Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2010
  • Download PDF

Najaarsnota 2010

32565 1 Brief van de minister van financiën

Vergaderjaar 2010-2011

Nr. 1

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 30 november 2010

1. Inleiding

Deze Najaarsnota behandelt de ontwikkeling van de inkomsten en uitgaven in het begrotingsjaar 2010. Gelijktijdig met de Najaarsnota worden de hiermee samenhangende suppletoire begrotingswetten aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden.

De Najaarsnota geeft een geactualiseerd beeld van de begrotingsuitvoering van het lopende begrotingsjaar, het jaar 2010. De stand Miljoenennota 2011 is daarom het uitgangspunt en het toen vigerende uitgavenkader. Voor het begrotingsjaar 2010 wordt het uitgavenkader nog gecorrigeerd voor uitgaven aan werkloosheid. In de onlangs verschenen Startnota wordt inzicht gegeven in de manier waarop de financiële maatregelen uit het regeerakkoord worden verwerkt in de Rijksbegroting. In de Startnota zijn het inkomstenkader en uitgavenkader voor de jaren 2011 tot en met 2015 vastgesteld.

Het totale uitgavenkader wordt in 2010 gehandhaafd. Het EMU-saldo 2010 komt naar huidige inzichten uit op een tekort van 5,8 procent bbp. Het EMU-saldo is per saldo ongewijzigd ten opzichte van de raming tijdens Miljoenennota 2011. De EMU-schuld bedraagt 64 procent bbp voor 2010.

De garantieverplichtingen van de Staat zijn afgenomen met circa 31 miljard euro. Op verzoek van ABN Amro is een garantie van de Staat op een deel van hun hypothekenportefeuille beëindigd (zie Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 31 789, nr. 40).

Deze nota gaat achtereenvolgens in op de ontwikkeling van de uitgaven (paragraaf 2), de ontwikkeling van de inkomsten (paragraaf 3), de gevolgen voor het EMU-saldo en de EMU-schuld (paragraaf 4) en de ontwikkeling van de interventies in de financiële markten (paragraaf 5).

2. Het uitgavenbeeld

Het totale uitgavenkader laat een onderschrijding zien van 0,3 miljard euro; zie tabel 2.1.

Tabel 2.1 Uitgaventoetsing totale kader (in mld; min is onderschrijding)
 
20101

Totaalkader MN 2011

0,0

Totaalkader NJN 2010

– 0,3

   

Rijksbegroting in enge zin MN 2011

– 1,3

Rijksbegroting in enge zin mutatie NJN 2010

– 0,1

Rijksbegroting in enge zin NJN 2010

– 1,4

   

Sociale Zekerheid MN 2011

0,2

Sociale Zekerheid NJN 2010

0,2

   

Zorg MN 2011

1,1

Zorg mutatie NJN 2010

– 0,2

Zorg NJN 2010

0,9

Noot 1: Vanwege afronding kan de som der delen afwijken van het totaal.

Het kader Rijksbegroting in enge zin heeft betrekking op alle uitgaven en niet-belastingontvangsten van de rijksbegroting, die niet tot de inkomstenkant van de begroting en de andere twee budgetdisciplinesectoren gerekend worden. Het kader Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt heeft betrekking op het totaal van de uitgaven in die sector. Het betreft zowel de uitgaven die via de rijksbegroting worden gefinancierd, als de uitgaven die door premies worden gefinancierd. Tot slot vallen de collectieve zorguitgaven onder het Budgettair Kader Zorg.

Ten opzichte van de Miljoenennota 2011 zijn de uitgaven onder de verschillende deelkaders veranderd: de kadertoetsing Rijksbegroting in enge zin (RBG-eng) en Zorg laten een verbetering zien, de kadertoetsing Sociale Zekerheid is per saldo onveranderd. Het kader RBG-eng heeft op dit moment een onderschrijding van 1,4 miljard euro, terwijl de kaders SZA en Zorg een overschrijding laten zien van respectievelijk 0,2 en 0,9 miljard euro. Onderstaand wordt per budgetdisciplinesector een overzicht gegeven van de mutaties sinds de Miljoenennota 2011.

Rijksbegroting in enge zin

Tabel 2.2 geeft de uitgavenontwikkeling onder het kader RBG-eng weer sinds Miljoenennota 2011. Per saldo laat de kadertoetsing RBG-eng een verbetering zien van 0,1 miljard euro.

Tabel 2.2 Kadertoetsing RBG-eng (in mld; min is onderschrijding)
 
20101

Miljoenennota 2011

– 1,3

Onderuitputting diverse begrotingen

– 0,5

In=uittaakstelling

0,3

EU-afdrachten

– 0,3

Heffings- en invorderingsrente

– 0,1

Dividend staatsdeelnemingen

– 0,1

Vertraging terug te vorderen inburgeringmiddelen 2005–2009

0,1

OV-jaarkaart

0,1

Basispakket beheer en onderhoud hoofdwegennet

0,2

Najaarsnota 2010

– 1,4

Schuldsanering Nederlandse Antillen

(– 0,5)

Noot 1: Vanwege afronding kan de som der delen afwijken van het totaal.

Op diverse begrotingen vindt onderuitputting plaats. De Verticale Toelichting (VT) in bijlage 5 geeft een overzicht van en een toelichting op deze onderuitputting. De onderuitputting wordt ingezet voor het invullen van de in=uittaakstelling.

De achtergrond van deze taakstelling is dat departementen via hun eindejaarsmarge maximaal 1 procent van hun gecorrigeerde begrotingstotaal mogen meenemen naar volgend jaar. De eindejaarsmarge over jaar t wordt bij Voorjaarsnota jaar t+1 toegevoegd aan de begrotingen. Toevoegen van deze middelen betekent een belasting van het uitgavenkader en het EMU-saldo. De ervaring leert dat ieder jaar onderuitputting optreedt, dus kan in het uitgavenkader een even grote taakstelling geboekt worden op de aanvullende post. Deze zogenoemde in=uittaakstelling wordt bij Najaarsnota (deels) ingevuld met de reeds zichtbare onderuitputting op de diverse begrotingen.

De meevaller bij de EU-afdrachten van 0,3 miljard euro wordt met name veroorzaakt door een neerwaartse correctie van de BTW- en BNI-afdrachten over eerdere jaren. Daarnaast leiden hogere overige ontvangsten van de EU-begroting (zoals boetes) en een neerwaarts bijgestelde omvang van de begroting ook tot lagere afdrachten.

De uitgaven heffings- en invorderingsrente vallen 0,2 miljard euro mee. Deels is dit het gevolg van lagere uitgaven door een lage rente. Tevens is het aantal aanslagopleggingen, met name bij de vennootschapsbelasting, dit jaar lager dan andere jaren. Tegenover de meevaller aan de uitgavenkant staat een tegenvaller van 0,1 miljard euro aan de inkomstenkant; dit is ook een gevolg van het lagere wettelijke percentage. Per saldo resulteert een meevaller van 0,1 miljard euro.

De opbrengst van dividend valt mee, voornamelijk vanwege het hoger dan verwachte dividend dat van Gasunie is ontvangen.

Terugvordering van inburgeringsmiddelen waarvoor geen prestatie is geleverd door gemeenten was begroot in 2010, maar door vertraging in de verantwoordingsprocedure worden de middelen (0,1 miljard euro) pas in 2011 ontvangen.

Om het kasritme van de Staat te optimaliseren, wordt in 2010 al voldaan aan een deel van de verplichtingen (0,1 miljard euro) aan de vervoersbedrijven voor de OV-studentenkaart 2011. In dit kader wordt ook een uitgave (0,2 miljard euro) ten behoeve van het basispakket Beheer en Onderhoud Hoofdwegennet die voorzien was voor 2011, al in 2010 voldaan.

De middelen voor de schuldsanering van de Nederlandse Antillen die waren gereserveerd op de aanvullende post zijn vrijgevallen. Hiervoor is het kader gecorrigeerd. Zie bijlage 4 voor een toelichting.

Sociale zekerheid

Tabel 2.3 geeft de uitgavenontwikkeling onder het SZA-kader weer sinds Miljoenennota 2011. Per saldo laat het SZA-kader geen verandering zien.

Tabel 2.3 Kadertoetsing SZA (in mld; min is onderschrijding)
 

2010

Miljoenennota 2011

0,2

Najaarsnota 2010

0,2

Werkloosheidsuitgaven

(0,1)

De kadertoetsing SZA is ongewijzigd ten opzichte van de stand Miljoenennota 2011. Op basis van uitvoeringsinformatie blijkt dat de werkloosheidsuitgaven tegenvallen. In 2010 wordt voor deze uitgaven het kader gecorrigeerd.

Zorg

Tabel 2.4 geeft de uitgavenontwikkeling onder het kader Zorg weer sinds Miljoenennota 2011. Per saldo laat de kadertoetsing Zorg een verbetering zien van 0,2 miljard euro, waarmee de totale overschrijding van het zorgkader op dit moment 0,9 miljard euro bedraagt.

Tabel 2.4 Kadertoetsing Zorg (in mld; min is onderschrijding)
 
20101

Miljoenennota 2011

1,1

Oktober actualisering 2010

– 0,2

Najaarsnota 2010

0,9

Noot 1: Vanwege afronding kan de som der delen afwijken van het totaal.

De overschrijding van het Budgettair Kader Zorg (BKZ) is lager dan ten tijde van de Miljoenennota 2011. Dit komt door nieuwe actualiseringscijfers 2009 (met een hogere nauwkeurigheid en «dekkingsgraad») van de NZa en het CVZ. Op basis van deze cijfers en correcties op de berekeningssystematiek worden de uitgaven 2009 aan de ziekenhuissector, die in het voorjaar hebben geleid tot een forse tegenvaller, nu ongeveer 0,2 miljard euro lager geraamd. Voor 2010 was eveneens uitgegaan van deze tegenvaller, die nu 0,2 miljard lager uitvalt. Per 2010 is dit gedeeltelijk het gevolg van de genomen maatregelen bij de medisch specialisten voor 2010 en volgende jaren. Het besluit van het kabinet om de tarieven voor specialisten naar beneden bij te stellen heeft ook gevolgen voor specialisten in loondienst en leidt dus in bepaalde ziekenhuizen tot lagere uitgaven per 2010. Naast de geraamde uitgaven aan ziekenhuizen zijn op basis van de nieuwe cijfers ook de geraamde uitgaven aan medisch specialisten naar beneden bijgesteld. Tegenover deze posten staan hoger geraamde uitgaven aan de WTCG. Al deze mutaties worden verder toegelicht in de bijlage bij de tweede suppletoire begroting van het ministerie van VWS.

Uitgaven niet relevant voor het kader

Niet relevante uitgaven vallen niet onder een van de drie hierboven toegelichte deelkaders. Onderstaande toelichtingen betreffen mutaties in niet relevante uitgaven.

Voor een aantal projecten dat gefinancierd wordt via het FES is de kasprognose bijgesteld. In totaal gaat het om circa 1,0 miljard euro. Deze onderuitputting wordt ingezet voor het invullen van de in=uittaakstelling op de niet-kaderrelevante middelen.

Met de nieuwe staatkundige verhoudingen voor de Nederlandse Antillen per 10 oktober 2010 vindt ook de afwikkeling van de schuldsanering plaats. Zie bijlage 4 voor een toelichting.

Bij de invoering van de Zorgverzekeringswet (Zvw) op 1 januari 2006 is tevens de Invoerings- en aanpassingswet Zorgverzekeringswetvan kracht geworden. Deze wet bepaalt dat de Ziekenfondswet (Zfw) wordt ingetrokken en dat het saldo van de Algemene Kas Ziekenfondswet naar de situatie op 1 januari 2010 ten bate of ten laste van ’s Rijks schatkist komt. Het saldo per 1 januari 2010 is uitgekomen op een bedrag van 5,8 miljard negatief. Dit bedrag wordt met deze technische boeking ten laste van de begroting van VWS gebracht en via de tweede suppletoire wet 2010 verantwoord. Door deze formele verantwoording via de begroting van VWS wordt invulling gegeven aan bovengenoemde wettelijke bepaling. Deze operatie is niet-kaderrelevant en belast per saldo het EMU-saldo en EMU-schuld niet. Het negatieve saldo van de Algemene Kas Ziekenfondswet is ontstaan in een aantal jaren voorafgaand aan 2006. Tijdens deze periode is jaarlijks het negatieve saldo ten laste van het EMU-saldo gebracht. De betaling van het Rijk aan de Algemene Kas Ziekenfondswet in 2010 is neutraal voor het EMU-saldo; het is immers een uitgave en een ontvangst van de overheid. Het is niet relevant voor de uitgaventoetsing, want het is een onderlinge betaling binnen de collectieve sector en die leidt dan ook niet tot een mutatie van de overheidsschuld. De schuld van Algemene Kas Ziekenfondswet maakt namelijk deel uit van de overheidsschuld.

Stimuleringspakket

Tabel 2.5 geeft een overzicht van het kasritme van het stimuleringspakket. De middelen die in 2010 over zijn vallen vrij ten gunste van het saldo, tenzij sprake is van overlopende verplichtingen in 2011. Deze middelen kunnen, met inachtneming van de normale afspraken over eindejaarsmarge worden meegenomen naar 2011 teneinde de aangegane verplichtingen na te komen. In bijlage 3 worden de kasstanden uitgesplitst per thema weergegeven inclusief de mutaties over 2010 sinds de Voorjaarsnota.

Tabel 2.5 Kasritme stimuleringspakket (in miljoenen)
 

2010

 
20111
 
 

stand VJN

stand NJN

stand VJN

stand NJN

Arbeidsmarkt, onderwijs en kennis

1 002

917

816

826

Duurzame economie

706

409

67

368

Infrastructuur en (woning)bouw

1 192

1 004

– 542

– 387

Liquiditeitsverruiming bedrijfsleven

561

561

149

149

Invulling FES-projecten

111

137

259

233

Noot 1: Deze bedragen zijn soms gespreid over 2011 en latere jaren.

3. Inkomsten

Ten opzichte van de Miljoenennota 2011 is de raming van de totale belasting- en premieontvangsten 2010 per saldo ongewijzigd. De ongewijzigde stand van de raming van de totale belasting- en premieontvangsten is grotendeels gebaseerd op de gerealiseerde ontvangsten over 2010.

Tabel 3.1 Ontwikkeling van de overheidsinkomsten 2010 (in miljarden euro) cf. EMU-definitie
 
Stand MN 20111

Stand NJN 2010

Mutatie

Totaal belastingen en premies op EMU-basis

214,0

214,0

0,0

wv belastingen en premies volksverzekeringen

167,5

167,5

0,1

wv premies werknemersverzekeringen

46,5

46,4

– 0,1

Noot 1: Vanwege afronding kan de som der delen afwijken van het totaal.

