raamwerk, waterberging en tal van recreatieve routes in het groen.

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

27.059,5

27.748,2

28.958,1

29.767,3

30.366,4

Mee- en tegenvallers

     

Sociale zekerheid

     

Toeslagenwet

20,1

8,3

– 2,4

– 12,5

– 22,0

Wajong volume

17,8

– 5,7

– 28,8

– 34,6

– 63,3

Diversen

– 10,5

– 10,2

– 12,5

– 15,4

– 17,5

 

27,4

– 7,6

– 43,7

– 62,5

– 102,8

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

12,6

10,4

4,5

3,7

3,7

Sociale zekerheid

     

Eindejaarsmarge

54,2

0,0

0,0

0,0

0,0

Financieringsschuif re-integratie Wajong

– 19,0

16,0

16,0

16,0

16,0

Inzet eindejaarmarge

– 52,7

0,0

0,0

0,0

0,0

Inzet oude loon- en prijsbijstelling

– 0,6

– 0,2

– 11,5

– 12,9

– 29,9

Diversen

13,5

0,8

– 6,7

3,3

1,8

 

8,0

27,0

2,3

10,1

– 8,4

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

2,0

0,4

0,4

1,6

13,2

Sociale zekerheid

     

Kadercorrectie WWB

– 342,8

– 534,8

– 103,8

– 103,9

– 104,1

Diversen

– 11,5

– 5,7

– 2,7

– 2,9

– 14,5

Niet tot een ijklijn behorend

     

Rijksbijdrage AOW

2.164,1

– 738,2

1.115,2

1.343,5

1.674,9

Diversen

25,4

55,6

49,7

41,2

23,8

 

1.837,2

– 1.222,7

1.058,8

1.279,5

1.593,3

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

1.872,6

– 1.203,5

1.017,4

1.227,2

1.482,2

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

28.932,2

26.544,7

29.975,5

30.994,4

31.848,7

Totaal Internationale samenwerking

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

Totaal Stimuleringspakket

169,6

78,2

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

29.102,5

26.623,6

29.976,3

30.995,2

31.849,4

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

1.119,8

1.113,9

978,9

962,0

971,9

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

3,9

3,9

3,9

3,9

3,9

Sociale zekerheid

     

Diversen

22,9

10,6

5,6

5,6

5,6

 

26,8

14,5

9,5

9,5

9,5

Technische mutaties

     

Sociale zekerheid

     

Diversen

– 0,2

– 0,2

– 0,2

– 0,2

– 0,2

 

– 0,2

– 0,2

– 0,2

– 0,2

– 0,2

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

26,5

14,2

9,2

9,2

9,2

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

1.146,3

1.128,1

988,1

971,2

981,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

1.146,3

1.128,1

988,1

971,2

981,1

Toeslagenwet

De uitvoeringsinformatie laat voor 2010 een tegenvaller zien. Voor latere jaren is de volumeontwikkeling van de moederwetten gevolgd.

Wajong volume

Op basis van de realisatiecijfers uit de uitvoeringsinformatie van het UWV en de trend van de lange termijn raming van de arbeidsongeschiktheidsregelingen is de raming voor de volumeontwikkeling van de Wajong aangepast.

Eindejaarsmarge

SZW heeft 54 mln. ontvangen aan overgehevelde middelen van 2009 naar 2010 (de eindejaarsmarge).

Financieringsschuif re-integratie Wajong

Bij de financiering van de re-integratie Wajong heeft een schuif plaatsgevonden tussen premiefinanciering en begroting.

Inzet eindejaarsmarge

Dit deel van de eindejaarsmarge is ingezet ter dekking van de uitvoeringstegenvallers op de SZW-begroting.

Inzet oude loon- en prijsbijstelling

Loon- en prijsbijstelling uit voorgaande jaren die nog niet waren toebedeeld aan de verschillende begrotingsartikelen zijn ter dekking van de uitvoeringstegenvallers op de SZW-begroting ingezet.

Kadercorrectie WWB

Op basis van uitvoeringsinformatie en nominale ontwikkelingen volgend uit het CEP is de raming voor de bijstandsuitgaven neerwaarts bijgesteld. Conform afspraak uit het Aanvullend Beleidsakkoord worden de kaders voor deze uitgaven gecorrigeerd.

Rijksbijdrage AOW

De rijksbijdrage aan het ouderdomsfonds is aangepast doordat de premie-inkomsten als gevolg van de economische situatie wijzigen. Daarnaast vindt door problemen met verzameling en verwerken van een deel van de aanslaggegevens de afrekening van de inkomstenbelasting (IB) 2005 en de loonbelasting (LB) 2007 plaats in 2010. Normaliter zouden deze afrekeningen (betalingen van het fonds aan de schatkist) plaats hebben gevonden in 2009. Doordat het CPB ervan uitgaat dat de afrekeningen IB 2006 en LB 2008 wel gewoon in 2010 plaatsvinden, betekent dit een dubbele afrekening in het jaar 2010. Hierdoor vallen de premie-inkomsten in het CEP 3 mld. lager uit dan voorzien bij MEV 2010. Het vermogenstekort is hierdoor fors hoger en dus is een hogere rijksbijdrage nodig. Dit wordt nog gedeeltelijk gecompenseerd door afroming van het in 2009 ontstane vermogensoverschot van 0,7 mld.

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

15.206,0

15.464,6

15.739,9

16.230,3

16.613,6

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

EJM: inzet eindejaarsmarge

– 25,3

0,0

0,0

0,0

0,0

EJM: uitdelen eindejaarsmarge

29,8

0,0

0,0

0,0

0,0

Griep: vaccinleveringen 2010–2011

86,0

5,0

0,0

0,0

0,0

Griep: vertragingen vaccinleveringen 2009

72,4

0,0

0,0

0,0

0,0

Loonbijstelling knelpunt tranche 2010

30,0

30,0

30,0

30,0

30,0

Ruimte artikel 99

– 19,5

– 19,5

– 36,0

– 51,5

– 49,3

Sluitpost 2010: verhoging taakstellende onderuitputting

– 50,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

81,9

28,6

26,9

26,1

24,0

Zorg

     

Bijstelling forfaits Wtcg

– 36,9

– 21,9

– 14,2

– 5,0

– 5,0

Bijstelling raming chronisch zieken Wtcg

53,0

53,0

53,0

53,0

53,0

Diversen

10,3

10,3

10,3

10,3

10,3

 

231,4

85,5

70,0

62,9

63,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

– 54,2

– 36,9

10,5

– 4,3

– 8,7

Zorg

     

Diversen

– 5,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Niet tot een ijklijn behorend

     

Bijstelling BIKK AWBZ

20,4

315,4

304,6

293,6

282,5

Bijstelling Zorgtoeslag

226,1

342,2

368,3

396,3

426,5

 

