3 TOELICHTING OP DE BELASTINGONTVANGSTEN (INTERNETBIJLAGE)
3.1 Inleiding
Deze internetbijlage behorende bij de Miljoenennota 2009 geeft een toelichting op de raming van de belastingontvangsten voor 2008 en 2009 en gaat vervolgens dieper in op de ontwikkeling van enkele grote belastingsoorten. Dit zijn achtereenvolgens de vennootschapsbelasting, de loon- en inkomstenbelasting en de omzetbelasting.
Zoals bepaald in de Comptabiliteitswet worden de belastingontvangsten op kasbasis gepresenteerd. De raming komt overeen met bijlage 3 van de Miljoenennota.
Voorheen was deze bijdrage opgenomen in de Rijksbegroting Financiën (Begroting IX B). Op verzoek van de Tweede Kamer is de toelichting op de belastingontvangsten sinds de Rijksbegroting 2005 gecentraliseerd in de Miljoenennota.
3.2 De belastingramingen voor 2007 en 2008
De volgende twee tabellen geven de opbouw weer van de belastingramingen. Tabel 1 toont de ontwikkeling van de realisaties in 2007 naar de Vermoedelijke Uitkomsten in 2008. Tabel 2 toont vervolgens de ontwikkeling van de Vermoedelijke Uitkomsten in 2008 naar de Ontwerpbegroting 2009. Per belastingsoort is hierbij een opsplitsing gemaakt van de verandering van de ontvangsten naar autonome mutatie en endogene mutatie. Autonome mutaties zijn mutaties van de belastingopbrengsten als gevolg van fiscale maatregelen of van overige maatregelen. Endogene mutaties zijn mutaties van de belastingopbrengsten als gevolg van de economische ontwikkeling.
| Tabel 3.2.1 Raming belasting- en premieontvangsten 2008 op EMU-basis (x € miljoen) | |||||
| 2007 | Autonome mutaties | Endogene mutaties | Endogene mutatie in % | 2008 | |
| Kostprijsverhogende belastingen | 70 746 | 886 | 2 686 | 3,8% | 74 318 |
| Invoerrechten | 2 215 | 0 | 142 | 6,4% | 2 357 |
| Omzetbelasting | 42 216 | – 164 | 1 761 | 4,2% | 43 812 |
| Belasting op personenauto’s en motorrijwielen | 3 603 | – 2 | – 60 | – 1,7% | 3 541 |
| Accijnzen | 10 032 | 293 | 238 | 2,4% | 10 563 |
| – Accijns van lichte olie | 4 018 | 7 | – 1 | 0,0% | 4 024 |
| – Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie | 2 925 | 111 | 118 | 4,0% | 3 155 |
| – Tabaksaccijns | 2 203 | 140 | 120 | 5,4% | 2 462 |
| – Alcoholaccijns | 325 | 0 | – 7 | – 2,0% | 318 |
| – Bieraccijns | 313 | 0 | 0 | 0,1% | 313 |
| – Wijnaccijns | 248 | 35 | 7 | 2,7% | 290 |
| Belastingen van rechtsverkeer | 5 793 | 220 | 25 | 0,4% | 6 038 |
| – Overdrachtsbelasting | 4 995 | 175 | – 10 | – 0,2% | 5 160 |
| – Assurantiebelasting | 755 | 45 | 34 | 4,5% | 834 |
| – Kapitaalsbelasting | 43 | 0 | 1 | 2,3% | 44 |
| Motorrijtuigenbelasting | 2 766 | 201 | 34 | 1,2% | 3 001 |
| Belastingen op een milieugrondslag | 3 855 | 39 | 538 | 14,0% | 4 432 |
| – Grondwaterbelasting | 184 | 0 | 3 | 1,5% | 187 |
| – Afvalstoffenbelasting | 172 | 1 | 3 | 1,5% | 176 |
| – Energiebelasting | 3 373 | 38 | 531 | 15,7% | 3 942 |
| – Waterbelasting | 125 | 0 | 2 | 1,5% | 127 |
| – Brandstoffenheffingen | 1 | 0 | 0 | 1,5% | 1 |
| Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a. | 151 | 0 | 2 | 1,5% | 153 |
| Belasting op zware motorrijtuigen | 115 | 0 | 6 | 5,2% | 121 |
| Vliegbelasting | 0 | 181 | 0 | 0,0% | 181 |
| Verpakkingenbelasting | 0 | 118 | 0 | 0,0% | 118 |
| Belastingen op inkomen, winst en vermogen | 64 043 | 1 049 | 5 628 | 8,8% | 70 720 |
| Loon- en inkomstenbelasting kas | 39 616 | 1 627 | 4 888 | 12,3% | 46 131 |
| Dividendbelasting | 3 750 | – 125 | 473 | 12,6% | 4 098 |
| Kansspelbelasting | 218 | 125 | 10 | 4,5% | 353 |
| Vennootschapsbelasting | 18 552 | – 576 | 293 | 1,6% | 18 269 |
| – Gassector kas | 1 840 | 0 | 260 | 14,1% | 2 100 |
| – Niet-gassector kas | 16 712 | – 576 | 33 | 0,2% | 16 169 |
| Vermogensbelasting | 30 | 0 | 0 | 0% | 30 |
| Successierechten | 1 877 | – 3 | – 35 | – 1,9% | 1 839 |
| Niet nader toe te rekenen belastingontvangsten | 149 | 0 | 0 | 0,0% | 149 |
| Totaal belastingen op kasbasis | 134 938 | 1 935 | 8 314 | 6,2% | 145 187 |
| Tabel 3.2.2 Raming belasting- en premieontvangsten 2009 op EMU-basis (x € miljoen) | |||||
| Belastingopbrengsten op kasbasis | 2008 | Autonome mutaties | Endogene mutaties | Endogene mutatie in % | 2009 |