Hoewel de stand van de totale belasting- en premieontvangsten 2010 niet is gewijzigd, is onderliggend wel sprake van enkele mutaties ten opzichte van de stand Miljoenennota 2011. Zo kennen de ontvangsten met betrekking tot de omzetbelasting (BTW) een meevaller van 0,9 miljard euro en is de verwachting over de ontvangsten uit de loonheffing met 0,3 miljard euro eveneens naar boven bijgesteld. Deze opwaartse bijstellingen zijn gebaseerd op de gerealiseerde ontvangsten over 2010 tot en met de maand oktober. De realisaties passen in het jongste beeld van het CBS over de economische groei in het derde kwartaal 2010. Hoewel de CBS-cijfers over het afgelopen kwartaal passen binnen het MEV-beeld over de economische groei waarop de Miljoenennota 2011 is gebaseerd, zijn de cijfers over de consumptieve bestedingen wel wat positiever dan het MEV-beeld 2010. Dit betreft name de duurzame consumptie. Tevens heeft de arbeidsmarkt zich in het derde kwartaal enigszins gunstiger ontwikkeld dan het MEV-beeld.

Daarnaast is sprake van tegenvallers. Dit betreft de inkomensheffing en dan met name de kasontvangsten die volgen uit de aangiftes over het jaar 2009. Deze blijven sinds de tweede helft van dit jaar achter in vergelijking met andere jaren. Dit kan worden verklaard uit het feit dat achteraf bezien de voorlopige inkomensheffingsaanslagen over 2009 met betrekking tot zelfstandige ondernemers vrij hoog zijn vastgesteld in relatie tot de winsten van zelfstandigen over 2009. Het niveau van de aanslagoplegging in 2009 lag vrijwel op het niveau van die over 2008. Naast de genoemde tegenvaller bij de inkomensheffing is sprake van een bescheiden bijstelling van de vennootschapsbelasting (– 0,2 miljard euro). Deze tegenvaller is zowel gebaseerd op de gerealiseerde kasontvangsten als op de gerealiseerde aanslagoplegging tot en met de maand oktober en de kasstroom die daaruit valt te verwachten in de laatste maanden van het jaar. Ten slotte is er sprake van een tegenvaller bij de energiebelasting (– 0,1 miljard euro) en bij de premies werknemersverzekeringen (– 0,1 miljard euro).

Tabel 3.2 Ontwikkeling belasting en premieontvangsten 2010 (op EMU-basis)
 

Mutatie

Kostprijsverhogende belastingen

0,7

Omzetbelasting

0,9

Accijnzen

0,0

Belastingen van rechtsverkeer

0,0

Belastingen op milieugrondslag

– 0,1

BPM/MRB

0,0

Overige kostprijsverhogende belastingen

0,0

   

Belastingen en premies volksverzekeringen op inkomen, winst en vermogen

– 0,6

Inkomensheffing

– 0,7

Loonheffing

0,3

Dividendbelasting

0,0

Vennootschapsbelasting

– 0,2

Successierechten

0,0

Overige belastingen op inkomen, winst, vermogen en niet nader toe te rekenen belastingontvangsten

0,0

   

EMU-ktv belastingen en premies volksverzekeringen

0,0

   

Totaal belastingen en premies volkverzekeringen

0,1

   

Premies werknemersverzekeringen

– 0,1

   

Totaal belastingen en premies

0,0

4. EMU-saldo en EMU-schuld

Naar huidige inzichten komt het EMU-saldo uit op een tekort van 5,8 procent bbp voor 2010. Dit is hetzelfde als bij Prinsjesdag werd verwacht.

De EMU-schuld komt uit op 64 procent bbp voor 2010. Onderliggend hebben zich enkele mutaties voorgedaan. Enerzijds heeft de onderschrijding van het totaalkader een positief effect op de schuld. Anderzijds staan hier netto-uitgaven tegenover die niet relevant zijn voor het uitgavenkader maar wel een belasting vormen voor de schuld. Het gaat onder andere om het verwerken van de eerste tranche van een (her)financieringslening aan de NIO (Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingssamenwerking) op de begroting van Buitenlandse Zaken (zie Staten-Generaal, vergaderjaar 2009–2010, 28 165, nr. 113 en Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 28 165, nr. 114) en om het verwerken van de voorfinanciering aan DNB in verband met de betalingsonmacht van de DSB Bank.

EMU-saldo en EMU-schuld op Europees niveau

Onderstaande grafiek geeft het EMU-saldo en de EMU-schuld 2010 weer voor de landen van de eurozone op basis van de Najaarsvoorspellingen van de Europese Commissie.

Grafiek 4.1: EMU-saldo en EMU-schuld in de EU

Ierland heeft een aanvraag ingediend voor steun van de Europese noodmechanismen en het IMF (zie Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 21 501-07, nr. 764 en brief aan de Tweede Kamer d.d. 29 november 2010 met kenmerk BFB 2010–520M). Het Nederlandse deel ter waarde van in totaal 2,7 miljard euro in de garanties voor de verplichtingen die aangegaan worden voor de financiering van het programma van Ierland valt binnen de door de Kamer reeds goedgekeurde bedragen uit de eerste suppletoire begroting 2010. Nederland staat respectievelijk voor 1,1 miljard euro en 1,6 miljard euro garant voor de verplichtingen die EFSM en EFSF aangaan voor de financiering van het programma van Ierland.

5. Interventies financiële markten

Sinds het najaar van 2008 heeft het kabinet diverse interventies gepleegd om het Nederlandse financiële stelsel gezond te houden en de rust te helpen herstellen in de financiële wereld. Bijlage 2 geeft een actueel overzicht van de budgettaire gevolgen van deze interventies. Onderstaande toelichting geeft aan wat is gewijzigd sinds Miljoenennota 2011; een volledige toelichting is eveneens opgenomen in bijlage 2.

De garantieverplichtingen van de Staat zijn afgenomen met circa 31 miljard euro. Op 31 oktober is op verzoek van ABN Amro het Capital Relief Instrument (CRI) beëindigd (zie Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 31 789, nr. 40). De CRI betrof een garantie van de Staat op een hoogwaardig deel van de hypothekenportefeuille van ABN Amro. De beëindiging van de garantie was door de Staat voorzien en is passend binnen de huidige vormgeving van het garantiebeleid.

De minister van Financiën,
J. C. de Jager

BIJLAGE 1: BUDGETTAIRE KERNGEGEVENS

Tabel 1: Budgettaire kerngegevens (in mld)
 

2010

Inkomsten (belastingen en sociale premies)

214,0

   
Netto uitgaven onder de kaders1

229,7

Rijksbegroting in enge zin

110,6

Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt

61,2

Budgettair Kader Zorg

57,9

Overige netto uitgaven

13,6

Rentelasten

9,8

Stimuleringspakket (excl. inkomstenkant)

2,3

Overig (gasbaten, FES, zorgtoeslag etc.)

1,4

Totale netto uitgaven

243,3

   

EMU-saldo centrale overheid

– 29,3

   

EMU-saldo lokale overheden

– 4,8

   

Feitelijk EMU-saldo

– 34,1

Feitelijk EMU-saldo (in % bbp)

– 5,8%

   

EMU-schuld

380,7

EMU-schuld (in % bbp)

64%

   

Bbp

593

Noot 1: Het kader zoals vastgesteld bij de start van de vorige kabinetsperiode.

BIJLAGE 2: BUDGETTAIR OVERZICHT INTERVENTIES FINANCIËLE SECTOR

Tabel 1. Budgettair overzicht crisismaatregelen (in mln)

Sinds het najaar van 2008 heeft het kabinet een aantal interventies gepleegd om het Nederlandse financiële stelsel gezond te houden en de rust te helpen herstellen in de financiële wereld. Onderstaande tabel geeft een actueel overzicht van de budgettaire gevolgen van deze interventies.

Najaarsnota

2008

2009

2010

Artikel

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

       

1. Deelneming Fortis/AA

16 800

1 350

490

IX-B, artikel 3

2. Deelneming RFS/AA

6 540

 

3 038

IX-B, artikel 3

3. Verkoop FCI

 

– 350

 

IX-B, artikel 3

4. Overbruggingskredieten Fortis

44 341

   

IX-A, artikel 1

5. Aflossingen overbruggingskredieten Fortis

 

– 36 516

– 3 250

IX-A, artikel 1

6. Renteontvangsten overbruggingskredieten Fortis

– 502

– 705

– 167

IX-A, artikel 1

7. Dividend ABN Amro Group

0

0

0

IX-B, artikel 3

8. Dividend ASR

0

0

0

IX-B, artikel 3

9. Dividend RFS

0

0

– 6

IX-B, artikel 3

         

Capital Relief Instrument ABN-AMRO (CRI)

       

10. Garantieverlening (geëffectueerd)

 

32 611

 

IX-B, artikel 3

11. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

   

– 32 611

IX-B, artikel 3

12. Premieontvangsten uit CRI

 

– 28

– 165

IX-B, artikel 3

         

Mandatory Convertible Notes ABN-AMRO (MCN)

       

13. Verstrekte converteerbare lening (MCN 7/09)

 

800

– 800

IX-B, artikel 3

14. Renteontvangsten uit MCN 7/09

 

0

0

IX-B, artikel 3

15. Verstrekte converteerbare lening (MCN 12/09)

 

1 800

– 1 800

IX-B, artikel 3

         

Counter Indemnity ABN-AMRO (garantie)

       

16. Garantieverlening (geëffectueerd)

   

950

IX-B, artikel 3

17. Premieontvangsten uit garantie

   

– 19

IX-B, artikel 3

∆ Staatsschuld (excl. nr. 10, 11 en 16)

67 179

– 33 649

– 2 679

 

B. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (20 mld.)

 

 

 

 

18. Verstrekt kapitaal ING

10 000

   

IX-B, artikel 3

19. Verstrekt kapitaal Aegon

3 000

   

IX-B, artikel 3

20. Verstrekt kapitaal SNS Reaal

750

   

IX-B, artikel 3

21. Aflossing ING

 

– 5 000

 

IX-B, artikel 3

22. Aflossing Aegon

 

– 1 000

– 500

IX-B, artikel 3

23. Aflossing SNS Reaal

 

– 185

 

IX-B, artikel 3

24. Couponrente ING

 

– 645

– 39

IX-B, artikel 3

25. Couponrente Aegon

 

– 166

– 11

IX-B, artikel 3

26. Couponrente SNS Reaal

 

– 38

– 1

IX-B, artikel 3

27. Repurchase fee ING

 

– 295

– 52

IX-B, artikel 3

28. Repurchase fee Aegon

 

– 108

– 52

IX-B, artikel 3

29. Repurchase fee SNS Reaal

 

0

 

IX-B, artikel 3

∆ Staatsschuld

13 750

– 7 436

– 655

 

C. Back-up faciliteit ING EUR/USD wisselkoers

 

1,44 

1,29 

 

30. Funding fee (rente + aflossing)

 

3 903 

4 029

IX-B, artikel 3

31. Management fee

 

59 

47

IX-B, artikel 3

32. Portefeuille ontvangsten (rente + aflossing)

 

– 3 819 

– 3 741

IX-B, artikel 3

33. Garantiefee

 

– 129 

– 103

IX-B, artikel 3

34. Additionele garantiefee

 

– 154

IX-B, artikel 3

35. Additionele fee

 

– 14 

– 77

IX-B, artikel 3

36. Meerjarenverplichting aan ING

 

15 857

13 931

Saldibalans

37. Alt-A portefeuille

 

18 352

17 328

Saldibalans

38. Saldo Back-up faciliteit ( 30 t/m 35)

 

0

0

IX-B, artikel 3

∆ Staatsschuld (excl. nr. 36, 37 en 38)

 

0

0

 

D1. Garantiefaciliteit bancaire leningen (200 mld.)

       

39. Garantieverlening (geëffectueerd)

2 740

47 535

 

IX-B, artikel 2

40. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

 

– 3 174

– 8 103

IX-B, artikel 2

41. Premieontvangsten op basis van garanties bancaire leningen

0

– 116

– 407

IX-B, artikel 2

42. Schade-uitkeringen

0

0

 

IX-B, artikel 2

         

D2. Stabiliteitsmechanisme

       

43. Garantie NL-aandeel EU-begroting

   

2 946

IX-B, artikel 4

44. Garantie NL-aandeel SPV

   

25 872

IX-B, artikel 4

45. Deelneming EFSF

   

2

IX-B, artikel 4

∆ Staatsschuld (excl. nr. 39, 40, 43 en 44)

 

– 116

– 405

 

E1. IJsland

       

46. Uitkeringen depositogarantiestelsel Icesave

1 236

192

 

IX-B, artikel 2

47. Uitvoeringskosten IJslandse DGS door DNB

 

7

 

IX-B, artikel 2

48. Vordering op IJsland

1 322

7

 

Saldibalans

49. Opgebouwde rente op vordering

 

74

78

IX-B, artikel 2

50.-51. Ontvangsten lening IJsland (i.) aflossing, (ii.) rente

 

0

 

IX-B, artikel 2

         

E2. Griekenland

       

52. Lening Griekenland

   

1 800

IX-B, artikel 4

53. Vordering Griekenland

   

1 800

Saldibalans

54. Premieontvangsten lening Griekenland

   

– 45

IX-B, artikel 4

∆ Staatsschuld (excl. nr. 48, 49 en 53)

1 236

199

1 755

 

F. Overige gevolgen

       

55. Uitvoeringskosten en inhuur externen

11

43

15

IX-B, artikel 3

56. Terug te vorderen uitvoeringskosten inhuur externen

0

3

0

Saldibalans

57. Ontvangen uitvoeringskosten externen

– 2

– 12

– 6

IX-B, artikel 3

∆ Staatsschuld (excl. rentelasten)

82 165

– 41 002

– 1 985

 

Staatsschuld cumulatief (excl. rentelasten)

82 165

41 163

39 178

 

58. Toegerekende rente over staatsschuld

450

2 036

1 449

 

Toelichting:

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

  • 9.  Als gevolg van een definitieve verrekening tussen consortiumpartners (zijnde de Staat, Santander en RBS heeft de Staat op 15 juli ad € 6,41 mln. ontvangen van RFS Holdings BV.
  • 11.  Op 31 oktober is op verzoek van ABN Amro het Capital Relief Instrument (CRI) beëindigd. De CRI betrof een garantie van de Staat op een hoogwaardig deel van de hypothekenportefeuille van ABN Amro. Met het beëindigen van het instrument nemen de garantieverplichtingen van de Staat af met circa € 31 mld. Het restant van de garantieverplichtingen ter waarde van € 1,6 mld. was eerder al afgebouwd via natuurlijk verloop in de portefeuille. De beëindiging van de garantie was door de Staat voorzien en na beëindiging blijft ABN Amro adequaat gekapitaliseerd.

B. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (20 mld.)

  • 22,  25, 28. Aegon heeft voor € 500 mln van de in 2008 verstrekte CT-1 securities teruggekocht. Hierbij ontvangt de Staat tevens een coupon ter waarde van € 62,8 mln. welke betrekking heeft op zowel de verschuldigde rente (€ 11,2 mln) als op de premie voor terugbetaling (€ 51,6 mln), de zogenaamde repurchase fee.