187,3

620,7

683,4

685,6

700,3

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

418,6

706,2

753,4

748,6

763,3

      

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

15.624,7

16.170,8

16.493,4

16.978,9

17.376,9

Totaal Internationale samenwerking

13,2

8,6

7,1

7,1

6,9

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

15.637,9

16.179,4

16.500,4

16.986,0

17.383,8

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

108,0

92,1

46,5

48,7

41,5

Mee- en tegenvallers

     

Zorg

     

Ontvangstenmeevaller opleidingsfonds

30,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

30,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

7,2

5,0

5,0

5,0

5,0

 

7,2

5,0

5,0

5,0

5,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

– 18,2

– 5,6

25,9

11,6

7,2

 

– 18,2

– 5,6

25,9

11,6

7,2

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

19,0

– 0,6

30,9

16,6

12,2

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

126,9

91,6

77,4

65,3

53,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

126,9

91,6

77,4

65,3

53,7

EJM: inzet eindejaarsmarge + EJM: uitdelen eindejaarsmarge

De totale eindejaarsmarge (EJM) voor VWS (29,8 mln.) wordt bij Voorjaarsnota uitgekeerd. Hiervan wordt 25,3 mln. ingezet voor eindejaarsproblematiek binnen de begroting van VWS.

Griep: vaccinleveringen griep + Griep: vertragingen vaccinleveringen 2009

Een deel van de totale aanschafkosten voor griepvaccins (ten behoeve van de Nieuwe Influenza A) slaan neer in 2010 (86 mln.) en in 2011 (5 mln.). Daarnaast is een deel van de voor 2009 geplande griepvaccinleveringen vertraagd. Circa 72 mln. van de in 2009 beschikbaar gestelde middelen komen daardoor in 2010 tot besteding. Middels een kasschuif zijn deze middelen van begrotingsjaar 2009 doorgeschoven naar begrotingsjaar 2010.

Loonbijstelling knelpunt tranche 2010

Als gevolg van de rijksbrede inhouding van de loonbijstelling tranche 2010 heeft VWS geen loonbijstelling ontvangen. Dit levert binnen de begroting van VWS (Rbg eng) een knelpunt op van maximaal 30 mln. omdat VWS op grond van afspraken in het convenant «overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling» (OVA) gehouden is een vergoeding voor de loonkosten te verstrekken.

Ruimte artikel 99

Deze post betreft gereserveerde ruimte op verdeelartikel 99. De gereserveerde ruimte komt voort uit eerdere herschikkingen binnen de begroting van VWS in begrotingsjaar 2009 en wordt ingezet ter dekking van de uitvoeringsproblematiek binnen de VWS begroting 2010.

Sluitpost 2010: verhoging taakstellende onderuitputting

Deze (sluit)post betreft een taakstelling binnen de begroting van VWS in 2010 ter dekking van de algehele uitvoeringsproblematiek. De taakstelling komt bovenop de eerdere ingeboekte taakstellingen en wordt ingevuld met de optredende onderuitputting als gevolg van de tijdelijke verplichtingenstop op de begroting van VWS.

Diversen – beleidsmatige mutaties – rijksbegroting in enge zin

Naast vele diverse (relatief kleine) mutaties, bestaat de diversenpost uit eindejaarsmarge problematiek (ca. 25 mln.), het invullen van diverse bedrijfsvoeringtaakstellingen (ca. 12 mln.) en een volumebijstelling van de raming «wetten oorlogsgetroffenen» (ca. 5 mln.).

Bijstelling forfaits Wtcg

Vanaf 2010 is 50 mln. structureel beschikbaar om de afbakening van de doelgroep Wtcg (Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten) te verbeteren (voorstellen Commissie Linschoten). Het grootste deel van de verbeteringen gaat per 2010 in. De maatregelen hebben een geleidelijke ingroei, waardoor in eerdere jaren een deel van de 50 mln. niet wordt benut.

Bijstelling raming chronisch zieken Wtcg

Op basis van geactualiseerde berekeningen van Vektis is het aantal mensen dat op grond van zorggebruik in aanmerking komt voor een Wtcg forfait (Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten) hoger dan eerder aangenomen. Met het oog hierop wordt de raming structureel met 53 mln. opgehoogd.

Diversen – beleidsmatige mutaties – zorg

Als gevolg van de rijksbrede inhouding van de loonbijstelling tranche 2010, wordt een knelpunt van 10 mln. binnen het opleidingsfonds (budgettair kader zorg) verwacht in verband met het convenant «overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling» (OVA).

Diversen – technische mutaties – rijksbegroting in enge zin

Deze diversenpost bestaat naast diverse (relatief kleine) mutaties tussen begrotingshoofdstukken en uit overheveling van budget van de begroting van VWS naar het gemeentefonds (ca. 30 mln. in 2010 en 8 mln. in 2011 e.v.) en het budgettair kader zorg (ca. 13 mln. in 2010, 20 mln. in 2011 en 2 mln. in 2012 e.v.)

Diversen – technische mutaties – zorg

Deze diversenpost bestaat uit een mutatie van 5 mln. in verband met de uitbreiding van het aantal opleidingsplaatsen voor huisartsen.

Bijstelling BIKK AWBZ

De rijksbijdrage BIKK (bijdrage in de kosten van kortingen) compenseert de premiederving bij onder andere de AWBZ, die is ontstaan door de grondslagverkleining voor de premieheffing. Deze grondslagverkleining is opgetreden na de invoering van het nieuwe belastingstelsel in 2001. De hoogte van de BIKK is afhankelijk van de mate waarin heffingskortingen leiden tot reductie van de premieontvangsten bij het Algemene Fonds Bijzondere Ziektekosten (AFBZ). Gedurende het begrotingsjaar is op basis van het CEP van het Centraal Planbureau de BIKK voor de AWBZ bijgesteld.

Bijstelling Zorgtoeslag

De zorgtoeslag dient als tegemoetkoming in de kosten van de nominale zorgpremie. Gedurende het begrotingsjaar is de raming voor de zorgtoeslag bijgesteld op basis van het CEP van het Centraal Planbureau.

Ontvangstenmeevaller opleidingsfonds

In 2010 wordt een meevaller van 30 mln. verwacht als gevolg van de definitieve subsidievaststelling van het opleidingsfonds over 2009.

Diversen – beleidsmatige mutaties – rijksbegroting in enge zin

Deze diversenpost bestaat uit ontvangsten als gevolg van de verkoop van overtollige griepvaccins ten behoeve van de Nieuwe Influenza A (ca. 2 mln. in 2010) en een taakstellende onderuitputting binnen de totale ontvangstenraming op de begroting van VWS (5 mln. in 2010 e.v.).