| Kostprijsverhogende belastingen | 74 318 | 838 | 2 661 | 3,6% | 77 819 |
| Invoerrechten | 2 357 | 0 | 0 | 0,0% | 2 357 |
| Omzetbelasting | 43 812 | – 63 | 2 202 | 5,0% | 45 952 |
| Belasting op personenauto’s en motorrijwielen | 3 541 | – 160 | 97 | 2,8% | 3 478 |
| Accijnzen | 10 563 | 415 | 60 | 0,6% | 11 038 |
| – Accijns van lichte olie | 4 024 | 0 | 39 | 1,0% | 4 063 |
| – Accijns van minerale oliën, anders dan lichte olie | 3 155 | 167 | 128 | 4,0% | 3 449 |
| – Tabaksaccijns | 2 462 | 154 | – 104 | – 4,2% | 2 513 |
| – Alcoholaccijns | 318 | 0 | – 7 | – 2,2% | 312 |
| – Bieraccijns | 313 | 90 | – 1 | – 0,3% | 402 |
| – Wijnaccijns | 290 | 4 | 6 | 2,0% | 300 |
| Belastingen van rechtsverkeer | 6 038 | 34 | 16 | 0,3% | 6 088 |
| – Overdrachtsbelasting | 5 160 | 20 | – 21 | – 0,4% | 5 159 |
| – Assurantiebelasting | 834 | 14 | 36 | 4,4% | 884 |
| Motorrijtuigenbelasting | 3 001 | 204 | 145 | 4,8% | 3 350 |
| Belastingen op een milieugrondslag | 4 432 | 48 | 126 | 2,8% | 4 605 |
| – Grondwaterbelasting | 187 | 0 | 2 | 1,0% | 189 |
| – Afvalstoffenbelasting | 176 | 0 | 2 | 1,0% | 177 |
| – Energiebelasting | 3 942 | 48 | 121 | 3,1% | 4 110 |
| – Waterbelasting | 127 | 0 | 1 | 1,0% | 128 |
| – Brandstoffenheffingen | 1 | 0 | 0 | 1,0% | 1 |
| Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a. | 153 | 0 | 2 | 1,0% | 155 |
| Belasting op zware motorrijtuigen | 121 | 0 | 5 | 4,4% | 126 |
| Vliegbelasting | 181 | 174 | 8 | 0,0% | 364 |
| Verpakkingenbelasting | 118 | 186 | 1 | 0,0% | 305 |
| Belastingen op inkomen, winst en vermogen | 70 720 | – 15 | 3 144 | 4,4% | 73 848 |
| Loon- en inkomstenbelasting kas | 46 131 | 362 | 2 641 | 5,7% | 49 134 |
| Dividendbelasting | 4 098 | – 1 | – 302 | – 7,4% | 3 796 |
| Kansspelbelasting | 353 | 140 | 15 | 4,4% | 508 |
| Vennootschapsbelasting | 18 269 | – 512 | 679 | 3,7% | 18 435 |
| – Gassector kas | 2 100 | 0 | 400 | 19,0% | 2 500 |
| – Niet-gassector kas | 16 169 | – 512 | 279 | 1,7% | 15 935 |
| Successierechten | 1 839 | – 5 | 110 | 6,0% | 1 945 |
| Niet nader toe te rekenen belastingontvangsten | 149 | 0 | 0 | 0,0% | 149 |
| Totaal belastingen | 145 187 | 823 | 5 805 | 4,0% | 151 816 |
3.3 Nadere toelichting
De raming voor de totale belastingontvangsten in 2008 komt 10,2 miljard euro hoger uit dan de realisatie van de totale belastingontvangsten in 2007 (zie tabel 3.2.1). Deze stijging is de resultante van de autonome mutatie van 1,9 miljard euro en de endogene toename van 8,3 miljard euro. Voor 2009 bedraagt de geraamde toename van de totale belastingontvangsten 6,6 miljard euro ten opzichte van 2008. Dit is het saldo van een autonome mutatie van 0,8 euro en een endogene stijging van 5,8 miljard euro. De hierna volgende paragrafen geven een nadere toelichting op deze autonome en endogene mutaties.
3.3.1 Autonome mutaties
De belastingontvangsten in 2008 nemen met 1,9 miljard euro toe als gevolg van fiscale en overige maatregelen. De internetbijlage behorende bij de Miljoenennota 2008 geeft een gedetailleerd overzicht van de verschillende maatregelen die de opbrengst van 2008 beïnvloeden. In tabel 3 staat aangegeven welke wijzigingen sinds de Miljoenennota 2008 hebben plaatsgevonden.
| Tabel 3 Effecten autonome maatregelen op belastingontvangsten in 2008 op kasbasis in mln euro | |
| Kas 2008 | |
| Totaal maatregelen, zoals gemeld in Miljoenennota 2008 | 2 064 |
| Waarvan kansspelbelasting | 126 |
| Waarvan kaseffect uitboeken verschuiving DGA’s van LH naar IH | 153 |
| Overig beleid | – 340 |
| Overig nabetalingen | – 68 |
| Totaal maatregelen | 1 935 |
De belangrijkste beleidsmatige wijzigingen betreft het niet doorgaan van de verschuiving Directeur-Grootaandeelhouders (DGA’s) van de loonheffing naar de inkomensheffing en het invoeren van de kansspelbelasting op gokautomaten reeds in 2008 in plaats van per 2009. Het niet doorgaan van de verschuiving met betrekking tot de DGA’s is lastenneutraal. Echter, omdat de loonheffing voornamelijk in het lopende jaar wordt geheven en de inkomensheffing achteraf wordt geheven, is er wel sprake van een EMU-relevant kaseffect bij de belastingen in 2008 van 0,2 miljard.