D2. Stabiliteitsmechanisme

Ierland heeft een aanvraag ingediend voor steun van de Europese noodmechanismen en het IMF (zie Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 21 501-07, nr. 764 en brief aan de Tweede Kamer dd 29 november 2010 met kenmerk BFB 2010–520M). Nederland is de garantieverplichting aangegaan van 2,9 miljard euro voor EFSM en 25,9 miljard euro voor EFSF (zie tabel 1: posten 43 en 44). Deze garantieverplichtingen zijn goedgekeurd per eerste suppletoire begroting 2010. Nederland staat voor de verplichtingen die EFSM en EFSF aangaan voor de financiering van het programma van Ierland garant. Deze garanties vallen onder de opgenomen garantieverplichtingen. Nederland staat respectievelijk voor 1,1 miljard euro (EFSM) en 1,6 miljard euro (EFSF) garant voor de verplichtingen die aangegaan worden voor de financiering van het programma van Ierland.

Tabel 2: Balans (standen en mutaties in miljoenen)

Op de balans staan de vorderingen en verplichtingen welke vanwege de crisis zijn aangegaan. Balansonderdelen zijn hierbij opgenomen op nominale basis. Voor de financiering van opgenomen bezittingen vindt een uitsplitsing plaats naar drie componenten: I staatsschuld, II het resultaat en III het uitgavenkader.

Omschrijving:

2008

2009

mutatie

20101

Omschrijving:

2008

2009

mutatie

2010

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

       

I: Financiering met staatsschuld (excl. rentelasten)

82 165

41 163

– 1 985

39 178

1. Deelneming Fortis/AA (+ 3)

16 800

17 800

490

18 290

II: Financiering uit resultaat (tabel 3)

43

44

– 416

– 372

2. Deelneming RFS/AA

6 540

6 540

3 038

9 578

III: Financiering uitgavenkader

9

43

50

4. Overbruggingskredieten Fortis (+ 5)

44 341

7 825

– 3 250

4 575

         

13. Verstrekte converteerbare lening (MCN 7/09)

 

800

– 800

Totale rente op staatsschuld

450

2 486

1 449

3 935

15. Verstrekte converteerbare lening (MCN 12/09)

 

1 800

– 1 800

         
         

C. Back-up faciliteit ING

       

B. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (20 mld)

       

37. Meerjaren-verplichting aan ING

 

15 857

– 1 926

13 931

18. Verstrekt kapitaal ING (+ 21)

10 000

5 000

 

5 000

Voorziening

 

2 530

297 

2 827

19. Verstrekt kapitaal Aegon (+ 22)

3 000

2 000

– 500 

1 500

Te betalen funding fee

 

31

– 31

 

20. Verstrekt kapitaal SNS Reaal (+ 23)

750

565

 

565

Verwacht resultaat IABF 2010

   

569

569

                   

 C. Back-up faciliteit ING

       

E1. IJsland

       

38. Alt-A portefeuille

 

18 352

– 1 024

17 328

Openstaande

86

0

   

Te ontvangen rente

 

65

– 65

 

verplichting IJsland

       
                   

D2. Stabiliteitsmechanisme

                 

45. Deelneming EFSF

   

2

2

         
                   

E1. IJsland

                 

47. Vordering op IJsland

1 322

1 329

 

1 329

         

48. Opgebouwde rente op vordering

 

74

78

152

         
                   

E2. Griekenland

                 

53. Vordering Griekenland

   

1 800

1 800

         
                   

F. Overige gevolgen

                 

Saldo terug te vorderen uitvoeringskosten

0

3

– 3 

         
                   

Totale activa:

82 753

62 153

– 2 035

60 118

Totale passiva:

82 753

62 153

– 2 035

60 118

Noot 1: Voor 2010 op basis van ramingen. Vanwege afronding kan de som der delen afwijken van het totaal.

Tabel 3a: Overzicht toerekenbare kosten en opbrengsten (in mln)

In deze tabel vindt een toerekening plaats van kosten en opbrengsten van crisismaatregelen met gebruik van bedrijfseconomische principes. Op basis van een grove toerekening is een resultaat op interventies opgenomen.

(toerekenbare) Kosten

     

(toerekenbare) Opbrengsten

Omschrijving:

2008

2009

20101

Omschrijving:

2008

2009

2010

Rente op Staatsschuld

450

2 036

1 449

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

     
       

6. Renteontvangsten overbruggingskredieten Fortis

502

705

167

E1. IJsland

     

7. Dividend ABN Amro Group

 

0

 

Kosten i.v.m. topping up

 

106

 

8. Dividend ASR

 

0

 
       

9. Dividend RFS

 

0

F. Overige gevolgen

     

12. Premieontvangsten uit CRI

 

28

165

56. Uitvoeringskosten en inhuur externen

11

43

15

14. Renteontvangsten uit MCN 7/09

 

0

0

58. Ontvangen uitvoeringskosten externen

– 2

– 12

– 6

17. Premieontvangsten uit garantie

   

19

               
       

B. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (20 mld.)

     
       

24. t/m 26. Ontvangen couponrente

 

848

51

       

27. t/m 29. Ontvangen repurchase fees

 

403

104

               
       

C. Back-up faciliteit ING

     
       

Resultaat IABF (na toevoeging aan de voorziening)

 

0

0

               
       

D1. Garantiefaciliteit bancaire leningen (200 mld.)

     
       

41. Premieontvangsten op basis van garanties bancaire leningen)

 

116

407

               
       

E1. IJsland

     
       

49. Opgebouwde rente op vordering

 

74 

78 

               
       

E2. Griekenland

     
       

55. Premieontvangsten lening Griekenland (incl. servicefee)

   

45

Totale kosten:

459

2 173

1 459

Totale opbrengsten:

502

2 174

1 042

Resultaat (negatief teken is verlies)

43

1

– 416

 

 

 

 

Noot 1: Voor 2010 op basis van ramingen.

Tabel 3b: ING IABF (in mln)

Er hebben zich per saldo geen toevoegingen en/of onttrekkingen aan de ING back-up faciliteit voorgedaan (zie tabel 1: onderdeel 38.). Derhalve wordt de kastabel dit keer niet opgenomen.

Tabel 4: Verstrekte garanties (in mln)

Omschrijving:

2008

2009

mutatie

20101

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

       

10. Garantieverlening (geëffectueerd)

 

32 611

 

32 611

11. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

   

– 32 611

– 32 611

16. Garantieverlening (geëffectueerd)

   

950

950

         

D1. Garantiefaciliteit bancaire leningen (€ 200 mld.)

       

39. Garantieverlening (geëffectueerd)

2 740

50 275

 

50 275

40. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

 

– 3 174

– 8 103

– 11 277

     

D2. Stabiliteitsmechanisme

       

43. Garantie NL-aandeel EU-begroting

   

2 946

2 946

44. Garantie NL-aandeel SPV

   

 25 872

 25 872

Saldo openstaande garanties:

2 740

79 712

– 10 946

68 766

Noot 1: Voor 2010 op basis van ramingen.

BIJLAGE 3: UITPUTTING STIMULERINGSPAKKET

kasritme stimuleringspakket stand NJN (in mln euro)

2010

mutaties tov VJN

20111

a. Arbeidsmarkt, Onderwijs en Kennis

     

Arbeidsmarkt: arbeidsmarktbrief SZW (o.a. deeltijd-WW, EVC, scholing, re-integratie)

242

– 72

259

Arbeidsmarkt: jeugdwerkloosheid

124

– 1

30

Arbeidsmarkt: schuldhulpverlening

50

 

50

Onderwijs: versterking mbo; conciërges; zij-instromers, werkscholen, wijkscholen

168

0

0

Kennis: versterking kennisinfrastructuur; tijdelijke inzet kenniswerkers

180

– 24

24

Verlenging aflopende innovatieprogramma’s (uit het FES)

51

14

450

Snelle uitvoering FES projecten innovatie

104

4

13

Totaal

917

 

826

b. Duurzame economie

     

Snelle uitvoering FES projecten Milieu en Duurzaamheid

130

– 15

26

Duurzaam ondernemen

52

 

10

Duurzame agrarische sector

6

– 38

38

Energie: energiebesparing woningen

30

   

Energie: sloopregeling autobranche

28

   

Energie: wind op zee (500 mw extra commiteren bij komende SDE tender)

15

   

Uitvoering Motie van Geel ruimtelijke economie

57

 

50

Snelle uitvoering FES projecten Ruimtelijk Economisch Beleid

91

– 244

244

Totaal

409

 

368

c. Infrastructuur en (woning)bouw

     

Bouw: onderhoud en bouw zorg- en abwz-instellingen

320

 

– 50

Bouw: onderhoud en bouw jeugdzorginstellingen

55

   

Bouw: onderhoud en bouw scholen

164

– 1

1

Bouw: versnelling BLS + ISV

125

– 7

– 150

Infra: Deltaprogramma (w.o. Zandsuppleties)

50

 

– 30

Snelle uitvoering FES projecten Infra

64

– 143

143

Infra: versnelling bruggen en renovatie wegen

138

 

– 213

Infra: vaarwegen, sluizen en binnenhavens

88

– 37

– 88

Totaal

1 004

 

– 387

d. Liquiditeitsverruiming bedrijfsleven

     

Versoepeling verliesverrekening 2008

– 120

 

– 215

Verruimen afdrachtvermindering WBSO

150

 

15

Enveloppe MKB

53

 

23

Schiphol/luchtvaart/vliegtax

277

 

277

VAMIL/MIA

30

 

9

EIA

146

 

15

Verlaagd BTW tarief isolatie

25

 

25

Totaal

561

 

149

Noot 1: Deze bedragen zijn soms gespreid over 2011 en latere jaren.

BIJLAGE 4: SCHULDSANERING NEDERLANDSE ANTILLEN

Onderstaande toelichting geeft een overzicht van de schuldsanering Nederlandse Antillen.

  • •  Als gevolg van de nieuwe staatkundige verhoudingen tussen Nederland en de Nederlandse Antillen hebben zich mutaties voorgedaan in de schuldsaneringtrajecten voor de Nederlandse Antillen.
  • •  Per 10 oktober is de transitie staatkundige verhoudingen afgerond. Het land Nederlandse Antillen bestaat hierdoor niet meer. De eilanden Bonaire, St. Eustatius en Saba zijn Openbare Lichamen binnen Nederland. Curaçao en St. Maarten zijn zelfstandige landen binnen het Koninkrijk. Aan het in 2009 gestarte proces van schuldsanering komt daarmee eveneens een einde.
  • •  De restantschuld bedraagt 1,3 miljard euro en de rente 0,6 miljard euro (cumulatief over 20 jaar), tezamen 1,9 miljard euro. In de Najaarsnota is de totale verplichting van 1,9 miljard euro opgenomen. Dit bedrag wordt als verplichting verwerkt en de komende 20 jaar afgehandeld via de begroting van Koninkrijksrelaties. De minister van BZK is verantwoordelijk voor de gehele schuldsanering van de Nederlandse Antillen en uit dien hoofde ook verantwoordelijk voor de rente- en aflossingsverplichting van Curaçao en St. Maarten. 
  • •  Afgesproken was om 70 procent van de schuld van de Nederlandse Antillen en Curaçao te saneren. Overname van slechts 70% van de nominale schuldtitels zou ertoe leiden dat er onderscheid gemaakt zou moeten worden tussen de verschillende crediteuren. Daarom is afgesproken dat Nederland de volledige schuld van rechtswege overneemt, maar voor het restant (100 procent – 70 procent) een vordering op St. Maarten en Curaçao zou krijgen. De hoogte van de vordering (in euro’s) is afhankelijk van rentestand en valutastand; en bedroeg op 10 oktober 2010 790 miljoen euro.
  • •  Aan de vordering is door de eilanden reeds voldaan. De eilanden hebben dit kunnen financieren door op de geld/kapitaalmarkt geld te lenen. Nederland heeft zich verplicht om bij voorrang op deze nieuwe schuldtitels in te schrijven (lopende inschrijving). Het grootste deel van de veiling is aan Nederland toegewezen. Deze lopende inschrijving is verantwoord op het begrotingshoofdstuk Koninkrijksrelaties (783 miljoen euro).
  • •  Aangezien het deels kwijtschelden van de schuld van de Nederlandse Antillen en Curaçao en het inschrijven op de lopende inschrijving een beleidsmatige keuze is geweest, is er voor gekozen om de reeks rentebetalingen en aflossingen op Antilliaanse schuldtitels op de begroting Koninkrijksrelaties (hoofdstuk IV) te verantwoorden. Deze bedragen worden vervolgens via een bijdrageconstructie jaarlijks door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties overgeboekt naar het Agentschap. Er blijft dus geen restschuld achter op hoofdstuk IV. De overheveling van rente en aflossing naar de Nationale Schuld heeft voor de BZK begroting geen (toekomstige) budgettaire risico’s. De staatsschuld zelf wordt verantwoord op de saldibalans van de Nationale Schuld, omdat de schuldtitels integraal onderdeel uitmaken van de staatsschuld.
  • •  Op de aanvullende post was nog een reservering opgenomen om de schulden van de Antillen te saneren. Met deze transitie naar nieuwe staatkundige verhoudingen is de schuldsanering van de Antillen afgerond. De nog gereserveerde middelen voor de schuldsanering van de Antillen vallen vrij. Deze zijn qua omvang bij benadering gelijk aan de omvang van de schulden die de Nederlandse Staat kwijtscheldt.
  • •  Het effect op de Nederlandse staatsschuld van de verwerking van de schuldsanering van de Nederlandse Antillen is minimaal. De hoogte van de vrijval op de aanvullende post en de lopende inschrijving komt bij benadering overeen met het reeds in de schuld opgenomen bedrag van 1,3 miljard euro.

BIJLAGE 5: VERTICALE TOELICHTING NAJAARSNOTA 2010

De Verticale Toelichting geeft voor alle begrotingen een overzicht van en toelichting op de belangrijkste mutaties. Voor een meer gedetailleerde toelichting op wordt verwezen naar de suppletoire begrotingswetten.

Leeswijzer

De mutaties zijn gesplitst in drie categorieën:

  • 1)  Mee- en tegenvallers;
  • 2)  Beleidsmatige mutaties;
  • 3)  Technische mutaties.

De laatste categorie omvat alle overboekingen, desalderingen, statistische correcties en mutaties die niet onder een ijklijn vallen. Mutaties worden toegelicht indien ze een bepaalde ondergrens overtreffen. De ondergrens is afhankelijk van de omvang van de begroting en verschilt voor de verschillende categorieën mutaties. De post diversen bevat de mutaties die onder de ondergrens vallen en wordt in principe alleen toegelicht indien zich bijzonderheden voordoen.

De totalen per begroting worden in eerste instantie gepresenteerd exclusief de bedragen die onder de Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS) vallen. Door middel van een aansluitregel wordt het deel van de begroting dat onder de HGIS valt zichtbaar gemaakt. De laatste regel geeft per begroting de totaalstand inclusief HGIS aan. De mutaties die optreden binnen het HGIS-deel van de begroting worden gepresenteerd en toegelicht in de Verticale Toelichting van alle HGIS uitgaven.