Diversen – technische mutaties – rijksbegroting in enge zin

Deze diversenpost bestaat uit diverse technische mutaties als gevolg van vertraagde besteding van de beschikbaar gestelde FES middelen voor VWS, waaronder de ontwikkeling van het RSV-vaccin en het Top Instituut Pharma.

Jeugd en Gezin

XVII JEUGD EN GEZIN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

6.488,9

6.617,5

6.597,2

6.589,1

6.558,4

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Jeugdbescherming volume

– 5,8

– 8,7

– 17,0

– 17,0

– 22,2

Kindgebonden budget

104,0

141,0

154,0

154,0

154,0

Provinciale jeugdzorg

20,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

5,7

– 9,3

– 9,9

– 10,0

– 10,1

 

123,9

123,0

127,1

127,0

121,7

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

7,6

1,4

– 0,5

0,0

0,0

 

7,6

1,4

– 0,5

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

131,4

124,4

126,6

127,0

121,7

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

6.620,3

6.741,9

6.723,8

6.716,1

6.680,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

63,9

1,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

6.684,2

6.742,9

6.723,8

6.716,1

6.680,1

XVII JEUGD EN GEZIN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

14,9

14,7

15,0

15,0

15,0

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Kindgebonden budget

167,0

161,0

182,0

188,0

191,0

 

167,0

161,0

182,0

188,0

191,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 

0,6

0,0

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

167,6

161,0

182,0

188,0

191,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

182,5

175,7

197,0

203,0

206,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

182,5

175,7

197,0

203,0

206,0

Generale vrijval

De generale vrijval wordt o.a. veroorzaakt door de nieuwe ramingsmethodiek voor het kindgebonden budget. Tijdens voorjaarsbesluitvorming is besloten om het saldo generaal vrij te laten vallen.

Jeugdbescherming volume

De groei van de instroom lijkt in 2009 afgezwakt te zijn. Op basis van de realisaties 2009 zijn voor de nieuwe raming de groeipercentages aangepast. Daarnaast is de raming aangepast voor vertraging van de voorziene versnelling van de doorlooptijden.

Kindgebonden budget

Voor het kindgebonden budget (WKB) is een nieuwe ramingsmethodiek op basis van de huidige ervaringsgegevens (twee jaar) ontwikkeld. Hierbij wordt rekening gehouden met de uitgaven inclusief nabetalingen en terugvorderingen in komende jaren. Uit de ervaringscijfers van de belastingdienst bleek de bevoorschotting aan de hoge kant met terugontvangsten als gevolg. De nieuwe ramingsmethodiek leidt aan de uitgavenkant tot hogere uitgaven en aan de ontvangstenkant tot hogere ontvangsten.

Provinciale Jeugdzorg

Er is in 2009 met het Interprovinciaal overleg (IPO) een nieuw afsprakenkader gemaakt voor 2010 en 2011. Dit heeft geleid tot een eenmalige verhoging.

Saldo specifiek beeld

Het saldo is de som van allerlei onderliggende specifieke mutaties.

Diversen – beleidsmatige mutaties

Het gaat hier om meerdere posten zoals het voorzetten van de pilot campussen tot het einde van het jaar 2010 in afwachting van de uitkomsten van de evaluatie naar de effectiviteit (4 mln.). Een meevaller bij de subsidieregeling Schippersinternaten vanwege dalende kindaantallen (2,3 mln.). Daarnaast is er een meevaller door een daling in de volumegroei bij de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK). Deze krimpende productie leidt tot frictiekosten, voornamelijk vanwege moeilijk beïnvloedbare vaste huisvestingskosten wat heeft geleid tot een tegenvaller (1,2 mln in 2010, structureel 4,7 mln.).

Diversen – technische mutaties

Deze post bestaat uit meerdere posten. De voornaamste is de overheveling van instellingssubsidie van Justitie voor twee jeugdinstellingen (13,9 mln. in 2010). De andere post is een overboeking van J&G naar VWS in verband met projecten vrijwilligerswerk ter uitvoering van de motie Slob (6 mln.).

Kindgebonden budget

Voor het kindgebonden budget (WKB) is een nieuwe ramingsmethodiek op basis van de huidige ervaringsgegevens (twee jaar) ontwikkeld. Hierbij wordt rekening gehouden met de uitgaven inclusief nabetalingen en terugvorderingen in komende jaren. Uit de ervaringscijfers van de Belastingdienst bleek de bevoorschotting aan de hoge kant met terugontvangsten als gevolg. De nieuwe ramingsmethodiek leidt aan de uitgavenkant tot hogere uitgaven en aan de ontvangstenkant tot hogere ontvangsten.

Gemeentefonds

B GEMEENTEFONDS: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

18.046,6

17.701,5

17.610,1

17.624,0

17.601,8

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

13,6

0,0

0,0

0,0

0,0

Zorg

     

Diversen

6,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 

20,2

0,0

0,0

0,0

0,0

Beleidsmatige mutaties

     

Zorg

     

Diversen

4,8

3,8

3,8

3,8

3,8

 

4,8

3,8

3,8

3,8

3,8

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Peuterspeelzaalwerk

35,0

35,0

35,0

35,0

35,0

Spoorse doorsnijdingen

37,3

47,6

11,9

23,6

0,0

Uitvoeringskosten inburgering

60,1

0,0

0,0

0,0

0,0

WMO compensatie pakketmaatregel AWBZ

102,0

102,0

102,0

102,0

102,0

Diversen

169,1

79,0

47,3

58,9

54,4

Zorg

     

WMO compensatie pakketmaatregel AWBZ

– 102,0

– 102,0

– 102,0

– 102,0

– 102,0

Diversen

8,6

8,6

8,6

8,6

8,6

 

310,1

170,2

102,8

126,1

98,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

335,1

173,9

106,6

129,9

101,8

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

18.381,7

17.875,4

17.716,7

17.753,9

17.703,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

40,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

18.421,7

17.875,4

17.716,7

17.753,9

17.703,6

Diversen – rijksbegroting in enge zin en zorg

Bij Voorlopige Rekening is gebleken dat er in 2009 lagere uitbetalingen zijn gedaan dan bij Najaarsnota 2009 werd verwacht. De resterende uitbetalingen worden in 2010 gedaan. Het gemeentefonds wordt daarom omhoog bijgesteld.

Peuterspeelzaalwerk

In het kader van het wetsvoorstel Ontwikkelkansen door Kwaliteit en Educatie (OKE) wordt structureel 35 mln. overgeheveld van de begroting van OCW naar het gemeentefonds. Door deze investering worden peuterspeelzalen in een betere positie gebracht om het karakter van laagdrempelige voorziening te kunnen behouden. De kwaliteit wordt verhoogd door het maximale aantal kinderen per leidster te verlagen en opleidingseisen te verhogen.