Daarnaast hebben er autonome mutaties plaatsgevonden als gevolg van nabetalingen tussen het Rijk en de sociale fondsen. Deze nabetalingen vinden plaats, omdat via de inkomensheffing en de loonheffing de belastingen en premies volksverzekeringen geïntegreerd worden geheven. De verdeling van deze ontvangsten tussen het Rijk en de sociale fondsen gebeurt op basis van voorlopige verdeelsleutels. Pas wanneer de Belastingdienst de gegevens over de feitelijke inkomens van mensen binnen heeft, kan nauwkeurig worden bepaald welk deel van de heffingen naar het Rijk had gemoeten en welk deel naar de sociale fondsen. Bij de loonheffing gebeurt dit na twee jaar, omdat dan het grootste deel van de aanslagen en aangiften is afgehandeld. Bij de inkomensheffing gebeurt dit om dezelfde reden pas na vier jaar. Hierdoor vinden er in de jaren nadat een transactiejaar is afgesloten nog nabetalingen plaats tussen het Rijk en de sociale fondsen. Tabel 3 laat zien dat dit in 2008 tot -0,1 miljard euro minder ontvangsten voor het Rijk heeft geleid ten opzichte van wat in Miljoenennota 2008 werd verwacht. Omdat het hier onderlinge nabetalingen betreft tussen premieontvangsten en belastingontvangsten, zijn deze verschuivingen niet relevant voor het EMU-saldo of het lastenbeeld.
Voor 2009 bedraagt de geraamde autonome mutatie van de belastingontvangsten 0,8 miljard euro. Paragraaf 3.3 toont per belastingsoort een overzicht van de verschillende maatregelen die deze mutatie veroorzaken. De beleidsmatige clustering en toelichting zijn te vinden in bijlage 3 van de Miljoenennota 2009.
3.3.2 Endogene mutaties
De belastingontvangsten nemen in 2009 met 5,8 miljard euro toe als gevolg van de endogene ontwikkeling. Dit betekent een groei van 4,0 procent. Bijlage 3 van de Miljoenennota bevat een toelichting van de endogene ontwikkeling voor het totaal van de belasting- en premieontvangsten. Deze paragraaf geeft voor enkele specifieke belastingsoorten een nadere toelichting op de endogene ontwikkeling. De aandacht gaat hierbij uit naar de vennootschapsbelasting, de loon- en inkomstenbelasting en de omzetbelasting, die bij elkaar meer dan 70 procent van de totale belastingontvangsten vormen.
3.3.2.1 Vennootschapsbelasting
Bij de vennootschapsbelasting wordt onderscheid gemaakt in een deel dat afkomstig is van bedrijven uit de gassector en een deel dat afkomstig is van bedrijven uit de niet-gassector. Voor de vennootschapsbelasting afkomstig uit de gassector wordt een aparte raming opgesteld op basis van de winstontwikkeling in die sector, die in belangrijke mate afhangt van de olieprijs en de ontwikkeling van de dollarkoers. Voor een toelichting op de aardgasbatenraming, inclusief de VPB-afdracht uit de gassector, wordt verwezen naar de begroting van Economische Zaken (Begroting XIII). Deze internetbijlage bespreekt alleen de ontwikkeling van de VPB-opbrengst in de niet-gassector.
Voor een nader inzicht in de ontwikkeling van de kasontvangsten volgt een korte toelichting op het proces van aanslagoplegging. De heffing van de vennootschapsbelasting vindt in eerste instantie plaats via voorlopige aanslagen. In januari wordt een inschatting gemaakt van de winst voor dat jaar op basis van winsten uit de afgelopen twee jaren, eventueel gecorrigeerd voor verwachtingen betreffende de winsten van dat jaar zelf. Op basis hiervan worden voorlopige aanslagen verstuurd. Vervolgens geven bedrijven in juli of augustus van datzelfde jaar T een eerste voorlopige inschatting van de winstontwikkeling. Op basis van deze voorlopige schatting kan een bijstelling van de voorlopige aanslag plaatsvinden. In juli/augustus van het daaropvolgende jaar (T+1) vindt vervolgens de voorlopige aangifte plaats en dit kan wederom leiden tot een nadere voorlopige aanslag. Afhankelijk van de omvang van het bedrijf en de aard van de aangifte vindt in een van de daaropvolgende jaren de definitieve vaststelling van de winst plaats. Meestal wordt circa driekwart van de uiteindelijke aanslagopleggingen reeds in het eerste jaar via voorlopige aanslagen ontvangen, maar dit percentage fluctueert wel.