De laatste regel geeft per begroting de totaalstand inclusief HGIS en het stimuleringspakket aan.

De bedragen in de tabellen zijn in miljoenen euro’s.

De Koning

I DE KONING: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

39,5

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,0

 

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

0,0

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

39,5

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

39,5

I DE KONING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

   

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,1

 

0,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

0,1

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

0,1

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

0,1

Diversen

Deze diversenpost bestaat uit een afrekening met drie ministeries (BZK, WWI en V&W) van de voorschotten over 2009. Vanaf de begroting 2010 zijn alle budgetten samenhangend met de functionele uitgaven van de begroting van deze drie ministeries overgeheveld naar de begroting van de Koning. In dat kader is besloten om de budgettaire consequenties van de afwikkeling van het jaar 2009 ten laste, dan wel ten gunste te brengen van de begroting van de Koning, hetgeen hierbij is geschied.

Staten-Generaal

IIA STATEN-GENERAAL: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

139,6

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

6,4

 

6,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

6,4

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

145,9

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

145,9

IIA STATEN-GENERAAL: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

2,5

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

2,5

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

2,5

Diverse mee- en tegenvallers

Dit zijn voornamelijk extra uitgaven die veroorzaakt zijn door de vervroegde verkiezingen voor de Tweede Kamer. Dit heeft onder meer geleid tot extra fractiekosten, uitgaven aan wachtgelden en kosten voor beveiliging.

Overige Hoge Colleges van Staat

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINETTEN: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

115,5

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 1,0

 

– 1,0

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

1,0

 

1,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

0,0

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

115,6

Totaal Internationale samenwerking

0,1

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

115,7

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINETTEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

3,7

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,4

 

0,4

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 0,3

 

– 0,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

0,1

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

3,7

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

3,7

Algemene Zaken

III ALGEMENE ZAKEN: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

78,7

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 2,6

 

– 2,6

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 0,2

 

– 0,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 2,8

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

76,0

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

76,0

III ALGEMENE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

5,9

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

5,9

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

5,9

Diversen – Beleidsmatige mutaties

Deze diversenpost bevat een onderuitputting op de post «Bevorderen eenheid regeringsbeleid»(0.7 mln.) en twee kasschuiven van de projecten Overheid Nieuwe Stijl (0,9 mln.) en 1Logo (1 mln.).

Koninkrijksrelaties

IV KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

1 041,9

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Schuldsanering Antillen rente

43,8

 

43,8

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 0,6

Niet tot een ijklijn behorend

 

Lopende inschrijving

782,7

Diversen

2,1

 

784,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

827,9

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

1 869,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

1 869,8

IV KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

210,3

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Schuldsanering Antillen: aflossing vordering

790,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

790,0

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

1 000,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

1 000,4

Schuldsanering Antillen rente

De uitgaven aan rente en aflossing over de vordering op Curaçao en St. Maarten worden tot 2 030 verantwoord via een bijdrageconstructie van dit begrotingshoofdstuk (Koninkrijksrelaties) naar het hoofdstuk van de Nationale Schuld (IX A). In 2010 wordt reeds 43,8 mln. rente ontvangen.

Afronding Schuldsanering Antillen

Per 10 oktober is de nieuwe staatkundige verhouding met de Nederlandse Antillen afgerond. Hiermee is de schuldsanering voltooid. De restantschuld bedraagt 1,3 mld en rente 0,6 mld (cumulatief over 20 jaar), tezamen 1,9 mld. In de Najaarsnota is de totale verplichting van 1,9 mld opgenomen. Dit bedrag wordt als verplichting verwerkt en wordt de komende 20 jaar afgehandeld via de begroting van Koninkrijksrelaties. De minister van BZK is verantwoordelijk voor de gehele schuldsanering van de Nederlandse Antillen en uit dien hoofde ook verantwoordelijk voor de rente- en aflossingsverplichting van Curaçao en St. Maarten. De rentebetalingen en aflossingen worden via een bijdrageconstructie jaarlijks overgeboekt naar het Agentschap. Er blijft dus geen restschuld achter op hoofdstuk Koninkrijksrelaties. De overheveling van rente en aflossing naar de Nationale Schuld heeft voor de BZK begroting geen (toekomstige) budgettaire risico’s. Voor 2010 is de overboeking 43,8 mln. aan rente (zie post schuldsanering Antillen rente) en 2 mln. aan aflossing. De staatsschuld zelf wordt verantwoord op de saldibalans van de Nationale Schuld, omdat de schuldtitels integraal onderdeel uitmaken van de staatsschuld. 

Lopende inschrijving (uitgaven) en aflossing vordering (ontvangsten)

Afgesproken was om 70% van de schuld van de Nederlandse Antillen en Curaçao te saneren. Overname van slechts 70% van de schuld zou ertoe leiden dat er onderscheid gemaakt zou moeten worden tussen de verschillende crediteuren. Daarom is afgesproken dat Nederland de volledige schuld van rechtswege overneemt, maar voor het restant (100% – 70%) een vordering op St. Maarten en Curaçao zou krijgen. De hoogte van de vordering in euro’s is afhankelijk van rentestand en valutastand en bedroeg op 10 oktober 2010 790,1 miljoen euro.

Aan de vordering is door de eilanden reeds voldaan. De eilanden hebben dit kunnen financieren door op de geld/kapitaalmarkt geld te lenen. Nederland heeft zich verplicht om bij voorrang op deze nieuwe schuldtitels in te schrijven (lopende inschrijving). Het grootste deel van de veiling is aan Nederland toegewezen. Deze lopende inschrijving is verantwoord op het begrotingshoofdstuk Koninkrijksrelaties (783 miljoen euro).

Buitenlandse Zaken

V BUITENLANDSE ZAKEN: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

6 372,3

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Eu afdrachten

– 275,6

 

– 275,6

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Begrotingslening nio

200,0

 

200,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 75,6

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

6 296,7

Totaal Internationale samenwerking

4 740,1

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

11 036,8

Relatie begroting Buitenlandse Zaken en de Homogene groep internationale samenwerking (HGIS)

Er zijn twee soorten uitgaven op de begroting van Buitenlandse Zaken: HGIS en niet-HGIS. Niet-HGIS uitgaven zijn de afdrachten aan de Europese Unie en incidenteel technische mutaties. HGIS-uitgaven zijn alle andere buitenlanduitgaven. De HGIS-uitgaven staan op diverse begrotingen en worden elders toegelicht; hier wordt alleen ontwikkeling van de EU-afdrachten belicht.

EU Afdrachten

De meevaller wordt met name veroorzaakt door een neerwaartse correctie van de BTW en BNI afdrachten over eerdere jaren. Daarnaast leiden hogere overige ontvangsten van de EU-begroting (zoals boetes) en een neerwaarts bijgestelde omvang van de begroting ook tot lagere afdrachten.

Begrotingslening NIO

De mutatie betreft de verstrekking van het eerste deel van een niet-kaderrelevante begrotingslening (totaal 300 mln.) aan de Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden (NIO) ter herfinanciering van aflopende kapitaalmarktleningen. De Kamer is hier middels een brief (d.d. 15 juli 2010) en beantwoorde kamervragen (d.d. 14 oktober 2010) reeds over geïnformeerd. De budgettaire gevolgen van de daarbij aangekondigde begrotingslening worden nu deels bij Najaarsnota 2010 in de begroting van Buza verwerkt. Met Voorjaarsnota 2011 zal het tweede deel van de lening en de meerjarige rente- en aflossingsreeks in de begroting worden verwerkt.

Justitie

VI JUSTITIE: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

6 022,4

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Meevaller spekman medisch

– 15,0

Tegenvaller ranov

15,1

Diversen

41,0

 

41,1

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Dekking voor negatieve eindejaarsmarge najaarsnota 2010

20,7

Eenmalige wijziging afrekening rechtsbijstand

– 15,2

Herberekening oda-toerekening

– 15,4

Kasschuif tbv herberekening oda-toerekening

15,4

Oplossen overschrijding 2010

– 20,7

Diversen

0,0

 

– 15,2

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

18,8

 

18,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

44,7

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

6 067,1

Totaal Internationale samenwerking

28,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

6 095,1

VI JUSTITIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

1 037,4

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

2,0

 

2,0

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

11,9

 

11,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

13,9

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

1 051,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

1 051,3

Meevaller Spekman Medisch

Op 1 januari 2010 is een pilot gestart voor de opvang van asielzoekers die een vervolgaanvraag op medische gronden doen. Het aantal vreemdelingen dat gebruik maakt van de regeling is lager dan eerder geraamd. Dit leidt tot een meevaller van 15 mln.

Tegenvaller RANOV (Regeling Afwikkeling Nalatenschap Oude Vreemdelingenwet)

Dit betreft een betaling ter grootte van 15,1 mln in het kader van de Regeling Afwikkeling Nalatenschap Oude Vreemdelingenwet (pardonregeling) voor huisvesting door gemeenten. De betaling was begroot in 2008 en 2009. De betalingen hebben vertraging opgelopen. In 2010 dienen de betalingen aan gemeenten alsnog plaats te vinden.

Diversen

Onderdeel van de post diversen is een tegenvaller ter grootte van 12 mln bij de taskforce Thuisgeven. Deze taskforce is in het leven geroepen om de verblijfsduur van statushouders bij het COA, ontstaan door het niet voldoende of niet tijdig beschikbaar stellen van woonruimte door gemeenten, terug te dringen. De taskforce is later dan gepland van start gegaan. Dit heeft een tegenvaller tot gevolg. Een andere tegenvaller bij het CJIB hangt samen met een verwacht liquiditeitstekort dat o.a. wordt veroorzaakt door het niet volledig vooraf financieren van productie en een openstaande vordering als gevolg van de afrekening over 2009.

Dekking voor negatieve eindejaarsmarge najaarsnota 2010

Om de overschrijding op de Veiligheid en Justitiebegroting in 2010 te compenseren, zal de begroting in 2011 met ditzelfde bedrag verlaagd worden door middel van intertemporele compensatie.

Eenmalige wijziging afrekening rechtsbijstand

Een deel van de eindafrekening over de periode 1 september 2009 t/m 31 augustus 2010 zal pas begin 2011 uitbetaald worden aan de Rechtsbijstand.

Herberekening ODA-toerekening

De toerekening van de kosten van de eerstejaarsopvang van asielzoekers uit de DAC-landen valt door een lagere instroom, lager uit dan geraamd. Dit heeft tot gevolg dat middelen ter grootte van 15,4 mln overgeboekt dienen te worden naar het budget voor Ontwikkelingssamenwerking.

Kasschuif tbv herberekening ODA-toerekening

De overboeking van middelen ter grootte van 15,4 mln naar het budget voor Ontwikkelingssamenwerking heeft betrekking op de uitgaven in 2010. De dekking van hiervan dient in 2011 plaats te vinden. Om dit te faciliteren vind een kasschuif tussen 2010 en 2011 plaats ter grootte van 15,4 mln.

Oplossen overschrijding 2010

De Veiligheid en Justitiebegroting laat in 2010 een overschrijding zien. De overschrijding wordt door Veiligheid en Justitie in 2011 opgelost.

Technische mutaties Diversen

De Justitiële informatiedienst (Just-ID) voert opdrachten uit voor derden, zoals het beheer van ICT systemen. De vergoedingen voor deze opdrachten worden jaarlijks door middel van een desaldering gemuteerd. Zie ook ontvangsten paragraaf.

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

6 012,0

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,7

 

0,7

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

5,4

Niet tot een ijklijn behorend

 

Liquiditeitsbehoefte

50,0

 

55,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

56,1

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

6 068,1

Totaal Internationale samenwerking

0,5

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

6 068,6

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

382,3

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

7,1

 

7,1

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

15,3

 

15,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

22,3

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

404,7

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

404,7

Liquiditeitsbehoefte VUT-fonds

Door exogene factoren is een groter beroep gedaan op het VUT-fonds, hierdoor is de leenbehoefte van het VUT-fonds gewijzigd. In 2010 werd door het VUT-fonds een hogere aanspraak gedaan op het leenplafond dan eerder werd voorzien. De uitgavenraming wordt hiervoor aangepast. Dit heeft een mutatie van 50 mln. tot gevolg.

Onderwijs, Cultuur en wetenschap

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

36 352,5

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen ramingsbijstelling wet kinderopvang

65,0

Diversen

– 81,1

 

– 16,1

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Beelden voor de toekomst afbouwen project

25,0

Ov-jaarkaart

80,0

Diversen

– 120,9

 

– 15,9

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 55,6

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

– 9,0

 

– 64,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 96,6

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

36 255,9

Totaal Internationale samenwerking

73,2

Totaal Stimuleringspakket

592,3

Stand Najaarsnota 2010

36 921,3

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

2 264,9

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

5,6

 

5,6

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 45,0

 

– 45,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 39,4

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

2 225,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

2 225,5

Ramingsbijstelling wet kinderopvang

De uitgaven aan kinderopvang zijn hoger dan geraamd. Deze extra uitgaven komen grotendeels door een grotere aantal kinderen in de opvang dan geraamd, zowel in de buitenschoolse opvang als in de dagopvang. Daarnaast zijn er hogere uitgaven dan geraamd bij de afrekening door de belastingdienst van in eerdere jaren als voorschot verstrekte toeslagen.

Diversen mee- en tegenvallers

De diversenpost bevat de mutaties die vanwege hun beperktere omvang (minder dan 25 mln.) niet apart worden vermeld. De grootste posten betreffen een meevaller door een ramingbijstelling van de studiefinanciering van 19,6 mln., een aantal meevallers van in totaal 13,9 mln. op de subsidies voor de kinderopvang, een meevaller van 7,4 mln. op het budget van de regeling conciërges in het primair onderwijs, en een meevaller van 6,1 mln. op het vangnet zwangerschapsverlof in de reguliere bekostiging van het PO. In het mbo valt 6,2 mln. vrij vanwege het niet herinvesteren van terugbetaalde prestatiesubsidies voor het tegengaan van voortijdig schoolverlaten. Deze terugbetaling vindt plaats als instellingen de beoogde reductie in het aantal voortijdig schoolverlaters niet realiseren.

Beelden voor de toekomst afbouwen project

Het project Beelden voor de Toekomst is onlangs geëvalueerd. De evaluatie wijst uit dat de terugverdienverplichting niet haalbaar is. Om het project te kunnen afbouwen op een manier die aan reeds aangegane verplichtingen voldoet, wordt incidenteel een bedrag van 25 mln. beschikbaar gesteld.

OV-jaarkaart

Om het kasritme van de Staat te optimaliseren, wordt in 2010 al voldaan aan een deel van de verplichtingen aan de vervoersbedrijven voor de OV-studentenkaart 2011.