Spoorse doorsnijdingen

Het doel van deze middelen is het opheffen of verminderen van de barrièrewerking van het spoor. Deze middelen, afkomstig van de begroting van Verkeer en Waterstaat, zijn erop gericht decentrale overheden te stimuleren om bestaande plannen op korte termijn uit te voeren. 

Uitvoeringskosten inburgering

Als gevolg van de nieuwe bekostigingswijze worden de uitvoeringskosten voor de Wet inburgering van de begroting van Wonen, Wijken en Integratie overgeheveld naar het gemeentefonds.

WMO compensatie pakketmaatregel AWBZ

In de integratie-uitkering WMO resteert een bedrag van 127 mln. voor de AWBZ-pakketmaatregel. Afgesproken is dat dit beschikbaar blijft voor de gevolgen van het AWBZ-pakket, maar binnen het gemeentefonds anders wordt verdeeld. Het gevolg hiervan is dat 102 mln. uit het budgettair kader Zorg wordt overgeheveld naar de Rijksbegroting in enge zin.

Diversen – rijksbegroting in enge zin en zorg

Dit betreft middelen die van departementale begrotingen worden overgeheveld naar het gemeentefonds, voornamelijk naar de decentralisatie-uitkering. Het gaat bijvoorbeeld om middelen voor bodemsanering (25,8 mln.), voortijdig schoolverlaten (21,8 mln.), instapcursussen inburgering (14,2 mln.) en brede scholen (11,2 mln.).

Provinciefonds

C PROVINCIEFONDS: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

1.302,5

997,5

996,2

988,1

988,1

Mee- en tegenvallers

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

– 0,2

0,0

0,0

0,0

0,0

 

– 0,2

0,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Bodemsanering

57,7

57,7

57,7

57,7

57,7

Regiospecifiek Zuiderzeelijn

29,4

0,0

0,0

0,0

0,0

Restauratie rijksmonumenten

19,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

9,2

0,1

0,0

0,0

0,0

 

115,3

57,8

57,7

57,7

57,7

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

115,2

57,8

57,7

57,7

57,7

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

1.417,7

1.055,3

1.053,9

1.045,8

1.045,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

1.417,7

1.055,3

1.053,9

1.045,8

1.045,8

Diversen – mee- en tegenvallers

Bij Voorlopige Rekening 2009 is gebleken dat er in 2009 hogere uitbetalingen zijn gedaan dan bij Najaarsnota 2009 werd verwacht. Het provinciefonds wordt daarom voor 2010 neerwaarts bijgesteld.

Bodemsanering

Een deel van het budget voor bodemsanering zal uitgekeerd worden aan de provincies via een decentralisatie-uitkering Bodemsanering in het provinciefonds. Met deze middelen, afkomstig van de begroting van VROM, kunnen de provincies de afspraken uit het Convenant Bodem nakomen.

Regiospecifiek Zuiderzeelijn

In november 2007 besloot het kabinet af te zien van de aanleg van de Zuiderzeelijn. In plaats daarvan is een alternatief pakket aan investeringen in Noord-Nederland en de Noordoostpolder met een sterke infrastructurele focus samengesteld. Hiervoor ontvangen de provincies Fryslân, Groningen, Drenthe en Flevoland in totaal 29,4 mln. in 2010. Deze middelen worden overgeheveld van de begroting van Verkeer en Waterstaat.

Restauratie rijksmonumenten

Provincies en de minister van OCW hebben afspraken gemaakt over de restauratie van rijksmonumenten. Gezamenlijk investeren beide partijen 38 mln. over de periode 2009, 2010 en 2011. Het doel is het behoud van werkgelegenheid in de bouw met het oog op de economische crisis. Tegelijkertijd wordt een bijdrage geleverd aan de instandhouding van cultureel erfgoed. Hiervoor wordt eenmalig 19 mln. in 2010 aan het provinciefonds toegevoegd, vanaf de begroting van OCW.

Diversen – technische mutaties

Dit betreft voornamelijk middelen voor de invoeringskosten van de Wabo (9 mln.), die worden overgeheveld van de begroting van VROM.

Infrastructuurfonds

A INFRASTRUCTUURFONDS: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

8.311,6

8.491,6

8.238,0

7.695,2

8.336,0

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Toedelen voordelig saldo 2009

477,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

477,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Pakket Zuiderzeelijn

– 42,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Tweede tranche Spoorse Doorsnijdingen

– 37,3

– 47,6

– 11,9

– 23,6

0,0

Diversen

– 6,9

0,4

5,9

51,6

– 0,2

 

– 86,7

– 47,2

– 6,0

28,0

– 0,2

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

390,4

– 47,1

– 6,0

28,0

– 0,2

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

8.701,9

8.444,4

8.232,0

7.723,2

8.335,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

321,0

28,0

0,0

– 105,0

– 75,0

Stand Voorjaarsnota 2010

9.022,9

8.472,4

8.232,0

7.618,2

8.260,8

A INFRASTRUCTUURFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

8.311,6

8.491,6

8.238,0

7.695,2

8.336,0

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Toedelen voordelig saldo 2009

104,8

0,0

0,0

0,0

0,0

 

104,8

0,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Pakket Zuiderzeelijn

– 42,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo van diverse overboekingen

– 40,0

– 47,6

– 11,9

– 23,6

0,0

Diversen

– 4,3

0,4

5,9

51,6

– 0,2

Niet tot een ijklijn behorend

     

Toedelen voordelig saldo 2009

372,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 

285,5

– 47,2

– 6,0

28,0

– 0,2

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

390,4

– 47,1

– 6,0

28,0

– 0,2

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

8.701,9

8.444,4

8.232,0

7.723,2

8.335,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

321,0

28,0

0,0

– 105,0

– 75,0

Stand Voorjaarsnota 2010

9.022,9

8.472,4

8.232,0

7.618,2

8.260,8

Toedelen voordelig saldo 2009

Dit betreft toedeling van het voordelig saldo 2009 naar 2010.

Pakket Zuiderzeelijn

Ingevolge regionale afspraken worden voor het Pakket Zuiderzeelijn middelen uitgekeerd aan het provinciefonds en het gemeentefonds voor de regio’s Groningen, Drenthe, Friesland en Flevoland.

Tweede tranche Spoorse Doorsnijdingen

Door VenW worden voor de jaren 2010 tot en met 2013 en in 2015 middelen naar het gemeentefonds overgeboekt voor de tweede tranche Spoorse Doorsnijdingen van in totaal 141 mln. De middelen worden in mindering gebracht op het hieraan gerelateerde artikel op het Infrafonds.