Voor het opstellen van de begroting zijn de kasontvangsten van de vennootschapsbelasting relevant. Daarom is het van belang hoe het verloop van aanslagoplegging zich vertaalt in kasontvangsten. Tabel 4 toont de ontwikkeling van de totale kasopbrengst per jaar met een opsplitsing naar transactiejaar. Hieruit blijkt duidelijk dat het grootste deel van de opbrengst in een bepaald jaar voortkomt uit de voorlopige aanslagen over dat jaar zelf. Deze opbrengst stijgt nog door bijstellingen in de voorlopige aanslagen over voorgaande jaren, maar als gevolg van verliesverrekening is de bijdrage van jaar T-3 en ouder over het algemeen negatief. In de raming is zichtbaar dat de totale ontvangsten in 2005 sterk zijn vertekend door de aankoop van het gasgebouw, waardoor de opbrengst dat jaar 2,3 euro miljard hoger is uitgevallen.
| Tabel 3.3. Opbrengst en ontwikkeling van de vennootschapsbelasting (exclusief gas) op kasbasis naar transactiejaar (x € miljoen) | ||||||
| 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | |
| Jaar T | 10 776 | 13 840 | 12 717 | 13 595 | 12 334 | 12 499 |
| Jaar T-1 | 3 070 | 4 184 | 3 990 | 4 331 | 5 004 | 4 758 |
| Jaar T-2 | 635 | 715 | 557 | – 42 | 760 | 457 |
| Jaar T-3 | – 47 | – 24 | – 187 | 93 | – 40 | – 177 |
| Jaar T-4 en ouder | – 1 189 | – 1 126 | – 1 230 | – 1 265 | – 1 889 | – 1 602 |
| Totaal kasopbrengst VPB niet-gas | 13 244 | 17 588 | 15 847 | 16 712 | 16 169 | 15 935 |
Per saldo is de verwachte endogene mutatie van 2007 naar 2008 0,3 miljard euro voor de vennootschapsbelasting als geheel, uitgesplitst naar 0,0 miljard bij de niet-gassector en een positieve ontwikkeling bij de gassector van 0,3 miljard euro. In 2009 bedraagt de endogene toename van de Vpb-ontvangsten naar verwachting 0,7 miljard euro, waarvan 0,3 miljard bij de niet-gassector en 0,4 miljard bij de gassector.
3.3.2.2 Loon- en inkomstenheffing
De loonbelasting is een voorheffing van de inkomstenbelasting. In de eerste instantie dragen particulieren maandelijks loonbelasting af op basis van hun inkomen uit arbeid. Na het verstrijken van het kalenderjaar moet vervolgens voor 1 april van het volgende jaar belastingaangifte worden gedaan. Op basis hiervan wordt bepaald hoeveel belasting in totaal verschuldigd is (met inachtneming van andere bronnen van inkomen, belastingkortingen en aftrekposten). Wanneer dit bedrag hoger is dan de reeds betaalde loonbelasting, moet men het resterende bedrag aan inkomstenbelasting voldoen. Wanneer de verschuldigde belasting lager is, krijgt men geld terug van de Belastingdienst. Hierdoor zijn per saldo de opbrengsten van de inkomstenbelasting relatief gering in vergelijking met de ontvangsten bij de loonbelasting. In onderstaande analyse wordt gekeken naar de ontwikkeling van de loon- en inkomensheffing. Dit betreft naast de belasting tevens de ontvangsten premies volksverzekeringen welke geïntegreerd worden geheven. Voor analysedoeleinden zijn de ontvangsten op heffingsniveau beter bruikbaar, omdat deze eenvoudiger kunnen worden waargenomen. De premieontvangsten worden echter niet in deze internetbijlage verantwoord.
Loonheffing
De raming van de loonheffing vindt net als bij de vennootschapsbelasting op transactiebasis plaats. Het ontvangstpatroon van de transactieopbrengst in de kas is bij de loonheffing echter veel stabieler dan bij de VPB. Daarnaast geldt dat de transactieopbrengst ook aanzienlijk sneller wordt ontvangen en binnen drie maanden na afloop van het jaar bijna volledig gerealiseerd is. Hierdoor treden minder grote verschillen op tussen de ontwikkeling van de transactieopbrengst en de kasopbrengst dan bij de VPB.
| Tabel 3.3.7 Ontwikkeling loonheffing op transactiebasis (x € miljoen) | |||
| 2007 | 2008 | 2009 | |
| Opbrengst op transactiebasis | 78 467 | 84 861 | 91 857 |
| Mutatie | 6 393 | 6 997 | |
| wv endogeen | 5 874 | 6 361 | |
| wv autonoom | 519 | 636 | |
| Endogene groei (in %) | 7,5% | 7,5% | |
In tabel 3.3.7 is de (geraamde) endogene groei van de loonheffing in 2008 en 2009 te zien. De verwachte endogene groei is in 2008 en 2009 aanzienlijk. Deze groei is afhankelijk van de ontwikkeling van het totale belastbare inkomen. Dat wordt bepaald door de groei van de werkgelegenheid, de stijging van de contractlonen, de hoogte van verschillende premies en de ontwikkeling van uitkeringen en pensioenen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van enkele gegevens uit de Macro Economische Verkenning van het CPB.
| Tabel 3.3.6 Relevante economische indicatoren voor de loonheffing | ||
| 2008 | 2009 | |
| Arbeidsvolume in arbeidsjaren | 1,8% | 0,2% |
| Contractloonstijging bedrijven | 3,2% | 3,5% |
| Incidentele loonstijging | 0,4% | 0,6% |
| Tabelcorrectiefactor | 1,5% | 1,7% |
| Arbeidsinkomensquote marktsector | 81,0% | 81,2% |
Uit de economische indicatoren kan de relatief hoge groei van de loonheffing worden verklaard. In 2008 speelt met name de grote toename van het arbeidsvolume een rol, deze zwakt in 2009 echter af. Daar staat tegenover dat in 2009 de geraamde contractloonstijging en de incidentele loonstijging voor een sterke toename van de ontvangsten bij de loonheffing zorgt. De tabelcorrectiefactor is in 2009 eveneens hoger dan in 2008. Deze factor drukt uit met welke factor de belastingschijven bij de loonheffing worden aangepast en is gebaseerd op de ontwikkeling van de inflatie. De tabelcorrectiefactor corrigeert het effect van de inflatie, zodat mensen niet als gevolg van inflatie in een hogere schijf terechtkomen. Ten slotte zorgt de verlaging van de Awf-premie per 2009 voor een hogere loonheffingsgrondslag in 2009 met een sterke toename van de ontvangsten tot gevolg.