Diversen – Beleidsmatige mutaties

De diversenpost bevat de mutaties die vanwege hun beperktere omvang (minder dan 25 mln.) niet apart worden vermeld. Deze post omvat onder andere een aantal beleidsmatige mutaties om de ict-systemen studiefinanciering toekomstbestendig, klantvriendelijker en flexibel te maken (7,3 mln.) en voor het wegwerken van achterstallig onderhoud bij schoolgebouwen op de BES-eilanden (7,5 mln.). Daarnaast omvat deze post diverse verplichtingen die in 2010 niet tot uitgaven hebben geleid. De grootste bedragen zijn: een reservering in het passend onderwijs voor het stijgende aantal zorgleerlingen voor 2011 van 18,9 mln., overlopende verplichtingen naar 2011 voor de betaling van de Vsv-convenanten (14,2 mln.) en een overlopende verplichting naar 2011 voor einddeclaraties voor het ESF (t.b.v. versterking Beroeps Begeleidende Leerweg en bestrijding Voortijdig Schoolverlaten) van 12,9 mln.

Diversen – Technische mutaties Rijksbegroting in enge zin

Voor de technische mutaties geldt dat alleen mutaties groter dan 50 mln. apart worden toegelicht. Mutaties met een omvang van minder dan 50 mln. vallen onder de diversen. Hieronder vallen overboekingen van en naar begrotingen van andere departementen. Per saldo wordt er 10,6 mln. overgeboekt naar andere departementen.

Daarnaast betreft het een aantal desalderingen met de ontvangsten. Voor diverse projecten (waaronder BSIK, Beroepsonderwijs in bedrijf en Rendement en Excellentie) komt een deel van de FES-middelen niet in 2010 tot besteding. Het gaat in totaal om 54,7 mln. en deze middelen worden doorgeschoven naar 2011.

Nationale Schuld

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

22 828,3

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

7,1

 

7,1

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Leningen kasbeheer

197,7

Mutatie rek courant en deposito kasbeheer

– 5 186,6

Rente vlottende schuld

– 114,9

Diversen

20,0

 

– 5 083,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 5 076,6

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

17 751,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

17 751,6

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

3 160,5

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Rente Antillen

43,8

Diversen

8,1

 

51,9

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Leningen kasbeheer

126,4

Mutatie rek courant en deposito kasbeheer

1 000,0

Diversen

7,0

 

1 133,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

1 185,3

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

4 345,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

4 345,8

Leningen Kasbeheer

Zowel aan baten- lastendiensten als aan rechtspersonen met wettelijke taak zijn meer leningen verstrekt.

Mutatie rek courant en deposito kasbeheer

Een daling van het rekening-courantsaldo van een deelnemer aan het schatkistbankieren telt als uitgave voor de Staat. De daling van het rekening-courantsaldi wordt grotendeels veroorzaakt door ontwikkelingen bij sociale fondsen.

Rente vlottende schuld

Beroep op de geldmarkt is lager dan eerder geraamd, omdat het tekort lager is en er meer op de kapitaalmarkt gefinancierd is (financieringsplan is in de loop van het jaar aangepast).Een lager beroep op de geldmarkt leidt tot lagere rentekosten. Daarnaast is van belang dat de vlottende schuld gefinancierd is tegen een lagere rente dan de rekenrente. Tenslotte speelt ook nog mee dat de rekenrente neerwaarts is aangepast.

Rente Antillen

De uitgaven aan rente en aflossing over de vordering op Curaçao en St. Maarten worden tot 2 030 verantwoord via een bijdrageconstructie van dit begrotingshoofdstuk (Koninkrijksrelaties) naar het hoofdstuk van de Nationale Schuld (IX A). In 2010 wordt reeds 43,8 mln. rente ontvangen.

Financiën

IXB FINANCIËN: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

12 429,7

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Heffings- en invorderingsrente

– 200,0

Diversen

6,7

 

– 193,3

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Schades ekv

– 40,0

Diversen

– 3,6

 

– 43,6

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

7,3

Niet tot een ijklijn behorend

 

Voorfinanciering dnb

93,2

 

100,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 136,4

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

12 293,3

Totaal Internationale samenwerking

58,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

12 351,3

IXB FINANCIËN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

9 141,2

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Boeteontvangsten

– 45,0

Heffings- en invorderingsrente

– 100,0

Diversen

– 1,2

 

– 146,2

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Dividend staatsdeelnemingen

51,6

Provenu’s ekv

40,2

Terugstorten seno-gom

– 40,0

Diversen

10,6

 

62,4

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,8

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

9,0

 

9,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 73,8

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

9 067,4

Totaal Internationale samenwerking

10,1

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

9 077,5

Heffings- en Invorderingsrente

De verwachting is dat als gevolg van onder meer een lager rentetarief de uitgaven bij de Heffings- en Invorderingsrente lager zullen zijn dan geraamd.

Diversen – Mee- en tegenvallers

Deze diversenpost bevat onder meer een meevaller bij de regeling Bijzondere Financieringen als gevolg van minder schade-uitkeringen en een tegenvaller bij het RVOB als gevolg van onder meer een stijging van de zakelijke lasten.

Schades EKV

Bij Voorjaarsnota werd een vermoedelijke tegenvaller van 40 mln. op de exportkredietverzekeringen gemeld. Deze tegenvaller zal naar verwachting niet gerealiseerd worden, waardoor geen beroep gedaan hoeft te worden op de dekking die bij VJN 2010 binnen de Seno-Gom voorziening is gevonden.

Voorfinanciering DNB

De DNB heeft als uitvoerder van het Depositogarantiestelsel (DGS) de uitkeringen i.v.m. het faillissement van de DSB bank voorgeschoten. In 2010 zal DNB het voorgeschoten bedrag terugvorderen van de banken. 

Boeteontvangsten

Bij de boeteontvangsten wordt een tegenvaller gemeld die grotendeels het gevolg is van lagere ontvangsten bij de motorrijtuigenbelasting.

Heffings- en Invorderingsrente

Waar de lage rentestand bij de uitgavenkant tot lagere uitgaven heeft geleid, zorgt de rente bij de ontvangsten voor lagere ontvangsten.

Diversen – Mee- en tegenvallers

Deze diversenpost bevat o.a. een tegenvaller bij de schikkingen van de belastingdienst.

Dividend staatsdeelnemingen

De dividendraming is naar boven bijgesteld. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door meevallende dividenden van de Gasunie en BNG.

Provenu’s EKV

Doordat de getroffen betalingsregelingen, mede gezien de economisch onzekere tijden, boven verwachting worden nagekomen is de raming voor de recuperaties opwaarts bijgesteld.  

Terugstorten Seno-Gom

Aangezien de schades bij de EKV meevallen, hoeft er geen beroep te worden gedaan op de Seno-Gom voorziening en wordt derhalve de raming bijgesteld.

Defensie

X DEFENSIE: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

8 125,0

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Doorwerking aanpassing ontvangsten

– 47,2

Verhoging exploitatiebudget ten laste van investeringen

39,2

Verlaging investeringen ten behoeve van exploitatie

– 39,2

 

– 47,2

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,3

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

– 18,7

 

– 18,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 65,6

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

8 059,4

Totaal Internationale samenwerking

368,1

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

8 427,5

X DEFENSIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

499,0

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing ontvangsten

– 47,2

 

– 47,2

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,9

 

0,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 46,3

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

452,6

Totaal Internationale samenwerking

13,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

465,6

Doorwerking aanpassing ontvangsten

Als gevolg van de lagere ontvangsten, door onder andere vertraging in de verkoop van tanks, pantserhouwitsers en onroerend goed, is het uitgavenbudget ook neerwaarts bijgesteld. Zie voor verdere toelichting de mutatie aan de ontvangstenkant.

Verhoging exploitatiebudget ten laste van investeringen

Er is sprake van een uitgavenoverschrijding bij de logistieke exploitatie. Dit zit ondermeer in hogere energiekosten en hogere kosten van munitie. Deze budgetverhoging wordt gedekt uit een verlaging van de investeringen, zie de toelichting hieronder.

Verlaging investeringen ten behoeve van exploitatie

De vertraging van een aantal investeringsprojecten (NH-90, vervanging F-16) leidt tot een verlaging van de investeringsbudgetten in 2010. Tevens vallen de uitgaven lager uit doordat maatregelen ter beheersing van de materiële exploitatie, zoals een stop op de aanschaf van dienstpersonenauto’s, ook een drukkend effect hebben op de totale som van de investeringen. De verlaging van de investeringen wordt ingezet om de overschrijding bij de exploitatie te dekken, zie toelichting hierboven.

Diversen – Niet tot een ijklijn behorend

Door meevallende rentelasten vallen er gelden vrij binnen het niet kaderrelevante deel van de pensioenuitgaven. Deze meevaller komt ten goede van het generale beeld.

Aanpassing ontvangsten

Ontvangsten die voor 2010 waren geraamd, zullen dit jaar niet meer worden gerealiseerd. Het gaat hier om zowel de verkoop van roerende goederen, onder andere tanks en pantserhouwitsers, en de verkoop van onroerende goederen, met name de projecten PWA-Kazerne in Gouda en de Kranenburg Noord te Harderwijk.

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

XI VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

1 500,4

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,0

 

0,0

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing kasritme fes: Almere weerwaterzone (nota ruimte)

– 14,0

Aanpassing kasritme fes: birk

– 64,0

Aanpassing kasritme fes: ijsseldelta kampen (nota ruimte)

14,3

Aanpassing kasritme fes: kennis voor klimaat

– 10,3

Aanpassing kasritme fes: luchtkwaliteit

– 65,8

Aanpassing kasritme fes: noordelijke ij-oevers (nota ruimte)

– 15,9

Aanpassing kasritme fes: nsp

– 172,5

Aanpassing kasritme fes: oude rijnzone (nota ruimte)

– 21,0

Aanpassing kasritme fes: stadshavens Rotterdam (nota ruimte)

– 19,0

Aanpassing kasritme fes: waterdunen (nota ruimte)

– 12,6

Aanpassing kasritme fes: zuidplaspolder (nota ruimte)

– 10,0

Bedrijventerreinen motie van heugten

– 15,0

Bodemsanering

– 14,4

Diversen

– 41,7

 

– 461,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 461,9

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

1 038,4

Totaal Internationale samenwerking

76,7

Totaal Stimuleringspakket

66,3

Stand Najaarsnota 2010

1 181,4

XI VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

682,0

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Inflatieresultaat rgd

9,9

 

9,9

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing kasritme fes: Almere weerwaterzone (nota ruimte)

– 14,0

Aanpassing kasritme fes: birk

– 64,0

Aanpassing kasritme fes: ijsseldelta (nota ruimte)

14,3

Aanpassing kasritme fes: kennis voor klimaat

– 10,3

Aanpassing kasritme fes: luchtkwaliteit

– 65,8

Aanpassing kasritme fes: noordelijke ij-oevers (nota ruimte)

– 15,9

Aanpassing kasritme fes: nsp

– 172,5

Aanpassing kasritme fes: oude rijnzone (nota ruimte)

– 21,0

Aanpassing kasritme fes: stadshavens Rotterdam (nota ruimte)

– 19,0

Aanpassing kasritme fes: waterdunen (nota ruimte)

– 12,6

Aanpassing kasritme fes: zuidplaspolder (nota ruimte)

– 10,0

Diversen

– 51,4

Niet tot een ijklijn behorend

 

Ontvangst conversielening rgd

157,3

 

– 284,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 274,9

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

407,1

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

407,1

Aanpassing kasritme FES

In 2010 wordt het beschikbare FES-budget verlaagd. Deze middelen komen in latere jaren tot besteding (aanpassing kasritme).

Bedrijventerreinen motie Van Heugten

Het gemeentefonds wordt met in totaal 15 miljoen euro incidenteel verhoogd ten gunste van twee gemeenten (Soesterberg en Veendam). Dit naar aanleiding van en conform de Motie Van Heugten (Kamerstuknummer 31 700 XI, nummer 16 herdruk) betreffende de herstructurering van bedrijventerreinen. Randvoorwaarden hierbij zijn dat de medeoverheden voor tenminste een gelijkwaardig bedrag mee investeren en dat het project binnen drie jaar tot uitvoering komt.

Bodemsanering

Het «Convenant bodemontwikkelingsbeleid en aanpak spoedlocaties» wordt in de periode 2010 tot en met 2014 in uitvoer gebracht door een uitvoeringsprogramma. Met ingang van 1 januari 2010 wordt een deel van het bodemsaneringsbudget uitgekeerd aan gemeenten en provincies via de decentralisatie-uitkering Bodemsanering in het gemeentefonds en provinciefonds.

Diversen (technische mutaties)

Deze post bestaat voornamelijk uit overboekingen van WWI naar VROM ten behoeve van dekking voor de lagere ontvangsten DVO Huurcommissie en om in te zetten voor sociaal flankerend beleid.

Daarnaast bevat deze post extra ontvangsten van het Planbureau voor de Leefomgeving en de bijdrage van LNV aan de commissie MER.

Inflatieresultaat RGD

Een deel van de kosten voor huisvesting is niet inflatiegevoelig, namelijk de kosten voor rente en afschrijving. Daarentegen zijn de opbrengsten via de gebruikersvergoedingen wel inflatiegevoelig. Met dit verschil is rekening gehouden in de rekenmethodiek Rijksgebouwendienst, waardoor bij een jaarlijkse inflatie van 1,5% de gebruiksvergoeding exact gelijk is aan de kosten. De Rijksgebouwendienst heeft over 2009 een positief inflatieresultaat geboekt doordat het werkelijke inflatiepercentage hoger ligt.

Ontvangst conversielening RGD

Voor de aankoop van het onderhanden werk voor de projecten van de Hoge Colleges van Staat, het ministerie van Algemene Zaken en drie paleizen wordt een betaling door de Rijksgebouwendienst aan het voormalige ministerie voor WWI gedaan. Zoals vermeld in de 1e suppletoire begroting 2010 (TK, vergaderjaar 2009–2010, 32 395 XVIII, nr. 2) worden deze projecten in het kader van de systeemwijziging met ingang van 2010 middels de leenfaciliteit gefinancierd.  

Wonen, Wijken en Integratie

XVIII WONEN, WIJKEN EN INTEGRATIE: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

3 623,3

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 0,4

 

– 0,4

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 12,6

 

– 12,6

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Kwaliteitsimpuls inburgering, overboeking rijk naar gf/bzk

– 47,5

Overboeking rijk naar gf/pf voor krimpregio’s

– 31,0

Diversen

– 22,1

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

– 4,0

 

– 104,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 117,6

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

3 505,7

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

132,3

Stand Najaarsnota 2010

3 638,0

XVIII WONEN, WIJKEN EN INTEGRATIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

474,7

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

1,0

 

1,0

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Vertraging terug te vorderen inburgeringmiddelen 2005–2009

– 100,0

Diversen

4,5

 

– 95,5

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 17,0

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

0,7

 

– 16,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 110,8

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

363,9

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

7,0

Stand Najaarsnota 2010

370,9

Kwaliteitsimpuls inburgering

In 2010 konden gemeenten, die meer trajecten wilden aanbieden dan hun aandeel in de 47 000 trajecten, eenmalig aanspraak maken op extra budget. Met deze middelen hebben gemeenten aanvullende maatregelen getroffen (zoals beschreven in de brief van 25 augustus 2009, TK 32 143, nr. 67) om hun doelstelling te realiseren.