Saldo van diverse overboekingen

Deze post betreft het saldo van diverse overboekingen van en naar de VenW begroting, waaronder die voor de tweede tranche Spoorse Doorsnijdingen.

Fonds Economische Structuurversterking

D FONDS ECONOMISCHE STRUCTUURVERSTERKING: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

2.491,9

2.684,4

2.069,7

1.845,4

2.271,9

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

BIRK + saneringsregeling

37,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Enveloppe energie: pakket project schoner en zuiniger/innovatie

0,0

– 73,1

0,0

0,0

0,0

Infrastructuur Noordvleugel

54,1

0,0

0,0

0,0

– 37,1

Integrale gebiedsopgaven

80,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Kennis BSIK

43,7

0,0

1,5

0,0

0,0

Kennis, innovatie en onderwijs

– 39,5

– 7,6

0,0

0,0

0,0

Luchtkwaliteit

69,7

0,0

0,0

0,0

0,0

Nota Ruimte (diverse projecten)

130,3

34,7

44,5

– 143,0

– 166,6

Openbaar vervoer: spoorambitie

– 20,5

10,4

41,2

0,0

0,0

Diversen

167,7

61,6

90,2

111,2

28,5

 

523,3

26,0

177,4

– 31,8

– 175,2

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

523,4

25,9

177,5

– 31,8

– 175,1

      

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

3.015,3

2.710,3

2.247,3

1.813,6

2.096,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

828,0

92,9

133,7

161,4

117,4

Stand Voorjaarsnota 2010

3.843,3

2.803,2

2.381,0

1.975,0

2.214,2

D FONDS ECONOMISCHE STRUCTUURVERSTERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

3.138,6

2.800,5

2.183,8

1.958,8

2.344,3

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

Ontvangsten uit aardgasbaten

704,7

2,7

197,1

16,2

– 130,1

 

704,7

2,7

197,1

16,2

– 130,1

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

704,7

2,7

197,1

16,2

– 130,1

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

3.843,3

2.803,2

2.381,0

1.975,0

2.214,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

3.843,3

2.803,2

2.381,0

1.975,0

2.214,2

BIRK + Saneringsregeling

Met het Budget Investeringen Ruimtelijk Kwaliteit (BIRK) draagt het Rijk financieel bij aan ruimtelijke investeringsprojecten die passen binnen het nationaal ruimtelijk beleid. Van een aantal investeringsprojecten zijn dekasprognoses bijgesteld. Het betreft middelen die zijn doorgeschoven uit 2009.

Enveloppe energie: pakket project schoner en zuiniger/innovatie

Het betreft de meerjarige overboeking van middelen van artikel 15 (Projecten in voorbereiding) naar de desbetreffende uitgavenartikelen. Het gaat om projecten in het kader van de Innovatieagenda energie.

Infrastructuur Noordvleugel

Het betreft het doorschuiven van middelen uit 2009 naar 2010.

Integrale gebiedsopgaven

De mutatie heeft betrekking op het doorschuiven van middelen voor projecten in voorbereiding waarover niet besloten is in 2009 vanwege nog niet afgeronde kosten-batenanalyses. De uitkomst van deze analyses weegt mee in de besluitvorming over de toekenning van FES-middelen aan de departementale begrotingen.

Kennis BSIK

Het Besluit Subsidies Investeringen Kennisinfrastructuur (BSIK) is een breed opgezet, nationaal stimuleringsprogramma voor onderzoek. De mutatie betreft het doorschuiven van middelen voor diverse projecten van 2009 naar 2010.

Kennis, innovatie en onderwijs

Het betreft het opvragen van middelen uit artikel 15. Deze middelen zijn beschikbaar gesteld voor grootschalige researchprojecten en innovatieve oplossingen voor toekomstige lerarentekorten.

Luchtkwaliteit

Het betreft het doorschuiven van middelen uit 2009 naar 2010 in verband met kasvertragingen.

Nota Ruimte (diverse projecten)

De mutatie is het gevolg van een meerjarige overboeking van middelen van artikel 15 (Projecten in voorbereiding) naar artikel 14 (Ruimtelijke Ordening), waarbij tevens het kasritme is aangepast. Het betreft de Nota Ruimte projecten IJsseldelta Kampen, Hart van Zuid Gemeente Hengelo, Almere Weerwaterzone en Stadshavens Rotterdam van het Ministerie van VROM, de Nota Ruimte projecten Brainport Eindhoven, Groningen centrale zone, Eindhoven A2 zone en Apeldoorn kanaalzone van het Ministerie van EZ en de Nota Ruimte projecten Westflank Haarlemmermeer en Mooi en vitaal Delfland van het Ministerie van LNV.

Openbaar vervoer: spoorambitie

De middelen zijn in 2009 gereserveerd voor het Programma Hoogfrequent Spoor (PHS). Dit programma beoogt de frequentie van treinen op de drukste trajecten in de Randstad te verhogen. PHS bevindt zich momenteel in de planstudiefase. Deze uitgaven schuiven door naar 2011 en 2012.

Diversen

Deze post is een saldo van een groot aantal mutaties kleiner dan 30 mln. Het betreft voornamelijk de doorwerking van de bij Najaarsnota 2009 en Slotwet 2009 vermelde onderuitputting van het FES.

Ontvangsten uit aardgasbaten

Conform de FES-Begrotingswet 2010 is sprake van een vaste FES-voeding uit gasbaten, die niet meer fluctueert als gevolg van mutaties in de gasbaten. De mutatie betreft de aanpassing van de raming die nodig is om de voorziene FES-uitgaven te dekken.

AOW-spaarfonds

E AOW-SPAARFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

5.087,8

5.404,8

5.734,4

6.077,2

6.433,7

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

Diversen

– 0,9

– 1,0

– 1,0

– 1,0

– 1,1

 

– 0,9

– 1,0

– 1,0

– 1,0

– 1,1

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 0,9

– 1,0

– 1,0

– 1,0

– 1,1

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

5.086,9

5.403,8

5.733,4

6.076,2

6.432,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

5.086,9

5.403,8

5.733,4

6.076,2

6.432,7

Diergezondheidsfonds

F DIERGEZONDHEIDSFONDS: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

8,7

8,7

8,7

8,7

8,7

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

Q-koorts

47,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

8,2

0,0

0,0

0,0

0,0

 

55,2

0,0

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

55,2

0,0

0,0

0,0

0,0

      

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

63,9

8,7

8,7

8,7

8,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

63,9

8,7

8,7

8,7

8,7

F DIERGEZONDHEIDSFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

8,7

8,7

8,7

8,7

8,7

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

Q-koorts

47,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

47,0

0,0

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

47,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

55,7

8,7

8,7

8,7

8,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

55,7

8,7

8,7

8,7

8,7

Q-koorts

Om verdergaande verspreiding van de Q-koorts tegen te gaan worden besmette drachtige melkschapen en melkgeiten geruimd. Hiertoe stort LNV 36 mln. in het DGF voor de ruimings- en uitvoeringskosten en 5 mln. voor een vergoeding aan besmette bedrijven voor inkomensverliezen als gevolg van moeilijkheden bij het herbevolken van het bedrijf. Daarnaast wordt 6 mln. gestort voor de vaccinatiekosten.