Inkomensheffing
De ontvangsten bij de inkomensheffing zijn het saldo van de belastingontvangsten van particulieren en zelfstandige ondernemers. Voor de particulieren geldt de loonheffing als voorheffing. Bij de inkomensheffing voor particulieren hebben de ontvangsten dan ook betrekking op bijtel- en aftrekposten en heffingskortingen die niet via de loonheffing zijn verrekend. Bij de zelfstandigen wordt de ontwikkeling daarnaast ook bepaald door de winstontwikkeling.
De raming van de ontvangsten van de inkomensheffing is opgesteld op basis van de autonome maatregelen, de geraamde endogene ontwikkeling en de kasrealisaties tot en met juli.
| Tabel 3.3.5 Ontwikkeling inkomensheffing op transactiebasis (x € miljoen) | |||
| 2007 | 2008 | 2009 | |
| Inkomensheffing op transactiebasis | – 6 212 | – 5 676 | – 4 356 |
| mutatie | 536 | 1 320 | |
| wv endogeen | – 467 | 87 | |
| wv autonoom | 1 003 | 1 233 | |
Voor 2009 is de belangrijkste maatregel de afschaffing van de aftrek Buitengewone uitgaven (BU).
3.3.2.3 Omzetbelasting
De omzetbelasting is de grootste belastingsoort en verantwoordelijk voor circa 30 procent van de totale belastingontvangsten. De endogene groei van de omzetbelasting wordt vooral bepaald door de waardeontwikkeling van de bestedingen waarop BTW rust, te weten de particuliere consumptie, de overheidsinvesteringen en de investeringen in woningen. De ramingen van het CPB voor deze bestedingscategorieën zijn samengevat in onderstaande tabel.
| Tabel 3.3.6 Relevante economische indicatoren voor de raming van de omzetbelasting | ||
| 2008 | 2009 | |
| particuliere consumptie, waardemutatie | 4,5% | 4,4% |
| investeringen in woningen, waardemutatie | 4,0% | 2,6% |
| overheidsinvesteringen, waardemutatie | 6,2% | 4,9% |
Bij de particuliere consumptie speelt ook de samenstelling van de consumptie een rol, omdat er verschillende bestedingscategorieën zijn waarvoor een verschillend BTW-tarief geldt. Bij hoogconjunctuur is het bijvoorbeeld geen ongebruikelijk verschijnsel dat er een verschuiving plaatsvindt van consumptie waarvoor een lager tarief geldt naar consumptie waarvoor een hoog BTW-tarief geldt («luxe goederen»). Hierdoor stijgt het gemiddelde BTW-tarief over de totale particuliere consumptie.
De raming van de endogene groei van de BTW-opbrengst op transactiebasis bedraagt 2,2 miljard in 2008 en eveneens 2,2 miljard in 2009.
| Tabel 3.3.7 Raming van de omzetbelasting op transactiebasis (x € miljoen) | |||
| 2007 | 2008 | 2009 | |
| Omzetbelasting op transactiebasis | 41 917 | 43 966 | 46 113 |
| Mutatie | 2 049 | 2 147 | |
| wv endogeen | 2 213 | 2 213 | |
| wv autonoom | – 164 | – 66 | |
| Endogene mutatie in procent | 5,3% | 5,0% | |
Verreweg de belangrijkste factor is de waardeontwikkeling van de particuliere consumptie. Deze ligt in 2009 slechts een fractie lager dan in 2008. De ontwikkeling in investeringen in woningen en de overheidsinvesteringen liggen in 2009 wel lager dan in 2008. Deze indicatoren hebben echter een veel kleiner gewicht in de ontwikkeling van de omzetbelasting dan de waardeontwikkeling van de particuliere consumptie.
3.4 Overzichtstabellen autonome mutaties per belastingsoort
De onderstaande tabellen geven een overzicht van de effecten van de beleidsmaatregelen en de overige maatregelen op de ontvangsten per belastingsoort. Daarbij is aangegeven welk deel van de maatregelen al in de internetbijlage behorende bij de Miljoenennota 2008 is verantwoord. Er wordt onderscheid gemaakt tussen fiscale en overige maatregelen, omdat alleen de fiscale maatregelen relevant zijn voor de lastenontwikkeling (inkomstenindicator). Voorbeelden van overige maatregelen zijn maatregelen in de uitvoeringssfeer van de Belastingdienst en nabetalingen van belastingen en premies tussen Rijk en sociale fondsen. Alleen de belastingsoorten waarbij sinds de Miljoenennota 2008 maatregelen zijn genomen of waar eerder verantwoorde maatregelen nog doorwerken in 2009 zijn opgenomen in de tabellen.