Overboeking rijk naar gemeentefonds en provinciefonds voor krimpregio’s

In kader van het actieplan «Krimpen met kwaliteit» heeft het Rijk geld via gemeentefonds en provinciefonds geld naar krimpregio’s overgeboekt. Het betreft: Parkstad Limburg, Noord-Oost-Groningen en Zeeuws-Vlaanderen

Afname van beroep op de leenfaciliteit inburgering

In 2010 vragen inburgeringsplichtigen naar verwachting voor € 4 mln minder leningen aan om hun inburgeringscursus te financieren. Reden hiertoe is dat gemeenten sinds 2007 rijksmiddelen ontvangen om inburgeringsplichtigen een voorziening aan te bieden en zij dus niet hoeven te lenen. Bijgevolg wordt het verplichtingen- en uitgavenbudget in 2010 navenant verlaagd.

Vertraging terug te vorderen inburgeringsmiddelen 2005–2009

In het kader van de afrekening van de BDU-SIV 2005–2009 is € 100 mln ontvangsten begroot in 2010. Het betreft terugvordering van de inburgeringmiddelen waarvoor geen prestatie is geleverd door gemeenten. Dat wil zeggen, van trajecten die niet zijn aangeboden, of trajecten die zijn gestart maar waarbij geen examen is afgelegd. Door vertraging in de verantwoordingsprocedure worden de middelen hoogstwaarschijnlijk begin 2011 ontvangen.

Verkeer en Waterstaat

XII VERKEER EN WATERSTAAT: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

8 973,9

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing kasritme basispakket beheer en onderhoud hoofdwegennet

200,0

Geluidsisolatie schiphol

– 21,6

Diversen

6,5

 

184,9

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 25,0

 

– 25,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

159,9

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

9 133,8

Totaal Internationale samenwerking

15,1

Totaal Stimuleringspakket

294,6

Stand Najaarsnota 2010

9 443,6

XII VERKEER EN WATERSTAAT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

100,6

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,1

 

0,1

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 10,8

 

– 10,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 10,7

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

89,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

89,9

Aanpassing kasritme basispakket beheer en onderhoud hoofdwegennet

Er wordt een uitgave van 200 mln. ten behoeve van het basispakket Beheer en Onderhoud Hoofdwegennet die voorzien was voor 2011, al in 2010 voldaan.

Geluidsisolatie Schiphol

Bij het Geluidsisolatie Schiphol (GIS) is onderuitputting die met name betrekking heeft op het isolatieprogramma GIS-3. Belangrijke oorzaken van onderuitputting zijn dat de scope is gewijzigd doordat relatief veel woningen al voldoende geluidswerend zijn of eigenaren niet deel wensen te nemen. Daarnaast hebben de ingenieursbureaus bij het akoestisch onderzoek en ontwerp vertragingen opgelopen en is hierdoor het aannemerswerk vertraagd. Tenslotte vallen kosten ten opzichte van de eerder geprognosticeerde prijsramingen voor 2010 mee.

Economische Zaken

XIII ECONOMISCHE ZAKEN: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

2 891,2

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 18,3

 

– 18,3

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing ontvangstenraming GO

– 84,0

Diversen

– 149,1

 

– 233,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 251,4

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

2 639,8

Totaal Internationale samenwerking

191,1

Totaal Stimuleringspakket

154,8

Stand Najaarsnota 2010

2 985,8

XIII ECONOMISCHE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

5 445,4

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing ontvangstenraming top

– 15,0

Diversen

– 13,0

 

– 28,0

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing ontvangstraming go

– 84,0

Fes

– 137,4

Diversen

3,7

Niet tot een ijklijn behorend

 

Aanpassen afdracht fes

953,6

Aanpassing ontvangstraming aardgasbaten

– 50,0

 

685,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

658,1

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

6 103,5

Totaal Internationale samenwerking

8,3

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

6 111,8

Diversen

Deze post bestaat grotendeels uit aanpassingen van kasramingen. In het verleden aangegane verplichtingen voor diverse regelingen en programma’s komen sneller dan wel trager tot uitbetaling dan aanvankelijk verwacht, waardoor de ramingen moeten worden aangepast.

Aanpassing uitgaven en ontvangsten raming Garantie ondermeningsfinanciering (GO)

Voor de GO was de uitgaven- en ontvangstenraming 2010 oorspronkelijk 56 mln. Daar is bij 1ste sup 2010 37,6 mln. aan toegevoegd (dit betrof het restant 2009 en de GO-Cure.) Deze raming was gebaseerd op het volledig verstrekken van 1,5 miljard aan garanties op ondernemingsfinanciering in 2009 en 2010. De regeling is verlengd tot en met eind 2011. Het garantieplafond voor 2011 zal worden gevormd door het nog onbenutte deel van de in totaal beschikbare € 1,5 mld. Hierdoor zullen ook de premies later worden ontvangen dan eerder werd geraamd. Deze mutatie betreft het naar beneden bijstellen van de ontvangsten uit premies voor de GO en de bijbehorende schaderaming.

Diversen

Het betreft hier technische mutaties met name het aanpassen van kasritmes van diverse FES projecten (ad 137,4 mln.).

Aanpassingen ontvangstenraming TOP

Het betreft een aanpassing van de ontvangstenraming van TOP deze bestaat uit rente en aflossingen op in het verleden verstrekte kredieten. Momenteel wordt circa 70% terugontvangen. De realisatie van de raming van de ontvangsten is onzeker vanwege de onvoorspelbaarheid van het succes van projecten en terugbetaling door bedrijven.

Diversen

Dit betreft onder andere de verwachte ontvangsten uit hoofde van de «oude» bouwfraudezaken. NMa verwacht dat de geraamde boeteontvangsten wel ontvangen zullen worden, zij het later dan geraamd (met name als gevolg van trager verlopende (hoger)beroepszaken). De ontvangstenverlaging in 2010 komt verdeeld over 2011 en 2012 naar verwachting alsnog binnen.

Daarnaast betreft deze diversenpost een tegenvaller van de high trust boeteontvangsten bij de vier EZ-toezichthouders (NMA, OPTA, AT en CA). Een deel van deze geraamde ontvangsten zal in 2010 niet gerealiseerd worden, ondanks maatregelen ter invulling van het high trust boetebeleid (zoals de nieuwe boetebeleidsregels die de NMa de mogelijkheid bieden hogere boetes op te leggen bij overtreding van de mededingings- en energieregels).

Aanpassing ontvangstraming GO

Zie toelichting uitgavenkant

FES

Het betreft hier technische mutaties met name het aanpassen van kasritmes van diverse FES projecten.

Aanpassing afdracht FES

Het kasritme en de omvang van de uitgavenraming binnen het FES zijn leidend voor de voeding van het fonds. Deze mutatie (953 mln.) betreft de aanpassing van de voeding van het FES die nodig is om het bij Najaarsnota aangepaste kasritme van de FES-uitgaven te dekken.

Aanpassing ontvangstenraming aardgasbaten

De raming van de aardgasbaten wordt naar beneden bijgesteld. Hier zijn twee oorzaken voor. Ten eerste is het productievolume lager dan eerder geraamd. Ten tweede vallen prijzen op enkele deelmarkten iets lager uit dan eerder verwacht.

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

XIV LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

2 571,5

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Bedrijfstoeslagregeling glb

16,0

Knelpunten natuur en landschap

33,0

Migratiekosten outsourcing kantoorautomatisering

7,8

Regelingen glastuinbouw

– 12,7

Tarieven voedsel- en warenautoriteit

5,2

Diversen

– 6,3

 

43,0

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Groencompensatie Amerikaanse ambassade

5,0

Prijsbijstelling

– 9,6

Diversen

1,9

 

– 2,7

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Zandmaas (ilg)

15,0

Diversen

– 14,0

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

0,1

 

1,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

41,4

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

2 612,9

Totaal Internationale samenwerking

29,8

Totaal Stimuleringspakket

17,3

Stand Najaarsnota 2010

2 660,0

XIV LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

600,1

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 1,2

 

– 1,2

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 17,4

Niet tot een ijklijn behorend

 

Landbouwheffingen

– 53,0

Diversen

0,4

 

– 70,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 71,2

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

528,9

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

528,9

Bedrijfstoeslagregeling GLB

Als basis voor de uitbetaling van de GLB-Bedrijfstoeslagregeling (BTR) 2009 is in 2010 gebruik gemaakt van een referentielaag van het perceelsregistratiesysteem die niet volledig voldeed aan de EU-regelgeving. Dit had tot gevolg dat er meer aan BTR-premies is uitbetaald dan bij de EU kon worden gedeclareerd. De minister van LNV heeft eerder aan de Tweede Kamer toegezegd (brief TK 2 825 nr. 99) dat de begunstigden geen financieel nadeel mogen ondervinden.

Knelpunten Natuur en Landschap

Er is – in aanvulling op de bij de eerste sup gedekte problematiek- sprake van een knelpunt van per saldo 36,4 mln. op het terrein van Natuur en landschap. Dit tekort wordt met name veroorzaakt door:

  • –  uitvoeringskosten Programma Beheer en implementatiekosten van het nieuwe (provinciale) subsidiestelsel Natuur- en landschapsbeheer (25,7 mln.)
  • –  kosten projecten riettelers en weidevogelbeheer, voortvloeiend uit de amendementen Cramer (riettelers) en Jacobi en Atsma (weidevogelbeheer) bij begroting 2009 (3,3 mln.)
  • –  kosten programma’s Biodiversiteit en Leren voor Duurzame Ontwikkeling (3,3 mln.)
  • –  een tekort op de Subsidieregeling Agrarisch Natuurbeheer, onderdeel ganzen (1,8 mln.)
  • –  schouw- en WOZ-kosten gronden en terreinen van SBB (1,1 mln.)
  • –  restant subsidietaakstelling op de ILG-onderdelen (1,0)

Dit tekort wordt gedekt door binnen het beleidsterrein Natuur en Landschap een kasschuif vanuit 2011 naar 2010 voor 36,4 mln. te verwerken.

Migratiekosten outsourcing kantoorautomatisering

De kantoorautomatisering van LNV wordt uitbesteed aan een externe leverancier. Voor deze migratie worden additionele kosten gemaakt die onder andere samenhangen met vervanging van de hardware.

Regelingen glastuinbouw

Bij de glastuinbouwregelingen Marktintroductie Energie-Innovatie (MEI) en de Investeringsregeling energiebesparing (IRE) heeft een ramingsbijstelling plaatsgevonden. Deze ramingsbijstelling is mogelijk doordat als gevolg van de economische crisis de investeringsbereidheid bij de sector is getemporiseerd. Deze middelen zijn in 2010 niet nodig voor de uitfinanciering van de reeds aangegane verplichtingen. Voor de lopende aanvraagrondes en de geplande openstellingen vanuit het programma Kas als Energiebron voor 2011 en 2012 is voldoende budget beschikbaar voor de uitfinanciering.

Tarieven Voedsel- en Warenautoriteit (VWA)

Als gevolg van het uitstel van de tariefstijging VWA naar 1 januari 2011 en de gederfde inkomsten als gevolg van het roodvleesconvenant wordt de bijdrage aan de VWA verhoogd.

Natuurprojecten Amerikaanse ambassade

Ter compensatie van natuurprojecten rond de nieuwe Amerikaanse ambassade in Den Haag/Wassenaar is 5 mln. beschikbaar gesteld. Het betreft hier het realiseren c.q. verbeteren van de ecologische structuur, het versterken van de cultuurhistorische en recreatieve waarden van de landgoederen en het verbeteren van de recreatieve voorzieningen.

Prijsbijstelling

De prijsbijstelling wordt ingezet om een deel van de tekorten op de LNV-begroting op te vangen.

Zandmaas (ILG)

Vanuit de begroting van Verkeer en Waterstaat worden middelen beschikbaar gesteld ten behoeve van natuur- en gebiedsontwikkeling rond de Maas in Limburg. De bijdrage valt onder het Investeringsbudget Landelijk Gebied.

Landbouwheffingen

Door afname van de wereldhandel als gevolg van de economische crisis vallen de landbouwheffingen ook lager uit.

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

29 064,0

Mee- en tegenvallers

 

Sociale zekerheid

 

Diversen

5,2

 

5,2

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 6,1

Sociale zekerheid

 

Diversen

2,3

 

– 3,8

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,3

Sociale zekerheid

 

Diversen

2,5

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

8,1

 

10,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

12,3

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

29 076,3

Totaal Internationale samenwerking

0,7

Totaal Stimuleringspakket

90,5

Stand Najaarsnota 2010

29 167,5

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

1 075,8

Mee- en tegenvallers

 

Sociale zekerheid

 

Diversen

13,6

 

13,6

Beleidsmatige mutaties

 

Sociale zekerheid

 

Diversen

0,3

 

0,3

Technische mutaties

 

Sociale zekerheid

 

Diversen

28,9

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

0,6

 

29,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

43,5

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

1 119,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

1 119,3

Diversen Technische mutaties

n het aanvullend beleidskader is afgesproken dat met het oog op versterkte werking van de automatische stabilisatoren de kaders in 2009, 2010 en 2011 worden gecorrigeerd voor mutaties in de werkloosheidsuitgaven (WW, bijstand, etc). Deze post diversen betreft de kleine bijstandsregelingen IOAW en IOAZ.

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

15 426,7

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Onderuitputting diversen

– 25,9

Resterende taakstellende onderuitputting

63,6

Ruimte uitvoeringskosten wanbetalers

– 17,0

Ruimte zorgkosten illegalen

– 34,7

Subsidieregeling lsp

16,9

Diversen

3,8

 

6,7

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

4,4

Zorg

 

Knelpunt tegemoetkomingen wtcg

30,7

 

35,1

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

7,4

Niet tot een ijklijn behorend

 

Afwikkeling algemene kas ziekenfondswet

5 773,6

 

5 781,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

5 822,8

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

21 249,6

Totaal Internationale samenwerking

13,2

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

21 262,8

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

181,5

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

6,7

 

6,7

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 16,8

 

– 16,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 10,1

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

171,3

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

171,3

Onderuitputting diversen

De post onderuitputting diversen geeft de opgetreden onderuitputting op beleidsartikel 41 weer. Het gaat hierbij onder meer vrijgevallen middelen binnen de budgetten van het Nederlands Vaccin Instituut (– 14,9 mln) en de antivirale middelen (– 3,9 mln). Het restant omvat een breed scala aan diverse kleine posten.

Resterende taakstellende onderuitputting

Deze boeking betreft de invulling van een taakstellende onderuitputting op de begroting van VWS van ca. 63 mln. Bij de voorjaarsnota’s 2006 tot en met 2010 zijn op de VWS-begroting taakstellingen ingeboekt, die worden ingevuld uit de opgetreden onderuitputting gedurende het begrotingsjaar. Om de taakstelling in te vullen is onder meer onderuitputting op beleidsartikel 41 (zie vorige post «onderuitputting diversen»), op het dossier wanbetalers (zie volgende post «ruimte uitvoeringskosten wanbetalers») en op het dossier «zorgkosten illegalen» (zie volgende post «ruimte zorgkosten illegalen») ingezet.