Diversen

Het positief eindsaldo 2009 van het Diergezondheidsfonds (DGF) wordt in 2010 aan de DGF-begroting toegevoegd.

BTW-compensatiefonds

G BTW-COMPENSATIEFONDS: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

2.670,4

2.737,2

2.787,7

2.789,4

2.789,4

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

Bestuurskosten

– 21,5

– 32,1

– 32,1

– 32,1

– 32,1

 

– 21,5

– 32,1

– 32,1

– 32,1

– 32,1

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 21,5

– 32,1

– 32,1

– 32,1

– 32,1

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

2.648,9

2.705,1

2.755,5

2.757,2

2.757,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

2.648,9

2.705,1

2.755,5

2.757,2

2.757,2

Bestuurskosten

Afboeking houdt verband met de bestuurlijke afspraak uit 2008 over het terugdraaien van de taakstelling bestuurskosten voor gemeenten en provincies. De taakstelling bestuurskosten is voor een deel teruggedraaid en is voor een deel gekort op het gemeentefonds.

Waddenfonds

H WADDENFONDS: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

40,5

80,5

40,5

33,9

33,9

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

Diversen

– 29,4

0,0

0,0

7,9

9,8

 

– 29,4

0,0

0,0

7,9

9,8

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 29,4

0,0

0,0

7,9

9,8

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

11,1

80,5

40,5

41,8

43,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

11,1

80,5

40,5

41,8

43,7

Diversen

Om de interne problematiek VROM te dekken in 2010 en 2011, is gebruik gemaakt van een kasschuif met het Waddenfonds. In 2010 wordt de toekenning van middelen aan het Waddenfonds verlaagd. Het Waddenfonds wordt hiervoor in de periode 2013–2015 gecompenseerd. Deze kasschuif komt overeen met de liquiditeitsbehoefte van het Waddenfonds.

Homogene Groep Internationale Samenwerking

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010

5.728,1

6.196,0

5.943,3

5.969,1

6.062,8

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Apparaatsuitgaven

22,0

12,1

11,9

20,0

23,1

Armoedevermindering

– 16,6

82,1

– 84,1

– 27,0

32,0

Asielzoekers

– 15,2

– 158,2

– 155,3

– 154,7

– 154,7

Bescherming ambassades (naar Defensie)

– 16,1

0,0

0,0

0,0

0,0

BNP aanpassing

54,3

168,3

272,3

383,3

500,5

Eindejaarsmarge HGIS

79,4

0,0

0,0

0,0

0,0

HIV/Aids

– 4,5

17,1

4,6

– 4,1

– 4,1

Humanitaire hulpverlening

22,5

– 1,5

– 1,5

– 1,5

– 1,5

Milieu en water

– 0,3

– 99,1

51,9

37,8

– 3,2

Ondernemingsklimaat ontwikkelingslanden

– 31,5

– 4,2

6,3

7,8

7,8

Reproductieve gezondheid

– 15,2

– 10,5

– 9,1

– 13,0

– 13,0

Schuldkwijtschelding

– 47,0

105,0

0,0

0,0

0,0

Technische aanpassing ODA-toerekening asiel

– 253,3

– 114,8

– 117,7

– 118,3

– 118,3

Uitdeling eindejaarsmarge non-ODA naar departementen

– 81,6

– 27,6

– 13,2

0,0

0,0

Voorziening crisisbeheersingsoperaties

44,4

– 8,3

0,0

0,0

0,0

Diversen

52,4

44,9

33,5

– 15,2

– 32,4

 

– 206,3

5,3

– 0,4

115,1

236,2

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,4

0,0

0,0

0,0

0,0

 

0,4

0,0

0,0

0,0

0,0

      
      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 205,9

5,4

– 0,3

115,0

236,2

Stand Voorjaarsnota 2010

5.522,2

6.201,4

5.943,0

6.084,2

6.298,9

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010

133,3

132,7

131,7

121,2

117,1

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diverse ontvangsten

15,0

7,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

0,6

0,7

0,7

4,7

8,6

 

15,6

7,7

0,7

4,7

8,6

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diversen

0,4

0,0

0,0

0,0

0,0

 

0,4

0,0

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

16,0

7,7

0,7

4,7

8,6

Stand Voorjaarsnota 2010

149,3

140,3

132,4

125,9

125,7

De Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS) is een aparte budgettaire constructie waarin de uitgaven aan Internationale Samenwerking van de verschillende departementen worden gebundeld. Het uitgavenniveau van de HGIS wordt aangepast voor macro-economische ontwikkelingen. Het ODA-deel van het HGIS budget is gekoppeld aan het bruto nationaal product (BNP) en wordt gecorrigeerd voor veranderingen van het BNP. Het non-ODA deel van de HGIS kent een vaste omvang die wordt gecorrigeerd voor prijsveranderingen. Het merendeel van de HGIS-uitgaven wordt via de begroting van Buitenlandse Zaken verantwoord.

Apparaatsuitgaven

Er dient een aantal noodzakelijke veiligheidsinvesteringen op hoog-risico ambassades te worden gefinancierd (11 mln.). Ook is sprake van diverse ICT kostenstijgingen.

Armoedevermindering

In overleg met betrokken organisaties is het betalingsritme voor multilaterale schuldverlichtingsinitiatieven gewijzigd. Verder is de structurele bijdrage aan IFAD (International Fund for Agricultural Development)verhoogd.

Asielzoekers

De kosten van eerstejaarsopvang van asielzoekers uit ontwikkelingslanden worden volgens internationale afspraken toegerekend aan ODA. Door een hogere verwachte asielinstroom in 2010 valt de raming van de kosten van eerstejaars asielopvang die in 2010 aan ODA worden toegerekend, hoger uit. In verband met een meerjarige aanpassing van de asielramingen (zie begroting Justitie), wordt ook een mutatie doorgevoerd ten aanzien van de reeds geboekte bedragen in het kader van de ODA-toerekening in de jaren 2011–2015. De definitieve afrekening blijft op jaarbasis plaatsvinden en kan dan gecorrigeerd worden voor de daadwerkelijk gerealiseerde instroom.

Bescherming ambassades (naar Defensie)

Overheveling van budget naar Defensie in verband met de inbesteding van de persoonsbeveiliging op ambassades in hoog-risico landen aan de Koninklijke Marechaussee.