| Tabel 3.4.1 Effecten autonome maatregelen op de omzetbelasting in 2008 en 2009 op kas- en transactiebasis (x € miljoen) | ||||
| 2008 kas | 2008 trans | 2009 kas | 2009 trans | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 42 | 47 | ||
| Verschuiving kansspelautomaten van OB naar kansspelbelasting | – 42 | – 50 | – 110 | – 110 |
| BTW executieverkopen | 63 | 70 | 7 | |
| BTW vrijstelling medische diensten | – 35 | – 39 | 33 | 41 |
| Totaal Fiscaal | 28 | 28 | – 70 | – 69 |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | – 192 | – 192 | ||
| Fraudebestrijding OB | 3 | 3 | ||
| Totaal Overig | – 192 | – 192 | 3 | 3 |
| Tabel 3.4.2 Effecten autonome maatregelen op de BPM in 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 36 | |
| Schuif BPM naar MRB «vluchtheuvel» Effect BPM | – 190 | |
| Milieudifferentiatie schoon en zuinig: BPM | – 12 | 10 |
| Bevriezen energielabels BPM | – 23 | 21 |
| Totaal Fiscaal | 1 | – 158 |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | – 2 | |
| Aanpassing agv Europese jurisprudentie | – 2 | |
| Totaal overig | – 2 | – 2 |
| Tabel 3.4.3 Effecten autonome maatregelen op de Accijnzen in 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Accijns op lichte oliën | ||
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 7 | |
| Stimulering biobrandstoffen | ||
| Totaal Fiscaal | 7 | 0 |
| Accijns op overige minerale oliën | ||
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 250 | |
| Vertraging verhoging rode diesel | – 133 | 133 |
| vertraging afschaffing teruggaveregeling rode diesel | – 6 | 6 |
| Verhoging accijns rode diesel en LPG | 27 | |
| Afschaffen teruggaveregeling rode diesel | 1 | |
| Indexatie brandstofaccijnzen | 1 | |
| Totaal Fiscaal | 111 | 167 |
| Tabaksaccijns | ||
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 90 | |
| Verhoging tabaksaccijns | 100 | |
| Verhoging tabaksaccijns als dekking verlaging tarief kansspelbelasting | 41 | 45 |
| Verhoging accijns rooktabak | 9 | 9 |
| Totaal Fiscaal | 140 | 154 |
| Bieraccijns | ||
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 0 | |
| verhoging bieraccijns | 90 | |
| Totaal Fiscaal | 0 | 90 |
| Wijnaccijns | ||
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 0 | |
| Verhogen wijnaccijns | 35 | 4 |
| Totaal Fiscaal | 35 | 4 |
| Tabel 3.4.4 Effecten autonome maatregelen op de Belastingen van Rechtsverkeer in 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Overdrachtsbelasting | ||
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 175 | |
| Bestrijding constructies onroerende zaak lichamen | 20 | |
| Uitbreiding vrijstelling natuur | – 1 | |
| Assurantiebelasting | ||
| Verhoging assurantiebelasting | 45 | 14 |
| Totaal Fiscaal | 220 | 34 |
| Tabel 3.4.5 Effecten autonome maatregelen op de motorrijtuigenbelasting in 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 201 | |
| Schuif BPM naar MRB «vluchtheuvel» Effect MRB | 190 | |
| Milieudifferentiatie schoon en zuinig: MRB | – 1 | |
| verhoging MRB-tarief motoren | 2 | |
| verhoging MRB-tarief Euro 0, I, II vrachtwagens | 14 | |
| Totaal Fiscaal | 201 | 204 |
| Tabel 3.4.6 Effecten autonome maatregelen op de Milieubelastingen 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Energiebelasting | ||
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 43 | |
| Verhogen energiebelasting kleinverbruik | 7 | |
| Afbouwen teruggaveregeling energiebelasting grootverbruikers rode diesel en LPG | 3 | |
| Niet doorgegaan: Afschaffen verlaagd tarief glastuinbouw | – 145 | |
| Tegenboeking envelop vertraging taakstelling verhoging milieuonvr energie | 177 | |
| Vertraagde verhoging energiebelasting 1e schijf | – 36 | 36 |
| Vertraagde afbouwing regeling grootverbruikers EB en rode diesel | – 2 | 2 |
| Totaal Fiscaal | 38 | 48 |
| Tabel 3.4.7 Effecten autonome maatregelen op de inkomstenbelasting in 2008 en 2009 op kas- en transactiebasis (x € miljoen) | ||||
| 2008 kas | 2008 trans | 2009 kas | 2009 trans | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 123 | 2 449 | ||
| Nabetaling over 2004 in 2008 | – 775 | |||
| Correctie nabetaling over 2004 in 2008 | 779 | |||
| Correctie nabetaling over 2005 in 2009 | 221 | |||
| Nabetalingen correctie | 676 | |||
| Nabetalingen bij cCEP 2007 | 155 | |||
| nabetalingen KMEV 2009 | – 670 | – 1 070 | 834 | |
| nabetalingen CMEV 2009 | – 439 | – 497 | ||