Ruimte uitvoeringskosten wanbetalers

Binnen het budget voor wanbetalers is sprake van een meevaller van ca. 17 mln. door lagere uitvoeringskosten dan geraamd.

Ruimte zorgkosten illegalen

Deze boeking betreft een meevaller van ca. 35 mln. die is ontstaan door lagere zorgkosten voor illegalen dan geraamd.

Subsidieregeling Landelijke Schakel Punt (LSP)

Kort voor het verstrijken van de indieningstermijn van subsidieverzoeken op basis van de regeling LSP is medio 2010 een groot aantal aanvragen binnengekomen. Dit heeft geleid tot een onvermijdelijke overschrijding van het beschikbare budget van 16,9 miljoen.

Diversen (mee- en tegenvallers)

De post diversen bestaat uit meerdere relatief kleinschalige mee- en tegenvallers. Per saldo resulteert een tegenvaller van 3,8 mln. die wordt gedekt uit overige meevallers.

Diversen (beleidsmatige mutaties)

Betreft een bijstelling van de raming van de Tegemoetkoming Buitengewone Uitgaven (TBU). De regeling is per 1 januari 2009 afgeschaft, de definitieve tegemoetkoming kan echter pas worden vastgesteld nadat de belastingaangifte is afgerond. De TBU kende in de jaren 2006 tot en met 2008 een overschrijding. Hierdoor zijn in 2010 hogere uitgaven bij deze regeling te verwachten.

Knelpunt tegemoetkomingen Wtcg

De raming voor de uitgaven van de Wet Tegemoetkoming Chronisch zieken en Gehandicapten (Wtcg) valt hoger uit dan eerder geraamd als gevolg van hoger zorggebruik (aantallen rechthebbenden), betere registraties door de ketenpartijen en beter zicht op ramingen van gebruikers van huishoudelijke hulp in de WMO.

Diversen (technische mutaties)

De post diversen bestaat uit verschillende technische mutaties waaronder diverse relatief kleinschalige overboekingen tussen verschillende begrotingshoofdstukken en een schuif van 11,5 mln. van het Budgettair Kader Zorg naar het Budgettair Kader Rbg-eng ten behoeve van de bekostiging van het functioneel leeftijdsontslag (FLO) voor de private- en B3-instellingen in de ambulancezorg.

Afwikkeling Algemene Kas Ziekenfondswet

Bij de invoering van de Zorgverzekeringswet (Zvw) op 1 januari 2006 is tevens de Invoerings- en aanpassingswet Zorgverzekeringswetvan kracht geworden. Deze wet bepaalt dat de Ziekenfondswet (Zfw) wordt ingetrokken en dat het saldo van de Algemene Kas Ziekenfondswet naar de situatie op 1 januari 2010 ten bate of ten laste van ’s Rijks schatkist komt.

Het saldo per 1 januari 2010 is uitgekomen op een bedrag van 5 773,6 miljoen negatief. Dit bedrag wordt met deze technische boeking- niet relevant en EMU-saldo neutraal – ten laste van de begroting van VWS gebracht en via de tweede suppletoire wet 2010 verantwoord. Door deze formele verantwoording via de begroting van VWS wordt invulling gegeven aan bovengenoemde wettelijke bepaling.

Het negatieve saldo van de Algemene Kas Ziekenfondswet is ontstaan in een aantal jaren voorafgaand aan 2006. Tijdens deze periode is jaarlijks het negatieve saldo ten laste van het EMU-saldo gebracht. De betaling van het Rijk aan de Algemene Kas Ziekenfondswet in 2010 is neutraal voor het EMU-saldo; het is immers een uitgave èn een ontvangst van de overheid. Het is niet relevant voor de uitgaventoetsing, want het is een onderlinge betaling binnen de collectieve sector en die leidt dan ook niet tot een mutatie van de overheidsschuld. Die schuld wordt bepaald als de schuld van het Rijk plus de schuld van Algemene Kas Ziekenfondswet, en in het saldo van deze twee verandert niets.

Diversen (ontvangsten mee- en tegenvallers)

Bij de ontvangstenraming doen zich diverse mee- en tegenvallers voor. Het gaat hierbij met name om een tegenvallende opbrengst van de opslag in de bestuursrechterlijke premies die worden opgelegd in het kader ten aanzien van de Wet wanbetalers (– 11,9 mln.) en een meevaller (13,7 mln.) binnen het budget voor mantelzorgcomplimenten.

Diversen (ontvangsten technische mutaties)

De post diversen bestaat uit één grote technische mutatie en diverse kleinere technische mutaties. De grote mutatie betreft een schuif van 20,9 mln. van het Budgettair Kader RBG-eng naar het Budgettair Kader Zorg ten behoeve van de Wet wanbetalers. De uitgaven die gemoeid zijn met het aanpakken van de wanbetalers, worden gedekt uit de ontvangen opslag (30%) in de bestuursrechterlijke premie die aan wanbetalers worden opgelegd. Deze inkomsten lopen in het Zorgverzekeringsfonds. Omdat er momenteel geen juridische basis is om de ontvangsten opslag aan het Zorgverzekeringsfonds te onttrekken wordt met deze boeking in 2010 de ontvangstenraming op de begroting VWS overgeheveld naar hoofdstuk 41 (Budgettair Kader Zorg).

Jeugd en Gezin

XVII JEUGD EN GEZIN: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

6 619,9

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Jeugdbescherming

– 15,0

kinderbijslag (akw)

25,9

Diversen

– 16,5

 

– 5,6

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

0,0

 

0,0

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

– 3,3

 

– 3,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 9,0

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

6 610,9

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

63,9

Stand Najaarsnota 2010

6 674,8

XVII JEUGD EN GEZIN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

182,6

Mee- en tegenvallers

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

3,9

 

3,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

3,9

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

186,5

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

186,5

Kinderbijslag (AKW)

In de raming van de kinderbijslag is geen rekening gehouden met achteraf vastgestelde rechten op AKW. Deze rechten zorgen voor extra uitgaven (21,3 mln.). Daarnaast waren er circa 8 000 meer kinderen waarvan ouders recht hadden op de tegemoetkoming op de AKW dan waarmee in de raming rekening is gehouden. Dit zorgt voor een tegenvaller van 4,6 mln. De totale tegenvaller bij de AKW bedraagt 25,9 mln.

Jeugdbescherming

Al circa twee jaar vlakt de groei van instroom in de jeugdbescherming af. Ten opzichte van de raming leidt dit tot de huidige meevaller van 15 mln.

Diversen (mee- en tegenvallers uitgaven)

Deze post bestaat uit verschillende onderliggende mutaties. De voornaamste is de budgettaire ruimte die is ontstaan door minder behoefte aan nieuw te bouwen capaciteit gesloten jeugdzorg in 2010 dan oorspronkelijk voorzien. Daarnaast is er budgettaire ruimte ontstaan door minder uitgaven voor het project Digitaal Dossier Jeugdgezondheidszorg dan verwacht.

Gemeentefonds

B GEMEENTEFONDS: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

18 424,7

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

8,5

 

8,5

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Kwaliteitsimpuls inburgering

47,5

Diversen

69,9

 

117,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

125,8

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

18 550,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

80,2

Stand Najaarsnota 2010

18 630,7

B GEMEENTEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

0,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

0,0

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

0,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

0,1

Diversen – beleidsmatige mutaties

Dit zijn middelen die overgeheveld worden van de SZW-begroting voor decentralisatie-uitkeringen. Omdat deze middelen afkomstig zijn uit het begrotingskader SZA, worden deze onder beleidsmatige mutaties geschaard.

Knelpunten inburgering

Deze middelen zijn afkomstig van de begroting van WWI en gaan nu via een decentralisatie-uitkering naar gemeenten. De middelen zijn voornamelijk bedoeld om meer mensen te interesseren voor vrijwillige inburgering.

Diversen – technische mutaties

Dit betreft een groot aantal overhevelingen van middelen van departementale begrotingen die via het gemeentefonds aan gemeenten worden uitgekeerd. Het gaat bijvoorbeeld om middelen voor Bedrijventerreinenbeleid (Topper-projecten; 18,4 mln., Herstructurering 15 mln.) en het Interbestuurlijk actieplan Bevolkingsdaling (16 mln.).

Provinciefonds

C PROVINCIEFONDS: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

1 457,7

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Actieplan bevolkingsdaling «krimpen met kwaliteit

14,8

Diversen

8,8

 

23,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

23,5

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

1 481,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

0,2

Stand Najaarsnota 2010

1 481,4

Actieplan bevolkingsdaling «Krimpen met kwaliteit»

Met het interbestuurlijk actieplan bevolkingsdaling «Krimpen met kwaliteit» geven VNG, IPO en Rijk richting aan een gezamenlijke beleidsaanpak van bevolkingsdaling. De middelen voor krimpregio Eemsdelta worden uitgekeerd via het provinciefonds.

Diversen

Dit zijn diverse decentralisatie-uitkeringen die overgeheveld zijn van verschillende departementale begrotingen. De grootste is een uitkering voor bodemsanering.

Infrastructuurfonds

A INFRASTRUCTUURFONDS: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

8 747,8

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanleg hoofdvaarwegennet

– 62,0

Aanleg hoofdwegennet

– 30,4

Aanleg railwegen

42,5

Aanpassing rentestand contract hsa

– 18,0

Anders betalen voor mobiliteit

17,0

Hoogwaterbescherming en verbeterprogramma waterkwaliteit

– 194,0

Indexatie westerscheldetunnel en doorloop a11alphen a/d rijn

16,8

Kasspanning hoofdwegennet

95,1

Quick scan decentraal spoor gelderland en amsterdam zuidas

– 18,1

Regionale infrastructuur

– 66,9

Diversen

– 83,7

 

– 301,7

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing kasritme basispakket beheer en onderhoud hoofdwegennet

200,0

Aanpassing kasritme innovatie kaderrichtlijnwater

– 47,1

Indexering brede doeluitkering

– 35,9

Kasritme verschuiving hoofdwegennet

– 32,0

Diversen

– 31,9

 

53,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 248,5

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

8 499,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

283,6

Stand Najaarsnota 2010

8 782,9

A INFRASTRUCTUURFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

8 747,8

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanleg wegen

– 61,4

Project hhs delfland

– 22,8

Diversen

– 8,0

 

– 92,2

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Aanpassing kasritme

– 99,9

Aanpassing kasritme basispakket beheer en onderhoud hoofdwegennet

200,0

Overboeking van infrafonds naar de begroting van verkeer en waterstaat

– 53,9

Diversen

7,0

 

53,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 39,0

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

8 708,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

283,6

Stand Najaarsnota 2010

8 992,4

Aanleg hoofdvaarwegennet

Het gaat hier met name om vertraging bij de volgende projectenhet Wilhelminakanaal Tilburg, het Walradar Noordzeekanaal, verruiming Eemshaven-Noordzee, de Vaarweg Meppel-Ramspol en de subsidiebeschikking bij de Quick Wins Binnenhavens.

Aanleg hoofdwegennet

Deze mutatie is inclusief hogere uitgaven voor A1/6/9 SAA die voor 2010 binnen dit artikel worden opgevangen. De lagere uitgaven zijn onder andere zichtbaar bij A2/76 Maatregelen Limburg, A4 Dinteloord-Bergen op Zoom. A4/9 Badhoevedorp, dynamisch verkeersmanagement, geluidsanering weg, N18 Varsseveld en binnen spoedwet wegverbreding.

Aanleg Railwegen

Er is sprake van hogere uitgaven op met name de projecten Vleuten-Geldermalsen 4/6 sporen, Rijswijk-Schiedam incl. spoorcorridor Delft, Sporen Arnhem en de Hanzelijn. Daartegenover zijn lagere uitgaven doordat enerzijds in 2010 geen overheveling van spoorbudget plaatsvindt ter dekking van de risico’s van de Betuwe Route/HSL en daarnaast doordat de gunning van contracten voor OV SAAL later heeft plaats gevonden dan gepland.

Aanpassing rentestand contract HSA

Doordat de rentestand voor de high speed alliance (HSA) lager is uitgevallen dan eerder verwacht zijn de kosten voor rente betalingen lager.

Anders Betalen voor Mobiliteit

Doordat nu blijkt dat van de te realiseren uitgaven 2010 een bedrag van 17,0 mln. niet gefinancierd wordt middels een bijdrage van het FES, is binnen het Infrastructuurfonds voor dit bedrag aanvullende financiering gevonden.

Hoogwaterbescherming en verbeterprogramma waterkwaliteit

De lagere uitgaven in 2010 zijn ontstaan bij het Hoogwaterbeschermingsprogramma, Dijkversterking/herstel steenbekleding, het verbeterprogramma waterkwaliteit, de tijdelijke regeling bestrijding regionale wateroverlast en natte natuur IJsselmeergebied. Oorzaken hiervoor zijn dat het kasritme van het budget in overeenstemming met de planning is gebracht, het minder verstrekken/aanvragen van subsidies en het oplopen van vertraging.

Indexatie Westerscheldetunnel en doorloop A11 Alphen a/d Rijn

Dit betreft de bijstelling naar aanleiding van nog in te passen prijsindexatie voor de Westerscheldetunnel en een tekort bij 11 Alphen a/d Rijn dat doorloopt naar 2011.

Kasspanning hoofdwegennet

Het beschikbare bedrag hoofdwegennet dient verhoogd te worden met ca € 95 mln. De verhoging vloeit voort uit de, ten opzichte van de Miljoenennota, voorspoedige uitvoering van het planstudieprogramma. Onder andere door de luchtproblematiek zaten veel projecten als «een prop in het einde van de pijplijn». Nu deze problematiek beheersbaar is gemaakt, komen veel projecten tegelijk in uitvoering.

Quick scan decentraal spoor Gelderland en Amsterdam Zuidas

De per saldo lagere uitgaven kunnen met name worden gevonden op de planstudieprojecten Quick scan decentraal spoor Gelderland en de Amsterdam Zuidas WTC.

Regionale infrastructuur

Per saldo zijn er lagere uitgaven die met name worden veroorzaakt door vertragingen bij de randstadrail ten aanzien van de ZORO-bus en de aanlanding op Den Haag CS en Rijn Gouwelijn-Oost. Bij de Noord-Zuidlijn is sprake van een inhaalslag ten opzichte van de stand van de miljoenenota 2011.

Diversen – beleidsmatige mutaties

De grootse posten binnen de beleidsmatige diversen zijn onderuitputting op de projecten «Kwaliteitsborging en project stuwen in de lek» (beheer en onderhoud hoofdwatersystemen), Volkerraksluizen, Brokx-nat en MOBZ (beheer en onderhoud hoofdvaarwegennet) en kasschuif Betuweroute. De oorzaken zijn onder andere vertraging in de projecten. Het project Betuweroute zit inmiddels in de afrondende fase.

Aanpassing kasritme basispakket beheer en onderhoud hoofdwegennet

Er wordt een uitgave van 200 mln. ten behoeve van het basispakket Beheer en Onderhoud Hoofdwegennet die voorzien was voor 2011, al in 2010 voldaan.