BNP Aanpassing

Als gevolg van macro-economische ontwikkelingen is de omvang van de HGIS bijgesteld.

Eindejaarsmarge HGIS

De onderuitputting in 2009 is via de eindejaarsmarge doorgeschoven naar 2010.

HIV/Aids

De neerwaartse mutatie in 2010 is een saldo dat bestaat uit verlagingen op de decentrale programma’s (ca. 4 mln.) en enkele centrale bijdragen (3 mln.), en anderzijds een verhoging van de uitgave aan UN Population Fund (UNFPA) (3 mln.). In 2011 en 2012 worden de uitgaven aan de decentrale programma’s op het gebied van HIV/AIDS verhoogd.

Humanitaire hulpverlening

De mutatie wordt met name veroorzaakt door een aanpassing van het budget als gevolg van met de aardbeving in Haïti (12 mln. in 2010).

Milieu en Water

De verlaging in 2011 is het gevolg van het verschuiven van middelen voor hernieuwbare energie naar 2012 en 2013. Hiermee wordt met het oog op vertragingen een realistischer raming aangehouden.

Ondernemingsklimaat ontwikkelingslanden

De verlaging in 2010 is hoofdzakelijk het gevolg van een neerwaartse bijstelling van het budget voor ORET wegens verwachte onderuitputting (ruim 30 mln.). Daarnaast is sprake van een verlaging op de bijdrage aan het IFC in 2010 (circa 9 mln.) als gevolg van verschuiving van budget naar 2012 en 2013. Daartegenover staan verhogingen ten behoeve van onder meer het FMO/Infrastructure Development Fund en lopende Schoklandactiviteiten. De bijdrage aan het Initiatief Duurzame Handel wordt vanaf 2011 structureel verhoogd.

Reproductieve gezondheid

De uitgaven aan de landenprogramma’s op het gebied van (reproductieve) gezondheid zijn meerjarig verlaagd. Daarnaast worden in 2010 en in 2011 de uitgaven voor het centrale algemene gezondheidszorg programma verlaagd.

Schuldkwijtschelding

Op basis van de laatste inzichten is de raming voor schuldkwijtschelding in 2010 verhoogd met 47 mln. in 2010 en in 2011 verlaagd met 105 mln. Omdat schuldkwijtschelding meetelt voor de ODA-prestatie van 0,8% BNP, wordt het budget voor ontwikkelingssamenwerking aangepast.

Technische aanpassing ODA-toerekening asiel

Conform de geldende OESO/DAC-criteria voor Official Development Assistance (ODA) worden de kosten voor eerstejaarsopvang van asielzoekers in Nederland toegerekend aan het ODA-budget. De mutatie wordt veroorzaakt doordat met ingang van het begrotingsjaar 2010 de ODA-uitgaven aan eerstejaarsopvang asielzoekers niet langer verantwoord worden op de begroting van Buitenlandse Zaken. De belasting ten laste van de ODA-begroting van de kosten van de eerstejaarsopvang van asielzoekers uit DAC-landen blijft bestaan; echter deze wordt begrotingstechnisch een toerekening in plaats van een uitgavenpost op de begroting van Buitenlandse Zaken. Het ODA-deel van de asieluitgaven wordt toegerekend aan het ODA-budget en wordt verantwoord in de HGIS-nota en het HGIS jaarverslag. Deze wordt jaarlijks tegelijk met de departementale begrotingen en jaarverslagen aangeboden aan de Tweede Kamer.

Uitdeling eindejaarsmarge non-ODA naar departementen

Er wordt vanuit de HGIS verspreid over meerdere jaren eindejaarsmarge uitgedeeld aan de departementen. Dit gaat onder meer naar Defensie (36 mln. t.b.v. crisisbeheersing), VROM (17 mln. voor Clean Development Mechanism), EZ (23 mln., met name voor buitenlands economische betrekkingen) en Buitenlandse Zaken (38 mln.).

Voorziening crisisbeheersingsoperaties

De voorziening crisisbeheersingsoperaties is in 2010 verhoogd ten behoeve van de redeployment uit Afghanistan. Dit gebeurt deels door budget uit de voorziening van 2011 naar 2010 te schuiven.

Diverse ontvangsten

Er worden meerontvangsten geraamd van 15 mln. in 2010 en 7 mln. in 2011 in verband met inkomsten uit de verkoop van onroerend goed.

Prijsbijstelling/indexering Wet Studiefinanciering

PRIJSBIJSTELLING/INDEXERING WSF: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010

522,1

934

1.418,90

1.946,20

2.487,30

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Uitkering tranche 2010

– 296,1

– 0,7

– 0,7

– 0,7

– 0,6

Diversen

– 8,3

0

0

0

0

Sociale zekerheid

     

Uitkering tranche 2010

– 3,9

0

0

0

0

Zorg

     

Uitkering tranche 2010

– 10,2

0

0

0

0

 

– 317,8

0

0

0

0

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Nominale ontwikkeling

– 162,9

– 154,8

– 226,9

– 294,8

– 353,7

Sociale zekerheid

     

Nominale ontwikkeling

– 17,1

– 35,9

– 50,9

– 67,6

– 84,6

Zorg

     

Nominale ontwikkeling

1,3

12

21,3

33,3

46,6

Niet tot een ijklijn behorend

     

Nominale ontwikkeling

8,5

10,8

12,9

32,3

54,8

Vrijval tranche 2010

– 33,1

0

0

0

0

Diversen

– 0,3

0

0

0

0

 

– 204,3

– 168,6

– 244,3

– 297,5

– 337,5

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 522,1

– 168,6

– 244,3

– 297,5

– 337,6

Stand Voorjaarsnota 2010

0

765,5

1.174,60

1.648,70

2.149,70

Uitkering tranche 2010 + Diversen

De prijsbijstelling tranche 2010 wordt ingezet ter dekking van problematiek.

Nominale ontwikkeling

Als gevolg van nieuwe macro-economische inzichten op basis van ramingen van het Centraal Planbureau met betrekking tot de prijsontwikkeling is de uitgavenraming voor de prijsbijstelling bijgesteld.

Vrijval tranche 2010

Ook van de prijsbijstelling voor de niet-relevante uitgaven aan de studiefinanciering wordt tranche 2010 ingezet ter dekking van problematiek.