| Fraudebestrijding IH | 2 | 4 | ||
| Totaal Overig | 123 | 1 340 | – 12 | 341 |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 1 481 | 1 191 | ||
| Uitbreiding regeling groen beleggen en VAMIL | – 2 | – 2 | ||
| Vertraging wetsvoorstel fiscale rechtshandhaving | 4 | 0 | ||
| Werken aan Winst in IH | – 13 | – 13 | ||
| Werken aan Winst, effect dividendbelasting op Inkomstenbelasting | 96 | 0 | ||
| Tijdelijke verlaging Box II compensatie DGA’s | 81 | |||
| Ouderschapsverlofkorting | 0 | – 8 | ||
| Versoberen overdraagbaarheid alg. heffingskorting | 6 | 6 | ||
| Omzetting kinderkorting in kindertoeslag | 14 | – 12 | ||
| Inperking Buitengewone Uitgavenregeling | 107 | 0 | ||
| IACK | – 10 | – 40 | ||
| Verschuiving DGAs van LH naar IH Effect IH | 220 | 0 | ||
| Uitboeken: Verschuiving DGAs van LH naar IH Effect IH | – 440 | – 660 | – 220 | 0 |
| Afschaffing BU | 756 | |||
| Verhoging eigenwoningforfait | 3 | 6 | ||
| Verlaging Combikorting met 70 euro | 54 | 60 | ||
| Vrijstelling Box 3 Alternext | 0 | – 1 | – 1 | 0 |
| Vervallen afschaffen meewerkaftrek | – 1 | – 3 | – 1 | |
| Aanpassing infasering maatregel eigenwoningforfait | – 3 | – 5 | ||
| Invoeren banksparen, effect op lijfrentedeel | – 20 | – 40 | ||
| IACK | – 35 | – 142 | ||
| Verlagen alleenstaande ouderkorting | 32 | 128 | ||
| Uitbreiding faciliteiten WBSO | – 10 | – 16 | ||
| Stimuleren winst ondernemers in IB (BP09) | – 7 | – 11 | ||
| Nieuwe fiscale regeling voor chronische zieken (n.a.v. afschaffen BU) | – 120 | |||
| Grondslageffect IH agv BU-compensatieregeling ouderen (uitgaven) | – 27 | – 30 | ||
| Grondslageffect agv nieuwe type BU-uitkering (uitgaven) chronisch zieken | 28 | 32 | ||
| Lagere drempel BU | – 11 | |||
| Ontkoppelen Ouderschapsverlofkorting van levensloopregeling | – 10 | |||
| Totaal Fiscaal | 1 040 | 527 | 293 | 528 |
| Tabel 3.4.8 Effecten autonome maatregelen op de loonbelasting in 2008 en 2009 op kas- en transactiebasis (x € miljoen) | ||||
| 2008 kas | 2008 trans | 2009 kas | 2009 trans | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 210 | 352 | ||
| Nabetalingen correctie 2 | – 260 | |||
| Nabetalingen bij cCEP 2007 | – 693 | |||
| Nabetalingen bij kMEV 2008 | 59 | |||
| Nabetalingen bij CMEV 2008 | 59 | 48 | 4 | – 111 |
| Nabetalingen bij CEP 2008 | – 127 | – 494 | 187 | 385 |
| Fraudebestrijding LH | 1 | 1 | ||
| Totaal Overig | 142 | – 94 | – 702 | 275 |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | – 272 | – 370 | ||
| Niet doorgaan verlagen maximum opbouw OP naar 70% | – 9 | – 9 | ||
| Vervallen deeltijdeis bij levensloop | – 5 | – 4 | ||
| Gefaseerde Bos-heffing | 4 | 4 | ||
| Overgangsrecht VUT en PP | 20 | 23 | ||
| kosten extra storting levensloop | 0 | 0 | ||
| Motie Verhagen: Overgangsmaatregel VUT en PP | – 23 | – 23 | ||
| SpaarVUT en deeltijdpensioen verplicht voor overgangsregelingen | – 2 | – 2 | ||
| Overgangsrecht VUT en prepensioenregelingen | 2 | 2 | ||
| Extra stortingsmogelijkheid werknemers 50–57 | 2 | 2 | ||
| Heffingskorting | – 13 | 0 | ||
| 40 dienstjaren 63 jaar | 1 | 0 | ||
| levensloop 210% | 2 | 0 | ||
| Verlaging alg. heffingskorting met €5 | 11 | 12 | ||
| Correctie uiteindelijke effecten VPL | 67 | 55 | ||
| VJN2007 Mutatie LH als gevolg van grondslageffect mutatie IAB | 34 | 13 | ||
| Verschuiving financiering opleidingsfonds | – 5 | |||
| Pakketuitbreiding zorg | 2 | |||
| Ombuiging zorg BVM | – 2 | 0 | ||
| Bevriezing Algemene Heffingskorting | 120 | 120 | ||
| Invoering EITC | – 50 | – 50 | ||
| Verlaging TES/TTS (TECHNISCHE BOEKING) | – 31 | – 34 | ||
| Levensloopverlofkorting (TECHNISCHE BOEKING) | – 9 | – 10 | ||
| Verschuiving DGAs van LH naar IH; Effect LH | – 66 | |||
| Uitboeken: Verschuiving DGAs van LH naar IH Effect IH | 594 | 660 | 66 | |
| Verhoging TES/TTS ivm opleidingsfonds uit alg middelen | 14 | |||
| kMEV2007grondslageffect mutatie IAB agv lagere nominale premie 2007 | 1 | |||
| kMEV2007grondslageffect mutatie IAB agv lager fondstekort 2006 | 10 | 12 | ||
| kMEV2007grondslageffect mutatie IAB agv hoger fondstekort 2007 | 9 | 10 | ||
| WBSO uit enveloppen CA | – 10 | – 12 | ||
| Verlaging TES 0,2% | – 13 | |||
| Vertraging bevriezing algemene heffingskorting | 40 | 40 | ||
| Verhoging ouderenkorting | – 6 | |||
| Aanvullende ouderenkorting | 1 | |||
| Arbeidskorting | – 7 | |||