Aanpassing kasritme Innovatie Kaderrichtlijnwater

Bij Deltaris Deltafaciliteit (0,6 mln. ) en Innovatie Kaderrichtlijnwater (KRW) (46 mln.) vallen de uitgaven dit jaar lager uit. Door een vertraging bij het publiceren van de 2e tender van de regeling Innovatie KRW/Waterbeheer 21 (WB21) zijn de subsidiemiddelen later gecommitteerd dan verwacht. Analoog daaraan schuiven de voorschotbetalingen door naar later.

Indexering Brede Doeluitkering

Het betreft de in 2009 contractueel vastgelegde uitkering van loon- en prijsindexatie 2010 aan de Brede Doeluitkering (BDU). Het kabinet heeft in het voorjaar van 2010 besloten de loon- en prijsbijstelling niet uit te keren voor het jaar 2010. Om de contractuele verplichtingen toch na te komen wordt artikel 14 «Regionaal, lokale infrastructuur» van het Infrafronds met 35,9 mln. verminderd, zodat de BDU (HXII) met hetzelfde bedrag kan worden verhoogd.

Kasritme verschuiving Hoofdwegennet

Bij drie projecten is sprake van lagere uitgaven: de pilot A10 Amsterdam (4,046, mln.), Quick wins wegen (8,230 mln.) en de Spoedwet wegverbreding (19,7 mln.).

Aanleg wegen

Het betreffen hier ontvangsten voor A4 Burgerveen-Leiden/A15 Maasvlakte-VaanpleinA4 Dinteloord-Bergen op Zoom vanuit of naar 2011 en verder.

Project HHS Delftland

Met betrekking tot het project HHS Delfland wordt minder ontvangen dan begroot. Dit wordt met name veroorzaakt door de lagere prognose bij het project Hoogheemraadschap Delfland inzake de versterking van de Delflandse kust. Deze ontvangsten zullen in 2011 worden gerealiseerd.

Aanpassing kasritme

Bij de eerder genoemde «Aanpassing kasritme Deltafaciliteit», «Kasritme verschuiving Hoofdwegennet» en het project «OV SAAL» hebben in 2010 lagere uitgaven plaatsgevonden. Aangezien het FES projecten betreft worden ontvangsten vanuit het FES ook aangepast.

Overboeking van Infrafonds naar de begroting van Verkeer en Waterstaat

Uit het Infrafonds vindt er een verlaging plaats van dit artikel c.q een verhoging XII tot een bedrag van 53,9 mln. De verlaging betreft hoofdzakelijk 35,9 mln. voor de Indexering Brede Doeluitkering en overboeking naar LNV van 15,0 mln. De overboeking vanuit Hoofdstuk XII naar het Infrafonds betreft hoofdzakelijk de BTW Betuweroute.

Fonds Economische Structuurversterking

D FONDS ECONOMISCHE STRUCTUURVERSTERKING: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

2 701,7

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Aanpassen kasritme birk

– 46,9

Aanpassen kasritme nsl

– 96,8

Aanpassing kasritme art. 15

– 240,4

Aanpassing kasritme bsik

– 33,4

Aanpassing kasritme innovatie krw

– 41,7

Aanpassing kasritme luchtkwaliteit verkeersmaatregelen

– 61,8

Diversen

– 236,4

 

– 757,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 757,4

 

 

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

1 944,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

438,5

Stand Najaarsnota 2010

2 382,8

D FONDS ECONOMISCHE STRUCTUURVERSTERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

3 336,5

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Aanpassing ontvangsten aardgasbaten

– 953,6

 

– 953,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 953,6

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

2 382,8

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

2 382,8

Algemeen

In het regeerakkoord is afgesproken dat de belegde ruimte in het Fonds Economische Structuurversterking (FES) van middelen op het gebied van Verkeer en Vervoer, Ruimtelijke Ordening, Milieu en Duurzaamheid en Kennis en Innovatie wordt overgeheveld naar het Infrastructuurfonds respectievelijke de departementale begrotingen. Dit betekent dat per 1 januari 2011 projecten verantwoorden op de vakbegrotingen, en niet langer op het FES. Als sprake is van kasvertragingen voor 2010 in het FES, dan heeft dit gevolgen voor vakbegrotingen in de periode 2011 en latere jaren.

Aanpassing kasritme Budget investeringen in ruimtelijke kwaliteit (BIRK)

Met het Budget Investeringen Ruimtelijk Kwaliteit (BIRK) draagt het Rijk financieel bij aan ruimtelijke investeringsprojecten die passen binnen het nationaal ruimtelijk beleid. Van een aantal investeringsprojecten zijn de kasprognoses bijgesteld. Het betreft middelen die zijn doorgeschoven uit 2010 naar latere jaren.

Aanpassing kasritme Nationale sleutelprojecten (NSL)

De projecten uit dit programma dragen bij aan de ontwikkeling van stedelijke gebieden van nationaal belang. Het betreft middelen voor met name het project Zuid-as en diverse stationslocaties die zijn doorgeschoven uit 2010 naar latere jaren.

Aanpassing kasritme art. 15

De belegde ruimte van artikel 15 op het gebied van Verkeer en Vervoer, Ruimtelijke Ordening, Milieu en Duurzaamheid en Kennis en Innovatie wordt uitgekeerd aan departementale begrotingen. Deze kasschuif tussen 2010 en latere jaren faciliteert het gewenste kasritme van departementen voor overheveling naar vakbegrotingen per 2011 en latere jaren. Een klein deel betreft een uitkering aan projecten in 2010, die nog via het FES worden verantwoord

Aanpassing kasritme Kennis Besluit Subsidies Investeringen Kennisinfrastructuur (BSIK)

BSIK is een breed opgezet, nationaal stimuleringsprogramma voor onderzoek. De mutatie betreft het doorschuiven van middelen voor diverse projecten van 2010 naar latere jaren.

Aanpassing kasritme Innovatie Kaderrichtlijn Water (Innovatie KRW)

Het Innovatieprogramma Kaderrichtlijn Water richt zich op de kwaliteit van het oppervlaktewater. De mutatie betreft het doorschuiven van middelen voor diverse projecten van 2010 naar latere jaren.

Aanpassing kasritme Luchtkwaliteit verkeersmaatregelen

In het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) zijn maatregelen opgenomen die door alle overheden worden uitgevoerd om te voldoen aan de milieunormen (fijnstof en stikstofdioxide) in 2010 en 2015. De mutatie betreft het doorschuiven van middelen voor diverse projecten van 2010 naar latere jaren.

Diversen

Deze post is een saldo van een aantal mutaties kleiner dan 30 mln. Het gaat om aanpassing van kasritmes voor diverse projecten.

Aanpassing ontvangsten aardgasbaten

De mutatie betreft een aanpassing van de voeding van het FES die nodig is vanwege het nieuwe kasritme van de FES-uitgaven. De omvang en het kasritme van de uitgavenraming binnen het FES zijn leidend voor de voeding van het fonds. De voeding is niet afhankelijk van de totale aardgasopbrengsten van het Rijk.

AOW-spaarfonds

E AOW-SPAARFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

5 086,9

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

5 086,9

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

5 086,9

Diergezondheidsfonds

F DIERGEZONDHEIDSFONDS: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

63,9

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

4,1

 

4,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

4,1

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

68,0

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

68,0

F DIERGEZONDHEIDSFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

55,7

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

4,1

 

4,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

4,1

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

59,8

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

59,8

BTW-compensatiefonds

G BTW-COMPENSATIEFONDS: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

2 788,0

Technische mutaties

 

Niet tot een ijklijn behorend

 

Diversen

– 3,9

 

– 3,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 3,9

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

2 784,1

Totaal Internationale samenwerking

 

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

2 784,1

Diversen

De raming van het BCF is met ca. 4 miljoen verlaagd. Deze verlaging houdt verband met het inwerkingtreden van de Wet Veiligheidsregio’s per 1 oktober. Veiligheidsregio’s komen dan niet langer via de deelnemende gemeente in aanmerking voor BTW compensatie. Het nadelige effect dat hierdoor voor de regio’s ontstaat, bedraagt op jaarbasis 15,517 mln. Voor het het laatste kwartaal van 2010 zal 1/4 deel van dit jaarbedrag worden gecompenseerd via een overboeking van het BCF naar de begroting van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ter waarde van 3,879 mln. Bij Voorjaarsnota 2011 zal de structurele overboeking plaatsvinden.

Waddenfonds

H WADDENFONDS: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

34,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

0,0

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

34,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

 

Stand Najaarsnota 2010

34,1

Homogene Groep Internationale Samenwerking

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011

5 642,9

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Armoedevermindering

– 34,3

Asielzoekers

15,4

Koersverschillen

28,0

Nominaal en onvoorzien

– 30,7

Ondernemingsklimaat ontwikkelingslanden

– 29,3

Onderwijs

– 16,9

Participatie civil society

22,3

Regionale stabiliteit en crisisbeheersing

27,3

Vrijval budget voorziening crisisbeheersingsoperaties

– 32,1

Diversen

0,8

 

– 49,5

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

1,1

 

1,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

– 48,2

Stand Najaarsnota 2010

5 594,7

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011

144,3

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

10,1

 

10,1

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Diversen

1,1

 

1,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

11,2

Stand Najaarsnota 2010

155,5

De Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS) is een aparte budgettaire constructie waarin de uitgaven aan Internationale Samenwerking van de verschillende departementen worden gebundeld. Het uitgavenniveau van de HGIS wordt aangepast voor macro-economische ontwikkelingen. Het ODA-deel van het HGIS budget is gekoppeld aan het bruto nationaal product (BNP) en wordt gecorrigeerd voor veranderingen van het BNP. Het non-ODA deel van de HGIS kent een vaste omvang die wordt gecorrigeerd voor prijsveranderingen. Het merendeel van de HGIS-uitgaven wordt via de begroting van Buitenlandse Zaken verantwoord.

Armoedevermindering

De verlaging betreft een saldo. De geplande begrotingssteun aan Tanzania van 30 mln. gaat niet door. Daartegenover staat onder meer een verhoging van 5,2 mln. ten behoeve van het Wereldbank Partnershipprogramma. Ten slotte wordt de mutatie beïnvloed door het gebruikelijke parkeerkarakter subartikel.

Asielzoekers

De kosten van eerstejaarsopvang van asielzoekers uit ontwikkelingslanden worden volgens internationale afspraken toegerekend aan ODA. Door een lagere verwachte asielinstroom valt de raming van de kosten van eerstejaars asielopvang die aan ODA worden toegerekend, lager uit. Het ODA-budget wordt met dit bedrag opgehoogd.

Koersverschillen

De mutatie wordt veroorzaakt door koersverlies als gevolg van een hogere dollarkoers. Vanwege het grote aantal US Dollar-transacties binnen de ODA-uitgaven is een aanzienlijk deel van de tegenvaller ODA.

Nominaal en onvoorzien

De verlaging op dit artikel betreft middelen die niet werden ingezet voor loon- en/of prijsbijstelling en onvoorzien.

Ondernemingsklimaat ontwikkelingslanden

De verlaging wordt voornamelijk veroorzaakt door een neerwaartse bijstelling van het ORET-budget (Ontwikkelingsrelevante Exporttransacties). Als gevolg van vertragingen en projectuitval is sprake van lagere uitgaven.

Onderwijs

Verlaging van onderwijsbudgetten in diverse landenprogramma’s waaronder Oeganda (2 mln. als gevolg van een ander betaalritme); Zambia (2,3 mln.); Pakistan (een overheveling van 2,5 mln. naar noodhulp vanwege de watersnood) en Mali (3,5 mln.). Voorts is het budget voor het partnerschapprogramma ILO (International Labour Organisation) in 2010 met 4 mln. verlaagd vanwege vertraging bij het opstarten van de nieuwe fase van dit programma.

Participatie civil society

De mutatie hangt met name samen met ramingsbijstellingen. Bij ontwerpbegroting 2011 werd uitgegaan van lagere uitgaven, met name voor MFS-I (Medefinancieringsstelsel). Deze lagere uitgaven zijn niet gerealiseerd, waardoor nu weer sprake is van een verhoging.

Regionale stabiliteit en crisisbeheersing

Er heeft zich hogere uitputting bij activiteiten en programma’s in fragiele staten voorgedaan dan verwacht. Deze activiteiten en programma’s worden gekenmerkt door hoge onzekerheidsmarges.

Vrijval budget voorziening crisisbeheersingsoperaties

De verlaging binnen de voorziening op de Defensie-begroting betreft middelen die niet werden ingezet voor missies, met name de redeployment ISAF. Het betreft deels een vertraging van uitgaven naar latere jaren.

Aanvullende Post Algemeen

ALGEMEEN: UITGAVEN
 

2010

Stand Miljoenennota 2011 (excl. IS & Stim. Pakket)

– 955,1

Beleidsmatige mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Invulling in=uit-taakstelling

342,3

Diversen

– 7,1

Sociale zekerheid

 

Invulling in=uit taakstelling

49,0

Zorg

 

Diversen

– 0,4

 

383,8

Technische mutaties

 

Rijksbegroting in enge zin

 

Schuldsanering Antillen

– 532,1

Niet tot een ijklijn behorend

 

Invulling in=uit-taakstelling

953,6

 

421,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2011

805,4

   

Stand Najaarsnota 2010 (subtotaal)

– 149,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Totaal Stimuleringspakket

0,0

Stand Najaarsnota 2010

– 149,7

Invulling in=uit-taakstelling (RBG in enge zin en Sociale Zekerheid)

Bij Voorjaarsnota 2010 is de eindejaarsmarge uitgekeerd naar de departementale begrotingen. Als tegenhanger hiervan is de ramingstechnische veronderstelling in=uit-taakstelling op de aanvullende post verwerkt. Hierbij wordt er vanuit gegaan dat de onderuitputting die zich in 2009 heeft voorgedaan voor zover overgeheveld naar 2010, ook in 2010 zal optreden. Bij Najaarsnota wordt de in=uit-taakstelling (deels) ingevuld.

Schuldsanering Antillen

Door kabinet Balkenende III is een start gemaakt met een traject dat moet leiden tot herziening van de staatkundige verhoudingen binnen het Koninkrijk, verbetering van het financiële beheer en oplossing van de schuldenproblematiek. Daarvoor was op aanvullende post een reservering opgenomen voor de schulden van de Antillen te saneren. Met het oog op de transitie naar nieuwe staatkundige verhoudingen wordt de Schuldsanering Antillen afgerond en landt het restant in de Nederlandse staatschuld. Het effect op de Nederlandse schuld van de verwerking van de schuldsanering van de Antillen is minimaal. De hoogte van de vrijval op de aanvullende post en de lopende inschrijving komt bij benadering overeen met het reeds in de schuld opgenomen bedrag van 1,3 miljard euro.

Invulling in=uit-taakstelling (Technische mutaties)

Dit betreft een afboeking van de in=uit-taakstelling op de niet-kaderrelevante middelen (FES).