Arbeidsvoorwaarden

ARBEIDSVOORWAARDEN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

822,6

1.769,8

2.770,4

3.792,5

4.826,9

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Vrijval loonbijstelling 2010

– 552,9

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

– 0,8

– 0,8

– 0,7

– 0,7

– 0,7

Sociale zekerheid

     

Vrijval loonbijstelling 2010

– 57,7

0,0

0,0

0,0

0,0

Zorg

     

Vrijval loonbijstelling 2010

– 10,4

0,0

0,0

0,0

0,0

 

– 621,8

– 0,8

– 0,7

– 0,7

– 0,7

Technische mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Nominale ontwikkeling

– 165,0

54,2

67,2

54,5

51,4

Sociale zekerheid

     

Nominale ontwikkeling

– 25,3

– 20,1

– 38,2

– 53,6

– 74,8

Zorg

     

Nominale ontwikkeling

– 9,6

– 12,6

– 19,3

– 26,5

– 33,1

Niet tot een ijklijn behorend

     

Diversen

– 1,0

0,2

0,4

0,3

0,3

 

– 200,9

21,7

10,1

– 25,3

– 56,2

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 822,6

21,0

9,4

– 26,1

– 57,0

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

0,0

1.790,8

2.779,8

3.766,4

4.769,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

0,0

1.790,8

2.779,8

3.766,4

4.769,9

Vrijval loonbijstelling 2010

De loonbijstelling 2010 wordt ingezet ter dekking van problematiek.

Nominale ontwikkeling

Als gevolg van nieuwe inzichten op basis van ramingen van het Centraal Planbureau in de ontwikkeling van de lonen en de sociale werkgeverslasten is de uitgavenraming voor de loonbijstelling bijgesteld.

Koppeling uitkeringen

KOPPELING UITKERINGEN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

128,1

248,6

395,7

537,3

681,7

Mee- en tegenvallers

     

Sociale zekerheid

     

Diversen

– 0,3

0,5

– 0,8

– 1,9

– 4,6

 

– 0,3

0,5

– 0,8

– 1,9

– 4,6

Technische mutaties

     

Sociale zekerheid

     

Nominale ontwikkeling

– 17,7

– 33,6

– 32,4

– 36,3

– 40,0

 

– 17,7

– 33,6

– 32,4

– 36,3

– 40,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 18,0

– 33,1

– 33,2

– 38,2

– 44,6

      

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

110,1

215,6

362,6

499,0

637,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

     

Stand Voorjaarsnota 2010

110,1

215,6

362,6

499,0

637,1

Nominale ontwikkeling

Ten opzichte van de Miljoenennota wordt de loon- en prijsontwikkeling nu lager geraamd door het CPB. Deze ontwikkeling volgt uit de macrobijstellingen.

Aanvullende Post Algemeen

ALGEMEEN: UITGAVEN (bedragen in miljoenen euro’s)

 

2010

2011

2012

2013

2014

Stand Miljoenennota 2010 (excl. IS & Stim. Pakket)

453,4

744,2

929,8

976,8

970,0

Beleidsmatige mutaties

     

Rijksbegroting in enge zin

     

Diverse vrijval

– 23,3

– 16,6

– 41,3

– 31,0

– 31,0

Doorschuif enveloppenmiddelen

– 89,3

78,8

– 0,2

0,0

0,0

Ramingstechnische veronderstelling in=uit

– 291,4

0,0

0,0

0,0

0,0

Schuldsanering Antillen

– 144,9

0,0

0,0

0,0

0,0

Sociaal Flankerend Beleid

– 28,6

– 19,1

0,0

0,0

0,0

Vernieuwing Rijksdienst

– 37,8

– 31,2

0,0

0,0

0,0

Diversen

– 12,6

12,6

1,1

0,0

0,0

Sociale zekerheid

     

Ramingstechnische veronderstelling in=uit

– 54,2

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

– 6,9

0,0

0,0

0,0

0,0

Zorg

     

Inzet restant weglekpot AWBZ

– 4,0

– 98,4

– 99,4

– 97,4

– 98,4

 

– 693,0

– 73,9

– 139,8

– 128,4

– 129,4

Technische mutaties

     

Niet tot een ijklijn behorend

     

Ramingstechnische veronderstelling in=uit

– 550,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

– 550,0

0,0

0,0

0,0

0,0

      

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2010

– 1.243,0

– 73,9

– 139,9

– 128,4

– 129,4

Stand Voorjaarsnota 2010 (subtotaal)

– 789,7

670,4

790,0

848,3

840,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Stimuleringspakket

9,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2010

– 780,7

670,4

790,0

848,3

840,6

Diverse vrijval

Op de Aanvullende Post Algemeen worden middelen per definitie tijdelijk «geparkeerd». Het gaat hierbij om middelen waarvan op het moment van reserveren nog niet kan worden aangegeven op welke begroting(en) zij uiteindelijk worden verantwoord, of waarvan de exacte omvang nog niet bekend is. Op de aanvullende post vallen nu bij Voorjaarsnota diverse reserveringen vrij.

Doorschuif enveloppenmiddelen

De tranche 2010 van de Coalitieakkoord enveloppen (pijlermiddelen) die nog op de Aanvullende Post staan gereserveerd, wordt met één jaar vertraging uitgekeerd.

Ramingstechnische veronderstelling in=uit

Bij Voorjaarsnota wordt de eindejaarsmarge uitgekeerd aan de departementale begrotingen. Als tegenhanger hiervan wordt de ramingstechnische veronderstelling in=uit op de Aanvullende Post verwerkt. Hierbij wordt er vanuit gegaan dat de onderuitputting die zich in 2009 heeft voorgedaan ook in 2010 zal optreden.

Schuldsanering Antillen

Op basis van nieuw beschikbare gegevens is een nadere duiding gemaakt van de kosten van de schuldsanering van de Nederlandse Antillen. Het kasritme van de resterende reservering op de aanvullende post is dienovereenkomstig aangepast en daarnaast is 322 mln. naar de begroting van Koninkrijksrelaties overgeheveld.

Sociaal Flankerend Beleid

Voor de vernieuwing van de Rijksdienst zijn in het Coalitieakkoord voor de periode 2007–2011 middelen ten behoeve van Sociaal Flankerend Beleid gereserveerd. Deze middelen zijn nu overgeheveld naar de departementale begrotingen.

Vernieuwing Rijksdienst

Voor de vernieuwing van de Rijksdienst zijn in het Coalitieakkoord voor de periode 2007–2011 investeringsmiddelen gereserveerd. Deze incidentele middelen zijn bedoeld voor de benodigde investeringen (bijvoorbeeld in ICT) die bijdragen aan het realiseren van de taakstelling. Deze investeringsmiddelen zijn nu overgeheveld naar de departementale begrotingen.

Inzet restant weglekpot AWBZ

In het kader van de pakketmaatregel begeleiding waren middelen gereserveerd (op de Aanvullende Post) om de gevolgen van de maatregelen op andere terreinen te beperken. Het restant van deze middelen wordt nu ingezet als (gedeeltelijke) dekking van de problematiek in de AWBZ.