| Verhoging TTS +0,3% | 9 | |||
| Correctiereeeks IAB | – 97 | – 111 | ||
| CEP Mutatie LH als gevolg van grondslageffect mutatie IAB | – 12 | – 13 | ||
| kMEV2007grondslageffect mutatie IAB agv hoger fondstekort 2007 | 9 | 10 | ||
| Verhogen autokostenfictie | 6 | 0 | ||
| Maatregel topinkomens | 22 | 24 | ||
| Fiscale aftrekbaarheid pseudo WW premie | 72 | 80 | ||
| IACK 2009 | – 36 | – 40 | ||
| Verhoging TES/TTS 0,15% 2009 | 44 | 49 | ||
| AOW Bonus (technisch verondersteld ouderenkorting) | – 9 | – 10 | ||
| Reservering koopkracht ivm BU 400mln | – 153 | – 170 | ||
| Verhogen alleenstaande ouderenkorting | – 7 | – 7 | ||
| Tegenboeken levensloopverlofkorting (TECHNISCHE BOEKING) | 9 | 10 | ||
| Tegenboeken AOW Bonus (technisch verondersteld ouderenkorting) | 9 | 10 | ||
| AOW-participatiebonus | – 101 | – 112 | ||
| Verlagen Aanvullende ouderenkorting met 65 euro | 21 | 24 | ||
| Verhogen Aanvullende Combikorting met 10 euro | – 3 | – 4 | ||
| Verlagen Algemene Heffingskorting met 57 euro | 255 | 283 | ||
| Tegenboeken reserveren koopkracht ivm BU | 153 | 170 | ||
| Verlaging TES met met 0,05% | – 31 | – 34 | ||
| EITC | – 26 | – 29 | ||
| Ouderenkorting | 9 | 10 | ||
| naar voren halen Koopkrachtenveloppe | – 6 | – 7 | ||
| Totaal Fiscaal | 323 | 290 | 291 | 284 |
| Tabel 3.4.9 Effecten autonome maatregelen op de dividendbelasting in 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | – 125 | |
| Omzetten teruggaafregeling in afdrachtsvermindering | – 1 | |
| Totaal Fiscaal | – 125 | – 1 |
| Tabel 3.4.10 Effecten autonome maatregelen op de kansspelbelasting in 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | – 1 | |
| Verschuiving kansspelautomaten van OB naar kansspelbelasting | 198 | 220 |
| Verlaging tarief kansspelbelasting | – 72 | – 80 |
| Totaal Fiscaal | 125 | 140 |
| Tabel 3.4.11 Effecten autonome maatregelen op de vennootschapsbelasting in 2008 en 2009 op kas- en transactiebasis (x € miljoen) | ||||
| 2008 kas | 2008 trans | 2009 kas | 2009 trans | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | – 357 | – 140 | ||
| derving gerechtelijke uitspraak Bosal | – 80 | – 84 | ||
| vervallen CFA regime | – 47 | – 45 | ||
| Fraudebestrijding VPB | 2 | 3 | ||
| Niet doorgaan rentebox 2007 | – 170 | – 430 | – 130 | |
| Totaal Overig | – 527 | – 570 | – 255 | – 126 |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 0 | – 428 | ||
| BP 2003 – ramingsbijstelling afschaffen faciliteiten vervroegde afschrijving | – 10 | – 10 | ||
| BP05: Wijziging moeder-dochterrichtlijn | 11 | 15 | ||
| Evenwichtiger gemengde kostenaftrek | 1 | 0 | ||
| Werken aan Winst in VPB | – 461 | – 348 | ||
| Werken aan Winst, effect dividendbelasting op VPB | 60 | 0 | ||
| NvW Afschrijving onroerende zaken tot economische waarde | 0 | 0 | ||
| NvW Aanpassing deelnemingsvrijstelling | 7 | 7 | ||
| NvW Octrooibox | 5 | 6 | ||
| NvW Tariefeffect | – 2 | – 2 | ||
| VPB Plicht Woningbouwcorporaties | 200 | 0 | ||
| EIA/MIA | – 6 | – 9 | ||
| Fiscaal stimuleren ondernemerschap | – 26 | – 37 | ||
| Bevordering ondernemerschap | – 40 | 0 | ||
| Uitbreiding octrooibox | – 49 | – 70 | – 21 | |
| uitstel optionele rentebox | 252 | 360 | – 144 | – 360 |
| incidentele verlaging MKB-tarieren Vpb | – 252 | – 360 | 144 | 360 |
| Tegenboeken: Fiscaal stimuleren ondernemerschap (reservering bij MLT) | 26 | 37 | ||
| Totaal Fiscaal | – 49 | – 498 | – 257 | – 341 |
| Tabel 3.4.12 Effecten autonome maatregelen op de successierechten in 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | – 3 | |
| vrijstelling sportverenigingen successie- en schenkingsrecht | – 5 | |
| Totaal Fiscaal | – 3 | – 5 |
| Tabel 3.4.13 Effecten autonome maatregelen op de omzetbelasting in 2008 en 2009 op kas- en transactiebasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 204 | |
| Invoering verpakkingenbelasting | 162 | |
| Bioverpakkingen + statiegeldverpakkingen | – 8 | |
| aanpassingen verpakkingsbelasting met terugwerkende kracht in 2008 | – 14 | 13 |
| Totaal Fiscaal | 181 | 174 |
| Tabel 3.4.14 Effecten autonome maatregelen op de vliegbelasting in 2008 en 2009 op kasbasis (x € miljoen) | ||
| 2008 kas | 2009 kas | |
| Verantwoord in internetbijlage behorend bij MN2008 | 152 | |
| Invoering vliegbelasting | 190 | |
| aanpassingen met terugwerkende kracht tot 1 juli 2008 | – 34 | – 4 |
| Totaal Fiscaal | 118 | 186 |
